36 810 Uitvoering van verordening (EU) 2022/1031 van het Europees Parlement en de Raad van 23 juni 2022 over toegang van ondernemers, goederen en diensten uit derde landen tot de aanbestedings- en concessiemarkten van de Unie en procedures ter ondersteuning van onderhandelingen over toegang van ondernemers, goederen en diensten uit de Unie tot de aanbestedings- en concessiemarkten van derde landen (Instrument voor Internationale Overheidsopdrachten – IIO) (PbEU 2022, L 173)

A VERSLAG VAN DE VASTE COMMISSIE VOOR ECONOMISCHE ZAKEN / KLIMAAT EN GROENE GROEI1

Vastgesteld 24 april 2026

Het voorliggende wetsvoorstel heeft de leden van de BBB-fractie aanleiding gegeven tot het maken van de volgende opmerking en het stellen van de volgende vragen.

Vragen en opmerkingen van de leden van de fractie van BBB

De verordening stelt dat lokale aanbestedende diensten in gemeenten met minder dan 50.000 inwoners vrijgesteld kunnen worden van de toepassing van deze verordening.2 Daaraan wordt echter een zeer complexe voorwaarde gekoppeld, die betrekking heeft op het percentage van de totale waarde van opdrachten binnen de gehele lidstaat. De fractieleden van de BBB vragen hoe u er in de praktijk voor zult zorgen dat plattelandsgemeenten eenvoudig gebruik kunnen maken van de vrijstelling. Deze leden ontvangen hierop graag een toelichting.3

Hoe wordt voorkomen dat als gevolg van deze wet lokale mkb-ondernemers straks via uittreksels, monsters en foto’s de «oorsprong» van hun diensten of goederen moeten bewijzen?4

Een winnende aannemer mag niet meer dan 50% van de totale waarde van de opdracht uitbesteden aan ondernemers van oorsprong uit een derde land waarvoor een IIO-maatregel geldt.5 Hoe wordt dit gehandhaafd? Als de aannemer deze eis niet naleeft, volgt er een evenredige boete van 10% tot 30% van de totale opdrachtwaarde.6 Wie gaat deze boetes juridisch afdwingen en innen en hoe hoog schat u het risico in dat aannemers deze juridische risico’s standaard gaan doorberekenen?

Om te bepalen waar een bedrijf écht vandaan komt, moet de aanbesteder juridisch uitpluizen wie er «direct of indirect een overheersende invloed» uitoefent op het bedrijf, bijvoorbeeld wie het bestuur aanwijst of de aandelen heeft.7 Hoe moet de aanbestedende partij dit gaan aantonen?

Artikel 9 van de verordening bevat een uitzonderingsclausule die ruimte biedt voor afwijking, waarbij kan worden volstaan met een melding van die uitzondering.8 De leden van de BBB-fractie stellen concreet de vraag aan welke inhoudelijke, vormelijke en kwalitatieve eisen een dergelijke uitzonderingsmelding moet voldoen. Deze leden zouden graag geen algemeen, maar een gedetailleerd antwoord ontvangen.

Aanbestedende diensten mogen de regels bij wijze van uitzondering naast zich neerleggen bij gebrek aan alternatieven, of vanwege «dwingende redenen van algemeen belang zoals volksgezondheid of bescherming van het milieu.»9 Hoe wordt misbruik van de uitzonderingsregels voorkomen?

Als een gemeente besluit een uitzondering toe te passen, moet dit binnen dertig dagen gemeld worden aan de Europese Commissie, inclusief een «gedetailleerde rechtvaardiging».10 Ook moet dit worden gerapporteerd via het elektronische systeem van de EU.11 Hebben de gemeenten hiervoor voldoende capaciteit beschikbaar? Gaat dit niet ten koste van andere taken? Heeft hierover afstemming plaatsgevonden met de VNG en het IPO?

Een aanbestedende dienst of instantie kan een ondernemer op elk moment in de procedure verzoeken documentatie over de oorsprong te verstrekken of aan te vullen. Indien de ondernemer geen «redelijke uitleg» geeft, wordt hij van verdere deelname aan de procedure uitgesloten.12 Zorgt deze regel niet voor willekeur en een toename van het aantal juridische beroepsprocedures? Deze leden ontvangen hierop graag een toelichting.

Deze strafmaatregelen (IIO-maatregelen) gelden pas bij aanbestedingen vanaf 15 miljoen euro voor werken en concessies en 5 miljoen euro voor goederen en diensten.13 Wat betekent dit voor de regionale aanbestedingsmarkt voor het kleinere mkb? Zijn hier (Europese) plannen voor? Deze leden ontvangen hierop graag een toelichting.

De leden van de vaste commissie voor Economische Zaken / Klimaat en Groene Groei zien de nota naar aanleiding van het verslag – bij voorkeur binnen vier weken – met belangstelling tegemoet.

