Kamervragen zonder Antwoord

Datum publicatieOrganisatieVergaderjaarVraagDatum indiening
Tweede Kamer der Staten-Generaal2015-20162016Z00015

Vragen van de leden Leijten en Van Gerven (beiden SP) aan de Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport over het verzwijgen van een medische calamiteit door het AMC (ingezonden 4 januari 2016).

Vraag 1

Wat is uw oordeel over het verzwijgen van een medische calamiteit aan de Inspectie voor de Gezondheidszorg door het Academisch Medisch Centrum (AMC)? Vindt u het terecht dat het AMC de calamiteit niet heeft gemeld bij de Inspectie voor de Gezondheidszorg?1

Vraag 2

Het AMC zegt dat er geen sprake is van een calamiteit maar van een complicatie met ernstige gevolgen; onderschrijft u deze conclusie in dit concrete geval? Kunt u duiden wat het verschil is tussen deze twee duidingen van het gebeurde?

Vraag 3

Heeft het AMC gehandeld conform de leidraad Meldingen van de Inspectie voor de Gezondheidszorg wanneer ernstige gebeurtenissen door toedoen van medisch handelen moeten worden gemeld?2

Vraag 4

Is het niet vreemd dat de klachtencommissie van het ziekenhuis constateert dat de behandelend KNO arts een te sombere conclusie over het klachtenpatroon van het kind heeft getrokken maar toch de klachten grotendeels ongegrond verklaart? Wat is volgens u de reden van dit oordeel?

Vraag 5

Wat is de reden dat de klachtencommissie van het ziekenhuis tot een tamelijk mild oordeel komt in vergelijking tot de harde conclusies van de interne commissie van het AMC – later ingesteld door het AMC nadat de Inspectie voor de Gezondheidszorg om meer informatie had gevraagd nadat de ouders hun klacht hadden neergelegd bij de Inspectie – die zes tekortkomingen constateert?3

Vraag 6

In hoeverre is het oordeel juist van de vader van het kind dat de klachtafhandeling van het ziekenhuis slecht is verlopen om mogelijke claims richting het ziekenhuis zoveel mogelijk te voorkomen? Bent u bereid dit uit te laten zoeken? Zo, neen waarom niet?

Vraag 7

In hoeverre waren de leden van de Raad van Bestuur en/of de voorzitter van de Raad van Bestuur op de hoogte van deze casus? Hoe beoordeelt u hun handelwijze?

Vraag 8

Kunt u bevorderen dat de afhandeling van deze calamiteit richting de ouders door het AMC op een menselijke wijze zal geschieden? Zo neen, waarom niet?

Vraag 9

Kan de Kamer het volledige dossier inzake deze calamiteit ontvangen? Zo neen, waarom niet?


X Noot
3

Conclusie onderzoek:

De eerste operatie is uitgevoerd zonder dat daarvoor voldoende grond aanwezig was. De ouders werden vooraf onvoldoende geïnformeerd over de ingreep waardoor ze niet goed konden weten waarvoor ze toestemming gaven. De arts heeft op geen enkel moment advies gevraagd aan ervaren collega's. De arts heeft niet goed gemotiveerd waarom een andere dan de standaard hechtdraad werd gebruikt. Bij de hernieuwde hechting is een nooit eerder gebruikte techniek toegepast die ook achteraf niet beschreven is. Tenslotte is er onvoldoende aandacht geweest voor het verlies van vertrouwen in de arts bij de ouders.