36 915 XIII Wijziging van de begrotingsstaten van het Ministerie van Economische Za°ken (XIII) voor het jaar 2026 (wijziging samenhangende met de Voorjaarsnota)

Nr. 2 MEMORIE VAN TOELICHTING

INHOUDSOPGAVE

A.

ARTIKELSGEWIJZE TOELICHTING BIJ HET WETSVOORSTEL

2

       

B.

BEGROTINGSTOELICHTING

3

       
 

1

Leeswijzer

3

       
 

2

Beleid

3

 

2.1

Overzicht belangrijke uitgaven- en ontvangstenmutaties

3

       
 

3

Beleidsartikelen

7

 

3.1

Beleidsartikel 1 Goed functionerende economie en markten

7

 

3.2

Beleidsartikel 2 Bedrijvenbeleid: innovatie en ondernemerschap voor duurzame welvaartsgroei

10

 

3.3

Beleidsartikel 3 Toekomstfonds

19

       
 

4

Niet-beleidsartikelen

22

 

4.1

Artikel 40 Apparaat

22

 

4.2

Artikel 41 Nog onverdeeld

24

       
 

5

Agentschappen

26

 

5.1

Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO.nl)

26

A. ARTIKELSGEWIJZE TOELICHTING BIJ HET WETSVOORSTEL

Wetsartikelen 1 en 2

De begrotingsstaten die onderdeel zijn van de Rijksbegroting, worden op grond van artikel 2.3, eerste lid, van de Comptabiliteitswet 2016 elk

afzonderlijk bij wet vastgesteld en derhalve ook gewijzigd. Het onderhavige wetsvoorstel strekt ertoe om voor het jaar 2026 wijzigingen aan te brengen in:

  • 1. de departementale begrotingsstaat van het Ministerie van Economische Zaken;

  • 2. de begrotingsstaat inzake de agentschappen van dit ministerie;

De in de begrotingsstaten opgenomen begrotingsartikelen worden in onderdeel B van deze memorie van toelichting toegelicht (de zgn.

begrotingstoelichting).

De Minister van Economische Zaken en Klimaat, H.G. Herbert

B. BEGROTINGSTOELICHTING

1 Leeswijzer

Opbouw 1e suppletoire begroting 2026

Deze 1e suppletoire begroting geeft een geactualiseerd beeld van de begrotingsuitvoering 2026. Onderdeel B, de begrotingstoelichting, is als volgt opgebouwd:

  • 1. Leeswijzer.

  • 2. Overzicht belangrijkste suppletoire uitgaven- en ontvangstenmutaties. De belangrijkste verplichtingenmutaties zijn toegelicht in de artikelen.

  • 3. De beleidsartikelen. Voor ieder beleidsartikel is de tabel «Budgettaire gevolgen van beleid» opgenomen. Hierin zijn de begrotingsmutaties voor de verplichtingen, uitgaven en ontvangsten weergegeven.

    In aansluiting op de ontwerpbegrotingen en de Voorjaarsnota worden vanaf 2024 ook de mutaties voor het jaar t+5 opgenomen in de tabel budgettaire gevolgen van beleid van de 1e suppletoire begrotingen.

    Dit betreft de extrapolatie van de begroting – het toevoegen van het jaar t+5 – en vervolgens de mutaties tot en met t+5 die tijdens de voorjaarsbesluitvorming zijn verwerkt.

  • 4. De niet-beleidsartikelen. In de budgettaire tabellen zijn de begrotingsmutaties voor de verplichtingen, uitgaven en ontvangsten opgenomen.

  • 5. De agentschappen. In deze 1e suppletoire begroting zijn de aanpassingen in de agentschapsparagraaf van de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO.nl) opgenomen.

Ondergrenzen toelichtingen

Voor het toelichten van de begrotingsmutaties zijn in deze eerste suppletoire begroting de ondergrenzen gehanteerd zoals opgenomen in de onderstaande tabel.

Tabel 1 Ondergrenzen conform RBV

Omvang begrotingsartikel (stand ontwerpbegroting) in € miljoen

Beleidsmatige mutaties (ondergrens in € miljoen)

Technische mutaties (ondergrens in € miljoen)

< 50

1

2

=> 50 en < 200

2

4

=> 200 < 1.000

5

10

=> 1.000

10

20

2 Beleid

2.1 Overzicht belangrijke uitgaven- en ontvangstenmutaties Belangrijkste suppletoire uitgavenmutaties 2026

Tabel 2 Overzicht belangrijkste suppletoire uitgavenmutaties 2026 (Eerste suppletoire begroting) (bedragen x € 1.000)
 

Artikelnummer

Uitgaven 2026

Uitgaven 2027

Uitgaven 2028

Uitgaven 2029

Uitgaven 2030

Uitgaven 2031

Stand vastgestelde begroting 20261

 

3.320.871

2.884.890

2.702.605

2.554.948

2.490.199

 

Mutaties coalitieakkoord

             

CA 22. Toekomstfonds

3

   

– 72.000

– 7.000

– 50.000

– 41.000

CA 61. Efficiencytaakstelling

alle

 

– 4.025

– 7.710

– 13.638

– 19.828

– 18.884

CA 62. Vernieuwing Rijksdienst / slagvaardige overheid

40

     

– 22.214

– 56.023

– 53.355

CA 63. Subsidietaakstelling

2

 

– 6.257

– 6.257

– 6.257

– 6.257

– 2.464

Belangrijkste suppletoire mutaties

             

Extrapolatie

alle

         

1.956.501

NGF – project 6G

1

25.120

43.000

35.000

29.000

11.750

250

NGF – project kwantumDeltaNL

2

38.893

6.354

– 11.282

– 31.355

– 55.992

74.553

NGF – project Oncode-PACT

2

37.000

9.000

– 8.000

– 18.000

– 20.000

 

NGF – project NXTGEN HIGH TECH

2

39.835

3.509

– 21.400

– 13.398

– 3.824

 

NWO-TTW

2

– 14.441

2.031

– 1.769

– 3.569

– 3.617

– 7.100

Ruimtevaart

2

18.825

20.000

20.000

25.000

   

Fund to Fund

3

– 11.905

– 11.905

– 11.905

– 132.844

   

ROM's

3

19.378

         

Eigen vermogen agentschappen

40

61.932

         

Loon- en prijsbijstelling

41

58.428

52.210

44.667

42.312

42.670

37.904

Kasschuiven

alle

– 89.545

52.076

97.546

– 46.189

– 10.081

– 20.402

Overige mutaties

alle

217.042

54.042

43.366

103.961

22.905

169.710

Stand 1e suppletoire begroting 2026

 

3.721.433

3.104.925

2.802.861

2.460.757

2.341.902

2.095.713

X Noot
1

Incl. ISB's, NvW en amendementen

Toelichting

CA 22. Toekomstfonds

In het Coalitieakkoord is vastgelegd dat er taakstellend op het Toekomstfonds wordt omgebogen. Dit leidt tot een structurele verlaging van de uitgaven op het Innovatiekrediet, SEED-Capital en Vroegefasefinanciering.

CA 61. Efficiencytaakstelling

In het Coalitieakkoord is afgesproken dat een efficiencytaakstelling op de rijksoverheid wordt doorgevoerd met als doel de apparaatsuitgaven structureel te verminderen. Voor het Ministerie van Economische Zaken en Klimaat betekent dit een ombuiging van circa € 4,0 mln in 2027, oplopend tot € 18,8 mln in 2031.

CA 62. Vernieuwing Rijksdienst / slagvaardige overheid

In het Coalitieakkoord is afgesproken dat aanvullend op de efficiencytaakstelling op de rijksoverheid een additionele taakstelling wordt doorgevoerd in het kader van de vernieuwing van de rijksdienst en een slagvaardige overheid. Voor de het Ministerie van Economische Zaken en Klimaat betekent dit een ombuiging van circa € 22,2 mln in 2029, oplopend tot € 53,4 mln in 2031.

CA 63. Subsidietaakstelling

In het Coalitieakkoord is afgesproken dat de subsidiebudgetten bij de departementen structureel worden verlaagd. Voor de begroting van Economische Zaken betekent dit een ombuiging van circa € 2,5 mln in 2031.

Extrapolatie

Met de extrapolatie wordt de begrotingshorizon 1 jaar uitgebreid.

NGF – project 6G

Deze mutatie betreft de omzetting van de reservering voor het NGF-project op de NGF-begroting, naar een toekenning aan de EZK-begroting. De focus van het project 6G Future Network Services ligt op intelligente radiocomponenten en antennes, intelligente netwerken en leidende toepassingen in maatschappelijk belangrijke sectoren. Het project werkt met verschillende lijnen, waarin verschillende onderdelen worden ontwikkeld waaronder de hardware voor de ontwikkeling van 6G, de benodigde software, specifieke toepassingen en een human capital agenda.

NGF – project kwantumDeltaNL

Deze mutatie betreft het opvragen van de eindejaarsmarge (€ 21,2 mln) en het actualiseren van de raming waarbij budget naar voren wordt gehaald (€ 17,7 mln).

