Kamervragen zonder Antwoord

Datum publicatieOrganisatieVergaderjaarVraagDatum indiening
Tweede Kamer der Staten-Generaal2010-20112011Z00117

Vragen van het lid Jansen (SP) aan de staatssecretaris van Infrastructuur en Milieu en de minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties over de brand bij Chemie-Pack (ingezonden 7 januari 2011).

Vraag 1

Wilt u de Onderzoeksraad voor Veiligheid verzoeken om de Kamer op zo kort mogelijke termijn inzicht te geven in de opzet van haar onderzoek naar de brand bij Chemie-Pack te Moerdijk, opdat een afweging gemaakt kan worden over eventueel aanvullend onderzoek voor aspecten die de Raad niet meeneemt?

Vraag 2

Kunt u een overzicht geven van toezicht- en handhavingsactiviteiten bij Chemie-Pack door het bevoegd gezag en de rijksinspecties in de afgelopen vijf jaar?

Zijn er in het kader van dat toezicht sancties opgelegd? Zo ja, welke?

Vraag 3

Valt Chemie-Pack onder het Besluit Risico’s Zware Stoffen (BRZO)? Zo ja, waren toezichtfrequentie en -aard in overeenstemming met de specifieke risico’s voor deze categorie bedrijven? Kunt u uw antwoord motiveren? Zo nee, waarom heeft het bedrijf – in het licht van de opgetreden calamiteit – geen BRZO-status?

Vraag 4

Voldeed het bedrijf aan de eisen van opslag voor gevaarlijke stoffen zoals onder andere geregeld via Publicatiereeks Gevaarlijke Stoffen (PGS) 15 (voorheen richtlijnen van de Commissie voor Preventie van Rampen (CPR))? Zo ja, zijn de voorschriften van de PGS wel voldoende, nu blijkt dat het hele bedrijf en aanpalende bedrijven in korte tijd in vuur en vlam konden komen te staan?

Zo nee, welke sanctie staat er op het niet voldoen aan de PGS 15?

Vraag 5

Kunt u toelichten waarom vele uren na het uitbreken van de brand de hulpverlenende diensten op de rampenzenders nog niet konden zeggen welke gevaarlijke stoffen op het bedrijfsterrein aanwezig waren?

Vraag 6

Heeft het bedrijf zich gehouden aan de verplichting om dagelijks aan de bevoegde instanties te melden welke stoffen in welke hoeveelheden op het terrein aanwezig waren?

Zo ja, waarom kreeg de bevolking daarover geen informatie via de rampenzenders?

Zo nee, hoe kan dat in dit digitale tijdperk?

Vraag 7

Waren er op het bedrijf afdoende voorzieningen aanwezig voor bluswater opvang? Hebben deze naar behoren gefunctioneerd?