Vragen gesteld door de leden der Kamer

2990012100

Vragen van het lid Leers (CDA) aan de ministers van Verkeer en Waterstaat en van Economische Zaken over klachten over de nieuwe bergingsregeling. (Ingezonden 7 juni 2000)

1

Is het u bekend dat er zowel bij gebruikers (o.a. gemeente Castricum) als bij bergingsbedrijven veel klachten bestaan over de werking van de nieuwe bergingsregeling zoals die door de Stichting Incident Management (IMN) wordt uitgevoerd?1

2

Hoe kijkt u aan tegen het verzoek van sommige gebruikers (o.a. sommige politiemeldkamers en de gemeente Castricum) om weer bergers in te schakelen die tot 1 december 1999 (de ingangsdatum van de nieuwe regeling) ook al werden ingeschakeld en die nu niet geselecteerd zijn door de Stichting IMN? Acht u het juist dat de Stichting IMN toch vasthoudt aan de door haar geselecteerde bergers ook als blijkt dat deze het herhaalde malen hebben laten afweten en niet meer welkom zijn bij de aanvragers? Acht u het billijk dat door deze bedrijven, die een wanprestatie leveren, de Stichting zelfs een schadevergoedingsclaim neerlegt bij betrokken partijen?

3

Hoe beoordeelt u in deze de werking van de klachtenregeling i.c. de kwaliteitscommissie? Wie heeft de kwaliteitseisen geformuleerd en vindt toetsing van individuele gevallen aan de regeling wel onafhankelijk genoeg plaats?

4

Wat is de oorzaak dat de beoordeling van bezwaren met betrekking tot het functioneren van de Stichting, namens bergingsbedrijven neergelegd bij de NMA2, pas na een jaar kan plaatsvinden in verband met nader onderzoek? Is bij de opzet van de Stichting niet al geanticipeerd op mogelijke bezwaren van de huidige bergers met betrekking tot de ontheffing die door de NMA aan de Stichting is gegeven? In hoeverre hangt e.e.a. samen met de werkdruk bij de NMA? En heeft de NMA hier niet twee «petten» op die objectieve beoordeling van de klachten in de weg kunnen staan?

5

Acht u het voorts juist dat de Stichting met betrekking tot het onderliggende wegennet (dat buiten de regeling valt) ook al initiatieven ontplooit om de berging op deze wegen onder de regeling te laten vallen en daarmee de vrije mededinging nog verder beperkt dan noodzakelijk is? Zou het niet voor de hand liggen eerst de werking van de nieuwe regeling op het hoofdwegennet te evalueren incl. het functioneren van de Stichting Incident Management?


XNoot
1

Zie bijlage: fax van de gemeentebestuur van Castricum d.d. 24 mei 2000.

XNoot
2

Zie bijlage: brief van NMA d.d. 10 april 2000.

Naar boven