De voorzitter van de vaste commissie voor Economische Zaken / Klimaat en Groene Groei, Kluit

De griffier van de vaste commissie voor Economische Zaken / Klimaat en Groene Groei, Karthaus


X Noot
1

Samenstelling:

Van Aelst-den Uijl (SP), Van Ballekom (VVD), Baumgarten (JA21), Beukering (Fractie-Beukering), Bovens (CDA), Crone (GroenLinks-PvdA), Dessing (FVD), Van Gasteren (Fractie-Van Gasteren), Van der Goot (OPNL), Van Gurp (GroenLinks-PvdA), Holterhues (ChristenUnie), Karaaslan-Kilic (D66), Kluit (GroenLinks-PvdA) (voorzitter), Kroon (BBB), Van Langen-Visbeek (BBB) (ondervoorzitter), Van Meenen (D66), Panman (BBB), Perin-Gopie (Volt), Petersen (VVD), Prins (CDA), Van Rooijen (50PLUS), Van de Sanden (Fractie-Van de Sanden), Schalk (SGP), Straus (VVD), Van Strien (PVV), Thijsssen (GroenLinks-PvdA), Visseren-Hamakers (Fractie-Visseren-Hamakers), Walenkamp (Fractie-Walenkamp)

X Noot
2

Artikel 7 lid 1 IIO-verordening (EU) 2022/1031.

X Noot
3

Artikel 7 lid 2 IIO-verordening (EU) 2022/1031.

X Noot
4

Artikel 3 IIO-verordening (EU) 2022/1031.

X Noot
5

Artikel 8 lid 1 sub a IIO-verordening (EU) 2022/1031.

X Noot
6

Artikel 8 lid 1 sub d IIO-verordening (EU) 2022/1031.

X Noot
7

Artikel 3 lid 1 sub b, onder ii IIO-verordening (EU) 2022/1031.

X Noot
8

Artikel 9 IIO-verordening (EU) 2022/1031.

X Noot
9

Artikel 9 lid 1 IIO-verordening (EU) 2022/1031.

X Noot
10

Artikel 9 lid 2 IIO-verordening (EU) 2022/1031 jo. Artikel 9 lid 2, sub d IIO-verordening (EU) 2022/1031.

X Noot
11

Artikel 13 lid 2 IIO-verordening (EU) 2022/1031

X Noot
12

Artikel 3 lid 3 IIO-verordening (EU) 2022/1031.

X Noot
13

Artikel 6 lid 4 IIO-verordening (EU) 2022/1031.


X Noot
1

Samenstelling:

Van Aelst-den Uijl (SP), Van Ballekom (VVD), Baumgarten (JA21), Beukering (Fractie-Beukering), Bovens (CDA), Crone (GroenLinks-PvdA), Dessing (FVD), Van Gasteren (Fractie-Van Gasteren), Van der Goot (OPNL), Van Gurp (GroenLinks-PvdA), Holterhues (ChristenUnie), Karaaslan-Kilic (D66), Kluit (GroenLinks-PvdA) (voorzitter), Kroon (BBB), Van Langen-Visbeek (BBB) (ondervoorzitter), Van Meenen (D66), Panman (BBB), Perin-Gopie (Volt), Petersen (VVD), Prins (CDA), Van Rooijen (50PLUS), Van de Sanden (Fractie-Van de Sanden), Schalk (SGP), Straus (VVD), Van Strien (PVV), Thijsssen (GroenLinks-PvdA), Visseren-Hamakers (Fractie-Visseren-Hamakers), Walenkamp (Fractie-Walenkamp)

X Noot
2

Artikel 7 lid 1 IIO-verordening (EU) 2022/1031.

X Noot
3

Artikel 7 lid 2 IIO-verordening (EU) 2022/1031.

X Noot
4

Artikel 3 IIO-verordening (EU) 2022/1031.

X Noot
5

Artikel 8 lid 1 sub a IIO-verordening (EU) 2022/1031.

X Noot
6

Artikel 8 lid 1 sub d IIO-verordening (EU) 2022/1031.

X Noot
7

Artikel 3 lid 1 sub b, onder ii IIO-verordening (EU) 2022/1031.

X Noot
8

Artikel 9 IIO-verordening (EU) 2022/1031.

X Noot
9

Artikel 9 lid 1 IIO-verordening (EU) 2022/1031.

X Noot
10

Artikel 9 lid 2 IIO-verordening (EU) 2022/1031 jo. Artikel 9 lid 2, sub d IIO-verordening (EU) 2022/1031.

X Noot
11

Artikel 13 lid 2 IIO-verordening (EU) 2022/1031

X Noot
12

Artikel 3 lid 3 IIO-verordening (EU) 2022/1031.

X Noot
13

Artikel 6 lid 4 IIO-verordening (EU) 2022/1031.

Naar boven