Vragen van het lid Van Raak (SP) aan de minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties over de inzet van journalisten door de veiligheidsdiensten (ingezonden 8 juni 2011).

Vraag 1

Welke organisaties in Nederland die politieke activiteiten ontplooien zijn sinds de Tweede Wereldoorlog geïnfiltreerd geweest door één van de veiligheidsdiensten?1

Vraag 2

Bij de organisatie van welke activiteiten die uiteindelijk resulteerden in geweld is één van de veiligheidsdiensten mede betrokken geweest?

Vraag 3

Deelt u de opvatting dat de veiligheidsdiensten geweld moeten voorkomen en niet moeten veroorzaken?

Vraag 4

Hoeveel krijgen dit soort spionnen betaald?

Vraag 5

Was de minister van Binnenlandse Zaken telkens van deze activiteiten op de hoogte?

Vraag 6

Klopt het dat de infiltrant voor de Algemene Inlichtingen- en Veiligheidsdienst (AIVD), ook actief was als journalist?

Vraag 7

Hoeveel mensen die ook actief zijn als journalist worden door de AIVD, de Militaire Inlichtingen- en Veiligheidsdienst (MIVD) of de Regionale Inlichtingendiensten (RID’s) ingezet? Hoeveel daarvan worden ingezet in het buitenland? Hoeveel daarvan in oorlogsgebieden?

Vraag 8

Deelt u de opvatting dat de inzet van journalisten door de veiligheidsdiensten niet strookt met de onafhankelijkheid van de journalistiek? Ziet u met mij het gevaar dat de inzet van journalisten door de veiligheidsdiensten er toe leidt dat journalisten onderwerp worden van geweld?

Toelichting:

Deze vragen dienen ter aanvulling op eerdere vragen terzake van het lid Elissen (PVV), ingezonden 7 juni 2011 (vraagnummer 2011Z11967).


X Noot
1

De Telegraaf, «De biecht van de perfecte mol», 4 juni 2011.

Naar boven