36 600 XVII Vaststelling van de begrotingsstaat van Buitenlandse Handel en Ontwikkelingshulp (XVII) voor het jaar 2025

F TWEEDE VERSLAG VAN DE VASTE COMMISSIE VOOR BUITENLANDSE ZAKEN, DEFENSIE EN ONTWIKKELINGSHULP1

Vastgesteld 26 februari 2025

Het wetsvoorstel heeft in de commissie aanleiding gegeven tot het maken van de volgende nadere vragen en opmerkingen.

Inleiding

De leden van de fracties van D66 en Volt hebben kennisgenomen van de nota naar aanleiding van het verslag. Deze leden stellen de antwoorden van de regering op de gestelde vragen op prijs. De antwoorden zijn echter niet volledig en daarom hebben zij nog gezamenlijk een aantal vervolgvragen.

De leden van de fracties van de SP, de Partij voor de Dieren en Forum voor Democratie hebben kennisgenomen van de nota naar aanleiding van het verslag. Zij hebben daarover nog een aantal vragen.

Vragen en opmerkingen van de leden van de fracties van D66 en Volt gezamenlijk

Algemene bezuinigingen

In antwoord op de vraag over de verklaring van de voorgenomen bezuinigingen geeft de regering aan dat het gaat om «scherpe keuzes vanwege de beperkte financiële middelen». Dat is anders dan wat in het hoofdlijnenakkoord was aangegeven. Daar was sprake van «schuivende verhoudingen in de wereld». Is de conclusie van de leden van de fracties van D66 en Volt juist dat het kabinet de voorgenomen bezuinigingen niet rechtvaardigt vanuit de verschuivende verhoudingen in de wereld? Ziet de regering op dit moment verbeterende of een verslechterende verhoudingen in de wereld?

In de Afrikastrategie van de regering die tot 2032 van kracht is, stelt de regering dat «De fundamentele veranderingen in de wereldwijde geopolitieke verhoudingen maakt meer samenwerking met Afrika niet alleen noodzakelijk, maar ook urgent2 Staat de regering nog steeds achter deze strategie? Hoe verhoudt zich dit met de tekst uit het hoofdlijnenakkoord? Hoe zullen bezuinigingen de uitvoering van deze strategie raken?

De nieuwe Trump-regering in de VS voert forse bezuinigingen uit op USAID. Deze hebben grote gevolgen voor onder andere Afrika maar ook andere delen van de wereld, en op Europa en Nederland. Hoe kijkt de regering naar deze recente ontwikkelingen en de gevolgen hiervan?

Wordt bij de berekening van het percentage van de Nederlandse officiële ontwikkelingshulp rekening gehouden met de ontwikkelingshulp verstrekt door de EU? Zo niet, wat zou het Nederlandse Official Development Assistance (ODA)-percentage zijn indien de pro-rata bijdrage van Nederland zou worden meegeteld?

Vrede & veiligheid, Oekraïne

De regering stelt naar de mening van de fractieleden van D66 en Volt terecht dat «verslechterende leefomstandigheden kunnen bijdragen aan migratie». Waarom kiest de regering er dan voor om via de afbouw van ontwikkelingshulp de leefomstandigheden in ontvangende landen te verslechteren en dus migratie aan te moedigen? Is dit niet in strijd met de doelstelling om immigratie in Nederland terug te dringen?

In antwoord op vragen van de fractieleden van GroenLinks-PvdA refereert de regering aan Europese criteria voor wapenexporten. Aan welke criteria refereert de regering? Hoe zijn deze criteria vastgesteld? Gaat het hierbij om procedurele afspraken of om inhoudelijke afstemming? Is het niet zo dat ieder land zelf mag bepalen welke militaire goederen worden geëxporteerd en naar wie? Vallen de genoemde schokdempers onder de categorie wapens of dual-use goederen?

Humanitaire Hulp

De regering geeft aan om bij goedkeuring van de begroting door de Eerste Kamer het contract met UNWRA voor 2025 open te breken. Welke voorzieningen zijn hierover in het contract opgenomen? Is er een boeteclausule aan verbonden? Is opzegging met terugwerkende kracht in het contract voorzien? Welk effect denkt de regering dat deze contractbreuk zal hebben op de reputatie van Nederland?

