Vragen van de leden Visser en RemcoDijkstra (beiden VVD) aan de Staatssecretaris van
Infrastructuur en Milieu over uitbreiding gemeentelijke milieuzones waaronder Amsterdam,
Utrecht en Rotterdam (ingezonden 4 februari 2015).
Vraag 1
Wat zijn de uitkomsten van het gesprek op 29 januari jl. tussen u en de G4-wethouders?
Bent u voornemens om de voorstellen van de G4 over te nemen? Zo ja, welke, waarom
en wat zijn hiervan de financiële consequenties, voor zowel overheden als consumenten
en bedrijfsleven?1 2
Vraag 2
Deelt u de mening dat de inzet van milieuzones op de plaatsen waar de doelstellingen
(fijnstof en stikstof) structureel worden gehaald, disproportioneel is en dat daarmee
geld over de balk wordt gegooid met allerlei sloop- en subsidieregelingen voor bijvoorbeeld
personen- en bestelauto's? Zo nee, waarom niet?
Vraag 3
Kunt u onderbouwen waarom er nu gekozen wordt voor een subsidieregeling voor vervanging
van bestelauto’s in grensgemeenten van NSL-knelpuntgemeenten die een milieuzone voor bestelauto’s invoeren?3 Om hoeveel en welke gemeenten gaat het? Welke financiële middelen zijn hiervoor beschikbaar
gesteld? En heeft er een kosteneffectiviteitsanalyse plaatsgevonden van deze subsidieregeling?
Zo nee, waarom niet? Zo ja, wat zijn de uitkomsten?
Vraag 4
In hoeverre zijn de economische effecten van de (voorgenomen uitbreidingen) van de
milieuzones op het bedrijfsleven doorgerekend? Kan er een overzicht worden gegeven
van de economische kosten en baten van milieuzones, maar ook van andere programma’s
zoals de Green Deal Zero Emissie Stadsdistributie, de Green Deals Zero Emissie Bussen
en de Zero Emissie Stadslogistiek?
Vraag 5
Deelt u de mening dat de te behalen effecten van de voorgenomen uitbreidingen van
de milieuzones, zoals in Rotterdam en Utrecht, zich niet verhouden tot de kosten die
gemaakt moeten worden? Zo nee, waarom niet? Zo ja, hoe legitimeert u de inzet en uitbreiding
van milieuzones en de steun die daar vanuit de rijksoverheid aan wordt gegeven? Zijn
er van de huidige milieuzones en voorgenomen uitbreiding van milieuzones kosteneffectiviteitsanalyses
op lokaal en nationaal niveau beschikbaar? Zo nee, vindt u niet dat deze eerst beschikbaar
moeten zijn om te beoordelen of verdere uitbreiding noodzakelijk is?
Vraag 6
Is er een convenant afgesloten tussen het Rijk, gemeenten en bedrijfsleven inzake
een uniform toegangsregime voor milieuzones voor personen- en bestelauto’s? Zo nee,
waarom niet en hoe wordt dan geborgd dat er sprake zal zijn van een uniform toegangsregime?
Vraag 7
Kunt u een nadere onderbouwing geven van de stelling dat milieuzones de komende jaren
nodig zijn om ervoor te zorgen dat knelpunten op het gebied van luchtkwaliteit niet
opnieuw optreden? Met welke onzekerheidsmarge wordt er rekening gehouden? Kan op basis
van deze uitspraak geconcludeerd worden dat een milieuzone geen tijdelijke, maar een
structurele maatregel is geworden? Zo nee, waarom niet? Hoe verhoudt zich dit tot
het feit dat u erkent dat milieuzones slechts beperkt bijdragen aan het verbeteren
van de luchtkwaliteit?4 Waarom wordt er dan toch vastgehouden aan het instrument van milieuzones?
Vraag 8
Deelt u de mening dat bronbeleid zeer effectief is gebleken voor het behalen van de
EU-normen voor luchtkwaliteit? In hoeverre verwacht u dat bronbeleid in de komende
jaren zal bijdragen aan het oplossen van knelpunten in bijvoorbeeld steden?
Vraag 9
Hoe verloopt de voortgang inzake het voorschrijven van nieuwe testprocedures voor
dieselpersonenauto’s? Kunt u een nadere toelichting geven op uw voornemens zoals genoemd
in de brief d.d. 16 december 2014 (Kamerstuk 30 175 nr. 203) inzake de voortgang monitoringsprogramma NSL, om het aantal nieuwe dieselpersonenauto’s
dat jaarlijks wordt verkocht te beperken en de fiscale mogelijkheden om het aandeel
oude dieselpersonenauto’s in het Nederlandse wagenpark te verkleinen? Welke maatregelen
worden nu onderzocht, wat is de kosteneffectiviteit van deze maatregelen? Is hier
niet sprake van een fors marktingrijpen door de overheid en wat legitimeert een dergelijke
ingreep? Met welke brancheorganisaties wordt hierover gesproken en wanneer kan de
Kamer de uitkomsten van deze verkenningen ontvangen?
Vraag 10
Klopt het dat u milieuzones ook wil inzetten voor het terugdringen van roet, terwijl
daarvoor nog geen normen voor zijn? Zo ja, wanneer is dit besluit en op welke gronden
genomen? Welke definitie of norm hanteert u voor gezondheidsschade?
Vraag 11
Welke financiële middelen zijn momenteel en worden er nog vanuit de rijksoverheid
geboden voor het faciliteren van milieuzones? Welk gedeelte daarvan komt uit de gelden
voor het NSL? Welk gedeelte wordt op andere wijze gedekt en waar wordt deze dekking
gevonden? Kunt u uitleggen waarom de rijksoverheid moet bijdragen aan milieuzones
als zij tegelijkertijd vindt dat dit een verantwoordelijkheid voor gemeenten zelf
is? In hoeverre heeft er voor de maatregelen uit het Actieplan NSL tot 2016 een kosteneffectiviteitsanalyse
plaatsgevonden? Zo niet, bent u daartoe bereid?
X Noot
3NSL: Nationaal Samenwerkingsprogramma Luchtkwaliteit.
X Noot
4Aanhangsel Handelingen, vergaderjaar 2014–2015, nr. 1168.