Kamerstuk
| Datum publicatie | Organisatie | Vergaderjaar | Dossier- en ondernummer |
|---|---|---|---|
| Eerste Kamer der Staten-Generaal | 2022-2023 | 36259 nr. D |
Zoals vergunningen, bouwplannen en lokale regelgeving.
Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties.
U bent hier:
| Datum publicatie | Organisatie | Vergaderjaar | Dossier- en ondernummer |
|---|---|---|---|
| Eerste Kamer der Staten-Generaal | 2022-2023 | 36259 nr. D |
Vastgesteld 28 maart 2023
De commissie voor Europese Zaken1 heeft in haar vergaderingen van 21 februari en 7 maart 2023 gesproken over de Staat van de Unie 20232, voorafgaand aan de Algemene Europese Beschouwingen (AEB) die op 18 april 2023 zullen plaatsvinden. In de commissie leefde geen behoefte voor een schriftelijke voorbereiding van de AEB 2023 over het document van de Staat van de Unie. Traditiegetrouw maakt een beschouwing over de Raad van Europa ook deel uit van de AEB. De commissie3 heeft in dit kader wel nog de volgende schriftelijke vragen voorafgaand aan het debat.
Naar aanleiding hiervan is op 13 maart 2023 een brief gestuurd aan de Minister van Buitenlandse Zaken.
De Minister heeft op 27 maart 2023 gereageerd.
De commissie brengt bijgaand verslag uit van het gevoerde schriftelijk overleg.
De griffier van de vaste commissie voor Europese Zaken, Van der Bijl
Aan de Minister van Buitenlandse Zaken
Den Haag, 13 maart 2023
De commissie voor Europese Zaken heeft in haar vergaderingen van 21 februari en 7 maart 2023 gesproken over de Staat van de Unie 20234, voorafgaand aan de Algemene Europese Beschouwingen (AEB) die op 18 april 2023 zullen plaatsvinden. In de commissie leefde geen behoefte voor een schriftelijke voorbereiding van de AEB 2023 over het document van de Staat van de Unie. Traditiegetrouw maakt een beschouwing over de Raad van Europa ook deel uit van de AEB. De commissie5 heeft in dit kader wel nog de volgende schriftelijke vragen voorafgaand aan het debat.
Op 16 en 17 mei 2023 vindt in Reykjavik de Top over de Toekomst van de Raad van Europa plaats. Met deze Top in het vooruitzicht wenst de commissie nog te weten of er (nieuwe) obstakels zijn opgekomen die zouden kunnen beletten dat de toetreding van de EU tot het EVRM op korte termijn zou kunnen plaatsvinden?
De commissie vraagt bovendien wat de inzet van de Nederlandse regering zal zijn bij de Top in Reykjavik, in het bijzonder ook op:
– het tegengaan van straffeloosheid en veroordeling van daders van crime of aggression;
– de Istanbul-conventie6 en het tegengaan van gender-based violence.
Tot slot vraagt zij op welke wijze u het maatschappelijk middenveld en jongeren denkt te betrekken bij deze Top.
De commissie voor Europese Zaken ziet uw reactie op bovengenoemde vragen met belangstelling tegemoet en ontvangt deze – met het oog op het plenaire debat van 18 april – graag uiterlijk 31 maart 2023.
Voorzitter van de vaste commissie voor Europese Zaken, M.G.H.C. Oomen-Ruijten
Aan de Voorzitter van de Eerste Kamer der Staten-Generaal
Den Haag, 27 maart 2023
Hierbij bied ik u de beantwoording op de schriftelijke vragen van de Eerste Kamer aan inzake het debat over de Algemene Europese Beschouwingen (AEB) / Staat van de Unie (SvU) op 18 april a.s.
De Minister van Buitenlandse Zaken, W.B. Hoekstra
Op 16 en 17 mei 2023 vindt in Reykjavik de Top over de Toekomst van de Raad van Europa plaats. Met deze Top in het vooruitzicht wenst de commissie nog te weten of er (nieuwe) obstakels zijn opgekomen die zouden kunnen beletten dat de toetreding van de EU tot het EVRM op korte termijn zou kunnen plaatsvinden?
