36 947 Wijziging van de Wet milieubeheer en de Wet op de economische delicten in verband met het verhogen van het aandeel van gas uit hernieuwbare bronnen in de totale leveringen van gas aan afnemers (Wet bijmengverplichting groen gas)

Nr. 26 MOTIE VAN DE LEDEN GRINWIS EN VAN DEN BERG

Voorgesteld tijdens het wetgevingsoverleg van 21 september 2026

De Kamer,

gehoord de beraadslaging,

constaterende dat groen gas schaars is en blijft, en daarom gericht moet worden ingezet waar duurzame alternatieven beperkt beschikbaar zijn en de systeemwaarde het grootst is;

overwegende dat de SDE++ langjarige zekerheid kan bieden voor nieuwe Nederlandse productie, maar daarnaast een gericht vraaginstrument nodig kan zijn om groen gas naar specifieke toepassingen te sturen, zoals voorgesteld door diverse marktpartijen met de Gerichte Inzetregeling Groen Gas (GGIG);

verzoekt de regering te verkennen of en hoe een gericht vraaginstrument voor groen gas vormgegeven zou kunnen worden, bijvoorbeeld via een begrensd contract for difference, waarmee groen gas gericht beschikbaar wordt gemaakt voor toepassingen met hoge systeemwaarde, en daarbij onder meer aandacht te besteden aan potentiële doelgroepen, prijs- en budgetbegrenzing en uitvoerbaarheid, en de Kamer hierover voor de zomer van 2027 te informeren,

en gaat over tot de orde van de dag.

Grinwis

Van den Berg

Naar boven