Kamerstuk
| Datum publicatie | Organisatie | Vergaderjaar | Dossier- en ondernummer |
|---|---|---|---|
| Eerste Kamer der Staten-Generaal | 2024-2025 | 36600-XV nr. A |
Zoals vergunningen, bouwplannen en lokale regelgeving.
Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties.
U bent hier:
| Datum publicatie | Organisatie | Vergaderjaar | Dossier- en ondernummer |
|---|---|---|---|
| Eerste Kamer der Staten-Generaal | 2024-2025 | 36600-XV nr. A |
Vastgesteld 10 oktober 2024
De leden van de vaste commissie voor Sociale Zaken en Werkgelegenheid1 hebben kennisgenomen van de antwoorden d.d. 3 juni 2024 op vragen van diverse fracties naar aanleiding van de brieven over de rapporten van de Commissie sociaal minimum en de brief over het programma Vereenvoudiging inkomensondersteuning voor mensen (VIM).2 De leden van de fracties SP, PvdD en OPNL gezamenlijk hebben over deze beantwoording nadere vragen gesteld.
Naar aanleiding hiervan is op 2 juli 2024 een brief gestuurd aan de Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid.
De Minister en de Staatssecretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid hebben op 9 oktober 2024 gereageerd.
De commissie brengt bijgaand verslag uit van het gevoerde nader schriftelijk overleg.
De griffier van de vaste commissie voor Sociale Zaken en Werkgelegenheid, Van der Bijl
Aan de Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid.
Den Haag, 2 juli 2024
De leden van de vaste commissie voor Sociale Zaken en Werkgelegenheid hebben met belangstelling kennisgenomen van de antwoorden d.d. 3 juni 2024 op vragen van diverse fracties naar aanleiding van de brieven over de rapporten van de Commissie sociaal minimum en de brief over het programma Vereenvoudiging inkomensondersteuning voor mensen (VIM).3 De leden van de fracties SP, PvdD en OPNL gezamenlijk hebben naar aanleiding van deze beantwoording nog een aantal nadere vragen en opmerkingen.
Vragen van de leden van de fracties SP, PvdD en OPNL gezamenlijk
De leden van de fracties SP, PvdD en OPNL hebben kennisgenomen van de recente cijfers van het Centraal Administratie Kantoor (CAK), waaruit is gebleken dat vanaf 2021 het aantal mensen met een betalingsachterstand zorgpremie weer is gestegen tot circa 178.000 in 2023. Wanneer mensen hun zorgpremie niet kunnen betalen is dit vaak het eerste teken van diepere financiële problemen. Hoe kijkt de regering naar deze cijfers in het kader van inkomensondersteuning?
De schuldhulpvereniging NVVK stelt dat de verhoogde premie waar wanbetalers mee te maken krijgen gepaard gaat met het risico dat mensen in een negatieve spiraal belanden met meer schulden tot gevolg. Welke mogelijkheden ziet de regering in het kader van inkomensondersteuning om deze groep mensen te ondersteunen, ook in preventieve zin?
De schulden als gevolg van de keuzes van het Ministerie van VWS rondom zorgverzekeringen zijn van invloed op (het succes van) het beleid van SZW rondom het bestaansminimum en schuldenproblematiek. In hoeverre is er coördinatie vanuit één centraal verantwoordelijk ministerie als het gaat om bestaanszekerheid en schulden?
In het gesprek met de Nationale ombudsman, en vertegenwoordigers van de Raad voor Volksgezondheid en Samenleving (RVS), de Algemene Rekenkamer en de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) over armoede en bestaanszekerheid op 4 juni 20244 kwam naar voren dat armoede de samenleving en de mensen in armoede heel veel kost, kortgezegd: armoede is duur. Mensen in armoede betalen een hoge prijs en de samenleving vaak ook. Mensen werken bijvoorbeeld minder door stress over toeslagen en hebben langjarige negatieve gezondheidseffecten door hun leven in armoede. Ook deze kosten (gezondheid, werkeloosheid) overstijgen het domein van één ministerie en vaak zelfs van één overheid (gemeenten en rijk zijn betrokken). Wordt er overstijgend gekeken naar kosten (financieel, maatschappelijk, sociaal en gezondheid) en baten (werkgelegenheid en lagere gezondheidszorgkosten) bij keuzes rondom bestaanszekerheid?
