Vragen van de leden Van den Hul en Nijboer (beiden PvdA) aan de Ministers van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap en van Economische Zaken en Klimaat over Nederlandse investeerders die amper geld steken in start-ups van vrouwen (ingezonden 1 oktober 2018).

Vraag 1

Beschouwt u het als een gegeven dat nu eenmaal hoort bij de vrije markt dat start-ups die geleid worden door mannen veel vaker kapitaal krijgen van Nederlandse investeringsfondsen dan bedrijven die zijn gestart door vrouwen of gemengde teams, zoals blijkt uit onderzoek van de Vrije Universiteit en een investeerder?1 Zo nee, welke mogelijkheden staan u dan ter beschikking om dit verschijnsel te beïnvloeden? Zo ja, waarom sluit u elke beïnvloedingsmogelijkheid dan uit?

Vraag 2

Voor welk deel zijn institutionele investeerders verantwoordelijk voor de eenzijdige bereidheid van investeerders van durfkapitaal om te investeren in startups die worden geleid door mannen?

Vraag 3

Deelt u de mening dat deze eenzijdigheid niet alleen schadelijk is voor kansrijke initiatieven van vrouwelijke ondernemers, maar ook voor ons Nederlandse ondernemersklimaat als geheel en dat dit betekent dat onze economie onnodig kansen mist?

Vraag 4

Welke van de mogelijkheden die u heeft genoemd bij vraag 1 gaat u benutten teneinde investeerders in durfkapitaal te prikkelen om start-ups geleid door vrouwen een eerlijker kans te geven?


X Noot
1

«Investeringsfondsen stappen zelden in start-ups van vrouwen», in Het Financiëele Dagblad, 27 september 2018, (https://fd.nl/ondernemen/1271803/investeringsfondsen-stappen-zelden-in-start-ups-van-vrouwen).

Naar boven