NGF – project Oncode-PACT

Op basis van uitvoeringsinformatie wordt de kasraming geactualiseerd.

NGF – project NXTGEN HIGH TECH

Deze mutatie betreft het opvragen van de eindejaarsmarge (€ 4,7 mln) en het actualiseren van de raming waarbij budget naar voren wordt gehaald.

NWO-TTW

De NWO-TTW Perspectief is een subsidieregeling die publiek-private consortia ondersteunt die onderzoeksprojecten rondom nieuwe technologie uitvoeren op laag tot middel TRL-niveau. In de overkoepelende afweging van de instrumenten op de EZ-begroting is gekozen om op deze regeling volledig om te buigen. Dit omdat de uitkomst van de evaluatie van het instrument in 2022 diffuus was. Hierom wordt de bijdrage na 2027 stopgezet en ingezet voor de onvermijdelijke en urgente problematiek bij 1e suppletoire 2026. Bij de herziening van de PPS-innovatieregeling, waarbij de vernieuwde regeling in 2028 van start gaat, zal het effect van het stopzetten van het Perspectief programma worden meegewogen.

Ruimtevaart

Deze mutatie is het gevolg van de hogere inschrijving op de ESA-conferentie 2025. De dekking is gevonden in de latere jaren op Faciliteiten Toegepast Onderzoek.

Fund to Fund

Deze mutatie betreft dekking voor maatregel 22 uit het Coalitieakkoord van dit jaar over het Toekomstfonds.

ROM's

Deze mutatie (€ 19,4 mln) betreft de herstructurering van ROM Impuls Zeeland, waarbij het aandeelhouders van EZK in de dochteronderneming van de ROM met gesloten beurs wordt overgeheveld naar de moederonderneming.

Middels een ontvangstenmutatie van € 19,4 voor de verkoop van de aandelen in de dochteronderneming en corresponderende mutaties aan de uitgavenkant (verplichtingen en kas) voor de storting voor de aankoop van de aandelen in moederonderneming, wordt de herstructurering technisch verwerkt in de begroting.

Eigen vermogen agentschappen

Dit betreft de afroming van bovenmatig eigen vermogen van de agentschappen RVO, RDI en DICTU conform de regeling agentschappen. Deze middelen komen binnen aan de ontvangstenkant van de begroting en worden naar de uitgavenkant overgeheveld middels een desaldering.

Loon- en prijsbijstelling

Jaarlijks worden de middelen op de EZ-begroting gecorrigeerd voor de stijging in lonen en prijzen.

Kasschuiven

Deze mutatie betreft het actualiseren van de raming op diverse instrumenten.

Belangrijkste suppletoire ontvangstenmutaties 2026

Tabel 3 Overzicht belangrijkste suppletoire ontvangstenmutaties 2026 (Eerste suppletoire begroting) (bedragen x € 1.000)
 

Artikelnummer

Ontvangsten 2026

Ontvangsten 2027

Ontvangsten 2028

Ontvangsten 2029

Ontvangsten 2030

Ontvangsten 2031

Stand vastgestelde begroting 20261

 

472.320

250.934

266.298

447.797

238.582

 

Mutaties coalitieakkoord

             

Belangrijkste suppletoire mutaties

             

Extrapolatie

alle

         

240.812

Fund to Fund

3

43.500

   

– 95.327

   

ROM's

3

19.378

         

ROM's

3

– 17.991

         

Eigen vermogen agentschappen

40

61.932

         

Overige mutaties

alle

– 473

– 7.646

4.674

7.318

7.436

11.002

Stand 1e suppletoire begroting 2026

 

578.666

243.288

270.972

359.788

246.018

251.814

X Noot
1

Incl. ISB's, NvW en amendementen

Toelichting Extrapolatie

Met de extrapolatie wordt de begrotingshorizon 1 jaar uitgebreid.

Fund to Fund

Betreft een actualisatie van de ontvangstenraming voor DVI. Dit bedrag stond oorspronkelijk voor 2029 geraamd. De DVI fondsen bij het EIF gaan richting het einde van hun investeringsperiode, waardoor de verhouding tussen aanvullende stortingen en terugkerende ontvangsten is verschoven en er per saldo meer uitbetalingen zijn dan stortingen. Hierdoor komen in 2026 de eerste ontvangsten binnen á € 43,5 mln. Deze middelen worden uit 2029 naar 2026 geschoven. Hiernaast wordt er in 2029 € 51,8 mln afgeboekt omdat deze ontvangsten niet meer gerealiseerd worden doordat er is gesaldeerd bij het EIF en OostNL. Hierdoor zal er in totaal minder worden ontvangen, doordat ontvangsten bij het EIF en OostNL zijn ingezet voor stortingen in de fondsen. De totale investering van € 230 mln voor DVI I en II is hiermee alsnog voldaan, er zullen alleen minder ontvangsten terugvloeien naar de EZ-begroting omdat er ook minder uitgaven gedaan zijn.

ROM's

Deze mutatie (€ 19,4 mln) betreft de herstructurering van ROM Impuls Zeeland, waarbij het aandeelhouders van EZK in de dochteronderneming van de ROM met gesloten beurs wordt overgeheveld naar de moederonderneming.

Middels een ontvangstenmutatie van € 19,4 voor de verkoop van de aandelen in de dochteronderneming en corresponderende mutaties aan de uitgavenkant (verplichtingen en kas) voor de storting voor de aankoop van de aandelen in moederonderneming, wordt de herstructurering technisch verwerkt in de begroting.

ROM's

De ontvangstenraming voor de Corona Overbrugingsleningen (COL's) wordt met € 18,0 mln verlaagd. De afgelopen jaren zijn de ontvangsten vanuit de Regionale Ontwikkelingsmaatschappijen (ROM’s) op deze leningen eerder teruggekomen naar de EZK-begroting dan initieel was geraamd. In 2025 waren de gerealiseerde ontvangsten daardoor € 18,0 mln hoger dan geraamd. Aangezien er een vast totaalbedrag terugkomt, wordt de raming nu met hetzelfde bedrag naar beneden bijgesteld.

Eigen vermogen agentschappen

Dit betreft de afroming van bovenmatig eigen vermogen van de agentschappen RVO, RDI en DICTU conform de regeling agentschappen. Deze middelen komen binnen aan de ontvangstenkant van de begroting en worden naar de uitgavenkant overgeheveld middels een desaldering.

3 Beleidsartikelen

3.1 Beleidsartikel 1 Goed functionerende economie en markten

Budgettaire gevolgen van beleid

Tabel 4 Budgettaire gevolgen van beleid art. 1 Goed functionerende economie en markten (Eerste suppletoire begroting) (bedragen x € 1.000)
 

Ontwerpbegroting 2026

(1)

Mutaties via NvW, moties, amendementen en ISB's

(2)

Vastgestelde begroting 2026

(3) = (1) + (2)

Mutaties 1e suppletoire begroting

(4)

Stand 1e suppletoire begroting

(5) = (3) + (4)

Mutatie 2027

Mutatie 2028

Mutatie 2029

Mutatie 2030

Mutatie 2031

Verplichtingen

438.157

 

438.157

70.294

508.451

67.323

15.053

13.930

10.244

351.395

                     

Uitgaven

481.720

0

481.720

29.504

511.224

46.323

50.053

42.736

21.994

363.098

                     

Subsidies (regelingen)

140.065

0

140.065

31.098

171.163

45.600

35.000

28.806

11.750

15.203

Subsidiemaatregel telecom Caribisch Nederland

6.000

 

6.000

 

6.000

2.600

     

3.500

EU-cofinanciering Digital Europe

13.775

 

13.775

 

13.775

   

– 194

   

AI-fabriek

500

 

500

 

500

         

PEGA – AI-fabriek

41.597

 

41.597

 

41.597

         

NGF – project AiNed

31.699

 

31.699

2.483

34.182

         

NGF – project Nationaal Onderwijslab

7.683

 

7.683

2.865

10.548

         

NGF – project 6G

9.682

 

9.682

25.120

34.802

43.000

35.000

29.000

11.750

250

NGF – projecten Subsidie route

20.201

 

20.201

630

20.831

       

11.453

Digitale veiligheid

8.928

 

8.928

 

8.928

         
                     

Opdrachten

48.858

0

48.858

– 14.224

34.634

– 11.189

– 978

– 779

– 578

51.672

Onderzoek&opdrachten

6.096

 

6.096

820

6.916

2.647

3.458

3.657

3.858

7.932

Beleidsvoorbereiding en evaluaties Veiligheid en Frequenties

5.439

 

5.439

– 16

5.423

       

5.282

Digital trust center

7.064

 

7.064

– 5.052

2.012

– 4.436

– 4.436

– 4.436

– 4.436

3.744

Cyber security

11.561

 

11.561

– 4.126

7.435

       

12.347

ICT beleid

9.458

 

9.458

850

10.308

       

8.838

CSIRT – DSP

8.382

 

