Klacht
Verzoekster, een holding vennootschap in vastgoed, beklaagt zich over een afwijzende
beslissing van de directeur van de Belastingdienst op het beroep tegen het besluit
van de ontvanger om het uitstel van betaling van een tweetal aanslagen vennootschapsbelasting
en een naheffingsaanslag omzetbelasting in te trekken.
Naar aanleiding van deze klacht heeft de Staatssecretaris van Financiën inlichtingen
verstrekt aan de commissie.
Feiten
Het geschil tussen verzoekster en de Belastingdienst over aanslagen vennootschapsbelasting
en omzetbelasting gaat terug tot het belastingjaar 2001/2002. Beide partijen hebben
in het voorjaar van 2011 een zogenaamde vaststellingsovereenkomst getekend waarbij
de ambtshalve vastgestelde vennootschapsbelasting over 2001/2002 is teruggebracht
van circa € 450.000 naar € 50.000. Gelijktijdig verminderde de inspecteur de aanslagen
vennootschapsbelasting over de periode 2002/2003 tot en met 2008/2009 tot nihil. In
de overeenkomst was besloten dat verdere betwisting van de aanslag 2001/2002 via bezwaar
en/of beroep niet mogelijk was. Omdat verzoekster deze interpretatie niet deelt en
de aanslag intussen onbetaald is gebleven, heeft de ontvanger de tussentijdse teruggaven
omzetbelasting op het openstaande bedrag afgeboekt, zodat er nu nog een schuld resteert
van circa € 37.000. Ook over 2011/2012 werd een ambtshalve aanslag vennootschapsbelasting
opgelegd, omdat verzoekster had nagelaten (tijdig) aangifte te doen. Deze aanslag
werd na bezwaar ambtshalve verminderd tot € 500. Verder werd aan verzoekster een naheffingsaanslag
omzetbelasting opgelegd, waartegen verzoekster niet in verweer is gekomen.
Tot slot heeft de ontvanger in november 2016 besloten verder uitstel van betaling
te beëindigen en tot invordering van alle nog openstaande aanslagen te zullen overgaan.
Een administratief beroep tegen dit besluit is door de directeur van de Belastingdienst
afgewezen.
Overwegingen
Volgens de Staatssecretaris wordt de hoogte van de verschuldigde vennootschapsbelasting
zoals opgenomen in de door beide partijen in 2011 getekende vaststellingsovereenkomst
door verzoekster niet ontkend, maar suggereert zij dat deze in haar optiek niet op
een juiste wijze kon worden vastgesteld omdat een destijds lopende rechtszaak over
deze kwestie voortijdig werd beëindigd. Verzoekster verwijt de Belastingdienst sinds
2001 onrechtmatig teruggaven omzetbelasting te hebben verrekend met ambtshalve opgelegde
aanslagen vennootschapsbelasting. Volgens de Staatssecretaris is de ontvanger bevoegd
onbetaalde aanslagen op deze wijze te innen. Voorts heeft verzoekster nog een aantal
bezwaren tegen de handelwijze van de Belastingdienst. Zo zouden de door de ontvanger
verstrekte overzichten van de verrekende bedragen niet compleet zijn, zouden de definitieve
aanslagen vennootschapsbelasting te laat verstuurd zijn waardoor er te lang teruggaven
omzetbelasting zouden zijn verrekend, zou de Belastingdienst zich verschuilen achter
de verjaring van teruggaafverzoeken omzetbelasting en zou verzoekster telkens naar
een ander belastingkantoor zijn verwezen. Door de Staatssecretaris worden deze verwijten
weersproken. Er zou volgens hem geen sprake zijn van onrechtmatig handelen door de
Belastingdienst. Hij is van mening dat de restschuld, die gebaseerd is op de door
verzoekster ondertekende vaststellingsovereenkomst, vaststaat en dat er geen sprake
is van nog openstaande teruggaven omzetbelasting, die verzoekster claimt maar niet
aannemelijk kan maken.
Oordeel van de commissie3
De commissie stelt vast dat de behandeling van het verzoekschrift een lange tijd in
beslag heeft genomen. Dit is mede veroorzaakt door de wens van verzoekster om het
geschil met de Belastingdienst aan arbitrage te onderwerpen. Deze bemiddeling heeft,
voor zover bij de commissie bekend, niet tot andere inzichten geleid.
Alles afwegende is de commissie van oordeel dat het standpunt van de Staatssecretaris
kan worden gedeeld.
Voorstel aan de Kamer
Er is geen aanleiding om de Kamer een voorstel te doen.
De voorzitter van de commissie, Van Strien
De griffier van de commissie, Roovers