36 917 Wijziging van de Mediawet 2008 in verband met de versterking van de uitvoering van de publieke mediaopdracht op lokaal niveau

Nr. 10 AMENDEMENT VAN HET LID KEIJZER

Ontvangen 17 juni 2026

De ondergetekende stelt het volgende amendement voor:

In het met artikel I, onderdeel O, voorgestelde artikel 2.87h, eerste lid, vervalt «ten hoogste tachtig».

Toelichting

Dit amendement beoogt het in de wet opgenomen maximum van tachtig verzorgingsgebieden te schrappen.

Het wetsvoorstel voorziet in een ingrijpende herstructurering van het lokale omroepbestel, waarbij Nederland wordt opgedeeld in maximaal tachtig verzorgingsgebieden, met per gebied één lokale publieke media-instelling. Daarmee wordt feitelijk een plafond gesteld aan het aantal omroepen en wordt schaalvergroting wettelijk afgedwongen.

De indiener is van mening dat het wettelijk vastleggen van een dergelijk maximum onnodig rigide is en onvoldoende recht doet aan de diversiteit van lokale gemeenschappen. Lokale journalistiek is geen abstract systeemvraagstuk, maar een gemeenschapsfunctie die sterk afhankelijk is van lokale verankering, betrokkenheid en identiteit. Schaal bepaalt daarbij niet automatisch kwaliteit.

Schaalvergroting leidt tot het reële risico dat omroepen verder af komen te staan van hun gemeenschap, met verlies van lokale binding en herkenbaarheid tot gevolg. Dit kan juist de kernfunctie van lokale media, het volgen van de lokale democratie, het verbinden van inwoners en het zichtbaar maken van wat speelt in wijken en dorpen, onder druk zetten.

Daarnaast beperkt het vastleggen van een maximum van tachtig omroepgebieden de noodzakelijke flexibiliteit in het bestel. Verschillen tussen regio’s zijn groot: bevolkingsdichtheid, geografische omvang, historische verbanden en lokale identiteit laten zich niet vangen in één uniform model.

De indiener acht samenwerking en schaalvergroting waar nodig nuttig, maar is van oordeel dat deze niet dwingend en centraal via wetgeving moeten worden opgelegd. Het huidige voorstel combineert schaalvergroting met centralisatie van financiering en bestuurlijke aansturing, waardoor de afstand tussen omroepen en hun lokale gemeenschap toeneemt.

Het doel van het wetsvoorstel, versterking van de lokale journalistiek, wordt door de indiener onderschreven. Zij acht het echter niet noodzakelijk om daarvoor een hard maximum in de wet op te nemen. Versterking kan ook worden bereikt via betere financiering, professionalisering en samenwerking, zonder de lokale autonomie en diversiteit te beperken.

Met het schrappen van het maximum wordt ruimte gelaten voor maatwerk, initiatieven van onderop en een organische ontwikkeling van het omroepbestel. Gemeenten en lokale partijen behouden daarmee de mogelijkheid om het bestel zo in te richten dat het aansluit bij de eigen gemeenschap. Kortom: dit amendement zorgt ervoor dat versterking van lokale journalistiek niet gepaard gaat met onnodige centralisatie en starre structuurkeuzes, maar ruimte blijft bestaan voor lokale verankering, pluriformiteit en flexibiliteit.

Keijzer

Naar boven