8.382

– 6.700

1.682

– 9.400

     

13.529

Nationaal Groeifonds

858

 

858

 

858

         
                     

Bijdrage aan agentschappen

72.810

0

72.810

10.526

83.336

9.405

13.199

13.829

14.456

85.900

Bijdrage RVO.nl

17.844

 

17.844

6.052

23.896

– 67

– 134

– 200

– 264

13.086

Rijksinspectie Digitale Infrastructuur (RDI)

54.966

 

54.966

4.474

59.440

9.472

13.333

14.029

14.720

72.814

                     

Bijdrage aan ZBO's/RWT's

215.052

0

215.052

1.516

216.568

2.507

2.832

880

– 3.634

205.457

Bijdrage Metrologie

13.332

 

13.332

 

13.332

       

13.196

Raad voor de Accreditatie

1.025

 

1.025

378

1.403

398

709

937

– 9

479

Bijdrage ACM

945

 

945

 

945

– 5

– 11

– 16

– 22

923

Bijdrage aan het CBS

199.750

 

199.750

1.138

200.888

2.114

2.134

– 41

– 3.603

190.859

                     

Bijdrage aan

(inter-)nationale organisaties

4.935

0

4.935

588

5.523

0

0

0

0

4.866

Bijdrage Nederlands Normalisatie Instituut

1.507

 

1.507

 

1.507

       

1.507

Bijdrage aan internationale organisaties

3.428

 

3.428

588

4.016

       

3.359

Ontvangsten

44.684

0

44.684

155

44.839

0

0

0

0

48.235

Ontvangsten ACM

162

 

162

 

162

       

162

Ontvangsten High Trust

42.450

 

42.450

 

42.450

       

44.700

Diverse ontvangsten

2.072

 

2.072

155

2.227

       

3.373

Budgetflexibiliteit

Tabel 5 Geschatte budgetflexibiliteit
 

2026

juridisch verplicht

96%

bestuurlijk gebonden

3%

beleidsmatig gereserveerd

1%

nog niet ingevuld/vrij te besteden

0%

Juridisch verplicht

  • Subsidies (regelingen): Een groot deel van de subsidie-instrumenten zijn volledig juridisch verplicht; voorbeelden zijn NGF-project AlNed en Cyber Security.

  • Opdrachten: Een aantal opdrachten is reeds voor meerdere jaren aangegaan en daarmee juridisch verplicht. Dit geldt voor o.a. de bemiddelingsdienst voor doven en slechthorenden.

  • Bijdragen aan agentschappen: De opdrachten worden voorafgaand aan het begrotingsjaar verstrekt en zijn daarmee 100% juridisch verplicht. Dit geldt bijvoorbeeld voor opdrachten aan RDI en RVO.

  • Bijdragen aan ZBO's en RWT's: Betreft wettelijke taken van o.a. VSL, RvA en CBS.

  • Bijdragen aan (Inter)nationale Organisaties: Betreft o.a. de bijdrage aan de Stichting Koninklijk Nederlands Normalisatie Instituut (NEN).

Bestuurlijk gebonden

  • Betreft de subsidie in het kader van EU-cofinanciering Digital Europe waarvoor voor 2026 al afspraken zijn gemaakt op basis van eerdere calls.

Beleidsmatig gereserveerd

  • Overige beschikbare budgetten zijn opdrachten waarover EZ momenteel in gesprek is met interne en externe organisaties.

Toelichting

Verplichtingen

De verhoging van het verplichtingbudget met € 66,6 mln wordt voornamelijk veroorzaakt door de toekenning van het NGF – project 6g Future Network Services (€ 78,0 mln), en overboekingen naar het Ministerie van Justitie en Veiligheid voor NCSC vanuit Digital Trust Center (– € 5,0 mln) en vanuit CSIRT-DSP (– € 6,7 mln). Bij het NCSC wordt in opdracht van EZK uitvoering gegeven aan onder meer Wet bevordering digitale weerbaarheid bedrijven en de Cyberbeveiligingswet.

Uitgaven

Subsidies

NGF – project 6G Future Network Services (€ 25,1 mln)

Deze mutatie betreft voor € 23,0 mln de omzetting van de reservering voor het NGF – project op de NGF-begroting, dat is omgezet in een toekenning aan EZK. De andere € 2,1 mln betreft opvragen van de eindejaarsmarge. De focus van het project 6G Future Network Services ligt op intelligente radiocomponenten en antennes, intelligente netwerken en leidende toepassingen in maatschappelijk belangrijke sectoren. Het project werkt met verschillende lijnen, waarin verschillende onderdelen worden ontwikkeld waaronder de hardware voor de ontwikkeling van 6G, de benodigde software, specifieke toepassingen en een human capital agenda.

Digital Trust Center (– € 5,1 mln) en CSIRT – DSP (– € 6,7 mln)

Vanuit deze instrumenten worden overboekingen naar het Ministerie van Justitie en Veiligheid gedaan voor de uitvoering van taken, van onder meer Wet bevordering digitale weerbaarheid bedrijven en de Cyberbeveiligingswet.

Bijdrage RVO.nl (€ 6,1 mln)

Voor de opdracht aan de RVO voor het jaar 2026 heeft er een overheveling vanuit met name Cyber security plaatsgevonden voor de uitvoering van taken zoals de Nederlands Cybersecurity Coördinatiecentrum.

3.2 Beleidsartikel 2 Bedrijvenbeleid: innovatie en ondernemerschap voor duurzame welvaartsgroei

Budgettaire gevolgen van beleid

Tabel 6 Budgettaire gevolgen van beleid art. 2 Bedrijvenbeleid: innovatie en ondernemerschap voor duurzame welvaartsgroei (Eerste suppletoire begroting) (bedragen x € 1.000)
 

Ontwerpbegroting 2026

(1)

Mutaties via NvW, moties, amendementen en ISB's

(2)

Vastgestelde begroting 2026

(3) = (1) + (2)

Mutaties 1e suppletoire begroting

(4)

Stand 1e suppletoire begroting

(5) = (3) + (4)

Mutatie 2027

Mutatie 2028

Mutatie 2029

Mutatie 2030

Mutatie 2031

Verplichtingen

3.106.302

0

3.106.302

314.033

3.420.335

– 7.379

– 8.744

– 16.911

– 76.085

2.168.806

                     

Uitgaven

1.791.971

0

1.791.971

248.263

2.040.234

97.159

– 2.584

– 40.385

– 136.364

1.210.817

                     

Subsidies (regelingen)

664.143

1.665

665.808

140.103

805.911

58.116

– 39.510

– 60.400

– 80.533

242.994

MKB-Innovatiestimulering Topsectoren (MIT)

14.213

 

14.213

– 11.214

2.999

– 4.931

– 8.140

– 657

 

19.440

Eurostars

23.645

 

23.645

– 151

23.494

       

21.973

Bevorderen ondernemerschap

38.143

1.000

39.143

– 10.162

28.981

11.685

10.929

9.648

5.479

20.745

Cofinanciering EFRO

24.077

 

24.077

 

24.077

       

24.077

Bijdrage aan ROM's

11.241

 

11.241

2.700

13.941

2.700

     

11.248

Startup beleid

6.714

 

6.714

– 190

6.524

– 1.185

 

825

   

Invest-Nl

10.056

 

10.056

825

10.881

300

     

9.132

Tegemoetkoming vaste lasten

10.000

 

10.000

– 3.098

6.902

         

Europees Defensie Fonds cofinanciering

1.200

 

1.200

– 342

858

         

Tegemoetkoming vaste lasten Startersregeling

100

 

100

 

100

         

Herstructurering winkelgebieden

12.481

1.600

14.081

– 1.142

12.939

         

R&D mobiliteitssectoren

13.192

 

13.192

– 4.976

8.216

4.700

       

NGF – project Health-RI

11.317

 

11.317

 

11.317

         

NGF – project RegMed XB

2.271

 

2.271

– 1.535

736

         

NGF – project kwantumDeltaNL

66.576

 

66.576

38.893

105.469

6.354

– 11.282

– 31.355

– 55.992

74.553

NGF – project Oncode-PACT

15.000

 

15.000

37.000

52.000

9.000

– 8.000

– 18.000

– 20.000

 

NGF – project NXTGEN HIGH TECH

36.557

 

36.557

39.835

76.392

3.509

– 21.400

– 13.398

– 3.824

 

NGF – project PhotonDelta

76.845

 

76.845

10.119

86.964

7.758

– 21.100

– 24.352

– 1.930

10.421

NGF – project Opschaling PPS beroepsonderwijs

31.448

 

31.448

10.739

42.187

15.820

13.820

16.440

   

NGF – project Material Independence & Circular Batteries

29.146

 

29.146

16.705

45.851

         

Tegemoetkoming Energiekosten

2.703

 

2.703

 

2.703

         

IPCEI Cloudinfrastructuur en services

13.388

 

13.388

– 1.277

12.111

         

IPCEI Micro elektronica

84.587

– 935

83.652

– 920

82.732

         

