36 800 A Vaststelling van de begrotingsstaat van het Mobiliteitsfonds voor het jaar 2026

Nr. 56 MOTIE VAN HET LID VAN DER PLAS

Voorgesteld 26 maart 2026

De Kamer,

gehoord de beraadslaging,

constaterende dat tijdens de vervanging van de Gerrit Krolbrug in Groningen voor de tijdelijke overbrugging voor fiets- en voetgangersverkeer minimaal drie jaar nodig zal zijn;

constaterende dat er een alternatief plan ligt voor een gescheiden tijdelijke fiets- en voetgangersverbinding waarmee belemmeringen worden voorkomen en de kosten uitkomen op circa 6 miljoen in plaats van 11 miljoen;

overwegende dat infrastructuur niet alleen op kosten, maar ook op bereikbaarheid, leefbaarheid en economische gevolgen moet worden beoordeeld;

verzoekt de regering om de besluitvorming over de tijdelijke fiets- en voetgangersbrug bij de Gerrit Krolbrug te baseren op deze geactualiseerde gegevens en het alternatieve plan met gescheiden verbinding als uitgangspunt te nemen;

verzoekt de regering om de Kamer vóór het eerstvolgende commissiedebat over dit dossier te informeren over de uitkomst van deze herbeoordeling en de financiële en maatschappelijke afweging daarbij,

en gaat over tot de orde van de dag.

Van der Plas

Naar boven