Tweede Kamer der Staten-Generaal

36 250 Najaarsnota 2022

Nr. 1 BRIEF VAN DE MINISTER VAN FINANCIËN

Ontvangen 21 november 2022

Vergaderjaar 2022‒2023

1 Inleiding

Het jaar 2022 kenmerkt zich door grote economische en maatschappelijke onzekerheden. De vreselijke oorlog in Oekraïne, die nog altijd onverminderd woedt, heeft ons laten zien dat vrijheid, veiligheid en welvaart in brede zin niet vanzelfsprekend zijn. Ook in Nederland merken we de effecten, onder andere doordat de inflatie na de opwaartse trend eind 2021 nog verder is gestegen tot een historisch hoge waarde vandaag de dag. Dit heeft gevolgen voor zowel de inwoners als de bedrijven in ons land. Zij maken zich zorgen of zij nog wel rond kunnen komen of operationeel kunnen blijven door de almaar stijgende prijzen. Om aan deze zorgen tegemoet te komen, heeft het kabinet op Prinsjesdag omvangrijke en historische maatregelen aangekondigd om de effecten van de hoge inflatie voor grote groepen in de samenleving te dempen. Ook de andere grote vraagstukken, zoals de noodzakelijke transities op het gebied van klimaat en natuur, hebben de aandacht van dit kabinet. Het kabinet voelt het grote belang om naast de vraagstukken van vandaag – zoals de koopkracht van Nederlanders – ook de vraagstukken van morgen en elders aan te pakken. Het kabinet werkt daarom ook onverminderd door aan de gestelde prioriteiten op het gebied van bestaanszekerheid en kansengelijkheid, democratische rechtsorde, veiligheid en sterke samenleving, de internationale context, duurzaamheid, gezondheid en de economie.

Bijzonder is dat er dit jaar tussen de Miljoenennota en Najaarsnota een aantal aanvullende maatregelen voor 2022 en 2023 zijn genomen. Zo heeft het kabinet besloten de koopkrachtmaatregelen uit de Miljoenennota aan te vullen met een tijdelijk prijsplafond voor energie. De overheid neemt hiermee het risico van schommelingen in energieprijzen over van huishoudens. Ook is er een tijdelijke tegemoetkoming geïntroduceerd voor mkb-ondernemingen waarvan de energiekosten een relatief groot deel uitmaken van de totale kosten. Met behulp van deze tegemoetkoming krijgt het energie-intensieve mkb meer ademruimte om zijn bedrijfsmodel toekomstbestendig te maken.

In deze Najaarsnota wordt daarnaast ingegaan op energiecompensatie voor de (semi-)collectieve sector. Het kabinet gaat bij Voorjaarsnota 2023 extra prijsbijstelling uitkeren om de (semi-)collectieve sector structureel extra te compenseren voor de hoge inflatie. Hiermee krijgen departementen, gemeenten en provincies de mogelijkheid om waar nodig sectoren specifiek te compenseren.

Doorkijk en dekkingsopgaveDe dekkingsopgave die moet worden ingevuld in het voorjaar van 2023 is aanzienlijk. Het prijsplafond en de tijdelijke tegemoetkoming energiekosten voor het mkb zijn bijvoorbeeld nog niet volledig gedekt. Mede als gevolg hiervan is de incidentele opgave naar huidige inschatting in het voorjaar bijna 7,5 miljard euro. Hiervoor zal naar dekking moeten worden gezocht op basis van de budgettaire ontwikkelingen in het voorjaar, mede gebaseerd op het Centraal Economisch Plan (CEP). Het vinden van dekking is onder andere van belang vanwege het mogelijk versterkend effect van de overheidsuitgaven op de inflatie.

In het voorjaar van 2023 zal daarnaast structurele dekking gevonden moeten worden voor de stijgende rentelasten. Afhankelijk van het langerentetarief op dat moment loopt dat op tot structureel tussen de 5,8 en 9,2 miljard euro. Het kabinet inventariseert in aanloop naar de voorjaarsbesluitvorming opties en maatregelen om deze tegenvaller structureel in te passen. Zo blijven de overheidsfinanciën beheersbaar en worden er geen rekeningen doorgeschoven naar toekomstige generaties. Zowel de incidentele als structurele dekkingsopgave komen in meer detail terug in paragraaf 2.3. Gezien de uitzonderlijke omstandigheden is het belangrijk om de uitgaven en lasten integraal te blijven bezien, zoals ook gedaan in de voorjaars- en augustusbesluitvorming 2022.