EuroHPC

6.264

 

6.264

2.646

8.910

         

EuroQCI

4.500

 

4.500

– 2.127

2.373

         

Qredits duurzaamheid

3.000

 

3.000

– 3.000

0

 

3.000

     

Actieplan Groene en Digitale Banen

5.000

 

5.000

 

5.000

         

Ruimte voor

economie / bedrijventerreinen

13.436

 

13.436

 

13.436

         

Maritieme Maakindustrie

5.685

 

5.685

– 424

5.261

948

698

 

– 4.620

 

PEGA – Ruimte voor economie

28.083

 

28.083

20.568

48.651

– 15

– 15

– 15

   

IPCEI AST

                 

40.000

Nationaal versterkingsplan microchiptalent

56242

 

56.242

1.055

57.297

1.473

1.980

464

354

2.185

Overig

7.033

 

7.033

– 424

6.609

       

9.220

                     

Leningen

0

0

0

35.400

35.400

0

0

0

0

0

NGF project PhotonDelta

     

28.400

28.400

         

PEGA – econonomische bedrijvigheid

     

7.000

7.000

         
                     

Garanties

64.312

0

64.312

0

64.312

0

0

0

0

55.373

BMKB

38.567

 

38.567

 

38.567

       

35.628

Groeifaciliteit

8.000

 

8.000

 

8.000

       

8.000

Garantie Ondernemersfinanciering

11.745

 

11.745

80

11.825

       

11.745

Garantie Ondernemersfinanciering Corona

5.000

 

5.000

 

5.000

         

Maatwerkgaranties

1.000

 

1.000

– 80

920

         
                     

Opdrachten

10.167

0

10.167

497

10.664

2.410

1.987

1.801

1.801

10.388

Onderzoek en opdrachten

6.146

 

6.146

37

6.183

1.409

986

800

800

6.253

Caribisch Nederland

1.020

 

1.020

– 381

639

       

1.020

Regeldruk

2.336

 

2.336

 

2.336

       

2.450

Budget Samenwerking regio

665

 

665

841

1.506

1.001

1.001

1.001

1.001

665

                     

Bijdrage aan agentschappen

111.558

0

111.558

30.914

142.472

3.619

3.367

2.698

996

101.194

Bijdrage RVO.nl

110.756

 

110.756

30.914

141.670

3.623

3.376

2.711

1.013

100.424

Rijksinspectie Digitale Infrastructuur (RDI)

802

 

802

 

802

– 4

– 9

– 13

– 17

770

                     

Bijdrage aan ZBO's/RWT's

442.344

0

442.344

21.563

463.907

9.511

3.063

– 18.352

– 9.377

366.850

Bijdrage aan TNO

249.348

 

249.348

34.801

284.149

8.609

6.678

– 12.393

– 2.200

202.590

Kamer van Koophandel

163.339

 

163.339

1.203

164.542

– 1.115

– 1.818

– 2.344

– 3.499

142.614

Bijdrage aan NWO-TTW

29.657

 

29.657

– 14.441

15.216

2.017

– 1.797

– 3.615

– 3.678

21.646

                     

Bijdrage aan medeoverheden

17.753

0

17.753

0

17.753

0

0

0

0

0

MKB Innovatiestimulering Topsectoren (MIT)

17.753

 

17.753

 

17.753

         
                     

Bijlage aan (inter-)nationale organisaties

481.694

– 1.665

480.029

19.786

499.815

23.503

28.509

33.868

– 49.251

434.018

Internationaal Innoveren

60.657

 

60.657

9.075

69.732

9.298

9.676

10.689

– 549

74.883

PPS toeslag

189.245

– 1.600

187.645

1.673

189.318

– 858

804

804

804

144.632

TO2 (excl. TNO)

67.216

 

67.216

4.260

71.476

2.510

2.465

2.100

2.000

66.431

Topsectoren overig

15.710

– 65

15.645

– 2.950

12.695

     

– 1.593

18.608

Ruimtevaart (ESA)

88.537

 

88.537

18.825

107.362

20.000

20.000

25.000

 

79.649

Bijdrage NBTC

10.763

 

10.763

390

11.153

       

9.359

Overige bijdragen aan organisaties

6.739

 

6.739

– 1.873

4.866

– 2.093

– 2.093

– 2.093

– 1.093

5.348

Economische ontwikkeling en technologie

127

 

127

523

650

       

3.657

EU-cofinanciering JTF

5.156

 

5.156

– 1.331

3.825

       

156

Faciliteiten toegepast onderzoek TO2 en RKI

30.691

 

30.691

– 8.806

21.885

– 5.354

– 2.343

– 2.632

– 48.820

31.295

NGF – project NXTGEN Ruimtevaart

6.853

 

6.853

6.853

           
                     

Ontvangsten

225.740

0

225.740

– 8.730

217.010

– 9.176

4.044

6.688

6.688

130.045

Rijksoctrooiwet

48.085

 

48.085

150

48.235

150

150

150

150

51.040

Eurostars

4.000

 

4.000

1.250

5.250

1.250

1.250

1.250

1.250

5.250

F-35

10.576

 

10.576

– 10.576

0

– 10.576

2.644

5.288

5.288

18.508

Diverse ontvangsten

1.246

 

1.246

446

1.692

       

1.247

Bedrijfssteun

39.033

 

39.033

 

39.033

         

Tegemoetkoming vaste lasten

56.600

 

56.600

 

56.600

         

BMKB

33.000

 

33.000

 

33.000

       

33.000

Groeifaciliteit

8.000

 

8.000

 

8.000

       

8.000

Garantie Ondernemingsfinanciering

13.000

 

13.000

 

13.000

       

13.000

Maatwerkgarantie

1.000

 

1.000

 

1.000

         

Tegemoetkoming Energiekosten

11.200

 

11.200

 

11.200

         
Tabel 7 Uitsplitsing verplichtingen (bedragen x € 1.000)
 

Ontwerpbegroting 2026

(1)

Mutaties via NvW, moties, amendementen en ISB's

(2)

Vastgestelde begroting 2026

(3) = (1) + (2)

Mutaties 1e suppletoire begroting

(4)

Stand 1e suppletoire begroting

(5) = (3) + (4)

Mutatie 2027

Mutatie 2028

Mutatie 2029

Mutatie 2030

Mutatie 2031

Verplichtingen

3.106.302

0

3.106.302

314.033

3.420.335

– 7.379

– 8.744

– 16.911

– 76.085

2.168.806

waarvan garantieverplichtingen

1.188.928

 

1.188.928

 

1.188.928

       

1.165.000

waarvan overige verplichtingen

1.917.374

 

1.917.374

314.033

2.231.407

– 7.379

– 8.744

– 16.911

– 76.085

1.003.806

Budgetflexibiliteit

Tabel 8 Geschatte budgetflexibiliteit
 

2026

juridisch verplicht

94%

bestuurlijk gebonden

5%

beleidsmatig gereserveerd

1%

nog niet ingevuld/vrij te besteden

0%

Juridisch verplicht

  • Subsidies (regelingen): Een groot deel van de subsidie-instrumenten is juridisch verplicht; voorbeelden zijn bijdrages aan ROM’s, Invest-NL en een aantal NGF-projecten zoals NGF-project Photondelta en NXTGEN.

  • Bijdragen aan ZBO's/RWT's: De bijdragen aan TNO en de Kamer van Koophandel zijn juridisch verplicht.

  • Bijdragen aan (inter)nationale organisaties: De kasbudgetten voor bijdragen aan (inter)nationale organisaties zijn grotendeels juridisch verplicht. Voorbeelden van juridisch verplichte instrumenten zijn bijdrage aan TO2 (Deltares, NLR, en Marin) en bijdrage NBTC.

Bestuurlijk gebonden

  • Subsidies (regelingen): Een deel van de subsidies is bestuurlijk gebonden. Voorbeelden zijn MKB-Innovatiestimulering Topsectoren (MIT) en Bevorderen Ondernemerschap.

  • Bijdragen aan (inter)nationale organisaties: Een deel van deze kasbudgetten is bestuurlijk gebonden, bijvoorbeeld Internationaal Innoveren en het Nationaal Programma Ruimtevaart.

Beleidsmatig gereserveerd

  • Subsidies (regelingen): Een klein deel van het subsidiebudget van het instrument Bevorderen Ondernemerschap is beleidsmatig gereserveerd.

  • Bijdragen aan (inter)nationale organisaties: Enkele van deze kasbudgetten zijn beleidsmatig gereserveerd; een voorbeeld is het instrument Internationaal Innoveren.

Toelichting Verplichtingen

De verhoging van het verplichtingbudget met € 314,0 mln wordt met name veroorzaakt door:

  • Ruimtevaart (€ 85,0 mln) vanwege de hogere inschrijving op de ESA-conferentie 2025.

  • Toekenning NGF-project Opschaling PPS Beroepsonderwijs (€ 57,4 mln).

  • Eindejaarsmarge diverse NGF projecten (€ 92,1 mln).

