Kamerstuk
| Datum publicatie | Organisatie | Vergaderjaar | Dossier- en ondernummer |
|---|---|---|---|
| Tweede Kamer der Staten-Generaal | 2025-2026 | 36785 nr. 10 |
Zoals vergunningen, bouwplannen en lokale regelgeving.
Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties.
U bent hier:
| Datum publicatie | Organisatie | Vergaderjaar | Dossier- en ondernummer |
|---|---|---|---|
| Tweede Kamer der Staten-Generaal | 2025-2026 | 36785 nr. 10 |
Ontvangen 27 mei 2026
De ondergetekende stelt het volgende amendement voor:
I
In artikel I, onderdeel B, onder 3, wordt in het voorgestelde derde lid, onder b, na «de mate van verwijtbaarheid» ingevoegd «en toerekenbaarheid».
II
In artikel I, onderdeel C, wordt in het voorgestelde artikel 17a, derde lid, onder b na «de mate van verwijtbaarheid» ingevoegd «en toerekenbaarheid».
III
In artikel II, onderdeel B, onder 2, wordt in het voorgestelde derde lid, onder b, na «de mate van verwijtbaarheid» ingevoegd «en toerekenbaarheid».
IV
In artikel II, onderdeel C, wordt in het voorgestelde artikel 39, derde lid, onder b, na «de mate van verwijtbaarheid» ingevoegd «en toerekenbaarheid».
V
In artikel III, onderdeel B, onder 2, wordt in het voorgestelde derde lid, onder b, na «de mate van verwijtbaarheid» ingevoegd «en toerekenbaarheid».
VI
In artikel III, onderdeel C, wordt in het voorgestelde artikel 17c, derde lid, onder b, na «de mate van verwijtbaarheid» ingevoegd «en toerekenbaarheid».
VII
In artikel IV, onderdeel C, onder 2, wordt in het voorgestelde zesde lid, onder b, na «de mate van verwijtbaarheid» ingevoegd «en toerekenbaarheid».
VIII
In artikel IV, onderdeel G, onder 2, wordt in het voorgestelde zesde lid, onder b, na «de mate van verwijtbaarheid» ingevoegd «en toerekenbaarheid».
IX
In artikel IV, onderdeel H, wordt in het voorgestelde artikel 47g, derde lid, onder b, na «de mate van verwijtbaarheid» ingevoegd «en toerekenbaarheid».
X
In artikel V, onderdeel B, wordt in het voorgestelde artikel 6ab, derde lid, onder b, na «de mate van verwijtbaarheid» ingevoegd «en toerekenbaarheid».
XI
In artikel V, onderdeel C, wordt in het voorgestelde artikel 6b, derde lid, onder b, na «de mate van verwijtbaarheid» ingevoegd «en toerekenbaarheid».
XII
In artikel VI, onderdeel B, onder 2, wordt in het voorgestelde derde lid, onder b, na «de mate van verwijtbaarheid» ingevoegd «en toerekenbaarheid».
XIII
In artikel VI, onderdeel C, wordt in het voorgestelde artikel 14a, derde lid, onder b, na «de mate van verwijtbaarheid» ingevoegd «en toerekenbaarheid».
XIV
In artikel IX, onderdeel B, onder 3, wordt in het voorgestelde vijfde lid, onder b, na «de mate van verwijtbaarheid» ingevoegd «en toerekenbaarheid».
XV
In artikel IX, onderdeel E, wordt in het voorgestelde artikel 48, derde lid, onder b, na «de mate van verwijtbaarheid» ingevoegd «en toerekenbaarheid».
XVI
In artikel X, onderdeel D, onder 3, wordt in het voorgestelde vierde lid, onder b, na «de mate van verwijtbaarheid» ingevoegd «en toerekenbaarheid».
XVII
In artikel X, onderdeel F, wordt in het voorgestelde artikel 2:69, derde lid, onder b, na «de mate van verwijtbaarheid» ingevoegd «en toerekenbaarheid».
XVIII
In artikel X, onderdeel I, onder 3, wordt in het voorgestelde vijfde lid, onder b, na «de mate van verwijtbaarheid» ingevoegd «en toerekenbaarheid».
XIX
In artikel X, onderdeel L, wordt in het voorgestelde artikel 3:40, derde lid, onder b, na «de mate van verwijtbaarheid» ingevoegd «en toerekenbaarheid».
XX
In artikel XI, onderdeel B, onder 4, wordt in het voorgestelde vijfde lid, onder b, na «de mate van verwijtbaarheid» ingevoegd «en toerekenbaarheid».
XXI
In artikel XI, onderdeel C, wordt in het voorgestelde artikel 20a, derde lid, onder b, na «de mate van verwijtbaarheid» ingevoegd «en toerekenbaarheid».
