Vragen van de leden Peter de Groot en Brekelmans (beiden VVD) aan de Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties over de ministeriële regeling tot aanwijzing van evacués uit het Midden-Oosten met een Nederlandse verblijfsstatus wier huisvesting bijzondere zorg van rijkswege behoeft (ingezonden 13 maart 2024).

Vraag 1

Wat was de directe aanleiding voor het tot stand brengen van deze ministeriële regeling?

Vraag 2

Waarom vindt u deze regeling noodzakelijk voor geëvacueerde nareizigers uit Gaza? Deelt u de opvatting dat nareizigers uit Gaza dezelfde procedure kunnen volgen voor huisvesting als overige nareizigers?

Vraag 3

Waarom vindt u deze regeling noodzakelijk voor evacués uit Gaza met de Nederlandse nationaliteit? Waaruit blijkt dat zij niet in staat zijn om zelf (tijdelijke) huisvesting te vinden, eventueel via familie, vrienden of kennissen?

Vraag 4

Heeft u alternatieven overwogen voor deze regeling, zoals tijdelijke opvang voor evacués die niet direct zelfstandig huisvesting kunnen vinden? Zo ja, welke alternatieven heeft u overwogen? Waarom heeft u niet voor deze alternatieven gekozen?

Vraag 5

Heeft deze regeling alleen betrekking op evacués uit Gaza of bent u voornemens deze regeling ook op andere nareizigers, vluchtelingen of migranten met de Nederlandse nationaliteit uit deze regio toe te passen?

Vraag 6

Op hoeveel evacués heeft deze regeling tot nu toe betrekking? Welke aantallen verwacht u dat in de toekomst in aanmerking komen voor deze regeling?

Vraag 7

Kunt u aangeven voor diverse voorbeeldgemeenten hoeveel evacués door deze regeling gehuisvest moeten worden? Komt deze taakstelling bovenop de taakstelling die gemeenten al hebben om statushouders te huisvesten? Hoe reflecteert u hierop, mede gelet op het feit dat veel gemeenten moeite ondervinden bij het tijdig huisvesten van statushouders?

Vraag 8

Wat is de verwachte invloed van deze regeling op de wachtlijsten van sociale huurwoningen? Vindt u dit acceptabel, gezien de zeer langdurige wachtlijsten in veel gemeenten?

Vraag 9

Kunt u deze vragen afzonderlijk en met spoed beantwoorden? Wilt u daarbij toezeggen geen onomkeerbare stappen te zetten, totdat de Tweede Kamer de mogelijkheid heeft gehad zich over deze regeling uit te spreken?

Toelichting:

Deze vragen dienen ter aanvulling op eerdere vragen terzake van het lid Keijzer (BBB), ingezonden 11 maart 2024 (vraagnummer 2024Z03895).

Naar boven