  • Eindejaarsmarge PEGA – Ruimte voor economie (€ 27,8 mln).

  • Bijdragen van andere departmenten aan TNO (€ 33,6 mln).

  • Nationaal versterkingsplan microchiptalent wegens het vervallen van verplichtingruimte in 2025 (€ 17,0 mln).

Uitgaven Subsidies

MKB-Innovatiestimulering Topsectoren (– € 11,2 mln)

Deze mutatie betreft met name een overboeking van EZK naar het Ministerie van Binnenlandse Zaken in het kader van de subsidiemiddelen MIT 2026. Het Provinciefonds zorgt voor een verdere verdeling aan de deelnemende provincies.

Bevorderen ondernemerschap (– € 10,2 mln)

Deze mutatie betreft onder meer de overheveling van uitvoeringskosten van meerdere regelingen naar bijdrage RVO.nl (– € 4,2 mln) en een overheveling van de middelen voor het Nationaal Materialen Observatorium (NMO) naar het TNO-instrument (– € 5,1 mln). Op dit instrument wordt tevens de economische veiligheid en weerbaarheid, en kritieke grondstoffen geraamd. Deze beleidsinzet wordt vanaf 2027, inclusief de bestaande inzet op de Nationale Grondstoffen Strategie, structureel voortgezet met € 8,1 mln.

NGF – project kwantumDeltaNL (€ 38,9 mln)

Deze mutatie betreft het opvragen van de eindejaarsmarge (€ 21,2 mln) en het actualiseren van de raming waarbij budget naar voren wordt gehaald (€ 17,7 mln) voor de uitvoering van Fase 3 van dit NGF-project waarvoor grote uitbetalingen gepland staan voor 2026.

NGF – project Oncode-PACT (€ 37,0 mln)

Op basis van uitvoeringsinformatie wordt de kasraming geactualiseerd. De middelen voor Fase 2 van dit NGF-project worden in het verwachte benodigde ritme voor uitfinanciering geplaatst.

NGF – project NXTGEN HIGH TECH (€ 39,8 mln)

Deze mutatie betreft het opvragen van de eindejaarsmarge (€ 4,7 mln) en het actualiseren van de raming waarbij budget naar voren wordt gehaald (€ 35,1 mln) in verband met een gewijzigd bevoorschottingsschema welke in overleg met het consortium is overeengekomen.

NGF – project PhotonDelta (€ 10,1 mln)

Deze mutatie betreft het opvragen van de eindejaarsmarge (€ 9,2 mln) en het actualiseren van de raming waarbij budget naar voren wordt gehaald (€ 29,2 mln). Hiernaast worden middelen overgeheveld naar het financiële instrument «leningen» (– € 28,4 mln) om conform het projectplan een lening af te geven binnen het NGF-project.

NGF – project Opschaling PPS beroepsonderwijs (€ 10,7 mln)

Deze mutatie betreft een nieuwe toekenning vanaf de NGF-begroting voor dit project voor fase 2 van dit NGF-project.

NGF – project Material Independence & Circular Batteries (€ 16,7 mln)

Deze mutatie betreft het opvragen van de eindejaarsmarge over 2025. Doordat aan het eind van vorig jaar een milestone later was behaald dan origineel rekening mee gehouden in de raming voor 2025 heeft een laatste uitbetaling vorig jaar niet plaatsgevonden. Deze milestone wordt dit jaar naar verwachting behaald.

PEGA – Ruimte voor economie (€ 20,6 mln)

Deze mutatie betreft het opvragen van de eindejaarsmarge (€ 27,6 mln) en een overheveling naar het financiële instrument «leningen» (– € 7,0 mln).

Leningen

NGF – project PhotonDelta (€ 28,4 mln)

Vanuit dit NGF-project wordt een lening verstrekt voor de uitbreiding van de productie van fotonische chips.

Bijdrage aan agentschappen

Bijdrage aan RVO.nl (€ 30,9 mln)

Voor de uitvoering van de verschillende regelingen van EZK is het budget voor de uitvoeringskosten van RVO opgehoogd.

Bijdrage aan ZBO's/RWT's

Bijdrage aan TNO (€ 34,8 mln)

Als eigenaar en stelselverantwoordelijke voor de Toegepaste Onderzoeksinstellingen verstrekt EZK de Rijksbijdrage aan TNO. Deze mutatie bestaat voornamelijk uit bijdragen van andere departementen (€ 35,5 mln).

Bijdrage aan NWO-TTW (– € 14,4 mln)

De NWO-TTW Perspectief is een subsidieregeling die publiek-private consortia ondersteunt die onderzoeksprojecten rondom nieuwe technologie uitvoeren op laag tot middel TRL-niveau. In de overkoepelende afweging van de instrumenten op de EZK-begroting is gekozen om op deze regeling volledig om te buigen. Dit omdat de uitkomst van de evaluatie van het instrument in 2022 diffuus was. Hierom wordt de bijdrage na 2027 stopgezet en ingezet voor de onvermijdelijke en urgentie problematiek bij de 1e suppletoire begroting 2026. Bij de herziening van de PPS-innovatieregeling, waarbij de vernieuwde regeling in 2028 van start gaat, zal het effect van het stopzetten van het Perspectief programma worden meegewogen.

Bijdrage aan (inter-)nationale organisaties

Ruimtevaart (€ 18,8 mln)

Deze mutatie is het gevolg van de hogere inschrijving op de ESA-conferentie 2025. De dekking is gevonden in de latere jaren op het Faciliteiten Toegepast Onderzoek.

Ontvangsten

F-35 (– € 10,6 mln)

Anticiperend op een verlenging van de pauzering van de afdrachten voor 2026 en 2027 wordt in overleg met de sector de ontvangstenraming naar latere jaren geschoven. Op basis van de bestaande afspraken is de verwachting dat de totale afdracht met een looptijd tot 2062 alsnog kunnen worden voldaan.

Toelichting op de begrotingsreserves

De begrotingsreserves zijn bedoeld om inkomsten uit premies en uitgaven voor schades, die over de jaren kunnen fluctueren, te verevenen. De reserve dient als buffer voor uitgaven door EZK in geval bedrijven niet aan hun terugbetalingsverplichtingen kunnen voldoen inzake leningen bij financieringsinstellingen waarop EZK een borgstelling heeft afgegeven.

Er zijn begrotingsreserves voor de Borgstelling mkb-kredieten (BMKB, inclusief BMKB-Corona), de BMKB groen, de Garantie Ondernemingsfinanciering (GO, inclusief de GO-Corona), maatwerk garantie, de Groeifaciliteit (GF), de Garantie MKB-financiering en Klein Krediet Corona (KKC). De GO, GF, KKC en Garanties MKB-financiering betreffen kostendekkende garanties, waarvan de te realiseren premieontvangsten naar verwachting toereikend zijn voor het afdekken van eventuele verliesdeclaraties.

Tabel 9 Begrotingsreserve Borgstelling MKB-kredieten (BMKB) (bedragen x € 1 mln)

Stand 1/1/2026

196,5

+ Geraamde storting

 

– Geraamde onttrekking

 

Stand (raming) per 31/12/2026

196,5

De begrotingsreserve van de BMKB bestaat uit een begrotingsreserve voor de reguliere BMKB en de BMKB-Corona. Vooralsnog is geen storting in de reserve BMKB geraamd. Aan het eind van 2026 zal op basis van de gerealiseerde ontvangsten en de schadedeclaraties de storting of onttrekking aan de reserve BMKB worden vastgesteld.

Tabel 10 Begrotingsreserve Borgstelling MKB-kredieten groen (BMKB groen) (bedragen x € 1 mln)

Stand 1/1/2026

13,1

+ Geraamde storting

 

– Geraamde onttrekking

 

Stand (raming) per 31/12/2026

13,1

De begrotingsreserve van de BMKB groen is in 2022 aangemaakt als aparte reserve voor het groene luik onder de BMKB. Vooralsnog is geen storting in de reserve BMKB groen geraamd. Aan het eind van 2026 zal op basis van de gerealiseerde ontvangsten en de schadedeclaraties de storting of onttrekking aan de reserve BMKB groen worden vastgesteld.

Tabel 11 Begrotingsreserve Garantie Ondernemingsfinanciering (GO) (bedragen x € 1 mln)

Stand 1/1/2026

73,5

+ Geraamde storting

 

– Geraamde onttrekking

 

Stand (raming) per 31/12/2026

73,5

De begrotingsreserve van de GO bestaat uit een begrotingsreserve voor de reguliere GO en de GO-Corona. De regeling is gesloten voor nieuwe aanvragen en de openstaande garanties zijn afgenomen. Aan het eind van 2026 zal op basis van de gerealiseerde ontvangsten en de schadedeclaraties de storting of onttrekking aan de reserve GO worden vastgesteld.

