36 800 A Vaststelling van de begrotingsstaat van het Mobiliteitsfonds voor het jaar 2026

B VERSLAG VAN DE VASTE COMMISSIE VOOR INFRASTRUCTUUR EN WATERSTAAT / VOLKSHUISVESTING EN RUIMTELIJKE ORDENING1

Vastgesteld 28 april 2026

1. Inleiding

Met belangstelling hebben de leden van de BBB-fractie kennisgenomen van de begroting Mobiliteitsfonds. Graag stellen zij nog een aantal vragen aan de regering. De leden van de CDA-fractie sluiten zich bij deze vragen aan.

De leden van de SP-fractie hebben kennisgenomen van de begroting van het Mobiliteitsfonds 2026 en de bijhorende stukken. Zij hebben hier enkele vragen over.

2. Vragen en opmerkingen van de BBB-fractie

De leden van de BBB-fractie wensen de volgende vragen aan de regering te stellen.

1.

In het Meerjarenprogramma Infrastructuur, Ruimte en Transport (MIRT) vloeien miljarden naar projecten in de Randstad, zoals het Zuidasdok, terwijl er voor cruciale regionale aders zoals de N36, de flessenhals Meppel-Zwolle en de N50 bij Kampen gevochten moet worden voor enkele miljoenen. Is de regering van mening dat de uitgaven aan infrastructuur in de regio en de Randstad voldoende in balans zijn? Graag ontvangen deze leden een gemotiveerd antwoord waarin ook aandacht is voor brede welvaart en het rapport «Elke regio telt».

2.

Wanneer gaat de regering aan de slag met knooppunt Hoevelaken en wordt er wel of niet versneld geïnvesteerd in de verbreding van de A28 richting Noord-Nederland? Graag ontvangen deze leden een toelichting met de afwegingen.

3.

De BBB-fractie heeft in de Tweede Kamer in de Voorjaarsnota gestreden voor 1,9 miljard voor de Nedersaksenlijn en gezorgd dat er geld voor de Lelylijn behouden bleef. Is de regering bereid om de Lelylijn op korte termijn realistisch en gefaseerd te gaan aanleggen, te beginnen met het traject Groningen-Drachten? Graag ontvangen de leden van de BBB-fractie een toelichting.

4.

In provincies als Friesland, Groningen en Drenthe dreigt een tegenvaller voor het regionale vervoer door kortingen op het studenten-ov. Op het platteland is het openbaar vervoer geen alternatief voor de auto. Hoe gaat deze regering ervoor zorgen dat er ook in de regio weer voldoende bussen of treinen rijden?

5.

De havenkade van Terschelling verkeert in slechte staat waardoor de ondernemers, de bevoorrading en de toerismesector gevaar lopen. Is de regering hiermee bekend en, zo ja, wat gaat de regering hieraan doen?

6.

Mede dankzij de BBB-fractie in de Tweede Kamer is er voldoende geld geregeld voor de verbreding van de sluis bij Kornwerderzand. Kan de regering aangeven wanneer met dit project gestart gaat worden?

7.

De totale onderhoudsachterstand bij onze infrastructuur bedraagt inmiddels circa € 34,5 miljard (bron: RWS) en neemt verder toe. Wat zijn de mogelijke gevolgen hiervan voor de lokale economie en met name de regionale landbouw- en transportsector? Graag ontvangen deze leden een toelichting.

8.

Is er voldoende capaciteit beschikbaar voor de ambities in deze begroting? Kan de regering de plannen delen die klaarliggen om de capaciteit te vergroten?

9.

Voor het hoofdwegennet (artikel 12) is circa € 1,5 miljard opgenomen. Kan de regering concreet aangeven welk deel hiervan juridisch uitvoerbaar is gezien de stikstofproblematiek, en hoeveel projecten risico lopen op vertraging?

10.

Voor de regionale infrastructuur is circa € 600 miljoen voorzien. Acht de regering dit voldoende om de bereikbaarheid van krimpregio’s en plattelandsgebieden structureel te verbeteren?

11.

Voor het hoofdvaarwegennet is ongeveer € 900 miljoen voorzien. Welk deel van dit budget wordt ingezet voor onderhoud van kleinere regionale vaarwegen die van belang zijn voor lokale economieën?

12.

In artikel 11 van het Mobiliteitsfonds (verkenningen, reserveringen en investeringsruimte) zit nog beleidsruimte. Hoeveel van de circa € 1 miljard is al feitelijk geclaimd door prijsstijgingen en tegenvallers en hoeveel is nog echt vrij inzetbaar?