XXII
In artikel XII, onderdeel C, onder 4, wordt in het voorgestelde vijfde lid, onder b, na «de mate van verwijtbaarheid» ingevoegd «en toerekenbaarheid».
XXIII
In artikel XII, onderdeel D, wordt in het voorgestelde artikel 20a, derde lid, onder b, na «de mate van verwijtbaarheid» ingevoegd «en toerekenbaarheid».
XXIV
In artikel XIII, onderdeel C, onder 4, wordt in het voorgestelde vijfde lid, onder b, na «de mate van verwijtbaarheid» ingevoegd «en toerekenbaarheid».
XXV
In artikel XIII, onderdeel D, wordt in het voorgestelde artikel 21, derde lid, onder b, na «de mate van verwijtbaarheid» ingevoegd «en toerekenbaarheid».
XXVI
In artikel XIV, onderdeel A, onder 2, wordt in het voorgestelde vijfde lid, onder b, na «de mate van verwijtbaarheid» ingevoegd «en toerekenbaarheid».
XXVII
In artikel XIV, onderdeel D, wordt in het voorgestelde artikel 29a, derde lid, onder b, na «de mate van verwijtbaarheid» ingevoegd «en toerekenbaarheid».
XXVIII
In artikel XVI, onderdeel C, onder 4, wordt in het voorgestelde zesde lid, onder b, na «de mate van verwijtbaarheid» ingevoegd «en toerekenbaarheid».
XXIX
In artikel XVI, onderdeel F, wordt in het voorgestelde artikel 91, derde lid, onder b, na «de mate van verwijtbaarheid» ingevoegd «en toerekenbaarheid».
XXX
In artikel XVII, onderdeel G, onder 4, wordt in het voorgestelde achtste lid, onder b, na «de mate van verwijtbaarheid» ingevoegd «en toerekenbaarheid».
XXXI
In artikel XVII, onderdeel H, wordt in het voorgestelde artikel 45a, derde lid, onder b, na «de mate van verwijtbaarheid» ingevoegd «en toerekenbaarheid».
In de voorgestelde wetteksten rond het opleggen van een maatregel of waarschuwing moeten de bestuursorganen onder andere «de mate van verwijtbaarheid van degene die de overtreding begaan heeft» meewegen. Indiener van dit amendement voegt aan dit criterium ook het begrip «toerekenbaarheid» toe. De achtergrond hiervan ligt in de wetssystematiek in bijvoorbeeld het strafrecht en de interpretatie van artikel 6:162 lid 3 BW: heeft de belanghebbende de gevolgen van zijn handelen kunnen overzien? In de memorie van toelichting wordt toegelicht dat de invulling van het begrip «verwijtbaarheid» ziet op het feit dat iemand op de hoogte moet zijn gesteld van de inlichtingenplicht (en andere verplichtingen). Bij overtreding van een wettelijke verplichting is de belanghebbende dan verwijtbaar en kan een maatregel of waarschuwing worden opgelegd. Indiener van het amendement acht invulling van dit criterium te nauw, omdat het te weinig rekening houdt met persoonlijke omstandigheden (zoals het hebben van een verstandelijke beperking) of het doenvermogen van de belanghebbende. Indien de wetgever heeft beoogd dat persoonlijke omstandigheden en doenvermogen geen rol spelen bij de beoordeling, acht de indiener dat onwenselijk. Indien de wetgever deze omstandigheden juist wél heeft willen betrekken bij de beoordeling, is het begrip «verwijtbaarheid» daarvoor te beperkt en daardoor ontoereikend. In dat geval ligt het meer voor de hand om tevens het begrip «toerekenbaarheid» op te nemen, zodat duidelijk is dat ook omstandigheden die raken aan het vermogen van de belanghebbende om de gevolgen van zijn handelen te overzien en overeenkomstig te handelen, bij de beoordeling worden betrokken. Hiermee wordt tevens onduidelijkheid in de uitvoering en rechtspraak voorkomen. Door voor het begrip «toerekenbaarheid» te kiezen wordt aansluiting gezocht bij de huidige wetssystematiek, terminologie en jurisprudentie uit het Burgerlijk Wetboek.
Ceder
Kopieer de link naar uw clipboard
https://zoek.officielebekendmakingen.nl/kst-36785-10.html
De hier aangeboden pdf-bestanden van het Staatsblad, Staatscourant, Tractatenblad, provinciaal blad, gemeenteblad, waterschapsblad en blad gemeenschappelijke regeling vormen de formele bekendmakingen in de zin van de Bekendmakingswet en de Rijkswet goedkeuring en bekendmaking verdragen voor zover ze na 1 juli 2009 zijn uitgegeven. Voor pdf-publicaties van vóór deze datum geldt dat alleen de in papieren vorm uitgegeven bladen formele status hebben; de hier aangeboden elektronische versies daarvan worden bij wijze van service aangeboden.