In deze zelfde bijeenkomst kwam ook naar voren dat schuldenproblematiek en bestaansonzekerheid toenemen doordat online gokken gelegaliseerd is en zaken als afterpay toegestaan zijn. Ook deze zaken zijn vanuit een ander ministerie toegestaan, maar hebben sterke effecten op schulden en bestaanszekerheid. Hoe is de samenhang van beleid wanneer het over bestaanszekerheid gaat als je kijkt naar het dossier legaal gokken en afterpay? Is er inzichtelijk hoeveel extra kosten en schade er is op het gebied van schulden en bestaanszekerheid doordat online gokken gelegaliseerd is en afterpay mag bestaan zoals het nu bestaat?
De leden van de vaste commissie voor Sociale Zaken en Werkgelegenheid zien uw beantwoording met belangstelling tegemoet en ontvangen deze graag voor 30 augustus 2024.
Voorzitter van de vaste commissie voor Sociale Zaken en Werkgelegenheid, M.L. Vos
Aan de Voorzitter van de Eerste Kamer der Staten-Generaal
Den Haag, 9 oktober 2024
De fracties SP, PvdD en OPNL hebben naar aanleiding van de antwoorden op vragen van diverse fracties naar aanleiding van de brieven over de rapporten van de Commissie sociaal minimum en de brief over het programma Vereenvoudiging inkomensondersteuning voor mensen (VIM) nadere vragen gesteld. Hierbij ontvangt u de antwoorden op die vragen.
De Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid, Y.J. van Hijum
De Staatssecretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid, J.N.J. Nobel
Vraag 1
De leden van de fracties SP, PvdD en OPNL hebben kennisgenomen van de recente cijfers van het Centraal Administratie Kantoor (CAK), waaruit is gebleken dat vanaf 2021 het aantal mensen met een betalingsachterstand zorgpremie weer is gestegen tot circa 178.000 in 2023. Wanneer mensen hun zorgpremie niet kunnen betalen is dit vaak het eerste teken van diepere financiële problemen. Hoe kijkt de regering naar deze cijfers in het kader van inkomensondersteuning?
Antwoord
Het aantal verzekerden in de regeling betalingsachterstand zorgpremie (wanbetalersregeling) is vergeleken met voorgaande jaren nog steeds laag. Het hoogtepunt lag in 2014 met 325.000 verzekerden in de wanbetalersregeling. Het is te vroeg om te spreken over een stijgende trend. De stijging sinds de zomer van 2022 is licht. De oorzaak van de stijging is onbekend, maar dat neemt niet weg dat een betalingsachterstand op de zorgpremie vaak een signaal is van onderliggende financiële problemen. Het kabinet zal het aantal mensen in de wanbetalersregeling dan ook nauwgezet blijven volgen.
Vraag 2
De schuldhulpvereniging NVVK stelt dat de verhoogde premie waar wanbetalers mee te maken krijgen gepaard gaat met het risico dat mensen in een negatieve spiraal belanden met meer schulden tot gevolg. Welke mogelijkheden ziet de regering in het kader van inkomensondersteuning om deze groep mensen te ondersteunen, ook in preventieve zin?
Antwoord
Bij amendement op de begroting van het Ministerie van VWS1 is de bestuursrechtelijke premie in de wanbetalersregeling verlaagd van 120% naar 110%. Deze verlaging draagt eraan bij dat schulden van mensen minder oplopen. Vanuit (aanvullend) inkomensbeleid zijn er bij een verhoogde premie geen mogelijkheden tot inkomensondersteuning. De verzekeringspremie hoort in principe bij de normale kosten van het bestaan en daarvoor wordt in principe geen bijzondere bijstand verstrekt. Bijzondere bijstand kan wel verstrekt worden als uit onvoorziene omstandigheden voorkomende noodzakelijke kosten van bestaan niet meer betaald kunnen worden.
Vraag 3
De schulden als gevolg van de keuzes van het Ministerie van VWS rondom zorgverzekeringen zijn van invloed op (het succes van) het beleid van SZW rondom het bestaansminimum en schuldenproblematiek. In hoeverre is er coördinatie vanuit één centraal verantwoordelijk ministerie als het gaat om bestaanszekerheid en schulden?
