De Kamer,
gehoord de beraadslaging,
constaterende dat de heer Ruud Koornstra op 8 december in een uitzending van De Nieuwe
Wereld heeft onthuld dat hem, nadat hij met oud-premier Rutte had gesproken over een
middel dat mogelijk werkzaam kan zijn tegen corona, door coronagezant Feike Sijbesma
en arts Diederik Gommers verteld is dat zo'n middel niet opportuun zou zijn omdat,
geparafraseerd, «alles wat hoop geeft op medicijnen nu even de kop moet worden ingedrukt,
want het is belangrijker dat iedereen nu een vaccinatie krijgt; de dollartekens in
de ogen van de farmacie zijn ook best groot»;
overwegende dat, indien dit klopt, en dat is de vraag, dit bijzonder zorgelijk is
omdat dit zou betekenen dat niet de volksgezondheid het uitgangspunt was van het vaccinatiebeleid,
maar het zetten van zo veel mogelijk vaccins en de financiële belangen van de farmaceutische
industrie;
overwegende dat een Minister van Volksgezondheid die daadwerkelijk de volksgezondheid
centraal stelt vanzelfsprekend na zo'n onthulling onmiddellijk actie onderneemt en
op zijn minst de drie direct betrokkenen, namelijk de heer Koornstra, Diederik Gommers
en de heer Sijbesma, hierover zou spreken en hierover aan de Kamer zou rapporteren;
constaterende dat deze Minister van Volksgezondheid dit alles weigert te doen;
constaterende dat deze Minister zelfs weigert, in strijd met artikel 68 van de Grondwet,
om, hiernaar gevraagd, de brief die de heer Koornstra hierover aan VWS heeft gestuurd
en het antwoord van VWS op deze brief naar de Tweede Kamer te sturen;
zegt het vertrouwen op in de Minister van VWS,
en gaat over tot de orde van de dag.
Van Houwelingen