Vragen van het lid Van Eijk (VVD) aan de Staatssecretaris van Financiën over het bericht «Landen maken knieval voor regering-Trump met nieuwe belastingregels, Nederland loopt 120 miljoen euro mis» (ingezonden 12 januari 2026).

Vraag 1

Bent u bekend met het bericht «Landen maken knieval voor regering-Trump met nieuwe belastingregels, Nederland loopt 120 miljoen euro mis»1?

Vraag 2

Klopt het dat het OECD Pillar 2 Side-by-Side Package niet alleen administratieve vereenvoudigingen bevat, maar ook materiële safe harbours introduceert die de werking van de Global Minimum Tax wezenlijk beperken?

Vraag 3

Deelt u de analyse dat met name Amerikaans-geleide multinationale ondernemingen door de Side-by-Side Safe Harbour en de UPE Safe Harbour feitelijk worden afgeschermd van bijheffing onder de IIR en/of UTPR, terwijl EU-geleide groepen volledig onder het regime blijven vallen?

Vraag 4

Acht u dit verschil in behandeling verenigbaar met het beginsel van gelijke behandeling en het streven naar een level playing field binnen de interne markt?

Vraag 5

Kan het SbS Package erin resulteren dat (Nederlandse) bedrijven hun hoofdkantoor verplaatsen naar een Side-by-Side land teneinde te kunnen profiteren van de regeling?

Vraag 6

Bent u voornemens het SbS Package in de Europese Unie te implementeren via artikel 32 van de Pillar Two-richtlijn? Zo ja, hoe voorkomt u dat deze bepaling daarmee wordt gebruikt voor inhoudelijke beleidswijzigingen in plaats van louter administratieve vereenvoudiging?

Vraag 7

Bent u voornemens om zo snel mogelijk een verzoek te doen voor kwalificatie van het Nederlandse stelsel voor de Side-by-Side Safe Harbour en de Qualified UPE Safe Harbour? Zo nee, waarom niet?

Vraag 8

Hoe beoordeelt u de verenigbaarheid van deze dynamische verwijzing naar OECD-soft law met de Meroni-jurisprudentie van het Hof van Justitie, die delegatie van discretionaire bevoegdheden van politieke aard verbiedt?

Vraag 9

Kunt u toelichten hoe rechtszekerheid voor belastingplichtigen wordt gewaarborgd, nu de kwalificatie van een «Qualified SbS Regime» berust op open en subjectieve criteria zoals een «materieel risico» en een «pragmatische, holistische beoordeling over tijd»?

Vraag 10

Deelt u de zorg dat de vaststelling van een «Qualified SbS Regime» plaatsvindt buiten de EU-rechtsorde, zonder effectieve rechterlijke toetsing, terwijl deze vaststelling directe gevolgen heeft voor de toepassing van EU-belastingregels?

Vraag 11

Heeft u laten toetsen of de SbS- en UPE-safe harbours kunnen kwalificeren als selectieve staatssteun? Zo ja, wat waren de uitkomsten? Zo nee, waarom niet?

Vraag 12

Onderschrijft u dat, indien deze safe harbours als ongeoorloofde staatssteun zouden worden aangemerkt, lidstaten gehouden kunnen zijn tot terugvordering van belastingvoordelen, met mogelijk aanzienlijke retroactieve belastingclaims tot gevolg?

Vraag 13

Bent u bereid de Kamer te informeren over de juridische risico’s van implementatie van het SbS Package en toe te zeggen dat Nederland zich in EU-verband zal verzetten tegen elke implementatie die verder gaat dan zuivere administratieve vereenvoudiging?

Vraag 14

Klopt het dat door het SbS Package Nederland 120 miljoen euro aan belastinginkomsten misloopt? Zo ja, waren deze inkomsten reeds ingeboekt in het inkomstenkader? Kunt u het verloop van de ramingen en de bijstellingen vanaf moment van opvoeren van de inkomsten uit de Wet minimumbelasting 2024 met de Kamer delen?

Naar boven