Beeld 2022Deze Najaarsnota presenteert zoals gebruikelijk de laatste stand van zaken van de uitgaven en inkomsten voor het begrotingsjaar 2022. Het gaat hierbij om de wijzigingen voor 2022 die zich hebben voorgedaan na de Miljoenennota 2023. Deze wijzigingen in de inkomsten en uitgaven zijn het gevolg van reguliere actualisaties van de uitvoering van beleid en bijstellingen van ramingen, alsmede de verwerking van nieuwe maatregelen. Aan de uitgavenkant doen zich tegenvallers voor op de asieluitgaven als gevolg van hogere asielinstroom. Daarnaast komen er minder boeten en afpakken-ontvangsten binnen op de begroting van Justitie en Veiligheid. Deze tegenvallers worden gedekt met onderuitputting op de begrotingen. De resterende onderuitputting wordt gebruikt om de taakstellende onderuitputting van 2,1 miljard euro in te vullen en een deel van de reguliere in=uit taakstelling ter grootte van 0,2 miljard euro. Van de reguliere in=uit taakstelling staat daarmee nog 1,2 miljard euro taakstelling open. In het Financieel Jaarverslag Rijk zal hiervoor de definitieve stand worden opgemaakt.

De geraamde inkomsten voor 2022 zijn met 3,1 miljard euro opwaarts bijgesteld ten opzichte van de Miljoenennota 2023. Deze bijstelling bestaat uit een positief, beleidsmatig effect van 6,4 miljard euro vanuit de nieuwe solidariteitsheffing. Hier tegenover staat een negatief effect door economische ontwikkelingen bij de reguliere inkomsten van 3,3 miljard euro. Het EMU-saldo en EMU-schuld laten een lichte verslechtering zien ten opzichte van de Miljoenennota 2023: het EMU-saldo komt in 2022 uit op ‒ 1,0% bbp en de schuld op 50,4% bbp. Dit is ten opzichte van ‒ 0,9% bbp en 49,8% bbp uit de Miljoenennota 2023.

Naast de Najaarsnota worden ook de daarmee samenhangende tweede suppletoire begrotingswetten aangeboden aan de Tweede Kamer. De tweede suppletoire begrotingswetten zijn de laatste reguliere mogelijkheid voor het kabinet om voor het lopende begrotingsjaar 2022 beleidsmatige mutaties aan de Tweede Kamer voor te leggen.

LeeswijzerParagraaf 2 geeft het budgettaire beeld met een overzicht van de genomen budgettaire maatregelen voor 2022, inclusief een eerste doorkijk van de dekkingsopgave richting het hoofdbesluitvormingsmoment in het voorjaar van 2023. Vervolgens volgt een toelichting op de verandering in de uitgaven onder het uitgavenplafond sinds de Miljoenennota 2023. Hierbij wordt als eerste een overzicht van de totale stand van de uitgaven onder het uitgavenplafond gepresenteerd. Vervolgens worden per deelplafond de plafondtoetsen getoond en de uitgavenmutaties toegelicht. In paragraaf 3 wordt het inkomstenbeeld gepresenteerd, met ook hierbij de bijstellingen sinds de Miljoenennota 2023. Paragraaf 4 behandelt het effect van de wijzigingen in inkomsten en uitgaven op het overheidssaldo en de overheidsschuld. Paragraaf 5 bevat ten slotte een totaaloverzicht van de belangrijkste budgettaire gegevens voor het jaar 2022.