De Europese Commissie heeft, bij monde van commissaris Hadja Lahbib, aangegeven dat UNWRA essentieel is voor de logistiek van de verstrekking van humanitaire hulp in Gaza. Zij heeft de Israëlische regering opgeroepen zich te houden aan internationale wetgeving.3 Ook Duitsland, Frankrijk en het Verenigd Koninkrijk hebben hun zorgen geuit. Is de regering het eens met het standpunt dat namens de gehele Europese Unie is ingenomen? Hoe valt dit te rijmen met de voorgenomen contractbreuk met UNWRA?

De regering verduidelijkt de geldende begrotingsregels in het geval en nog geen vastgestelde begroting is. Hoe is het niet nakomen van een verplichte betaling te rijmen met het idee dat nieuw beleid nog niet mag worden uitgevoerd, zo vragen de leden van de fracties van D66 en Volt.

Hoe zet de Nederlandse regering zich in om te zorgen dat Israël UNRWA (Organisatie van de Verenigde Naties voor hulpverlening aan Palestijnse vluchtelingen in het Nabije Oosten) toegang blijft geven om humanitaire hulp te leveren aan Palestijnen om een nog grotere catastrofale humanitaire ramp te voorkomen?

Duurzame ontwikkeling, voedselzekerheid, water en klimaat

In de nota naar aanleiding van verslag gaat de regering bij de beantwoording van vraag 5 van de leden van de GroenLinks-PvdA-fractie niet in op de rol van vakbonden en maatschappelijk middenveld in de Dutch Diamond-benadering. De kennis en kunde komt slechts voor een deel uit kennisinstellingen. Kan de regering aangeven waarom Ngo’s/vakbonden worden uitgesloten en hoe het gat van hun kennis en kunde wordt ondervangen en of de Dutch Diamond-benadering dan nog wel effectief is?

Overig

In de vragen over de exportkredietverzekering geeft de regering aan dat er de laatste jaren geen gebruik is gemaakt van de matchingfaciliteit, noch onder het instrument van de Minister voor Buitenlandse Handel en Ontwikkelingshulp noch onder het instrument van de Minister van Financiën. Dat verbaast de fractieleden van D66 en Volt, gezien de toegenomen concurrentie van de landen die niet bij de OESO zijn aangesloten. Kan de regering aangeven in hoeverre er door Nederlandse bedrijven wel een beroep op de matchingfaciliteit is gedaan in de afgelopen vijf jaren?

Vragen en opmerkingen van de leden van de SP-fractie

In de beantwoording stelt de regering dat het UNRWA-mandaat, verleend door de Algemene Vergadering van de Verenigde Naties (AVVN), losstaat van de Nederlandse financiering, zo lezen de leden van de SP-fractie. Hoe kan dit in de praktijk los van elkaar staan als Nederland tegelijkertijd de bijdrage aan UNRWA afbouwt, terwijl de organisatie juist afhankelijk is van vrijwillige bijdragen van staten?

En hoe kijkt de regering naar dit punt nu de Verenigde Staten, eerder een grote donateur van UNRWA, recentelijk heeft aangekondigd zich te willen blijven onthouden van bijdragen aan UNRWA? Welke gevolgen verwacht het kabinet hiervan op de humanitaire situatie en de stabiliteit in de regio? Hoe weegt de regering deze ontwikkeling mee in de Nederlandse besluitvorming over toekomstige steun aan UNRWA?

De leden van de SP-fractie lezen verder in de beantwoording dat er verschillende opties worden afgewogen en besluitvorming nog moet plaatsvinden over welke concrete noodhulpprogramma’s de herbestemde middelen zullen ontvangen. Wanneer gaat deze besluitvorming plaatsvinden? En in hoeverre ziet de regering de urgentie hiervan, mede in het licht van het feit dat bij het aannemen van deze begroting er akkoord mee wordt gegaan middels het amendement dat de bijdrage aan UNRWA van 19 miljoen naar 15 miljoen euro zal gaan gedurende dit jaar?

