De ondergetekende stelt het volgende amendement voor:
In artikel 1 Versterkte internationale rechtsorde van de departementale begrotingsstaat worden het verplichtingenbedrag en het uitgavenbedrag
verhoogd met € 500 (x € 1.000).
Toelichting
Dit amendement beoogt accountability en normherstel te bevorderen voor het internationaal
humanitair recht, dat onder grote druk staat. Dit blijkt in het bijzonder uit het
snel toenemend aantal aanvallen op zorg- en hulpverleners in situaties van gewapend
geweld wereldwijd, zoals o.a. benoemd in rapportages van de Wereld Gezondheidsorganisatie
en Artsen zonder Grenzen. Ook de Adviesraad Internationaal Vraagstukken (AIV) en de
Commissie voor Advies Volkenrechtelijke Vraagstukken (CAVV) schreven hierover in het
recent verschenen briefadvies «Hulp onder Vuur». De ruimte om mensen in nood humanitaire,
soms levensreddende, bijstand te verlenen neemt daarmee in ernstige mate af. Zonder
hulpverleners kan er geen humanitaire hulp zijn.
Onafhankelijk onderzoek naar schendingen en het verzamelen van data en bewijs zijn
voorwaarden voor accountability in brede zin, waaronder het voorkomen van straffeloosheid
door strafvervolging, en dragen bij aan normherstel, ook wanneer vervolging op korte
termijn uitblijft. Er zijn op dit moment wereldwijd nauwelijks gevallen bekend van
vervolging wegens aanvallen op hulpverleners, laat staan van veroordelingen, terwijl
aanvallen op humanitair hulpverleners wereldwijd enorm toenemen. Straffeloosheid verlaagt
de drempel voor nieuwe aanvallen op hulpverleners. Terwijl sinds de jaren »90 vooruitgang
is geboekt met de vervolging van internationale misdrijven, geldt dit niet voor geweld
tegen hulpverleners.
AIV en CAVV constateren dat bestaande monitoring en onderzoeksmechanismen onvoldoende
functioneren, dat onderzoeken vaak niet transparant of verifieerbaar zijn, en dat
dit direct bijdraagt aan structurele straffeloosheid voor geweld tegen hulpverleners.
Dit amendement beoogt daarom structureel € 500.000 extra vrij te maken voor het Bureau
van de VN-Hoge Commissaris voor de Mensenrechten (OHCHR) ten behoeve van het versterken
van de accountability voor schendingen van het internationaal humanitair recht, in
het bijzonder voor geweldpleging tegen medische en humanitaire hulpverlening in situaties
van gewapend conflict. Het bedrag dient ten gunste te komen van de zogenoemde «Inquiries
Branch» dat ondersteuning biedt aan de verschillende bestaande onderzoeks- en rapportage-mechanismen
die het Bureau ter beschikking staan.
De mensenrechtenmechanismen van het Bureau van de OHCHR spelen een belangrijke rol
bij monitoring en onderzoek naar schendingen, maar staat zwaar onder druk, onder andere
door afnemende financiering door donoren. Extra financiering stelt het OHCHR in staat
om onderzoeksmechanismen beter te ondersteunen met juridische expertise, data analyse
en systematische rapportage, en zo monitoring, opvolging en accountability te verbeteren.
Nederland is al een belangrijke donor van het OHCHR. Dit amendement beoogt de Nederlandse
rol verder te versterken op gebied van bescherming van zorg- en hulpverlening in gewapend
conflict, in lijn met artikel 90 uit de Grondwet, volgens welke de regering de internationale
rechtsorde dient te versterken. Daarnaast sluit dit amendement aan bij een oproep
vanuit de Tweede Kamer met betrekking tot motie Dobbe, Kamerstukken II 2025/26, 36 180, nr. 204, die hier al toe oproept.
Dekking wordt gehaald uit de BHO-begroting, specifiek uit artikel 5.4 Nog te verdelen
middelen. Hiervoor is een apart dekkingsamendement ingediend.
Dobbe