13.

Kan de regering aangeven hoeveel bushaltes en lijnen in landelijke gebieden in 2026 gaan verdwijnen en welke alternatieven daar tegenover staan?

14.

Hoe wordt de bereikbaarheid van agrarische gebieden verbeterd, bijvoorbeeld in de Veenkoloniën en op de Zeeuwse eilanden?

15.

Worden er specifieke investeringen gedaan in landbouwroutes en zware transportverbindingen buiten stedelijke gebieden?

16.

Welk bedrag is gereserveerd voor mobiliteitshubs en deelvervoer in dorpen, en waar worden deze gerealiseerd? Kan de regering voorbeelden geven van pilots in regio’s (bijvoorbeeld in Drenthe of Friesland) en de resultaten daarvan?

17.

Wat zijn de meetbare effecten van de begroting op reistijd en bereikbaarheid voor inwoners buiten de Randstad?

18.

Welke regio’s gaan er in 2026 aantoonbaar op vooruit qua bereikbaarheid en welke blijven achter?

3. Vragen en opmerkingen van de SP-fractie

De leden van de SP-fractie merken op dat ProRail en Rijkswaterstaat regelmatig alarm slaan over de financiële tekorten voor wegen- en spooronderhoud. Uit onderzoek van de Algemene Rekenkamer blijkt ook dat de tekorten groot zijn, zo’n € 20,5 miljard tot 2038 voor wegenonderhoud en € 1,8 miljard voor spooronderhoud.2 Deze leden vragen de regering daarom welke stappen zij gaat nemen om deze financiële tekorten te dichten en op welke termijn dit plaats zal vinden.

De vaste commissie voor Infrastructuur en Waterstaat / Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening ziet met belangstelling uit naar de nota naar aanleiding van het verslag en ontvangt deze graag binnen vier weken na vaststelling van dit verslag.

De voorzitter van de vaste commissie voor Infrastructuur en Waterstaat / Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening, Lievense

De griffier van de vaste commissie voor Infrastructuur en Waterstaat / Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening, Dragstra


X Noot
1

Samenstelling:

Van Aelst-Den Uijl (SP), Baumgarten (JA21), Beukering (Fractie-Beukering), Croll (D66), Crone (GroenLinks-PvdA), Van Gasteren (Fractie-Van Gasteren), Van der Goot (OPNL), Hartog (Volt), Holterhues (ChristenUnie), Janssen-van Helvoort (GroenLinks-PvdA), Jaspers (BBB), Kanis (D66), Kemperman (FVD), Van Kesteren (PVV), Klip-Martin (VVD), Kluit (GroenLinks-PvdA), Van Langen-Visbeek (BBB), Lievense (BBB) (voorzitter), Van der Linden (VVD), Martens (GroenLinks-PvdA), Van Meenen (D66), Meijer (VVD), Nicolaï (PvdD), Rietkerk (CDA) (ondervoorzitter), Van Rooijen (50PLUS), Van de Sanden (Fractie-Van de Sanden), Thijssen (GroenLinks-PvdA), Visseren-Hamakers (Fractie-Visseren-Hamakers), De Vries (SGP), Walenkamp (Fractie-Walenkamp), Van Wijk (BBB)


X Noot
1

Samenstelling:

Van Aelst-Den Uijl (SP), Baumgarten (JA21), Beukering (Fractie-Beukering), Croll (D66), Crone (GroenLinks-PvdA), Van Gasteren (Fractie-Van Gasteren), Van der Goot (OPNL), Hartog (Volt), Holterhues (ChristenUnie), Janssen-van Helvoort (GroenLinks-PvdA), Jaspers (BBB), Kanis (D66), Kemperman (FVD), Van Kesteren (PVV), Klip-Martin (VVD), Kluit (GroenLinks-PvdA), Van Langen-Visbeek (BBB), Lievense (BBB) (voorzitter), Van der Linden (VVD), Martens (GroenLinks-PvdA), Van Meenen (D66), Meijer (VVD), Nicolaï (PvdD), Rietkerk (CDA) (ondervoorzitter), Van Rooijen (50PLUS), Van de Sanden (Fractie-Van de Sanden), Thijssen (GroenLinks-PvdA), Visseren-Hamakers (Fractie-Visseren-Hamakers), De Vries (SGP), Walenkamp (Fractie-Walenkamp), Van Wijk (BBB)

Naar boven