Kamerstuk
| Datum publicatie | Organisatie | Vergaderjaar | Dossier- en ondernummer |
|---|---|---|---|
| Tweede Kamer der Staten-Generaal | 2025-2026 | 36863 nr. 10 |
Zoals vergunningen, bouwplannen en lokale regelgeving.
Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties.
U bent hier:
| Datum publicatie | Organisatie | Vergaderjaar | Dossier- en ondernummer |
|---|---|---|---|
| Tweede Kamer der Staten-Generaal | 2025-2026 | 36863 nr. 10 |
Ontvangen 8 juni 2026
De ondergetekende stelt het volgende amendement voor:
I
In artikel I, onderdeel B, wordt het voorgestelde artikel J 28b als volgt gewijzigd:
1. Voor het eerste lid wordt een lid ingevoegd, luidende:
01. De kiezer maakt in het stemhokje aan het lid van het stembureau dat de bijstand verleent mondeling, schriftelijk of door de stemvoorkeur op het stembiljet aan te wijzen duidelijk hoe deze zijn stemrecht uit wenst te oefenen. Indien dit gebeurt door een schriftelijke mededeling kan deze mededeling alleen gedaan worden door de stemvoorkeur in het stemhokje op te schrijven op een door het lid van het stembureau ter beschikking gesteld blanco papier.
2. Er wordt een lid toegevoegd, luidende:
3. Na het uitbrengen van de stem maakt het lid van het stembureau dat de bijstand heeft verleend de schriftelijke mededeling als bedoeld in lid 01 onbruikbaar en doet deze in een daartoe bestemde enveloppe.
II
Na artikel I, onderdeel B, wordt een onderdeel toegevoegd, luidende:
C
Aan artikel N 2, eerste lid, wordt, onder vervanging van de punt aan het slot van onderdeel e door een puntkomma, een onderdeel toegevoegd, luidende:
f. de enveloppe met de onbruikbaar gemaakte schriftelijke mededelingen, bedoeld in artikel J 28b, derde lid.
Dit amendement stelt nadere voorwaarden aan het te doorlopen proces van het verlenen van bijstand in het stemhokje, teneinde het stemgeheim en de stemvrijheid beter te kunnen waarborgen.
In het rapport «Stemmen met vertrouwen» van de Adviescommissie Inrichting verkiezingsproces1 uit 2007 zijn de waarborgen waaraan ons verkiezingsproces moet voldoen beschreven. Deze waarborgen worden sindsdien gehanteerd in de wetgeving die betrekking heeft op het verkiezingsproces. Een van de waarborgen is het stemgeheim dat als volgt wordt gedefinieerd: «Het moet onmogelijk zijn om een verband te leggen tussen de identiteit van de persoon die de stem uitbrengt en de inhoud van de uitgebrachte stem. Het proces moet zodanig zijn ingericht, dat het onmogelijk is de kiezer te laten aantonen hoe hij of zij gestemd heeft.»
Indiener is van mening dat in het wetsvoorstel nog onvoldoende aandacht is gegeven aan het waarborgen van het stemgeheim. Hulp vragen aan het stembureau heeft tot gevolg dat de kiezer zijn stemgeheim prijs moet geven. Naar oordeel van de indiener dient het proces dan echter zo ingericht te worden dat de stemvrijheid van de kiezer niet meer onder druk komt te staan dan in huidige stemproces.
In het wetsvoorstel wordt niet geregeld hoe een kiezer die gebruik maakt van de algemene mogelijkheid tot bijstand in het stemhokje verwacht wordt zijn of haar stemintentie tot uitdrukking te brengen. In de memorie van toelichting staat slechts dat het «Essentieel is dat de kiezer ondubbelzinnig duidelijk kan maken hoe hij van zijn kiesrecht gebruik wil maken. Dit doet de kiezer door de naam van de partij en de kandidaat duidelijk tot uitdrukking te brengen, of door duidelijk te maken dat hij een blanco stem wil uitbrengen. Bijvoorbeeld mondeling, door dit op te schrijven, in gebarentaal of door de partij en de kandidaat aan te wijzen (zoals op het stembiljet, op een foto, in een folder of in een krant).»
Onduidelijk is of het is toegestaan dat een kiezer een buiten het stembureau ingevulde schriftelijke weergave van zijn stemvoorkeur kan geven aan het lid van het stembureau dat de bijstand in het stemhokje verleent. Hierover mag volgens de indiener geen misverstand bestaan. Als dit zou worden toegestaan, dan wordt de mogelijkheid gecreëerd om de kiezer te dwingen om een schriftelijke weergave van zijn stemvoorkeur mee te nemen naar het stembureau, waarbij het lid van het stembureau geen andere keuze heeft dan te faciliteren dat de stem zo wordt uitgebracht. Doordat het wettelijk is toegestaan om de stemming in een stembureau waar te nemen, kan gecontroleerd worden of de kiezer die onder druk gezet wordt daadwerkelijk de vooraf ingevulde schriftelijke weergave van de stemvoorkeur aan het lid van het stembureau overhandigt. Naar oordeel van de indiener vormt dit een bedreiging voor de stemvrijheid van de kiezer.
Dit amendement regelt dat de kiezer die gebruik maakt van de mogelijkheid tot bijstand in het stemhokje in het stemhokje mondeling tot uitdrukking moet brengen op welke lijst en op welke kandidaat hij wil stemmen. De kiezer kan ook op schrift kenbaar maken wat zijn keuze is of door op het stembiljet aan te wijzen op welke kandidaat hij wil stemmen.
Voorts wordt met dit amendement vastgelegd dat de schriftelijke uiting van de stemvoorkeur alleen kenbaar gemaakt kan worden op een blanco papier dat het lid van het stembureau in het stemhokje aan de kiezer beschikbaar stelt. Hiermee wordt een extra waarborg ingebouwd tegen stemdwang, doordat de kiezer aan wie bijstand verleend wordt in het stemhokje alsnog kan afwijken van de vooraf ingevulde schriftelijke weergave van de stemvoorkeur. Ook regelt het amendement dat het papier waarop de kiezer heeft geschreven op welke lijst en kandidaat hij wil stemmen door het lid van het stembureau ingenomen wordt. Daarmee wordt invulling gegeven aan dat deel van de stemvrijheid dat er op ziet dat het onmogelijk is dat kiezer na het uitbrengen van zijn stem aan kan tonen hoe hij gestemd heeft. Ook wordt geregeld dat het lid van het stembureau het papier deponeert in een daarvoor bestemde enveloppe. De enveloppe wordt bij de sluiting van de stemming door het stembureau verzegeld. Hiermee wordt aangesloten bij de procedure die reeds geldt in het geval dat een kiezer het stembiljet teruggeeft aan het stembureau als de kiezer zich heeft vergist, conform artikel J 27, tweede lid, van de Kieswet.
T. van den Brink
Kopieer de link naar uw clipboard
https://zoek.officielebekendmakingen.nl/kst-36863-10.html
De hier aangeboden pdf-bestanden van het Staatsblad, Staatscourant, Tractatenblad, provinciaal blad, gemeenteblad, waterschapsblad en blad gemeenschappelijke regeling vormen de formele bekendmakingen in de zin van de Bekendmakingswet en de Rijkswet goedkeuring en bekendmaking verdragen voor zover ze na 1 juli 2009 zijn uitgegeven. Voor pdf-publicaties van vóór deze datum geldt dat alleen de in papieren vorm uitgegeven bladen formele status hebben; de hier aangeboden elektronische versies daarvan worden bij wijze van service aangeboden.