36 945 Financieel Jaarverslag van het Rijk 2025

Nr. 20 MOTIE VAN DE LEDEN INGE VAN DIJK EN GRINWIS

Voorgesteld 3 juni 2026

De Kamer,

gehoord de beraadslaging,

constaterende dat:

  • de Algemene Rekenkamer herhaaldelijk wijst op het belang van een betere aansluiting tussen beleidsdoelen, uitvoering en verantwoording;

  • de rijksbrede verantwoording in de praktijk primair via de Minister van Financiën plaatsvindt, terwijl inhoudelijke toelichting doorgaans bij vakministers ligt;

overwegende dat:

  • effectieve verantwoording inzicht vereist in zowel financiële als inhoudelijke keuzes en gerealiseerde resultaten;

  • verantwoording in openheid dient plaats te vinden en dient aan te sluiten bij de inhoud van beleid;

  • dit niet noodzakelijkerwijs hoeft te leiden tot een structurele uitbreiding van het aantal bewindspersonen in het Verantwoordingsdebat, maar wel tot een doelmatiger inrichting daarvan;

verzoekt de regering:

  • jaarlijks, mede op basis van de bevindingen van de Algemene Rekenkamer, voorafgaand aan het Verantwoordingsdebat aan de Kamer kenbaar te maken op welke beleidsthema's het kabinet nadere toelichting noodzakelijk acht en met welke bredere afvaardiging het het Verantwoordingsdebat wil gaan voeren, in het bijzonder waar de realisatie van doelen de verantwoordelijkheid van meerdere bewindspersonen raakt, zonder dat dit leidt tot onnodige versnippering of uitbreiding van het debat;

  • deze werkwijze toe te passen met ingang van het eerstvolgende Verantwoordingsdebat,

en gaat over tot de orde van de dag.

Inge van Dijk

Grinwis

Naar boven