De ondergetekende stelt het volgende amendement voor:
De departementale begrotingsstaat wordt als volgt gewijzigd:
In artikel 2 Bijstand, Participatiewet en Toeslagenwet worden het verplichtingenbedrag en het uitgavenbedrag verhoogd met € 10.000 (x € 1.000).
Toelichting
Het CPB heeft de effecten van de keuzes in het coalitieakkoord doorgerekend. Uit de
zogeheten cumulatieve koopkrachtberekeningen blijkt dat de koopkracht van de laagste
inkomensgroep (minimumloon +6%) per saldo niet verbetert: waar aanvankelijk sprake
was van een verwachte ontwikkeling van 0,0%, leidt het coalitieakkoord tot een koopkrachtdaling
van 0,5%. Eenzelfde beeld is zichtbaar over de volle breedte van de inkomensverdeling.
Daarbij valt met name op dat huishoudens net boven het minimum er relatief het meest
op achteruitgaan. Tevens blijkt uit dezelfde doorrekening dat de armoede in 2030 2,7%
zal bedragen en dat het coalitieakkoord leidt tot een verslechtering van 0,2%.
De indiener acht deze ontwikkeling onwenselijk en maakt zich in het bijzonder zorgen
over deze groep, die veelal onder de noemer «werkende armen» valt. Juist voor hen
dreigt een versterking van de armoedeval, met een verhoogd risico op het ontstaan
van problematische schulden.
In economisch onzekere tijden dient regeringsbeleid niet te leiden tot koopkrachtdaling,
maar juist bij te dragen aan koopkrachtverbetering, met name voor financieel kwetsbare
huishoudens.
De indiener erkent dat structurele keuzes in het koopkrachtbeleid doorgaans bij Prinsjesdag
worden gemaakt en houdt bij het indienen van dit amendement rekening met dat gebruikelijke
moment. Tegelijkertijd laat onderzoek zien dat vroegtijdige ondersteuning voorkomt
dat schulden problematische proporties aannemen. Uitstel van intensivering kan er
juist toe leiden dat financiële problemen bij huishoudens verergeren.
De indiener heeft begrip voor het reserveren van een deel van de niet-besteedde middelen
in de post eindejaarsmarge, maar acht het, gelet op de doorrekening van het CPB, onwenselijk
om middelen gereserveerd te houden terwijl armoede en problematische schulden toenemen.
Daarom wordt € 10 miljoen aan dekking gevonden binnen de post eindejaarsmarge.
Ergin