Deze Najaarsnota kent acht bijlagen. Bijlage 1 bevat de Verticale Toelichting. Bijlage 2 geeft een overzicht van de geactualiseerde energiemaatregelen en de dekking hiervoor in 2022 en 2023, zoals deze tijdens de Miljoenennota zijn aangekondigd. In bijlage 3 worden de coronagerelateerde uitgaven gepresenteerd. Bijlage 4 geeft een overzicht van de uitgaven gerelateerd aan de oorlog in Oekraïne. Bijlage 5 toont een volledig overzicht van de belasting- en premieontvangsten. In bijlage 6 wordt een overzicht gegeven van de coalitieakkoordmiddelen op de Aanvullende Post. Bijlage 7 geeft een uitgebreid overzicht van de uitgaven gerelateerd aan het herstel van de toeslagen en tot slot geeft bijlage 8 een overzicht van de uitgaven voor schade en versterken in Groningen.

2 Het uitgavenbeeld

Paragraaf 2.1 geeft een overzicht van het reguliere uitgavenbeeld. In paragraaf 2.2 wordt ingegaan op de energiecompensatie voor de (semi-)collectieve sector. Paragraaf 2.3 gaat in op de dekkingsopgave voor het voorjaar van 2023. Het prijsplafond en de tijdelijke tegemoetkoming energiekosten voor het mkb zijn nog niet volledig gedekt. Gezien de uitwerking van de maatregelen en de onzekerheden in de ontwikkeling van de energieprijzen is besloten om deze dekkingsopgave in het voorjaar van 2023 in te vullen. Deze uitgaven maken daarom geen onderdeel uit van het reguliere uitgavenbeeld (paragraaf 2.1). In paragraaf 2.4 wordt kort stilgestaan bij de uitgaven gerelateerd aan de oorlog in Oekraïne en aan corona. Paragraaf 2.5 sluit af met een overzicht van het uitgavenplafond en een verdieping op de onderliggende deelplafonds inclusief toelichtingen.

2.1 Uitgavenbeeld

Tabel 2.1.1 Uitgavenbeeld

In miljoenen euro

2022

Generale dossiers

194

Afpakken

290

Boeten

86

Dividenden staatsdeelnemingen

‒ 80

Rente-uitgaven

‒ 18

EU-afdrachten

‒ 88

Studiefinanciering rente-ontvangsten

5

  

Mee-/Tegenvallers

‒ 3.006

Asiel (totaal 431 miljoen)

200

Waterschade Limburg

‒ 176

Uitvoeringsinformatie SZW

‒ 291

Uitvoeringsinformatie VWS

‒ 6

Onderuitputting

‒ 2.733

waarvan kasschuiven

‒ 888

  

Eerder besloten kasschuiven

526

Kasschuif energietoelage

500

Kasschuif uitvoeringskosten stikstof

26

  

Invullen taakstellende onderuitputting (2,1 mld.)

2.100

Invullen in=uit taakstelling (1,4 mld.)

186

  

Totaal

0

Generale dossiers

Afpakken

Er doet zich een forse tegenvaller voor van 290 miljoen euro op de begrote ontvangsten uit het afpakken van crimineel geld en goederen door het uitblijven van grote transacties.

Boeten

Op de ontvangsten uit Boeten en Transacties doet zich een tegenvaller voor van 86 miljoen euro. Dit wordt veroorzaakt door mobiliteitsbeperkende coronamaatregelen aan het begin van het jaar, hogere brandstofprijzen en het vervangen van flitspalen en trajectcontroles waardoor deze tijdelijk moesten worden uitgezet.

Dividenden staatsdeelnemingen

Een actualisatie van de dividendramingen van de staatsdeelnemingen geeft voor het jaar 2022 een positieve bijstelling (80 miljoen euro) als gevolg van de definitieve vaststellingen van de dividenden.

Rente-uitgaven

De raming van de rentelasten wijzigt als gevolg van realisaties en door een bijstelling van de financieringsbehoefte.

EU-afdrachten

Bij de raming van de Nederlandse invoerrechten treedt er gedurende het jaar onbedoeld een saldo-effect op, omdat aan de inkomsten- en uitgavenkant een andere raming wordt gebruikt, respectievelijk de raming van het ministerie van Financiën en de raming van de Europese Commissie. Er wordt drie keer per jaar een actualisatie geboekt op de invoerrechten en de perceptiekostenvergoeding om te corrigeren voor dit saldo-effect. Nederland ontvangt 25% van de bruto af te dragen (na)betalingen aan traditionele eigen middelen (TEM) als perceptiekostenvergoeding. Dit leidt tot een meevaller van 88 miljoen euro. 

