36 918 Wijziging van de Tijdelijke wet bestuurlijke maatregelen terrorismebestrijding in verband met de permanentmaking van die wet en enkele andere wijzigingen

A BRIEF VAN DE MINISTER VAN JUSTITIE EN VEILIGHEID

Aan de Voorzitter van de Eerste Kamer der Staten-Generaal

Den Haag, 8 september 2026

Hierbij bied ik u een afschrift aan van een brief aan de voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal inzake het belang van een voortvarende behandeling van de Wijziging van de Tijdelijke wet bestuurlijke maatregelen terrorismebestrijding (36 918).

De Minister van Justitie en Veiligheid, D.M. van Weel

BRIEF VAN DE MINISTER VAN JUSTITIE EN VEILIGHEID

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

Den Haag, 8 september 2026

De Tijdelijke wet bestuurlijke maatregelen terrorismebestrijding bevat in artikel 13 een horizonbepaling, waardoor deze met ingang van 1 maart 2027 in zijn geheel van rechtswege vervalt.

Momenteel is bij uw Kamer de Wijziging van de Tijdelijke wet bestuurlijke maatregelen terrorismebestrijding in verband met de permanentmaking van die wet en enkele andere wijzigingen (36 918) in behandeling. Met dit wetsvoorstel wordt onder meer de desbetreffende horizonbepaling geschrapt. Dit wetsvoorstel zal voor 1 maart 2027 tot wet moeten zijn verheven en in werking zijn getreden om te voorkomen dat de Tijdelijke wet bestuurlijke maatregelen terrorismebestrijding in zijn geheel vervalt. Daarbij is van belang dat er ruimte is voor een zorgvuldige behandeling voor beide Kamers der Staten-Generaal. Het voorstel is op 2 juli 2026 aangemeld voor plenaire behandeling, maar staat momenteel op de langetermijnagenda voor week 50. Met het kerstreces (van 16 december 2026 tot en met 11 januari 2027) en het voorjaarsreces (van 17 februari tot en met 1 maart 2027) van de Eerste Kamer zouden er bij aanvaarding van het voorstel slechts enkele weken resteren voor zowel de schriftelijke als mondelinge behandeling van het wetsvoorstel door de Eerste Kamer.

Indien het bij uw Kamer in behandeling zijnde wetsvoorstel niet voor 1 maart 2027 het Staatsblad bereikt, vervalt de Tijdelijke wet bestuurlijke maatregelen terrorismebestrijding per die datum onherroepelijk. Dit kan niet met terugwerkende kracht ongedaan worden gemaakt. Ook krachtens die wet opgelegde maatregelen die op dat moment van kracht zijn, zullen in dat geval per 1 maart 2027 van rechtswege beëindigd worden.

Gelet op het voorgaande zou ik u daarom willen verzoeken dit voorstel zo spoedig mogelijk te behandelen. Uiteraard zal ik van mijn kant ook al het mogelijke doen om een spoedige voortgang van de parlementaire behandeling te bevorderen.

De Minister van Justitie en Veiligheid, D.M. van Weel

Naar boven