Tabel 12 Begrotingsreserve maatwerk garantie (bedragen x € 1 mln)

Stand 1/1/2026

30,0

+ Geraamde storting

 

– Geraamde onttrekking

 

Stand (raming) per 31/12/2026

30,0

Voor maatwerk garantie is een begrotingsreserve aangelegd. Aan het eind van 2026 zal op basis van de gerealiseerde ontvangsten en de schadedeclaraties de storting of onttrekking aan de reserve worden vastgesteld.

Tabel 13 Begrotingsreserve Groeifaciliteit (bedragen x € 1 mln)

Stand 1/1/2026

57,8

+ Geraamde storting

 

– Geraamde onttrekking

 

Stand (raming) per 31/12/2026

57,8

Vooralsnog is geen storting in de reserve Groeifaciliteit geraamd. Aan het eind van 2026 zal op basis van de gerealiseerde ontvangsten en de schadedeclaraties de storting of onttrekking aan de reserve Groeifaciliteit worden vastgesteld.

Tabel 14 Begrotingsreserve Garantie MKB-financiering (bedragen x € 1 mln)

Stand 1/1/2026

23,1

+ Geraamde storting

 

– Geraamde onttrekking

 

Stand (raming) per 31/12/2026

23,1

Vooralsnog is geen storting in de reserve Garantie MKB-financiering geraamd. Aan het eind van 2026 zal op basis van de gerealiseerde ontvangsten en de schadedeclaraties de storting of onttrekking aan de reserve Garantie MKB-financiering worden vastgesteld.

Tabel 15 Begrotingsreserve Klein Krediet Corona (bedragen x € 1 mln)

Stand 1/1/2026

11,6

+ Geraamde storting

 

– Geraamde onttrekking

 

Stand (raming) per 31/12/2026

11,6

Vooralsnog is geen storting in de reserve Klein Krediet Corona (KKC) geraamd. Aan het eind van 2026 zal op basis van de gerealiseerde ontvangsten en de schadedeclaraties de storting of onttrekking aan de reserve KKC worden vastgesteld.

3.3 Beleidsartikel 3 Toekomstfonds

Budgettaire gevolgen van beleid

Tabel 16 Budgettaire gevolgen van beleid art. 3 Toekomstfonds (Eerste suppletoire begroting) (bedragen x € 1.000)
 

Ontwerpbegroting 2026

(1)

Mutaties via NvW, moties, amendementen en ISB's

(2)

Vastgestelde begroting 2026

(3) = (1) + (2)

Mutaties 1e suppletoire begroting

(4)

Stand 1e suppletoire begroting

(5) = (3) + (4)

Mutatie 2027

Mutatie 2028

Mutatie 2029

Mutatie 2030

Mutatie 2031

Verplichtingen

685.956

0

685.956

147.555

833.511

– 15.727

– 10.238

– 127.440

– 4.433

114.662

                     

Uitgaven

499.600

0

499.600

5.244

504.844

2.122

– 11.080

– 133.305

– 31.036

120.838

                     

Subsidies (regelingen)

4.565

0

4.565

506

5.071

506

507

507

507

2.058

Thematisch Technology Transfer

4.565

 

4.565

506

5.071

506

507

507

507

2.058

                     

Leningen

484.969

0

484.969

2.917

487.886

– 357

– 13.274

– 135.484

– 32.980

107.555

Startups / MKB financiering

                   

Volledig revolverend

                   

Fund to Fund

11.905

 

11.905

– 11.905

0

– 11.905

– 11.905

– 132.844

   

ROM's

14.479

 

14.479

19.378

33.857

         

Dutch Future Fund

   

0

 

0

         

Deep Tech Fund

20.000

 

20.000

 

20.000

50.000

45.000

35.000

   

Fonds Alternatieve Financiering

   

0

 

0

         

Economische Veiligheid Fonds

2.237

 

2.237

 

2.237

         

Secfund

   

0

 

0

         

European Tech Champions Initiative (ETCI)

225.000

 

225.000

 

225.000

         

Deels revolverend

       

0

         

Innovatiekrediet

56.996

 

56.996

6.984

63.980

– 1.944

– 8.708

– 1.761

– 1.582

34.871

Risicokapitaal SEED

42.561

 

42.561

– 8.151

34.410

– 6.590

– 11.048

– 10.344

– 7.658

41.426

Vroege fase / informal investors

23.717

 

23.717

– 4.254

19.463

– 5.367

460

646

– 2.785

18.675

Start ups / MKB

   

0

 

0

– 26.639

– 27.393

– 28.146

– 20.776

1.000

Blended finance faciliteit Invest-NL

75.000

 

75.000

 

75.000

         

Met vermogensbehoud

       

0

         

Onco research

3.995

 

3.995

694

4.689

1.820

– 146

426

– 2.794

2.504

Thematische Technology Transfer

7.155

 

7.155

858

8.013

1.610

2.179

1.954

1.864

5.469

RegMed XB

1.924

 

1.924

– 687

1.237

– 1.342

– 1.713

– 415

751

3.610

                     

Bijdrage aan agentschappen

10.066

0

10.066

1.821

11.887

1.973

1.687

1.672

1.437

11.225

Bijdrage RVO.nl

10.066

 

10.066

1.821

11.887

1.973

1.687

1.672

1.437

11.225

                     

Ontvangsten

167.854

0

167.854

52.989

220.843

1.530

630

– 94.697

748

43.277

ROM's

133.117

 

133.117

1.387

134.504

         

Fund to Fund

0

 

0

43.500

43.500

   

– 95.327

   

Investeringen in fundamenteel en toegepast onderzoek

310

 

310

30

340

30

– 870

– 870

100

740

Thematische Technology Transfer

200

 

200

 

200

     

– 852

2.925

Smart Industry

227

 

227

 

227

       

112

Innovatiekredieten

21.000

 

21.000

 

21.000

       

25.000

SEED

13.000

 

13.000

 

13.000

       

13.000

Vroege fase / informal investors

0

 

0

8.072

8.072

1.500

1.500

1.500

1.500

1.500

Budgetflexibiliteit

Tabel 17 Geschatte budgetflexibiliteit
 

2026

juridisch verplicht

85%

bestuurlijk gebonden

0%

beleidsmatig gereserveerd

15%

nog niet ingevuld/vrij te besteden

0%

Juridisch Verplicht

  • Subsidies (regelingen): Het volledige budget voor subsidies is in 2026 juridisch verplicht. Dit betreft de uitfinanciering van de verplichtingen in het kader van de regeling Thematische Technology Transfer (TTT).

  • Leningen: Verschillende leningen zijn juridisch verplicht. Dit betreft onder andere het budget voor European Tech Champions Initiatieve (ETCI), de Seed Capital regeling, en het Deep Tech Fund.

Beleidsmatig gereserveerd

  • Leningen: Een deel van de leningen is beleidsmatig gereserveerd. Dit betreft de uitgaven voor blended finance faciliteit bij Invest-NL.

Toelichting Verplichtingen

De verhoging van het verplichtingenbudget met € 147,6 mln wordt met name veroorzaakt door een verplichtingschuif op Deep Tech Fund (€ 130,0 mln) om voor de voortzetting van dit instrument het budget in het benodigde ritme te plaatsen. De verplichting zal in 2026 worden aangegaan.

Hiernaast is er een mutatie (€ 19,4 mln) inzake de herstructurering van ROM Impuls Zeeland, waarbij het aandeelhouders van EZK in de dochteronderneming van de ROM met gesloten beurs wordt overgeheveld naar de moederonderneming.

Middels een ontvangstenmutatie van € 19,4 voor de verkoop van de aandelen in de dochteronderneming en corresponderende mutaties aan de uitgavenkant (verplichtingen en kas) voor de storting voor de aankoop van de aandelen in moederonderneming, wordt de herstructurering technisch verwerkt in de begroting.

Uitgaven

Leningen

Fund to fund (– € 11,9 mln)

Deze mutatie betreft dekking voor maatregel 22 uit het Coalitieakkoord van dit jaar over het Toekomstfonds.

ROM's (€ 19,4 mln)

Zie toelichting onder verplichtingen.

Innovatiekrediet (€ 7,0 mln)

Op basis van de voortgang binnen de huidige portefeuille van het Innovatiekrediet is er een verschuiving in het moment van kasbetalingen waardoor € 7 mln wordt verschoven van 2028 naar 2026 om aan de verwachte uitfinancieringsbehoefte te kunnen voldoen in 2026.

Risicokapitaal SEED (– € 8,2 mln)

Deze mutatie is het saldo van (€ 6,0 mln) méér ontvangsten in 2025 en de actualisatie van de uitfinanciering van openstaande verplichtingen (– € 13,5 mln).

Ontvangsten

ROM's (€ 1,4 mln)

Naast genoemde desaldering onder verplichtingen (€ 19,4 mln) wordt de raming verlaagd voor de Corona Overbruggingsleningen (COL's) omdat de ontvangsten al in 2025 zijn gerealiseerd (– € 18,0 mln).

