36 915 XV Wijziging van de begrotingsstaten van het Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid (XV) voor het jaar 2026 (wijziging samenhangende met de Voorjaarsnota)

Nr. 14 MOTIE VAN DE LEDEN VAN ARK EN PATIJN

Voorgesteld tijdens het wetgevingsoverleg van 18 mei 2026

De Kamer,

gehoord de beraadslaging,

constaterende dat pensioenfondsen met sociale partners een regeling hebben afgesproken om de effecten van de transitie naar het nieuwe pensioenstelsel voor 40- tot 60-jarigen te compenseren;

constaterende dat niet alle pensioenfondsen tegelijkertijd overgaan naar het nieuwe stelsel;

constaterende dat deelnemers die in het afgelopen jaar van baan zijn gewisseld of bijvoorbeeld mantelzorg opgenomen hebben tussen wal en schip kunnen vallen of minder gecompenseerd worden en daardoor mogelijk niet of beperkt in aanmerking komen voor compensatie;

overwegende dat bij 93% van de pensioenfondsen vrijwillige voortzetting bij het pensioenfonds van de voormalige werkgever mogelijk is, waardoor deelnemers alsnog de gemiste compensatie kunnen ontvangen;

overwegende dat in 7% van de gevallen vrijwillige voortzetting geen oplossing biedt en dat dit met name speelt bij bedrijfspensioenfondsen;

verzoekt de Minister om opnieuw in overleg te treden met sociale partners en pensioenfondsen en te komen tot afspraken om voor deze groep alsnog vrijwillige voortzetting mogelijk te maken, daarbij tijdelijke dispensatie te organiseren bij het pensioenfonds van de nieuwe werkgever, en zich tevens in te spannen om de communicatie richting deelnemers te verbeteren over de gevolgen van baanwisseling en verlof, ook bij pensioenfondsen die reeds zijn overgestapt op het nieuwe stelsel,

en gaat over tot de orde van de dag.

Van Ark

Patijn

Naar boven