Antwoord van het kabinet:
Tijdens de laatste onderhandelingsronde in Straatsburg die plaatsvond van 14-17 maart jl. is een voorlopig akkoord op onderhandelaarsniveau bereikt, voorafgaand aan de aanstaande Top van de Raad van Europa. Nederland heeft zich er hard voor gemaakt om dit voorlopig akkoord voor deze Top te realiseren. Een oplossing voor het bezwaar van het EU-Hof over het Gemeenschappelijk Buitenlands en Veiligheidsbeleid (GBVB) maakt geen onderdeel uit van dit voorlopig akkoord. Kortgezegd vond het EU-Hof het problematisch dat het EHRM, – na toetreding van de EU tot het EVRM, rechtsmacht zou krijgen over GBVB-handelingen die o.g.v. de stand van het EU recht toen aan de rechtsmacht van het EU-Hof zouden ontsnappen. De EU heeft toegezegd zich in te zetten op een EU-interne oplossing voor dit bezwaar. De niet-EU leden van de Raad van Europa hebben hiermee ingestemd. Het vinden van een interne oplossing voor het GBVB-bezwaar is noodzakelijk om tot een finaal akkoord te komen en toetreding van de EU tot het EVRM te realiseren. In de Raad van de EU bestaat brede steun voor een interpretatieve verklaring over het GBVB, maar er is op dit moment geen consensus over deze oplossing, noch voor een andere oplossing voor het GBVB-bezwaar. In de EU wordt daarom verder gewerkt aan een oplossing en de EU zal de niet-EU leden van de Raad van Europa informeren over de voortgang die het hierop boekt.
De commissie vraagt bovendien wat de inzet van de Nederlandse regering zal zijn bij de Top in Reykjavik, in het bijzonder ook op:
- het tegengaan van straffeloosheid en veroordeling van daders van crime of aggression;
- de Istanbul-conventie7 en het tegengaan van gender-based violence.
Antwoord van het kabinet:
Op verzoek van de Tweede Kamer der Staten-Generaal zal in aanloop naar de Top over de Toekomst van de Raad van Europa een brief worden verzonden, waarin de volledige kabinetsinzet uiteen zal worden gezet.
De gevolgen van de Russische agressie tegen Oekraïne en accountability zullen hoog op de agenda staan in Reykjavik. De Nederlandse regering steunt een eventuele rol van de Raad van Europa bij het tegengaan van straffeloosheid en de veroordeling van daders van het misdrijf agressie, daar waar de organisatie een meerwaarde kan bieden. Deze meerwaarde zal vooral ondersteunend van aard zijn, omdat de Raad van Europa niet zelf strafrechtelijke vervolging kan instellen. De Raad van Europa ambieert wel een centrale rol bij het opzetten van het schaderegister, waarvoor Nederland zich heeft aangeboden als gastland. Bezien wordt of en hoe de Raad van Europa van nut kan zijn bij oprichting van een dergelijk register.
Door de oorlog in Oekraïne maar ook door verzwakking (backsliding) van mensenrechten, democratie en rechtsstaat in heel Europa staan de kernwaarden van de Raad van Europa onder druk. Het kabinet wil de Top gebruiken om het belang van deze waarden en het multilaterale stelsel te benadrukken en herbevestigen.
Ook op het terrein van vrouwenrechten, gendergelijkheid en geweld tegen vrouwen en meisjes zien we deze backsliding. Nederland zet op het hoogste politieke niveau in op een oproep aan alle lidstaten van de Raad van Europa om het Verdrag van Istanboel te ratificeren. Daarnaast moedigt Nederland niet-lidstaten aan om te overwegen het Verdrag van Istanboel te ondertekenen en te ratificeren. Het Verdrag van Istanboel blijft tot op de dag van vandaag het enige belangrijke instrument dat openstaat voor universele ratificatie, specifiek gericht op het bestrijden van geweld tegen vrouwen. Versterking en bevordering van het Verdrag van Istanboel is een prioriteit van het kabinet, ook in het kader van de Top.
Bovendien maakt Nederland zich in Raad van Europa-verband, en specifiek ook in het licht van de Top, hard voor betere tenuitvoerlegging van uitspraken van het Europees Hof voor de Rechten van de Mens (EHRM). Gebrekkige of niet-naleving van uitspraken van het Hof ondermijnen de effectiviteit en geloofwaardigheid van het gehele EVRM-systeem. Het overgrote deel van de uitspraken van het EHRM wordt door de lidstaten tenuitvoergelegd. Echter, daar waar dat niet of te traag gebeurt, of waar lidstaten hulp nodig hebben bij de uitvoering, is de inzet van het kabinet dat de aandacht voor de tenuitvoerlegging van uitspraken en de ondersteuning van lidstaten in dit kader naar een nog hoger niveau moeten worden gebracht.