Aangezien de regering stelt dat continuïteit en kwaliteit van hulpverlening vooropstaan, waarom wordt dan eerst de bijdrage aan UNRWA verlaagd zonder dat er al een besluit is genomen over hoe dit geld op een even effectieve wijze kan worden ingezet? Hoe garandeert de regering dat hierdoor geen hulp wegvalt?

Vragen en opmerkingen van de leden van de Partij voor de Dieren-fractie

De leden van de Partij voor de Dieren-fractie constateren dat vanwege de ontkoppeling tussen ODA en het bruto nationaal inkomen (bni) er geen automatische inflatiecorrectie van de ODA-middelen meer plaatsvindt. Zolang dat niet opnieuw wordt «ingeregeld» betekent dit dat de ODA-middelen jaarlijks minder waard worden. Is de regering voornemens die waardevermindering op te vangen? Zo ja, hoe? Zo nee, waarom niet?

De regering antwoordt op de vraag van deze leden over mogelijke bestedingsdwang ten gunste van het Nederlands bedrijfsleven dat «alle uitgaven in het kader van ontwikkelingshulp voldoen aan de criteria van OESO-commissie voor ontwikkelingssamenwerking (DAC). Voor elk project of programma worden deze criteria getoetst. Waar Nederlandse bedrijven deelnemen aan projecten of programma’s of hiervan voordeel hebben, wordt op deze manier geborgd dat lokale impact en versterking van het Nederlandse verdienvermogen hand in hand gaan.» Toch lijkt de regering aan te sturen op gebonden hulp, waar OESO/DAC, de VN en de EU tegen zijn en de afgelopen kabinetten tegen waren. Hoe staat deze reactie in verhouding tot de uitspraken van de Minister in de Telegraaf op 11 november jl.: «We gaan doen waar Nederland goed in is. Dat is watermanagement, gezondheid en voedselzekerheid. Nederlandse bedrijven moeten ook profiteren. Als we dus een project doen in een ontwikkelingsland, dan vinden we het belangrijk dat een Nederlands bedrijf het uitvoert, zodat niet alleen het ontvangende land profiteert.»4 En kan de regering in dat kader ook reageren op de uitspraak van de Minister tijdens de begrotingsbehandeling BHO in de Tweede Kamer op 20 november jl.: «Een ander voorbeeld is het DRIVE-programma voor infrastructuur. Ook daarbij focussen we op sectoren waarin Nederland goed is, zodat contracten logischerwijs naar Nederlandse bedrijven gaan. Daar sturen wij op.»

Volgens de Minister is het draagvlak voor ontwikkelingshulp en steun aan ngo’s «veel minder geworden.»5 Hoe rijmt de regering dat met de vier miljoen Nederlandse donateurs die verbonden zijn aan ontwikkelingsorganisaties (conform verslag van het CBF, de onafhankelijke toezichthouder voor goede doelen)? En kan de regering reageren op de uitspraak van het CBF dat «organisaties in ontwikkelingssamenwerking gemiddeld 90,4% direct [besteden] aan hun doelen, wat een hoog percentage is ten opzichte van andere sectoren. Dit wijst op een effectieve toewijzing van middelen naar het gestelde doel.»6

Vervolgens vragen de leden van de Partij voor de Dieren-fractie of de regering een analyse met de Kamer kan delen van de vraag welke landen de positie van Nederland in zouden kunnen gaan nemen bij terugtrekking van Nederland uit hulpprogramma’s. Hoe schat de regering de kans in dat landen als China op deze wijze hun invloedssfeer in ontwikkelingslanden uit zullen breiden ten koste van Nederlandse invloed en tot welke gevolgen zou dat kunnen leiden? Zijn deze risico’s gecalculeerd en kan de regering daar inzicht in geven?

