Vragen van het lid Omtzigt (CDA) aan de Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid over de toestemming van DNB voor de fusie tussen Optas en Aegon (ingezonden 3 februari 2020).

Vraag 1

Heeft u kennisgenomen van de uitspraak van de voorzieningenrechter van de rechtbank Rotterdam van 5 juli 2019, waarmee de rechter De Nederlandsche Bank (DNB) opdraagt om het instemmingsbesluit over de fusie tussen Optas en Aegon openbaar te maken?

Vraag 2

Hoe beoordeelt u het feit de toezichthouder zich verzette tegen het verstrekken van het instemmingsbesluit aan een deelnemer?

Vraag 3

Wie (welke medewerker van DNB) heeft het instemmingsbesluit van DNB genomen? Indien dat niet bekend is, wilt u dan aan DNB vragen wie dat besluit genomen heeft?

Vraag 4

Deelt u de menig dat een instemmingsbesluit over de miljardenfusie tussen Optas en Aegon gewoon openbaar moet zijn? Zo ja, wilt u dan bij DNB bevorderen dat het besluit openbaar wordt en zulke besluiten in voorkomende gevallen onmiddellijk openbaar gemaakt worden?

Vraag 5

Klopt het dat de polishouders jaarlijks schade leiden als gevolg van de fusie, omdat een belastingvoordeel dat Optas toekwam en dat leidde tot een hoger nettorendement voor de polishouders wegvalt als gevolg van de fusie? Kunt u dit antwoord uitgebreid toelichten?

Vraag 6

Is de polishouders in de aanloop naar de fusie duidelijk meegedeeld dat dit belastingvoordeel zou wegvallen? Zo ja, waar en hoe is dat meegedeeld?

Vraag 7

Hoe konden de polishouders zonder over alle informatie te beschikken bepalen of zij zich al of niet zouden moeten verzetten tegen de voorgenomen fusie1?

Vraag 8

Zijn polishouders volgens u belanghebbenden bij de fusie of niet, aangezien DNB stelt dat de polishouders geen belanghebbenden zijn, terwijl zij schade ondervinden als gevolg van de fusie en in de hier bovengenoemde uitspraak de voorzieningenrechter tot een ander oordeel komt?

Vraag 9

Klopt het dat DNB op 23 oktober 2018 opdracht heeft gegeven aan Aegon/Optas het voornemen van de fusie te vermelden in de Staatscourant en drie dagbladen?

Vraag 10

Is het voornemen van de fusie vermeld in drie dagbladen? Zo ja, op welke datum in welk dagblad en op welke pagina?

Vraag 11

De portefeuille-overdracht had niet kunnen plaatsvinden indien een kwart van de polishouders verzet had aangetekend tegen het voornemen van die fusie2. Wilt u DNB vragen om publiekelijk aan te tonen dat minder dan een kwart van de polishouders bezwaar gemaakt heeft?

Vraag 12

Hoe kan een polishouder weten en (laten) controleren of een kwart van de polishouders tijdig bezwaar gemaakt heeft?

Vraag 13

Had DNB FNV volgens u niet tenminste onmiddellijk op de hoogte moeten stellen van het feit dat zij had ingestemd met de fusie, aangezien FNV in december 2018 is gehoord door DNB in het kader van de voorbereiding van het instemmingsbesluit en FNV daarna niet meer (actief) op de hoogte is gehouden door DNB van het verloop van de instemmingsprocedure?3

Vraag 14

Heeft DNB zich in deze zaak nauwgezet aan de wettelijke termijn gehouden wat betreft bezwaar en beroep?

Vraag 15

Wilt u deze vragen een voor een en binnen drie weken beantwoorden?


X Noot
1

Artikel 3:119 Wet op het financieel toezicht

X Noot
2

Artikel 3:119, lid 4 Wet op het financieel toezicht

X Noot
3

PensioenPro, 23 januari 2020 – FNV Havens in beroep tegen DNB vanwege fusie Optas en Aegon

Naar boven