Fund to fund (€ 43,5 mln)

Betreft een actualisatie van de ontvangstenraming voor DVI. Dit bedrag stond oorspronkelijk voor 2029 geraamd. De DVI fondsen bij het EIF gaan richting het einde van hun investeringsperiode, waardoor de verhouding tussen aanvullende stortingen en terugkerende ontvangsten is verschoven en er per saldo meer uitbetalingen zijn dan stortingen. Hierdoor komen in 2026 de eerste ontvangsten binnen á € 43,5 mln.

Vroege fase / informal investors (€ 8,1 mln)

Incidenteel worden er op dit instrument extra ontvangsten verwacht in verband met terugbetaling van enkele regionale fondsen die niet volledig tot uitbetaling zijn gekomen en enkele terugvorderingen. Ongeveer € 1,5 mln van deze mutatie bestaat uit het structureel ramen van de ontvangsten op de VFF, het restant (€ 6,6 mln) bestaat uit incidentele hogere ontvangsten in het huidige begrotingsjaar.

4 Niet-beleidsartikelen

4.1 Artikel 40 Apparaat

Op dit artikel zijn de personele en materiële uitgaven en ontvangsten van EZK geraamd, voor zover die betrekking hebben op het kerndepartement (Directoraten-Generaal en stafdirecties) en de diensten van EZK (ACM1, CPB en SodM). Enkele stafdirecties van EZK werken als gemeenschappelijke dienst voor EZK en LVVN. In deze begroting is enkel het EZK-aandeel van deze gedeelde diensten geraamd, te weten 57%. De overige 43% van het budget staat op de LVVN-begroting geraamd.

Tabel 18 Apparaatsuitgaven Kerndepartement (Eerste suppletoire begroting) (bedragen x € 1.000)
 

Ontwerpbegroting 2026

(1)

Mutaties via NvW, moties, amendementen en ISB's

(2)

Vastgestelde begroting 2026

(3) = (1) + (2)

Mutaties 1e suppletoire begroting

(4)

Stand 1e suppletoire begroting

(5) = (3) + (4)

Mutatie 2027

Mutatie 2028

Mutatie 2029

Mutatie 2030

Mutatie 2031

Verplichtingen

547.580

0

547.580

73.716

621.296

37.506

34.700

9.951

– 30.061

378.553

                     

Uitgaven

547.580

0

547.580

73.716

621.296

37.506

34.700

9.951

– 30.061

378.553

                     

Personele uitgaven

399.856

0

399.856

47.673

447.529

42.937

36.607

12.054

– 27.819

262.689

eigen personeel

363.018

0

363.018

35.455

398.473

41.875

31.980

6.054

– 32.996

234.030

inhuur externen

25.198

0

25.198

8.589

33.787

– 3.271

– 1.272

– 1.944

– 2.264

13.385

overige personele uitgaven

11.640

0

11.640

3.629

15.269

4.333

5.899

7.944

7.441

15.274

                     

Materiële uitgaven

147.724

0

147.724

26.043

173.767

– 5.431

– 1.907

– 2.103

– 2.242

115.864

ICT

27.738

0

27.738

– 5.019

22.719

– 1.146

– 913

– 320

– 202

17.721

bijdrage aan SSO's

28.107

0

28.107

0

28.107

0

0

– 42

– 83

35.521

DICTU

27.137

0

27.137

10.131

37.268

8.258

8.611

29.589

28.865

31.800

overige materiële uitgaven

64.742

0

64.742

20.931

85.673

– 12.543

– 9.605

– 31.330

– 30.822

30.822

                     

Ontvangsten

34.042

0

34.042

61.932

95.974

0

0

0

0

30.257

Overig

34.042

0

34.042

61.932

95.974

0

0

0

0

30.257

Toelichting op de verplichtingen en uitgaven

Personele uitgaven

Het budget voor personele uitgaven wordt per saldo met € 47,7 mln verhoogd. Dit heeft te maken met:

  • Een stijging van de geraamde personele uitgaven met € 35,5 mln. Dit heeft onder andere te maken met de uitbreiding van personeel die benodigd is om twee extra bewindspersonen te ondersteunen (€ 5,2 mln). Ook heeft een herijking plaatsgevonden op de begroting van ACM tussen personele en materiële uitgaven. Hierdoor zijn de begrote personele uitgaven gestegen (€ 10,2 mln). Ook wordt € 2,3 mln aan middelen van de Aanvullende Post opgevraagd in het kader van Werk aan Uitvoering. Tot slot zijn de ramingen omhoog bijgesteld op het vlak van Economische Veiligheid en Weerbaarheid (€ 1,3 mln) en op KGG-vlak, waar sprake is van aflopende budgetten (€ 4,4 mln).

  • Een stijging van het budget voor externe inhuur met € 8,6 mln. Het budget voor externe inhuur was nog niet juist begroot. Dienstonderdelen is gevraagd om de inhuur voor in ieder geval het lopende jaar te actualiseren. Hierdoor is de begroting bijgesteld. Het betreft onder andere inhuur op het vlak van informatievoorziening. Ook zijn de begrote uitgaven op externe inhuur van de ACM met € 3,3 mln afgenomen in het kader van de herijking van de ACM-begroting.

  • De stijging van het budget voor overige personele uitgaven met € 3,6 mln wordt verklaard door de afroming van eigen vermogen agentschappen en wederom een aanvraag van middelen in het kader van Werk aan Uitvoering voor SodM.

Materiële uitgaven

Het budget voor de materiële uitgaven wordt in 2026 per saldo met € 26,0 mln verhoogd. Deze verhoging wordt grotendeels verklaard door:

  • Het instellen van een bestemmingsfonds voor de RVO welke met € 27,5 mln gevuld wordt. Dit valt onder overige materiële uitgaven. Het bestemmingsfonds dient ertoe om een grootschalige en noodzakelijke modernisering van het IV-landschap van de RVO mogelijk te maken in de komende vijf jaar.

  • Er heeft een herijking plaatsgevonden op de begroting van ACM tussen personele en materiële uitgaven. Hiertoe zijn de overige materiële uitgaven afgenomen met € 6,9 mln.

  • Een correctieboeking om € 10,1 mln over te zetten van overige materiële uitgaven naar uitgaven aan DICTU.

  • Er zijn voor € 4,4 mln aan middelen vrijgemaakt voor de klimaat- en energiecampagnes in 2026.

Ontvangsten

Het budget voor de ontvangsten wordt in 2026 met ongeveer € 61,9 mln verhoogd. Dit wordt verklaard door het afromen van bovenmatig eigen vermogen van RVO, RDI en DICTU conform de regeling agentschappen.

4.2 Artikel 41 Nog onverdeeld

Tabel 19 Nog onverdeeld (Eerste suppletoire begroting) (bedragen x € 1.000)
 

Ontwerpbegroting 2026

(1)

Mutaties via NvW, moties, amendementen en ISB's

(2)

Vastgestelde begroting 2026

(3) = (1) + (2)

Mutaties 1e suppletoire begroting

(4)

Stand 1e suppletoire begroting

(5) = (3) + (4)

Mutatie 2027

Mutatie 2028

Mutatie 2029

Mutatie 2030

Mutatie 2031

Verplichtingen

0

0

0

43.835

43.835

36.925

29.167

26.812

27.170

22.407

                     

Uitgaven

0

0

0

43.835

43.835

36.925

29.167

26.812

27.170

22.407

                     

Loonbijstelling

0

0

0

26.521

26.521

21.797

21.145

19.872

19.193

17.804

Prijsbijstelling

0

0

0

17.314

17.314

15.128

8.022

6.940

7.977

4.603

Onverdeeld

0

0

0

0

0

0

0

0

0

0

Onvoorzien

0

0

0

0

0

0

0

0

0

0

                     

Ontvangsten

0

0

0

0

0

0

0

0

0

0

Toelichting op de verplichtingen en uitgaven

Loon- en prijsbijstelling

Bij Voorjaarsnota 2026 is de loon- en prijsbijstellingstranche 2026 overgeheveld naar de departementale begroting. De loonbijstelling betreft de vergoeding voor de stijging van de contractloonontwikkeling en de stijging van de sociale lasten voor de overheidswerkgever. De prijsbijstelling betreft de verwerking van de stijging van de diverse prijsindexen. De loon- en prijsbijstellingstranche 2026 zal bij de eerstvolgende begrotingsronde verdeeld worden aan de relevante loon- en prijsgevoelige onderdelen.