Studiefinanciering rente-ontvangsten

De plafondrelevante ontvangsten van rente over studiefinanciering zijn lager dan geraamd.

Mee-/Tegenvallers

Asiel

Door de verhoogde instroom van reguliere asielzoekers doen zich tegenvallers voor bij het Centraal Orgaan Opvang Asielzoekers (COA, 380 miljoen euro), Nidos (27 miljoen euro), de Immigratie- en Naturalisatiedienst (IND, 20 miljoen euro) en VluchtelingenWerk Nederland (4 miljoen euro). De totale tegenvaller is 431 miljoen euro. Een deel van deze meerkosten wordt opgevangen vanuit Official Development Assistance (ODA)-budgetten ten behoeve van de opvang van eerstejaars asielzoekers (160 miljoen euro). Het resterende deel wordt gedekt uit de onderuitputting bij JenV (71 miljoen euro) en de rijksbrede onderuitputting (200 miljoen euro).

Waterschade Limburg

Voor de regeling Tegemoetkoming waterschade Limburg was 256 miljoen euro op de JenV-begroting en 5,5 miljoen euro op de LNV-begroting gereserveerd. Het beroep op deze regeling is minder groot dan geraamd. Daarom valt een deel van het budget vrij. Op de JenV-begroting valt 175 miljoen euro in 2022 vrij. Hiervan wordt echter 35 miljoen euro doorgeschoven naar 2023 voor het afhandelen van de in dat jaar geraamde vertraagde uitbetalingen. Op de LNV-begroting valt 1,4 miljoen euro in 2022 vrij.

Uitvoeringsinformatie SZW

Op basis van de uitvoeringsinformatie worden de uitgaven aan sociale zekerheid met 291 miljoen euro naar beneden bijgesteld in 2022. Dit betreft onder andere een neerwaartse bijstelling van de uitgaven aan arbeidsongeschiktheidsregelingen (93 miljoen euro) door voornamelijk een lagere instroom in de arbeidsongeschiktheidsregelingen. Daarnaast is er een neerwaartse bijstelling van de AOW-uitgaven (77 miljoen euro) door met name oversterfte dit jaar. De Ziektewet wordt met 52 miljoen euro naar beneden bijgesteld.

Uitvoeringsinformatie VWS

Op basis van actuele ramingen van zorgverzekeraars zijn de uitgaven vanwege de Zorgverzekeringswet en een deel van de uitgaven vanwege de Wet langdurige zorg in 2022, inclusief de effecten van COVID-19, geactualiseerd. Deze cijfers zijn gebaseerd op de daadwerkelijke declaraties van de eerste drie kwartalen van 2022, aangevuld met een raming voor de nog te verwachten uitgaven in 2022.

Onderuitputting

De onderuitputting bij Najaarsnota betreft 2,7 miljard euro. De meeste onderuitputting doet zich voor op de begroting van Defensie (748 miljoen euro) en op de begroting van Economische Zaken en Klimaat (391 miljoen euro). In onderstaande tabel is de onderuitputting per departement opgenomen. Een toelichting per departement is onder deze tabel opgenomen. De onderuitputting zal (deels) via de eindejaarsmarge volgend jaar weer worden toegevoegd aan de departementale begrotingen. Daarnaast wordt 918 miljoen euro van de onderuitputting via kasschuiven naar 2023 geschoven.

