36 958 Wijziging van de Vreemdelingenwet 2000 en de Wet arbeid vreemdelingen in verband met de implementatie van Richtlijn (EU) 2024/1233 van het Europees Parlement en de Raad van 24 april 2024 betreffende één enkele aanvraagprocedure voor een gecombineerde vergunning voor onderdanen van derde landen om te verblijven en te werken op het grondgebied van een lidstaat, alsmede inzake een gemeenschappelijk pakket rechten voor werknemers uit derde landen die legaal in een lidstaat verblijven (Implementatiewet GVVA-richtlijn 2024)

Nr. 2 VOORSTEL VAN WET

Wij Willem-Alexander, bij de gratie Gods, Koning der Nederlanden, Prins van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.

Allen, die deze zullen zien of horen lezen, saluut! doen te weten:

Alzo Wij in overweging genomen hebben, dat het noodzakelijk is wijzigingen aan te brengen in de Vreemdelingenwet 2000 en de Wet arbeid vreemdelingen ter implementatie van de Richtlijn 2024 (EU) 2024/1233 van het Europees Parlement en de Raad van 24 april 2024 betreffende één enkele aanvraagprocedure voor een gecombineerde vergunning voor onderdanen van derde landen om te verblijven en te werken op het grondgebied van een lidstaat, alsmede inzake een gemeenschappelijk pakket rechten voor werknemers uit derde landen die legaal in een lidstaat verblijven;

Zo is het, dat Wij, de Afdeling advisering van de Raad van State gehoord, en met gemeen overleg der Staten-Generaal, hebben goedgevonden en verstaan, gelijk Wij goedvinden en verstaan bij deze:

ARTIKEL I (VW2000)

De Vreemdelingenwet 2000 wordt als volgt gewijzigd:

A (1)

Artikel 1 wordt als volgt gewijzigd:

1. De begripsomschrijving van aanvullend document komt te luiden:

aanvullend document:

document waarin de aanvullende informatie is opgenomen, bedoeld in artikel 6, eerste lid, tweede alinea, van de GVVA-richtlijn;

2. In de alfabetische volgorde wordt de volgende begripsbepaling ingevoegd:

GVVA-richtlijn:

Richtlijn (EU) 2024/1233 van het Europees Parlement en de Raad van 24 april 2024 betreffende één enkele aanvraagprocedure voor een gecombineerde vergunning voor onderdanen van derde landen om te verblijven en te werken op het grondgebied van een lidstaat, alsmede inzake een gemeenschappelijk pakket rechten voor werknemers uit derde landen die legaal in een lidstaat verblijven;

B (2u)

Aan artikel 2u wordt een lid toegevoegd, luidende:

  • 5. In afwijking van het eerste lid kan de termijn voor het geven van de beslissing op een aanvraag om verlening van een machtiging tot voorlopig verblijf onder een beperking verband houdend met arbeid in loondienst, arbeid als kennismigrant, arbeid als niet-geprivilegieerd militair of niet-geprivilegieerd burgerpersoneel of het zoeken naar en verrichten van arbeid al dan niet in loondienst, in uitzonderlijke en naar behoren gemotiveerde omstandigheden gelet op de complexiteit van de aanvraag met een termijn van 30 dagen worden verlengd.

C (25)

Aan artikel 25 worden twee leden toegevoegd, luidende:

  • 7. In afwijking van het tweede lid kan de termijn voor het geven van de beschikking op een aanvraag voor een gecombineerde vergunning onder een beperking verband houdend met arbeid in loondienst of een aanvraag tot het verlenen van een verblijfsvergunning als bedoeld in artikel 14 van de Vreemdelingenwet 2000 onder een beperking verband houdend met arbeid als kennismigrant, arbeid als niet-geprivilegieerd militair of niet-geprivilegieerd burgerpersoneel of het zoeken naar en verrichten van arbeid al dan niet in loondienst, in uitzonderlijke en naar behoren gemotiveerde omstandigheden gelet op de complexiteit van de aanvraag met een termijn van 30 dagen worden verlengd.