Antwoord
Geldzorgen staan vaak aan het begin van een reeks problemen: financiële problemen, maar ook problemen op gebieden als opleiding en werk, fysieke en mentale gezondheid, opvoeding en wonen. Daarom is een centrale coördinatie rond dit thema van groot belang. Het Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid is net als voorgaande jaren het coördinerend departement. Uiteraard zullen andere departementen wel worden aangesproken op hun beleidsmatige verantwoordelijkheid en daarmee ook op het aanpassen van de eigen wet- en regelgeving.
Vraag 4
In het gesprek met de Nationale ombudsman, en vertegenwoordigers van de Raad voor Volksgezondheid en Samenleving (RVS), de Algemene Rekenkamer en de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) over armoede en bestaanszekerheid op 4 juni 20242 kwam naar voren dat armoede de samenleving en de mensen in armoede heel veel kost, kortgezegd: armoede is duur. Mensen in armoede betalen een hoge prijs en de samenleving vaak ook. Mensen werken bijvoorbeeld minder door stress over toeslagen en hebben langjarige negatieve gezondheidseffecten door hun leven in armoede. Ook deze kosten (gezondheid, werkeloosheid) overstijgen het domein van één ministerie en vaak zelfs van één overheid (gemeenten en rijk zijn betrokken). Wordt er overstijgend gekeken naar kosten (financieel, maatschappelijk, sociaal en gezondheid) en baten (werkgelegenheid en lagere gezondheidszorgkosten) bij keuzes rondom bestaanszekerheid?
Antwoord
Er lopen, zoals ook wordt benoemd in de laatste monitoringsbrief Participatiewet (juni 2023) en in lijn met de motie Podt over het uitvoeren van maatschappelijke kosten-batenanalyses in het sociaal domein, meerdere onderzoeken naar potentiële brede baten bij werk/activering. Begin 2024 is gestart met een nieuwe haalbaarheidsstudie om de brede baten bij diverse instrumenten op het gebied van werk/activering, beter in beeld te brengen. Deze studie zal meer inzicht geven in wat er al bekend is over de kosten en baten van deze instrumenten. De verwachting is dat deze studie dit najaar wordt gepubliceerd. Ook wordt in spoor 1 van het traject P-wet in balans het experimenteerartikel P-wet uitgebreid, waardoor bij toekomstige experimenten breder gekeken kan worden dan enkel uitstroom naar werk.
Daarnaast is in het recente IBO Problematische Schulden becijferd dat schulden leiden tot € 8,5 miljard aan maatschappelijke kosten. Voor armoedeproblematiek geldt dat, hoewel bekend is dat deze samenhangt met problemen op andere levensdomeinen (zoals werk, inkomen, gezondheid, huisvesting, onderwijs en veiligheid), (nog) geen cijfermatig inzicht beschikbaar is over de hoogte van de maatschappelijke kosten. Daarnaast loopt er bij het traject Vereenvoudiging Inkomensondersteuning voor Mensen (VIM) een onderzoek naar de maatschappelijke kosten en baten van vereenvoudiging. Hierin wordt inzichtelijk gemaakt welke mogelijke soorten maatschappelijke kosten en baten kunnen worden gerealiseerd met het vereenvoudigen van inkomensondersteuning.
Vraag 5
In deze zelfde bijeenkomst kwam ook naar voren dat schuldenproblematiek en bestaansonzekerheid toenemen doordat online gokken gelegaliseerd is en zaken als afterpay toegestaan zijn. Ook deze zaken zijn vanuit een ander ministerie toegestaan, maar hebben sterke effecten op schulden en bestaanszekerheid. Hoe is de samenhang van beleid wanneer het over bestaanszekerheid gaat als je kijkt naar het dossier legaal gokken en afterpay? Is er inzichtelijk hoeveel extra kosten en schade er is op het gebied van schulden en bestaanszekerheid doordat online gokken gelegaliseerd is en afterpay mag bestaan zoals het nu bestaat?