Tabel 2.1.2 Onderuitputting 2022

In miljoenen euro

2022

Algemene Zaken

‒ 2

Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties

‒ 335

Justitie en Veiligheid

0

Onderwijs, Cultuur en Wetenschap

‒ 185

Financiën

‒ 148

Defensie

‒ 748

Infrastructuur en Waterstaat

‒ 200

Economische Zaken en Klimaat

‒ 391

Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit

‒ 137

Sociale Zaken en Werkgelegenheid

‒ 41

Volksgezondheid, Welzijn en Sport

‒ 114

Homogene Groep Internationale Samenwerking

‒ 73

Aanvullende Post

‒ 359

Totaal

‒ 2.733

Algemene Zaken (AZ)

Het beeld van mee- en tegenvallers laat voor de begroting van AZ een netto onderuitputting van 2,1 miljoen euro zien. Dit beeld wordt voornamelijk bepaald door onderuitputting bij het ICT-project AZ-Next (1 miljoen euro), en het personeelsbudget van de Commissie van Toezicht op de Inlichtingen- en Veiligheidsdiensten (0,5 miljoen euro). Daarnaast zijn er hogere ontvangsten die samenhangen met de doorbelasting van de kosten voor de kabinetsformatie 2021 naar de Tweede Kamer (0,5 miljoen euro).

Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (BZK)

Op de begroting van BZK zijn diverse uitgaven lager uitgevallen. Er zijn diverse meevallers, onder meer op het gebied van subsidies voor isolatie en apparaatskosten. In totaal gaat het om 25 miljoen euro. Daarnaast komen de middelen voor kwijtschelding van publieke schulden (160 miljoen euro), en voor de fysieke en financiële herplaatsingsgarantie (116 miljoen euro) niet tot besteding in 2022. Deze middelen (276 miljoen euro) worden doorgeschoven naar 2023. Tevens wordt van de 33,1 miljoen euro voor de personele inzet voor de crisisopvang (CNO) van asielzoekers 30,5 miljoen euro doorgeschoven naar 2023.

Justitie en Veiligheid (JenV)

De onderuitputting op het niet-asiel gerelateerde deel van de begroting van JenV bedraagt 71 miljoen euro. Deze onderuitputting bestaat voornamelijk uit meevallers op het gebied van intra- en extramurale sanctie-uitvoering (44 miljoen euro), slachtofferzorg (11 miljoen euro) en onderuitputting op middelen voor preventie (10 miljoen euro), ondermijning (10 miljoen euro) en de Raad voor de rechtspraak (10 miljoen euro). Hier tegenover staan tegenvallers die zich voordoen op de ontvangsten uit griffierechten (15 miljoen euro) en de implementatie van de Europese verordening Inreis- en uitreissysteem op Schiphol (14,5 miljoen euro). De onderuitputting wordt geheel ingezet ter dekking van de asieltegenvaller.

Onderwijs, Cultuur en Wetenschap (OCW)

De onderuitputting op de begroting van OCW bedraagt 185 miljoen euro. Dit bedrag is opgebouwd uit onder meer onderuitputting op de subsidieregeling Maatschappelijke diensttijd (65 miljoen euro), een meevaller op de uitgaven aan studiefinanciering (50 miljoen euro), onderuitputting op de apparaatskosten (15 miljoen euro) en een meevaller op de regeling zittenblijven (10 miljoen euro).

Financiën (FIN)

De onderuitputting op de begroting van FIN wordt met name veroorzaakt door personeelsverloop en krapte op de arbeidsmarkt, waardoor het over de gehele linie van het ministerie van Financiën langer duurt om vacatures te vervullen. Daarnaast doet zich een meevaller voor op de niet-belastingontvangsten op de Financiënbegroting.

Defensie (DEF)

Er vinden bij Defensie over een breed front van de Defensiebegroting neerwaartse aanpassingen van de uitgaven plaats. Deze neerwaartse aanpassingen zijn voornamelijk het gevolg van krapte op de Defensiemarkt en op de arbeidsmarkt. Als gevolg daarvan worden investeringsprojecten doorgeschoven naar latere jaren.

Infrastructuur en Waterstaat (IenW)

Op de beleidsbegroting van IenW is sprake van per saldo onderuitputting van 5 miljoen euro door diverse kleine mee- en tegenvallers.

Daarnaast tonen de voorlopige realisatiecijfers op het Mobiliteitsfonds een voordelig saldo van 109 miljoen euro. Dit komt voornamelijk door kasvertraging op diverse projecten op het hoofdwegennet (130 miljoen euro) en spoor (155 miljoen euro). Op de ontvangsten is een nadelig saldo zichtbaar (180 miljoen euro). Dit komt met name doordat een ontvangst van de provincie Groningen (110 miljoen euro) pas in 2023 binnenkomt.

