36 777 Wijziging van de Wet op het primair onderwijs, de Wet primair onderwijs BES, de Wet op de expertisecentra, de Wet voortgezet onderwijs 2020, de Wet medezeggenschap op scholen, de Wet educatie en beroepsonderwijs, de Wet educatie en beroepsonderwijs BES, de Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek en de Wet op het onderwijstoezicht in verband met de versterking van het veiligheidsbeleid op scholen (Wet vrij en veilig onderwijs)

Nr. 32 AMENDEMENT VAN HET LID VAN HOUWELINGEN

Ontvangen 2 juni 2026

De ondergetekende stelt het volgende amendement voor:

I

In het opschrift wordt na «in verband met» ingevoegd «het vastleggen van de taken en bevoegdheden van de schooldirecteur en».

II

In de beweegreden wordt na «dat het wenselijk is» ingevoegd «de taken en bevoegdheden van de schooldirecteur in het primair onderwijs vast te leggen, alsmede».

III

In artikel I wordt na onderdeel F een onderdeel ingevoegd, luidende:

Fa

Na artikel 29 wordt een artikel ingevoegd, luidende:

Artikel 29a. Verantwoordelijkheden schooldirecteur

  • 1. De directeur van een school is verantwoordelijk voor:

    • a. de dagelijkse leiding van de school;

    • b. de uitvoering van het onderwijskundig beleid en het waarborgen van de onderwijskwaliteit;

    • c. het creëren van een samenhangend curriculum;

    • d. de ontwikkeling en implementatie van een gezamenlijke visie, opgesteld in samenspraak met de leraren van de school en andere betrokkenen.

  • 2. De directeur van een school draagt zorg voor een evenwichtige afweging van publieke en institutionele belangen bij het nemen van korte en middellange termijnbeslissingen.

Toelichting

Dit amendement voegt een nieuw artikel 29a in de Wet op het primair onderwijs in, waarin de taken en verantwoordelijkheden van de schooldirecteur expliciet wettelijk worden verankerd.

De WPO bevat op dit moment geen bepaling over de rol van de schooldirecteur. Verantwoordelijkheden die bij de schooldirecteur horen zijn daardoor grotendeels toebedeeld aan het bevoegd gezag, wat leidt tot overlappende verantwoordelijkheden en onduidelijkheid. Zowel de OECD als de Onderwijsraad hebben hierop gewezen, en ook de Minister benoemde dit als een pijnpunt in haar brief aan de Tweede Kamer van 5 april 2024. Het gevolg is dat het subsidiariteitsprincipe in de praktijk onvoldoende wordt toegepast. Dit amendement lost die lacune op door de schooldirecteur als operationeel leider – naast het bevoegd gezag dat de strategische verantwoordelijkheid draagt – expliciet in de wet te verankeren.

Van Houwelingen

Naar boven