Tot slot vraagt zij op welke wijze u het maatschappelijk middenveld en jongeren denkt te betrekken bij deze Top.
Antwoord van het kabinet:
Het kabinet hecht veel waarde aan het betrekken van het maatschappelijk middenveld en jongeren bij de Top. Op 28 februari en 1 maart vond de Civil Society Summit plaats in Den Haag, gesteund door Nederland. Deze vergadering, georganiseerd door Campaign to Uphold Rights in Europe (CURE) en de Conferentie van INGOs (CINGO) van de Raad van Europa, bracht ngo’s uit geheel Europa samen teneinde aanbevelingen te formuleren met het oog op de Top in Reykjavik. CURE en CINGO hebben de aanbevelingen in Straatsburg kunnen presenteren aan de lidstaten. Om jongeren een stem te geven in aanloop naar en ter voorbereiding op de Top is de jongerendenktank van het Ministerie van Buitenlandse Zaken, The West Wing, gevraagd om mee te denken over de toekomst van de organisatie. CURE, CINGO en The West Wing waren ook uitgenodigd voor het special event rond 75 jaar Congres van Den Haag dat het Ministerie van Buitenlandse Zaken samen met de Nederlandse delegatie naar de Parlementaire Assemblee van de Raad van Europa en Instituut Clingendael op 2 maart jl. heeft georganiseerd in het Vredespaleis.
In Straatsburg wordt ook gewerkt aan het betrekken van jongeren en het maatschappelijk middenveld. De Nederlandse Permanente Vertegenwoordiging gaat in gesprek met maatschappelijke organisaties en met scholieren en studenten die een bezoek brengen aan Straatsburg en grijpt ook kansen aan om bij te dragen aan colleges of andere evenementen. Tevens heeft het IJslands voorzitterschap een open call georganiseerd, ten behoeve waarvan het maatschappelijk middenveld, inclusief jongeren, een bijdrage hebben kunnen leveren aan de gedachtenvorming rondom de Top. Ook nemen jongerenvertegenwoordigers deel aan de vergaderingen van het Congres van Regionale en Lokale Overheden, dat regelmatig spreekt over de voorbereiding en mogelijke resultaten van de Top.
Samenstelling:
Essers (CDA), Koffeman (PvdD), Backer (D66), Faber-Van de Klashorst (PVV), Van Apeldoorn (SP) (ondervoorzitter), De Boer (GL), Van Dijk (SGP), Koole (PvdA), Oomen-Ruijten (CDA) (voorzitter), Stienen (D66), De Bruijn-Wezeman (VVD), Van Rooijen (50PLUS), Arbouw (VVD), Van Ballekom (VVD), Beukering (Fractie-Nanninga), Bezaan (VVD), Frentrop (Fractie-Frentrop), Geerdink (VVD), Huizinga-Heringa (CU), Karimi (GL), Otten (Fractie-Otten), Krijnen (GL), Vos (PvdA), Van Wely (Fractie-Nanninga) en Raven (OSF).
Verdrag van de Raad van Europa inzake het voorkomen en bestrijden van geweld tegen vrouwen en huiselijk geweld, 11-05-2011.
Verdrag van de Raad van Europa inzake het voorkomen en bestrijden van geweld tegen vrouwen en huiselijk geweld, 11-05-2011.
Kopieer de link naar uw clipboard
https://zoek.officielebekendmakingen.nl/kst-36259-D.html
De hier aangeboden pdf-bestanden van het Staatsblad, Staatscourant, Tractatenblad, provinciaal blad, gemeenteblad, waterschapsblad en blad gemeenschappelijke regeling vormen de formele bekendmakingen in de zin van de Bekendmakingswet en de Rijkswet goedkeuring en bekendmaking verdragen voor zover ze na 1 juli 2009 zijn uitgegeven. Voor pdf-publicaties van vóór deze datum geldt dat alleen de in papieren vorm uitgegeven bladen formele status hebben; de hier aangeboden elektronische versies daarvan worden bij wijze van service aangeboden.