De voorlopige realisatiecijfers van het Deltafonds tonen een voordelig saldo van 86 miljoen euro. Dit komt voornamelijk door vertraging in de betalingen bij het project Afsluitdijk. Op de ontvangsten is een voordelig saldo zichtbaar (13 miljoen euro). Dit komt voornamelijk door terugbetaling van te veel betaalde subsidies voor het hoogwaterbeschermingsprogramma.

Economische Zaken en Klimaat (EZK)

Op de begroting van EZK treedt per saldo 391 miljoen euro aan onderuitputting op. Deze onderuitputting is opgebouwd uit achterblijvende uitgaven in het kader van de bestuurlijke afspraken Groningen (140 miljoen euro) en diverse meevallers bij de Autoriteit Consument & Markt High Trust boetes (53,5 miljoen euro), op de indirecte kostencompensatie ETS (15,6 miljoen euro) en bij diverse kleinere meevallers op verschillende artikelen.

Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit (LNV)

De onderuitputting op de begroting van LNV bedraagt 137 miljoen euro. De onderuitputting wordt allereerst veroorzaakt door vertraging bij de goedkeuring van de stilligregeling en liquiditeitsregeling uit de Brexit Adjustment Reserve. De goedkeuring van de Europese Commissie voor deze regelingen duurt langer dan gepland, waardoor deze middelen niet tot besteding komen in 2022 (45 miljoen euro). Ten tweede wordt de onderuitputting veroorzaakt door onderuitputting op stikstofmaatregelen (91,7 miljoen euro). Dit betreft 0,5 miljoen euro onderuitputting op middelen uit het transitiefonds die zijn overgeboekt naar de LNV-begroting en 91,2 miljoen euro onderuitputting op stikstofmiddelen van de structurele aanpak stikstof van het vorig kabinet.

Sociale Zaken en Werkgelegenheid (SZW)

De uitgaven op de begroting van SZW zijn per saldo met 41 miljoen euro naar beneden bijgesteld. Zo worden de uitgaven aan opdrachten en bijdragen aan Zelfstandige Bestuursorganen neerwaarts bijgesteld met respectievelijk 15 miljoen euro en 13 miljoen euro. Ook zijn enkele niet-benodigde reserveringen vrijgevallen, met name op het gebied van apparaatsuitgaven. Bij de Najaarsnota is de openstaande taakstelling van 35,5 miljoen euro ingevuld.

Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS)

De onderuitputting op de begroting van VWS bedraagt 114 miljoen euro. De grootste meevallers doen zich voor op diverse apparaatsbudgetten (13,6 miljoen euro), bij de subsidieregeling medisch noodzakelijke zorg aan onverzekerden (13,5 miljoen euro). Daarnaast zijn er lagere kosten voor de implementatie Donorwet (8,3 miljoen euro) en hogere ontvangsten door een terugvordering bij ZonMw (23,4 miljoen euro). Er zijn ook enkele tegenvallers, zoals wisselkoerseffecten van zorgcontracten in Caribisch Nederland (13,6 miljoen euro). De onderuitputting van VWS wordt middels twee kasschuiven naar 2023 geschoven, zie toelichting kasschuiven.

Homogene Groep Internationale Samenwerking (HGIS)

Per saldo wordt er 73 miljoen euro minder uitgegeven aan internationale samenwerking. Deze post bestaat voor 39,5 miljoen euro uit onderuitputting, omdat een aantal departementen binnen de HGIS lagere uitgaven verwachten dan geraamd. Dit wordt via de HGIS-eindejaarsmarge opgevraagd in de volgende jaren. Daarnaast wordt 33,9 miljoen euro doorgeschoven naar volgend jaar via de middelenafspraak huisvesting. Het huisvestingsbeleid van het ministerie van Buitenlandse Zaken is gericht op het moderniseren, verduurzamen en rationaliseren van de vastgoedportefeuille. Om dit te bewerkstelligen is een middelenafspraak huisvesting gemaakt waarbij de opbrengst van de verkopen opnieuw kan worden ingezet in latere jaren. Uitvoering van de huisvestingsprojecten loopt vertraging op vanwege de effecten van COVID-19 en de onzekerheid omtrent de oorlog in Oekraïne.

