Vragen van het lid Kuik (CDA) aan de Minister van Justitie en Veiligheid over het bericht dat één op de vijf Rotterdamse jongeren een wapen heeft of wel eens draagt (ingezonden 30 september 2022).

Vraag 1

Heeft u kennisgenomen van het bericht dat één op de vijf Rotterdamse jongeren een wapen heeft of wel eens draagt?1

Vraag 2

Bent u het eens met de stelling dat het on-Nederlands is dat het bezit van wapens en het praten over wapenbezit steeds meer normaliseert onder jongeren? Hoe kan volgens u deze trend van normalisatie worden doorbroken?

Vraag 3

Heeft u zicht op de vraag of deze hoge cijfers van jongeren met een wapen op meerdere plekken in Nederland een trend zijn? Zo ja, hoe zien deze cijfers eruit?

Vraag 4

Wat vindt u van de uitkomst van het onderzoek van de Erasmus Universiteit, waaruit blijkt dat jongeren zich bewapenen omdat ze zich onveilig voelen of omdat ze worden bedreigd?

Vraag 5

Wat is er naar uw mening nodig om ervoor te zorgen dat het gevoel van onveiligheid in wijken afneemt? Aan welke concrete maatregelen moeten we denken?

Vraag 6

Herinnert u zich het Actieplan Wapens en Jongeren dat uw voorganger heeft gelanceerd (Kamerstuk 28 684, nr. 637)? Kunt u een update geven over de voortgang van dit actieplan? Welke acties kunt u extra ondernemen om de effectiviteit van dit actieplan te vergroten?

Vraag 7

Wat kunt u doen om ervoor te zorgen dat, ondanks met de vernieuwde wetgeving waarin de verkoop van messen aan minderjarigen is verboden, ouders geen messen aan hun kinderen cadeau kunnen doen?


X Noot
1

Algemeen Dagblad, 23 september 2022, «Zo normaal is wapenbezit onder jongeren: «Ik kreeg een mes van m’n vader als ik een boek uitlas»», https://www.ad.nl/binnenland/zo-normaal-is-wapenbezit-onder-jongeren-ik-kreeg-een-mes-van-mn-vader-als-ik-een-boek-uitlas~ab245252/.

Naar boven