  • 8. In afwijking van het eerste, zesde en zevende lid wordt de beschikking op een aanvraag voor een gecombineerde vergunning onder een beperking verband houdend met arbeid in loondienst of lerend werken of een aanvraag tot het verlenen van een verblijfsvergunning als bedoeld in artikel 14 van de Vreemdelingenwet 2000 onder een beperking verband houdend met arbeid als kennismigrant, onderzoek in de zin van richtlijn (EU) 2016/801 of arbeid als niet-geprivilegieerd militair of niet-geprivilegieerd burgerpersoneel, teneinde van werkgever te veranderen gegeven binnen 45 dagen, indien de vreemdeling reeds in het bezit is van een gecombineerde vergunning of verblijfvergunning onder een van deze beperkingen of onder de beperking verband houdend met verblijf als houder van de Europese blauwe kaart. Deze termijn kan in uitzonderlijke en naar behoren gemotiveerde omstandigheden worden verlengd met een termijn van 15 dagen. Paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet bestuursrecht is van toepassing met dien verstande dat, in afwijking van artikel 4:20b, derde lid, van de Algemene wet bestuursrecht, de beschikking in werking treedt op de eerste dag na afloop van de beslistermijn.

D (73)

In artikel 73, tweede lid, onder b, wordt «en» vervangen door «of,».

ARTIKEL II (WAV)

Artikel 1, onderdeel i, van de Wet arbeid vreemdelingen komt te luiden:

i. aanvullend document:

document waarin de aanvullende informatie is opgenomen, bedoeld in artikel 6, eerste lid, tweede alinea van, de Richtlijn (EU) 2024/1233 van het Europees Parlement en de Raad van 24 april 2024 betreffende één enkele aanvraagprocedure voor een gecombineerde vergunning voor onderdanen van derde landen om te verblijven en te werken op het grondgebied van een lidstaat, alsmede inzake een gemeenschappelijk pakket rechten voor werknemers uit derde landen die legaal in een lidstaat verblijven;

ARTIKEL III (OVERGANGSRECHT)

  • 1. Op aanvragen voor een tewerkstellingsvergunning, aanvragen voor een gecombineerde vergunning of aanvragen tot het verlenen van een verblijfsvergunning als bedoeld in artikel 14 van de Vreemdelingenwet 2000 onder een beperking verband houdend met verblijf als arbeid als kennismigrant, verblijf als houder van de Europese blauwe kaart, onderzoek in de zin van richtlijn (EU) 2016/801, arbeid als niet-geprivilegieerd militair of niet-geprivilegieerd burgerpersoneel of het zoeken naar en verrichten van arbeid al dan niet in loondienst, die zijn ingediend voor 22 mei 2026 en waarop op het tijdstip van inwerkingtreding nog niet is beslist, is het recht en het bijbehorende legesbedrag van toepassing zoals dat gold op de dag voorafgaand aan het tijdstip van inwerkingtreding van deze wet.

  • 2. Het eerste lid is niet van toepassing op aanvragen voor een gecombineerde vergunning onder een beperking verband houdend met seizoenarbeid en aanvragen tot het verlenen van een verblijfsvergunning als bedoeld in artikel 14 van de Vreemdelingenwet 2000 onder een beperking verband houdend met verblijf als uitwisseling als au pair.

ARTIKEL IV (SAMENLOOP)

Indien het bij koninklijke boodschap van 24 maart 2023 ingediende voorstel van wet tot wijziging van de Vreemdelingenwet 2000 in verband met de implementatie van richtlijn (EU) 2021/1883 van het Europees Parlement en de Raad van 20 oktober 2021 betreffende de voorwaarden voor toegang en verblijf van onderdanen van derde landen met het oog op een hooggekwalificeerde baan, en tot intrekking van Richtlijn 2009/50/EG van de Raad (PbEU 2021, L 382/1) [36 332] tot wet is of wordt verheven en artikel I, onderdeel B van die wet:

eerder in werking treedt of is getreden dan artikel I, onderdeel C van deze wet, komt artikel I, onderdeel C van deze wet te luiden:

C (25)

Artikel 25 wordt als volgt gewijzigd:

1. Onder vernummering van het achtste tot en met elfde lid tot negende tot en met twaalfde lid wordt een lid ingevoegd, luidende:

  • 8. In afwijking van het tweede lid kan de termijn voor het geven van de beschikking op een aanvraag voor een gecombineerde vergunning onder een beperking verband houdend met arbeid in loondienst of een aanvraag tot het verlenen van een verblijfsvergunning als bedoeld in artikel 14 van de Vreemdelingenwet 2000 onder een beperking verband houdend met arbeid als kennismigrant, arbeid als niet-geprivilegieerd militair of niet-geprivilegieerd burgerpersoneel of het zoeken naar en verrichten van arbeid al dan niet in loondienst, in uitzonderlijke en naar behoren gemotiveerde omstandigheden gelet op de complexiteit van de aanvraag met een termijn van 30 dagen worden verlengd.