Vragen en opmerkingen van de leden van de Forum voor Democratie-fractie

De leden van de fractie van Forum voor Democratie constateren dat tussen 2016 en 2023 de Minister voor Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking 14.238.000 euro aan USAID heeft overgemaakt.7

Op de vraag aan de Minister of Nederlandse activiteiten in de toekomst helemaal niet meer door kunnen gaan door de ingreep bij USAID, heeft zij gezegd: «Ik schat in dat dat niet het geval is, maar ik weet het niet zeker. We werken natuurlijk heel veel samen, maar het heeft gevolgen voor projecten, absoluut.»8

Deze leden vragen de regering of er inmiddels inzicht is in de mogelijke gevolgen hiervan. Zo ja, wat zijn die? Heeft dit gevolgen voor de begroting zoals die nu voorligt in de Eerste Kamer?

Daarnaast vragen de leden van de Forum voor Democratie-fractie of er geld was begroot voor USAID of daaraan gelieerde organisaties net zoals vóór 2023. Zo ja, wat is de verwachting van de besteding daarvan, indien deze begroting wordt vastgesteld?

De vaste commissie voor Buitenlandse Zaken, Defensie en Ontwikkelingshulp ziet met belangstelling uit naar de nota naar aanleiding het verslag en ontvangt deze graag zo spoedig mogelijk. Bij tijdige ontvangst van de nota naar aanleiding van het tweede verslag vóór vrijdag 7 maart 14:00 uur acht de commissie het wetsvoorstel gereed voor plenaire behandeling op 11 maart 2025.

De voorzitter van de vaste commissie voor Buitenlandse Zaken, Defensie en Ontwikkelingshulp, Petersen

De griffier van de vaste commissie voor Buitenlandse Zaken, Defensie en Ontwikkelingshulp, Van Luijk


X Noot
1

Samenstelling:

Oplaat (BBB), Croll (BBB), Marquart Scholtz (BBB), Goossen (BBB), Van Gasteren (BBB), Karimi (GroenLinks-PvdA), Roovers (GroenLinks-PvdA), Crone (GroenLinks-PvdA), Martens (GroenLinks-PvdA), Thijssen (GroenLinks-PvdA), Petersen (VVD) (voorzitter), Vogels (VVD), Van Ballekom (VVD), Van Toorenburg (CDA), Prins (CDA), Belhirch (D66), Moonen (D66), Van Strien (PVV), Koffeman (PvdD), Van Bijsterveld (JA21), Van Apeldoorn (SP), Huizinga-Heringa (CU) (1e ondervoorzitter), Dessing (FVD) (2e ondervoorzitter), De Vries (SGP), Hartog (Volt), Van Rooijen (50PLUS), Van der Goot (OPNL)

X Noot
2

Ministerie van Buitenlandse Zaken, «De Nederlandse Afrikastrategie 2023–2032», juni 2023, blz. 7.

X Noot
3

Agence d’Europe, «Hadja Lahbib calls on Israel to respect international law, 3 februari 2025.

X Noot
4

De Telegraaf, «PVV-minister Reinette Klever bezuinigt miljard op ontwikkelingsclubs: «Kan best een tandje minder», 11 november 2024.

X Noot
5

De Telegraaf, «PVV-minister Reinette Klever bezuinigt miljard op ontwikkelingsclubs: «Kan best een tandje minder», 11 november 2024.

X Noot
6

CBF, «Ontwikkelingssamenwerking in perspectief», https://cbf.nl/nieuws/ontwikkelingssamenwerking-in-perspectief.

X Noot
7

Dwarsnieuws, «De Nederlandse USAID. Hoe Kaag een miljard euro gaf aan «goede doelen» om ons te beïnvloeden», 12 februari 2025, https://dwarsnieuws.nl/de-nederlandse-usaid-hoe-kaag-een-miljard-euro-gaf-aan-goede-doelen-om-ons-te-beinvloeden-video/.

X Noot
8

Nieuws.nl, «Klever denkt niet dat Nederlandse projecten stoppen door USAID», 7 februari 2025, https://nieuws.nl/politiek/klever-denkt-niet-dat-nederlandse-projecten-stoppen-door-usaid-GSvZbM.

Naar boven