37 020 XII Vaststelling van de begrotingsstaten van het Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat (XII) voor het jaar 2027

Nr. 59 MOTIE VAN DE LEDEN KEIJZER EN GOUDZWAARD

Voorgesteld 29 oktober 2026

De Kamer,

gehoord de beraadslaging,

overwegende dat grote infrastructuurprojecten van nationale betekenis, zoals de Noord/Zuidlijn, Lelylijn en Merwedelijn, door hun robuuste financiële omvang en generatielange doorlooptijd een bijzondere positie hebben;

verzoekt de regering in kaart te brengen wat de voor- en nadelen zouden kunnen zijn van een aparte status van grootschalige structurele infrastructuurprojecten waarbij de financieringseisen zo veel mogelijk in stand blijven, maar waarbij afgeweken kan worden van de 75%-eis bij de start van een MIRT-verkenning en van de 100%-eis bij de voorkeursbeslissing,

en gaat over tot de orde van de dag.

Keijzer

Goudzwaard

Naar boven