Aan de Voorzitter van de Eerste Kamer der Staten-Generaal
Den Haag, 17 februari 2026
De vaste commissies voor Digitalisering en Economische Zaken/Klimaat en Groene Groei
hebben momenteel een tweetal EU-verordeningsvoorstellen in behandeling die onderdeel
uitmaken van een breder digitaal pakket. Het betreft:
-
• COM(2025)836 Verordening van het Europees Parlement en de Raad tot wijziging van de Verordeningen
(EU) 2024/1689 en (EU) 2018/1139 wat betreft vereenvoudiging van de uitvoering van
geharmoniseerde regels betreffende artificiële intelligentie (Digitale omnibus inzake AI)
en
-
• COM(2025)837 Verordening van het Europees Parlement en de Raad tot wijziging van Verordeningen
(EU) 2016/679, (EU) 2018/1724, (EU) 2018/1725 en (EU) 2023/2854 en Richtlijnen 2002/58/EC,
(EU) 2022/2555 en (EU) 2022/2557 wat betreft de vereenvoudiging van het digitale wetgevingskader
en tot intrekking van de Verordeningen (EU) 2018/1807, (EU) 2019/1150, (EU) 2022/868
en Richtlijn (EU) 2019/1024 (digitale omnibus),
sedert 19 januari 2026 door de Europese Commissie gepubliceerd in alle officiële EU-talen.
De commissies zijn van oordeel dat deze verordeningsvoorstellen, gepresenteerd als
technische aanpassingen met het oog op het verminderen van regeldruk, vereenvoudiging
van de uitvoering en versterking van het concurrentievermogen van de EU, het risico
in zich dragen dat afbreuk wordt gedaan aan de bescherming van fundamentele rechten,
waaronder privacyrechten en non-discriminatie, en andere te behartigen publieke belangen.
Ook het wijzigen van bevoegdheden van de Europese Commissie t.a.v. uitvoeringshandelingen
en organisatorische maatregelen, zoals het aanwijzen van een Europees meldpunt m.b.t
cyberincidenten en de rol van toezichthouders en de taakafbakening met het nieuwe
AI Office verdient een zorgvuldige behandeling.
Gegeven het feit dat de voorstellen zijn gepubliceerd zonder begeleidende impact assessments
en zonder advies van de European Data Protection Supervisor (EDPS) en de European
Data Protection Board (EDPB) is de Eerste Kamer naar het oordeel van de commissies
niet goed in staat om de voorstellen te beoordelen op doeltreffendheid, noodzakelijkheid,
evenredigheid en verenigbaarheid met bestaande (inter)nationale wetgeving. Niet alleen
op Europees niveau, maar ook op nationaal niveau ontbreekt het aan onderbouwde inzichten
wat de gevolgen (juridisch, beleidsmatig, uitvoerings- en toezichtpraktijk) zijn van
de voornemens.
Daarom achten zij de voorstellen van zodanig politiek belang dat de Kamer over de
behandeling daarvan op bijzondere wijze dient te worden geïnformeerd. Derhalve stellen
de commissies de Kamer voor een parlementair behandelvoorbehoud bij de voorstellen
te plaatsen als bedoeld in artikel 4 van de Rijkswet houdende goedkeuring van het
Verdrag van Lissabon.
De commissies achten overleg met de regering over het bijzondere politieke belang
van de voorstellen bijzonder wenselijk. In dit overleg kunnen afspraken worden gemaakt
over de wijze van informatieverstrekking door de regering, over het verloop van de
onderhandelingen en van de wetgevingsprocedure alsmede over een eventueel vervolgoverleg.
Ik verzoek u het voorstel van de commissies ter besluitvorming aan de Kamer voor te
leggen. Indien de Kamer het voorstel aanvaardt, zullen de commissies conform artikel
112 van het Reglement van Orde met de verantwoordelijke bewindspersoon overleg voeren
over het bijzonder politieke belang van het voorstel.
De voorzitter van de vaste commissie voor Digitalisering, G.V.M. Veldhoen
De voorzitter van de commissie Economische Zaken / Klimaat en Groene Groei, S.M. Kluit