Kamervragen zonder Antwoord

Datum publicatieOrganisatieVergaderjaarVraagDatum indiening
Tweede Kamer der Staten-Generaal2019-20202020Z10594

Vragen van het lid Van Dam (CDA) en Groothuizen (D66) aan de ministers van Justitie en Veiligheid en voor Rechtsbescherming over het bericht «Willekeur van coronaregels ondermijnt het vertrouwen» en «Advocaten roepen mensen op: kom in verzet tegen coronaboete» (ingezonden 10 juni 2020).

Vraag 1

Bent u bekend met het bericht «Willekeur van coronaregels ondermijnt het vertrouwen» uit NRC van 3 juni 20201 en het bericht «Advocaten roepen mensen op: kom in verzet tegen coronaboete» uit Trouw van 22 mei 20202?

Vraag 2

Klopt de informatie dat er op de peildatum 10 mei 18.200 strafbeschikkingen waren uitgeschreven voor overtreding van de Corona-noodverordeningen?

Vraag 3

Deelt u onze opvatting dat de maatschappelijke onduidelijkheid rond de rechtsgeldigheid van dit soort strafbeschikkingen deels beantwoord kan worden door de rechter te vragen een uitspraak te doen, bijvoorbeeld in het kader van een verzetsprocedure? Kunt u uiteenzetten hoe die procedure – van opleggen strafbeschikking tot rechterlijke beoordeling – in elkaar steekt?

Vraag 4

Kunt u aangeven of er al corona-strafbeschikkingen zijn voorgelegd aan de (kanton)rechter? Is dat überhaupt op dit moment mogelijk? Klopt het dat kantonrechtbanken in beginsel tot 1 september gesloten zijn? Kunt u bevestigen dat de informatie op de website van de Raad voor de rechtspraak3 leidt tot de conclusie dat verzetschriften tegen strafbeschikkingen niet als een zeer urgente of als een urgente zaak worden gekwalificeerd en daarom vooralsnog niet behandeld zullen worden?

Vraag 5

Deelt u onze opvatting dat op deze wijze de toetsende en rechtsvormende functie van de (kanton)rechter ten aanzien van de handhaving van de corona-regelgeving ernstig te kort schiet? Op welke wijze kunt u bevorderen dat de kantonrechters zich wél op korte termijn uit zullen laten over deze vorm van strafbare feiten?

Vraag 6

Bent u bereid deze vragen te beantwoorden vóór het notaoverleg Justitieketen op dinsdag 30 juni 2020?