36 800 VII Vaststelling van de begrotingsstaten van het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (VII) voor het jaar 2026

Nr. 43 MOTIE VAN DE LEDEN TIJS VAN DEN BRINK EN BOELSMA-HOEKSTRA

Voorgesteld 5 februari 2026

De Kamer,

gehoord de beraadslaging,

constaterende dat decentrale politieke partijen een belangrijk onderdeel zijn van onze democratie, maar in tegenstelling tot landelijke lokale politieke partijen geen financiering ontvangen;

constaterende dat met de Wet op de politieke partijen er voorzien zal worden in deze financiering en dat het geld hiervoor daarom al gereserveerd is;

overwegende dat het conform het voorstel van de VNG uitvoerbaar is om dit geld via een tijdelijke, eenmalige, subsidieregeling aan lokale politieke partijen uit te keren;

verzoekt de regering subsidiëring voor decentrale politieke partijen mogelijk te maken, vooruitlopend op de Wet op de politieke partijen, aangezien de middelen hiervoor reeds beschikbaar zijn;

verzoekt de regering de Kamer daarbij eveneens te informeren over welke verplichtingen decentrale politieke partijen daarbij moeten aangaan rondom transparantie van financiën en kandidaatstellingsprocedures gedurende deze overbruggingsperiode,

en gaat over tot de orde van de dag.

Tijs van den Brink

Boelsma-Hoekstra

Naar boven