Vragen van de leden Gesthuizen (SP), Helder (PVV) en Oskam (CDA) aan de Minister van Veiligheid en Justitie over zijn uitspraak dat er goede gesprekken zijn met de advocaat van een slachtoffer van identiteitsfraude en zijn toezegging de Kamer hierover te informeren (ingezonden 21 februari 2014).

Vraag 1

Herinnert u zich de behandeling van het wetsvoorstel tot wijziging van onder andere het Wetboek van Strafrecht in verband met de verbetering van de aanpak van fraude met identiteitsbewijzen en met de verbetering van de regeling van de identiteitsvaststelling van verdachten en veroordeelden (Kamerstukken 33 352) in de Tweede Kamer?1 Herinnert u zich voorts de specifieke vragen die tijdens deze behandeling zijn gesteld over één van de beroemdste slachtoffers van identiteitsfraude, namelijk de heer Kowsoleea?

Vraag 2

Herinnert u zich dat u tijdens hierboven genoemde behandeling heeft aangegeven dat er goede gesprekken zijn met de advocaat van de heer Kowsoleea, dat u gaande deze gesprekken de Kamer niet zal informeren en dat als er conclusies zijn getrokken, u de Kamer wel informeert?

Vraag 3

Is het waar dat de gesprekken tussen de landsadvocaat en de heer Kowsoleea al op een dood spoor zitten sinds 3 december 2012 en dat te kennen is gegeven dat de conclusie van de overheid, na overleg met de betrokken departementen, is dat er geen aanleiding wordt gezien om de mogelijkheden van een regeling met de heer Kowsoleea verder te onderzoeken?

Vraag 4

Wat bedoelde u tijdens genoemde wetsbehandeling met de bewoordingen «goede gesprekken»? Hoe verhoudt zich dat tot de mededeling op 16 april 2013 dat de betrokken ministeries en politiekorpsen niet met een financieel voorstel voor compensatie zouden komen en dat het ministerie desnoods zou doorprocederen tot de Hoge Raad?

Vraag 5

Bent u van mening dat u op 4 juli 2013 de Kamer juist en volledig heeft geïnformeerd met uw opmerking dat er goede gesprekken zijn met de advocaat van de heer Kowsoleea? Zo ja, hoe dan?

Vraag 6

Wat kan de Kamer afleiden uit het feit dat u sindsdien de Kamer niet meer heeft geïnformeerd over deze zaak? Betekent dit dat er nog geen conclusies zijn getrokken? Kunt u uw antwoord toelichten?


X Noot
1

Aanhangsel Handelingen, vergaderjaar 2012–2013, nr. 108-4-1

Naar boven