Kamerstuk
| Datum publicatie | Organisatie | Vergaderjaar | Dossier- en ondernummer |
|---|---|---|---|
| Eerste Kamer der Staten-Generaal | 2024-2025 | 36600-VII nr. H |
Zoals vergunningen, bouwplannen en lokale regelgeving.
Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties.
U bent hier:
| Datum publicatie | Organisatie | Vergaderjaar | Dossier- en ondernummer |
|---|---|---|---|
| Eerste Kamer der Staten-Generaal | 2024-2025 | 36600-VII nr. H |
Vastgesteld 25 maart 2025
De vaste commissie voor Binnenlandse Zaken1 heeft schriftelijk overleg gevoerd met de Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties over toezeggingen T03541, T03707 en T03878. Bijgaand brengt de commissie hiervan verslag uit. Dit verslag bestaat uit:
– De uitgaande brief van 18 februari 2025.
– De antwoordbrief van 17 maart 2025.
De griffier van de vaste commissie voor Binnenlandse Zaken, Bergman
BRIEF VAN DE VOORZITTER VAN DE VASTE COMMISSIE VOOR BINNENLANDSE ZAKEN
Aan de Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties
Den Haag, 18 februari 2025
De commissie voor Binnenlandse Zaken heeft uw brief van 9 januari 20252 besproken waarin u, mede namens de Staatssecretaris Koninkrijksrelaties en Digitalisering en de Staatssecretaris Herstel Groningen, een reactie geeft op openstaande toezeggingen. De commissie heeft ten aanzien van een drietal toezeggingen vragen.
Toezegging T03541 luidt als volgt: «De Minister van BZK zegt de Kamer, naar aanleiding van een vraag van het lid Dittrich (D66), toe de evaluatieopdracht inzake de Evaluatiewet Wet financiering politieke partijen te delen met de Eerste Kamer.». In uw reactie op deze toezegging schrijft u «De Eerste Kamer wordt verzocht de termijn te verschuiven naar het moment van de dag van de stemming van de eerstvolgende verkiezing van de Tweede Kamer der Staten-Generaal. Dit is 15 maart 2028.». Kunt u aangeven wat de ratio is achter de nu voorgestelde nieuwe deadline? Wanneer wordt de wet nu precies geëvalueerd en wanneer kan de Kamer de evaluatieopzet tegemoet zien?
Kunt u ten aanzien van toezegging T03707 «De Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties zegt de Kamer, naar aanleiding van een vraag van het lid Lucas Vos (VVD), toe dat zij aan EZK zal vragen in de kabinetsreactie op de Corporate Governance Code terug te komen.» aangeven op welke wijze de door u genoemde brief (CXLVI, AB) moet worden beschouwd als reactie op de toezegging en hoe daarmee aan de toezegging is voldaan?
Kunt u tot slot ten aanzien van toezegging T03878 «De Staatssecretaris Mijnbouw zegt de Kamer, naar aanleiding van vragen van de leden Van den Berg (VVD) en Aerdts (D66), toe een kwantitatief doel te gaan zetten op de uitvoeringskosten. De Staatssecretaris zal hierover een brief sturen.» uiteenzetten op welke wijze de genoemde brief (35 561, E) moet worden beschouwd als reactie op de toezegging?
De commissie voor Binnenlandse Zaken ziet met belangstelling uit naar uw reactie en ontvangt deze graag binnen vier weken na dagtekening van deze brief.
Voorzitter van de vaste commissie voor Binnenlandse Zaken I.M. Lagas
BRIEF VAN DE MINISTER VAN BINNENLANDSE ZAKEN EN KONINKRIJKSRELATIES
Aan de Voorzitter van de Eerste Kamer der Staten-Generaal
Den Haag, 17 maart 2025
Hierbij stuur ik u, mede namens de Staatssecretaris Herstel Groningen, de antwoorden op de vragen van de vaste commissie voor Binnenlandse Zaken van de Eerste Kamer n.a.v. het toezeggingenrappel van 9 januari 2025 met uw kenmerk 175931.19U (ingezonden op 18 februari 2025).
T03541
In het antwoord op het toezeggingenrappel is voorgesteld om de termijn van toezegging T03541 te verschuiven naar 15 maart 2028. Uw Kamer vroeg naar de ratio achter de voorgestelde deadline.
De toezegging vraagt om de evaluatieopdracht van de Wet financiering politieke partijen (Wfpp) te ontvangen. Deze opdracht komt pas als de wet wordt geëvalueerd. In artikel 45 van de Wfpp staat vastgelegd dat de wetsevaluatie binnen een jaar na de dag van stemming van de eerstvolgende Tweede Kamerverkiezing zal zijn. De eerstvolgende Tweede Kamerverkiezing staat gepland op 15 maart 2028, op dat moment wordt de evaluatieopdracht verzonden. Indien er eerder verkiezingen voor de Tweede Kamer plaatsvinden betekent dit dat de Wfpp ook eerder wordt geëvalueerd. In dat geval wordt de evaluatieopdracht ook eerder aan de Eerste Kamer toegezonden. Hierom is het verzoek gedaan om de termijn van toezegging T03541 te verschuiven naar 15 maart 2028.