2. Onder vernummering van het twaalfde lid (nieuw) tot dertiende lid wordt een lid ingevoegd, luidende:

  • 12. In afwijking van het eerste, achtste en elfde lid wordt de beschikking op een aanvraag voor een gecombineerde vergunning onder een beperking verband houdend met arbeid in loondienst of lerend werken of een aanvraag tot het verlenen van een verblijfsvergunning als bedoeld in artikel 14 van de Vreemdelingenwet 2000 onder een beperking verband houdend met arbeid als kennismigrant, onderzoek in de zin van richtlijn (EU) 2016/801 of arbeid als niet-geprivilegieerd militair of niet-geprivilegieerd burgerpersoneel, gegeven binnen 45 dagen, indien de aanvrager reeds in het bezit is van een gecombineerde vergunning of verblijfvergunning onder een van deze beperkingen of onder de beperking verband houdend met verblijf als houder van de Europese blauwe kaart. Deze termijn kan in uitzonderlijke en naar behoren gemotiveerde omstandigheden worden verlengd met een termijn van 15 dagen. Paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet bestuursrecht is van toepassing met dien verstande dat, in afwijking van artikel 4:20b, derde lid, van de Algemene wet bestuursrecht, de beschikking in werking treedt op de eerste dag na afloop van de beslistermijn.

later in werking treedt dan artikel I, onderdeel C van deze wet, wordt artikel I, onderdeel B van die wet als volgt gewijzigd:

a. Subonderdeel 3 komt te luiden:

3. Onder vernummering van het zevende en achtste lid (nieuw) tot achtste en negende lid wordt een lid ingevoegd, luidende:

  • 7. Onze Minister stelt de vreemdeling binnen 30 dagen na de aanvraag op de hoogte van een verlenging van de termijn als bedoeld in het zesde lid.

b. Er worden drie subonderdelen toegevoegd, luidende:

4. Onder vernummering van het negende lid (nieuw) tot twaalfde lid worden drie leden ingevoegd, luidende:

  • 9. Indien de aanvraag tot het verlenen van een verblijfsvergunning voor bepaalde tijd als bedoeld in artikel 14 is ingediend door een gezinslid van een langdurig ingezetene die houder is geweest van een Europese blauwe kaart, is het vijfde lid van overeenkomstige toepassing. Voor zover de langdurig ingezetene gebruik maakt van mobiliteit naar Nederland zoals bepaald in artikel 14 richtlijn langdurig ingezetenen zijn het zesde en zevende lid van overeenkomstige toepassing.

  • 10. In afwijking van het eerste en tweede lid wordt de beschikking op een aanvraag tot het verlenen van een verblijfsvergunning als bedoeld in artikel 14 onder een beperking verband houdend met seizoensarbeid, of overplaatsing binnen een onderneming bekend gemaakt binnen 90 dagen en kan die termijn niet worden verlengd.

  • 11. In afwijking van het eerste en tweede lid wordt de beschikking op een aanvraag tot het verlenen van een verblijfsvergunning als bedoeld in artikel 14 onder een beperking verband houdend met wetenschappelijk onderzoek, studie, lerend werken of uitwisseling in het kader van Europees vrijwilligerswerk bekendgemaakt binnen 60 dagen en kan die termijn niet worden verlengd.

5. In het twaalfde lid (nieuw) wordt «het eerste, zesde en zevende lid» vervangen door «het eerste, achtste en elfde lid«.

6. Er wordt een lid toegevoegd, luidende:

  • 13. Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen nadere regels worden gesteld over de toepassing van dit artikel.

ARTIKEL V (INWERKINGTREDING)

Deze wet treedt in werking op een bij koninklijk besluit te bepalen tijdstip, dat voor de verschillende artikelen of onderdelen daarvan verschillend kan worden vastgesteld.

ARTIKEL VI (Citeertitel)

Deze wet wordt aangehaald als: Implementatiewet GVVA-richtlijn 2024.

Lasten en bevelen dat deze in het Staatsblad zal worden geplaatst en dat alle ministeries, autoriteiten, colleges en ambtenaren die zulks aangaat, aan de nauwkeurige uitvoering de hand zullen houden.

Gegeven

De Minister van Asiel en Migratie,

Naar boven