Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal
Den Haag, 15 december 2025
De Comptabiliteitswet schrijft voor dat alle majeure wijzigingen die na de tweede
suppletoire begroting zijn opgetreden, uiterlijk drie dagen voor aanvang van het Kerstreces
gemeld moeten worden aan beide Kamers der Staten-Generaal. Hierbij informeer ik uw
Kamer over zaken die bij de realisatie van de begroting 2025 raken aan het artikelniveau
in de begroting van het Ministerie van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening (XXII)
voor zowel de verplichtingen, de uitgaven als de ontvangsten.
De hieronder genoemde onderwerpen hebben zich voorgedaan na de besluitvorming over
de Najaarsnota 2025 en maken geen onderdeel uit van de tweede suppletoire begrotingen
2025. De onderwerpen zullen als onderdeel van de realisatie van de begroting 2025,
in de Slotwet 2025 worden verwerkt.
Overboekingen Btw-compensatiefonds
Medeoverheden kunnen – indien zij voldoen aan bepaalde voorwaarden – de door hen betaalde
btw terugvragen via het Btw-compensatiefonds (BCF). Pas na het toekennen van de jaarlijkse
aanvragen kan bepaald worden welk bedrag overgeboekt moet worden naar het BCF. Daarom
vinden er bij Slotwet 2025 op de volgende regelingen nog overboekingen plaats naar
het BCF:
Artikel 1: Woningmarkt
-
– Woningbouwimpuls (€ 1,23 mln.)
-
– Woningbouwversnelling Metropoolregio Eindhoven (WMRE) (€ 2,59 mln.)
-
– Regeling Huisvesting Aandachtsgroepen (RHA) (€ 0,8 mln.)
-
– Gebiedsbudget (€ 2,07 mln.)
Artikel 3: Ruimtelijke Ordening en Omgevingswet
-
– Diverse projecten ruimtelijke kwaliteit (€ 0,14 mln.)
-
– Regiodeals (€ 9,82 mln.)
Artikel 1 Woningmarkt
Artikelonderdeel 1.1 Woningmarkt
Uitvoering huurtoeslag (inkomensoverdrachten en ontvangsten)
Tot en met oktober blijven de verplichtingen, verstrekte voorschotten en de nabetalingen
van de huurtoeslag per saldo circa € 100 mln. achter op de raming voor 2025. Bij de
ontvangsten komen de invorderingen circa € 10 mln. hoger uit. Hoe de huurtoeslag voor
heel 2025 uitkomt is nog niet bekend. Het beeld kan de laatste maanden nog wijzigen,
onder andere door nieuwe aanvragen. Definitieve cijfers worden in januari gedeeld.
De genoemde bedragen zijn daarom indicatief.
Artikelonderdeel 1.2 Woningbouw
RVB Flexwoningen
Door vertraagde plaatsing van de door het RVB ingekochte flexwoningen wordt er naar
verwachting minimaal € 6 mln. minder aan uitgaven gerealiseerd dan in de tweede suppletoire
begroting is geprognosticeerd. De uitgavenraming wordt daarom bijgesteld met ditzelfde
bedrag.
Grootschalige Rijksprojecten
Door vertraging binnen project Zuiderhage in Lelystad, dat uitgevoerd wordt door het
RVB, wordt er op basis van de huidige verwachtingen circa € 11 mln. minder aan uitgaven
gerealiseerd dan tijdens het najaar is geprognosticeerd op dit project. Daarom wordt
de uitgavenraming ook met dit bedrag verlaagd.
Ontvangsten
Op artikel 1 komen er ca. € 8 mln. minder ontvangsten binnen dan in de tweede suppletoire
begroting is geprognosticeerd. Dit komt door de vertraagde plaatsing van de door het
Rijksvastgoedbedrijf ingekochte flexwoningen. Daarnaast wordt een betaling verwacht
vanuit het Rijksvastgoedbedrijf van ca. € 47 mln. waarvan niet zeker is of de administratieve
afhandeling in 2025 wordt afgerond. Dit betreft de verrekening van de opbrengst van
de verkochte flexwoningen in 2025.
Artikel 3 Ruimtelijke Ordening en Omgevingswet
Ontvangsten
Enkele ontvangsten met betrekking tot de DSO-LV en beleid met betrekking tot ruimtelijke
ordening zijn vertraagd (maximaal € 10,3 mln.). De niet ontvangen ontvangsten schuiven
door naar 2026.
De Minister van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening,
M.C.G. Keijzer