T03707
Op 16 mei 2023 heeft mijn ambtsvoorganger aan uw Kamer toegezegd dat ze aan EZK zou vragen om terug te komen op de Corporate Governance Code. Helaas heeft in het antwoord op het toezeggingenrappel van 22 oktober 2024 abusievelijk gestaan dat de toezegging is afgehandeld met de brief CXLVI, AB. Dit blijkt niet zo te zijn. Er is al contact opgenomen met het Ministerie van EZ om alsnog uitvoering te geven aan de toezegging. Uw Kamer zal over deze toezegging geïnformeerd worden door het Ministerie van EZ. U wordt verzocht om de termijn te verzetten naar de zomer van 2025.
T03878
Op 16 april 2024 heeft de Staatssecretaris Mijnbouw toegezegd een kwantitatief doel te gaan zetten op de uitvoeringskosten van het IMG. In het antwoord op het toezeggingenrappel is aangegeven dat op T03878 is gereageerd met de brief 35 561, E. Uw Kamer vroeg hoe deze brief als reactie op de toezegging gezien moest worden.
In de genoemde Kamerbrief heeft de toenmalige Staatssecretaris Mijnbouw aangegeven terughoudend te willen zijn met het stellen van een bovengrens aan de hoogte van de uitvoeringskosten bij het IMG. Lagere uitvoeringskosten zijn namelijk geen doel op zich: voorop moet staan dat bewoners met schade goed en op een milde, menselijke en makkelijke manier worden geholpen. En daar komen uitvoeringskosten bij kijken. Denk bijvoorbeeld aan een meer persoonlijke benadering van bewoners.
De Staatssecretaris heeft benadrukt het eens te zijn met mevrouw Aerdts dat de uitvoeringskosten bij het IMG al lange tijd hoog zijn. Deze hoge kosten zijn onwenselijk als deze kosten samenhangen met dure procedures (zoals uitgebreide onderzoeken naar de schadeoorzaak) die de schadeafhandeling onnodig ingewikkeld maken. Het kabinet heeft in de kabinetsreactie op het rapport van de parlementaire enquêtecommissie verschillende maatregelen genomen om de schadeafhandeling minder ingewikkeld en minder belastend voor bewoners te maken. Zo worden juridische procedures door het IMG tot een minimum beperkt, en hebben bewoners de mogelijkheid gekregen om schades te laten herstellen zonder onderzoek naar de schade-oorzaak. Hiermee is een belangrijke reden voor onvrede en juridische procedures weggenomen. Ook is de mogelijkheid om schade te laten vergoeden met een vast geldbedrag voor meer mensen aantrekkelijk geworden, omdat het bedrag is verdubbeld van € 5.000 naar € 10.000.
Bewoners hebben een vrije keuze tussen verschillende wijzen van schadeafhandeling, maar de uitvoeringskosten tussen de diverse wijzen van schadeafhandeling verschillen substantieel. De mate waarin de totale uitvoeringskosten de komende jaren zullen dalen, hangt vooral samen met de keuzes die bewoners zullen maken. De uitvoeringskosten per aanvraag zijn bij de vaste vergoeding bijvoorbeeld ongeveer vijf tot tien keer lager dan bij de bestaande maatwerkprocedure, waarbij bewoners een financiële vergoeding krijgen per individueel beoordeelde schade. Het feit dat deze maatwerkprocedure tot hogere uitvoeringskosten leidt, is op zichzelf echter geen reden om te tornen aan het recht dat bewoners hebben om voor deze optie te kiezen. In de kabinetsreactie op de Staat van Groningen en Noord-Drenthe zal het kabinet jaarlijks ingaan op de keuzes die bewoners maken voor de verschillende wijzen van afhandeling. Ook wordt ingegaan op de mate waarin bewoners de schadeafhandeling als mild, makkelijk en menselijk ervaren, en wat dit betekent voor de uitvoeringskosten. Overigens worden de uitvoeringskosten ook gewoon in rekening gebracht bij de NAM.
Ik vertrouw erop u hiermee voldoende te hebben geïnformeerd.
De Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties, J.J.M. Uitermark
Samenstelling:
Kemperman (BBB), Lagas (BBB) (voorzitter), Kroon (BBB),Van Langen-Visbeek (BBB), Lievense (BBB), Fiers (GroenLinks-PvdA), Recourt (GroenLinks-PvdA), Janssen-Van Helvoort (GroenLinks-PvdA), Van Gurp (GroenLinks-PvdA), Roovers (GroenLinks-PvdA), Geerdink (VVD), Van de Sanden (VVD), Meijer (VVD) (ondervoorzitter), Doornhof (CDA), Prins (CDA), Van Toorenburg (CDA), Dittrich (D66), Aerdts (D66), Van Hattem (PVV), Nicolaï (PvdD), Nanninga (JA21), Janssen (SP), Talsma (CU), Dessing (FVD), Schalk (SGP), Perin-Gopie (Volt), Van Rooijen (50PLUS), Van der Goot (OPNL)
Kopieer de link naar uw clipboard
https://zoek.officielebekendmakingen.nl/kst-36600-VII-H.html
De hier aangeboden pdf-bestanden van het Staatsblad, Staatscourant, Tractatenblad, provinciaal blad, gemeenteblad, waterschapsblad en blad gemeenschappelijke regeling vormen de formele bekendmakingen in de zin van de Bekendmakingswet en de Rijkswet goedkeuring en bekendmaking verdragen voor zover ze na 1 juli 2009 zijn uitgegeven. Voor pdf-publicaties van vóór deze datum geldt dat alleen de in papieren vorm uitgegeven bladen formele status hebben; de hier aangeboden elektronische versies daarvan worden bij wijze van service aangeboden.