5 Agentschappen

5.1 Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO.nl)

Tabel 20 Exploitatieoverzicht Baten-lastenagentschap RVO.nl Eerste suppletoire begroting 2026 (bedragen x € 1.000)
 

(1)

Vastgestelde begroting

(2)

Mutaties 1e suppletoire begroting

(3) = (1) + (2)

Totaal geraamd

Baten

     

– Baten als tegenprestatie voor de levering van producten en/of diensten

1.290.117

113.312

1.403.429

Omzet Lumpsumopdrachten

345.600

49.778

395.378

Omzet Nacalculatieopdrachten

806.422

63.534

869.956

Omzet Gemeenschappelijke Informatievoorziening en Dienstverlening

138.095

0

138.095

– Baten als tegenprestatie voor de levering van input

14.370

6.030

20.400

Waarvan bijdrage WaU en POK/Woo

14.370

6.030

20.400

Rentebaten

4.000

1.700

5.700

Vrijval voorzieningen

0

0

0

Bijzondere baten

0

0

0

Totaal baten

1.308.487

121.042

1.429.529

       

Lasten

     

Apparaatskosten

1.130.905

45.034

1.175.939

– Personele kosten

788.277

121.860

910.137

waarvan eigen personeel

591.208

78.150

669.358

waarvan inhuur externen

173.421

32.746

206.167

waarvan overige personele kosten

23.648

10.964

34.612

– Materiële kosten

342.627

– 76.826

265.801

waarvan apparaat ICT

7.207

55.686

62.893

waarvan bijdrage aan SSO's

267.289

– 80.564

186.725

waarvan overige materiële kosten

68.130

– 51.947

16.183

Kosten uitbesteed werk en andere externe kosten

146.229

76.847

223.076

Rentelasten

1.000

360

1.360

Afschrijvingskosten

12.600

– 1.200

11.400

– Materieel

100

0

100

waarvan apparaat ICT

0

0

0

waarvan overige materiële afschrijvingskosten

100

0

100

– Immaterieel

12.500

– 1.200

11.300

Overige lasten

17.754

0

17.754

waarvan dotaties voorzieningen

17.754

0

17.754

waarvan bijzondere lasten

0

0

Totaal lasten

1.308.487

121.042

1.429.529

Saldo van baten en lasten gewone bedrijfsuitoefening

0

0

0

Agentschapsdeel Vpb-lasten

0

0

0

Saldo van baten en lasten

0

0

0

RVO wijkt in dit stuk af van de gehanteerde omzetsegmentatie uit de agentschapsparagraaf van de Begroting 2026. Dit is gedaan na afstemming met het Ministerie van Economische Zaken en Klimaat en het Ministerie van Financiën. Bij het aanleveren van de agentschapsparagraaf van de Begroting 2026 hield RVO onderstaande omzetsegmentatie aan:

  • Uren

  • Directe Uitvoeringskosten (DUKs)

  • Gemeenschappelijke Informatievoorziening en Dienstverlening (GID) De nieuwe indeling van de omzetsegmentatie is als volgt:

    • Lumpsumopdrachten

    • Nacalculatieopdrachten

    • GID

Deze indeling sluit aan bij de sturing van RVO en houdt rekening met verschil in verantwoording lumpsumopdrachten versus nacalculatieopdrachten.

Om nu een goede vergelijking te maken hebben we de omzet van de ontwerpbegroting gesegmenteerd naar Lumpsumopdrachten, Nacalculatieopdrachten en GID. Er is een zo goed mogelijke inschatting gemaakt wat de verdeling van de baten als tegenprestatie voor de levering van producten en/of input destijds zou zijn geweest.

Als agentschap werkt RVO met het uitgangspunt van een kostendekkende begroting. De totale mutatie in de baten is € 121,0 mln. Dit is voornamelijk te verklaren omdat er ten opzichte van de begroting een aantal wijzigingen hebben plaatsgevonden in het opdrachtenpakket.

Toelichting op de baten

Omzet moederdepartement

De omzet van het moederdepartement is gestegen met € 7,2 mln ten opzichte van de ontwerpbegroting. Hieronder noemen we de voornaamste mutaties.

De omzet van de opdracht van DG Bedrijfsleven & Innovatie is lager dan bij de ontwerpbegroting. Dit wordt onder andere veroorzaakt door een lagere omzet uit de opdrachten Octrooicentrum Nederland, Tegemoetkoming energiekosten en Consumer Electronics Show Las Vegas. Daarnaast is de omzet uit een aantal kleinere opdrachten ook afgenomen.

De omzet van de opdracht van DG Economie en Digitalisering is lager dan in de ontwerpbegroting. Deze daling wordt vooral veroorzaakt door een lagere toekenning van het Groeifonds, het stopzetten van de opdracht Zeekabels en het verkleinen van de opdracht Small Business Innovation Research Cyber.

De omzet van de opdracht van Centrale Directeur Inkoop is hoger dan in de ontwerpbegroting.

Omzet overige departementen

De totale omzet van de overige departementen is gegroeid met € 106,1 mln ten opzichte van de ontwerpbegroting. Hieronder noemen we de voornaamste mutaties.

De opdracht van het Ministerie van Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur stijgt met € 36,5 mln ten opzichte van de ontwerpbegroting. Deze stijging wordt vooral veroorzaakt door een grotere jaaropdracht dan waar rekening mee was gehouden bij de ontwerpbegroting. Dit betreft met name de opdrachten Vrijwillige Beëindigsregeling veehouderijlocaties, Zienswijzeprocedure Wet Open Overheid, Gebiedsgerichte inzet en Gemeenschappelijk Landbouwbeleid 2028.

De opdracht van het Ministerie van Klimaat en Groene Groei is gegroeid met € 24,2 mln. Deze toename is onder anderen te verklaren door intensiveringen voor Instituut voor Milieu, Mens en Mijnbouw Limburg, Commissie Mijnbouwschade, en de nieuwe opdracht Expertpool Energie-infrastructuur: vliegende brigade.

De opdracht van het Ministerie van Buitenlandse Zaken is € 2,7 mln groter dan de ontwerpbegroting. Dit is voornamelijk te verklaren door een nieuwe aanvulling op de opdracht Wederopbouw Oekraïne.

De opdracht van het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties is € 40,9 mln groter dan de ontwerpbegroting. Dit is voornamelijk te verklaren door een stijging van de opdracht van Groningen en Ondergrond. Daarnaast zijn er twee additionele opdrachten bijgekomen: Adviescollege Veiligheid Groningen en Professioneel en Innovatief Aanbesteden, Netwerk voor Overheidsopdrachtgevers. De opdracht van het Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat is afgenomen met € 4,0 mln ten opzichte van de ontwerpbegroting. Deze afname is onder anderen te verklaren door minder werkzaamheden bij de Circulaire Economie opdrachten, als gevolg van Kabinetsbeslissingen en Partners voor Water.

De opdracht van het Ministerie van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening is € 2,8 mln groter dan de ontwerpbegroting. Dit is voornamelijk te verklaren door de opdracht Realisatiestimulans.

Omzet derden

De omzet uit de opdrachten van derden wijkt niet af van de omzet uit de ontwerpbegroting.

Toelichting op de lasten

De lasten stijgen met € 121,0 mln. Dit is voornamelijk te verklaren door de stijging in personele kosten (€ 121,9 mln). Daarnaast heeft er een verschuiving plaatsgevonden bij de materiele kosten en de kosten voor uitbesteed werk en andere externe kosten. De kosten voor ambtelijk personeel zijn gestegen met € 78,1 mln. De kosten voor externe inhuur zijn gestegen met € 32,7 mln.

Tabel 21 Kasstroomoverzicht (bedragen x € 1.000)
 

Omschrijving

(1)

Vastgestelde begroting

(2)

Mutaties 1e suppletoire begroting

(3) = (1) + (2)

Totaal geraamd

1.

Rekening-courant RHB 1 januari 2026 + depositorekeningen

256.585

40.936

297.521

 

Totaal ontvangsten operationele kasstroom (+)

1.308.487

121.042

1.429.529

 

Totaal uitgaven operationele kasstroom (-/-)

– 1.295.888

– 122.241

– 1.418.129

2.

Totaal operationele kasstroom

12.600

– 1.200

11.400

 

Totaal investeringen (-/-)

– 39.500

5.300

– 34.200

 

Totaal boekwaarde desinvesteringen (+)

0

0

0

3.

Totaal investeringkasstroom

– 39.500

5.300

– 34.200

 

Eenmalige uitkering aan moederdepartement (-/-)

0

– 37.000

– 37.000

 

Eenmalige storting door het moederdepartement (+)

0

27.500

27.500

 

Aflossingen op leningen (-/-)

– 30.032

7.352

– 22.680

 

Beroep op leenfaciliteit (+)

39.500

– 5.300

34.200

4.

Totaal financieringskasstroom

9.468

– 7.448

2.020

5.

Rekening-courant RHB 31 december 2026 (=1+2+3+4)

239.153

37.588

276.741

Toelichting op het kasstroomoverzicht

In het kasstroomoverzicht is zichtbaar dat het grotere opdrachtpakket zorgt voor hogere operationele ontvangsten en uitgaven. Daarnaast doet RVO een eenmalige uitkering aan het moederdepartement naar aanleiding ter afroming van het positieve resultaat van 2025. Daarnaast verwacht RVO een eenmalige storting door het moederdepartement ter vorming van een bestemmingsfonds.


X Noot
1

De leden van het Bestuur ACM vormen een ZBO. De uitgaven voor dit ZBO zijn geraamd op beleidsartikel 1.


X Noot
1

De leden van het Bestuur ACM vormen een ZBO. De uitgaven voor dit ZBO zijn geraamd op beleidsartikel 1.

Naar boven