Antwoord
Het is niet bekend in hoeverre en hoe vaak gokken leidt tot schulden of – andersom – schulden leiden tot gokken, omdat een goede cijfermatige onderbouwing ontbreekt. Het is daarmee niet bekend in hoeverre kansspelen van invloed zijn op bestaanszekerheid. Ook in de indicatieve kosten-baten analyse die door onderzoeksbureau Atlas in opdracht van het WODC is opgeleverd in 2023 is geconstateerd dat gegevens over de omvang van schuldenproblematiek en daaruit voortvloeiende maatschappelijke kosten voor de gokker en zijn omgeving zeer sporadisch beschikbaar zijn voor Nederland. In toekomstige onderzoeken zal worden bezien of beter zicht op de wisselwerking tussen schulden en kansspelen kan worden verkregen.
In het kader van preventie wordt gewerkt aan gerichte bewustwordingsactiviteiten. Zo is in samenwerking met de Nederlandse Schuldhulproute (NSR) een pilot gestart rondom het ontwikkelen van een gids op Geldfit.nl. Hiermee worden mensen met geldzorgen of financiële problemen, die ook deelnemen aan kansspelen, beter geïnformeerd over de risico’s van kansspelen en de beschikbare hulp bij risicovol of problematisch speelgedrag.
De pilot is op 19 juli 2024 gepubliceerd en te vinden via geldfit.nl/gokken. De komende tijd zal de NSR in samenwerking met verschillende partners zich richten op het bereiken en doorgeleiden van mensen naar de gids en worden er mogelijkheden voor verdere doorontwikkeling onderzocht.
Op 28 oktober 2023 zijn de nieuwe richtlijnen voor Buy now, pay later (BNPL) gepubliceerd. Vanaf eind 2026 dient deze richtlijn door alle Europese lidstaten te zijn geïmplementeerd en door middel van implementatiewetgeving in werking te zijn getreden. In de praktijk betekent dit dat aanbieders van BNPL-betaaldiensten, net als aanbieders van consumptieve leningen, straks onder andere een kredietwaardigheidstoets moeten uitvoeren, moeten voldoen aan de regels ten aanzien van informatieverstrekking, reclame-uitingen en de maximale kosten van krediet. Tot die tijd maken we ons samen met de Staatssecretaris voor Rechtsbescherming en de Minister van Financiën, hard voor naleving van de gedragscode, waar de BNPL-diensten zich aan hebben gecommitteerd. De gedragscode is begin november 2023 in werking getreden. Na een jaar zullen de BNPL-partijen de effecten van de gedragscode evalueren.
Samenstelling:
Heijnen (BBB), Griffioen (BBB), Van Gasteren (BBB), Van Wijk (BBB), Vos (GroenLinks-PvdA (voorzitter), Ramsodit (GroenLinks-PvdA), Van Gurp (GroenLinks-PvdA), Fiers (GroenLinks-PvdA), Roovers (GroenLinks-PvdA), Petersen (VVD), Geerdink (VVD), Van Ballekom (VVD), Bakker-Klein (CDA), Bovens (CDA), Moonen (D66) (ondervoorzitter), Belhirch (D66), Bezaan (PVV), Koffeman (PvdD), Nanninga (JA21), Van Aelst-Den Uijl (SP), Huizinga-Heringa (CU), Van den Oetelaar (FVD), Schalk (SGP), Perin-Gopie (Volt), Van Rooijen (50PLUS), Van der Goot (OPNL)
Openbaar gesprek commissie SZW met Nationale ombudsman en vertegenwoordigers RVS, AR en VNG over armoede en bestaanszekerheid, 4 juni 2024, zie https://www.eerstekamer.nl/commissievergadering/20240604_szw/verslag
Kopieer de link naar uw clipboard
https://zoek.officielebekendmakingen.nl/kst-36600-XV-A.html
De hier aangeboden pdf-bestanden van het Staatsblad, Staatscourant, Tractatenblad, provinciaal blad, gemeenteblad, waterschapsblad en blad gemeenschappelijke regeling vormen de formele bekendmakingen in de zin van de Bekendmakingswet en de Rijkswet goedkeuring en bekendmaking verdragen voor zover ze na 1 juli 2009 zijn uitgegeven. Voor pdf-publicaties van vóór deze datum geldt dat alleen de in papieren vorm uitgegeven bladen formele status hebben; de hier aangeboden elektronische versies daarvan worden bij wijze van service aangeboden.