Aanvullende Post (AP)

Op de AP vallen diverse middelen vrij, waaronder middelen voor digitale veiligheid, BAR, Traditioneel eigen middelen (TEM), Klimaat en woningbouw. De middelen voor de BAR en digitale veiligheid worden middels kasschuiven naar 2023 geschoven.

Waarvan kasschuiven

Een deel van de onderuitputting wordt middels kasschuiven doorgeschoven naar 2023. Deze kasschuiven zijn opgenomen in onderstaande tabel.

Tabel 2.1.3 Kasschuiven

In miljoenen euro

2022

Fysieke herplaatsingsgarantie (BZK)

‒ 116

Kwijtschelden publieke schulden (BZK)

‒ 160

Kasschuif Jeugdzorg (VWS)

‒ 9

Brexit Adjustment Reserve (EZK, LNV, AP)

‒ 257

Personeel veiligheidsregio's (BZK)

‒ 31

Waterschade Limburg (JenV)

‒ 35

Digitale veiligheid (AP)

‒ 170

Energiecompensatie (VWS)

‒ 111

Totaal

‒ 888

Fysieke herplaatsingsgarantie (BZK)

Bij de fysieke herplaatsingsgarantie wordt in samenwerking met gemeenten een fysieke herplaatsingsgarantie ingericht voor het tijdelijk plaatsen en mogelijk exploiteren van flexwoningen. De middelen voor de fysieke herplaatsingsgarantie komen in 2022 niet tot besteding omdat de concrete uitwerking langer vergt. Dit geldt ook voor de door BZK beschikbaar gestelde additionele middelen voor de financiëleherplaatsingsgarantie ter hoogte 20 miljoen euro. De middelen worden doorgeschoven naar 2023.

Kwijtschelden publieke schulden (BZK)

In 2021 is in samenwerking met de publieke schuldeisers en de verantwoordelijke departementen het kwijtschelden van publieke schulden uitgewerkt. Met de medeoverheden is afgesproken dat compensatie van de uitgaven en de derving van inkomsten plaatsvindt op basis van nacalculatie (werkelijke kosten). Ook de uitvoeringskosten van de kwijtscheldingsregelingen en de uitvoeringskosten die samenhangen met het compenseren van gemeenten worden vergoed. Vanwege de declaraties/verantwoording komen de middelen in 2022 niet tot besteding. De middelen worden doorschoven naar 2023.

Kasschuif Jeugdzorg (VWS)

Met de Vereniging Nederlandse Gemeenten (VNG) is afgesproken om dit jaar 10 miljoen euro vanuit het Gemeentefonds beschikbaar te stellen voor tijdelijke liquiditeitssteun aan jeugdzorgaanbieders als de zorgcontinuïteit in geding komt. Hiervan is 1,1 miljoen euro aangevraagd en verleend aan een instelling. Het resterende bedrag wordt naar 2023 verschoven zodat deze regeling beschikbaar blijft.

Brexit Adjustment Reserve (EZK, LNV, AP)

Op de AP stond voor 2022 22 miljoen euro geraamd voor uitvoeringskosten in het kader van de BAR. In 2022 is hiervan 8,9 miljoen euro opgevraagd door departementen. Het restant wordt doorgeschoven. Ook de BAR-reservering van 50 miljoen euro zal worden doorgeschoven. Dit betekent dat er op de Aanvullende Post in totaal 63 miljoen euro wordt doorgeschoven naar latere jaren. Daarnaast worden ook BAR-middelen op de begrotingen van LNV en EZK doorgeschoven. LNV schuift 45 miljoen euro voor het visserijspoor door en EZK schuift 149 miljoen euro voor het bedrijvenspoor door.

Personeel veiligheidsregio’s (BZK)

Er zijn middelen ter hoogte van 33,1 miljoen euro toegevoegd voor de personele inzet voor de crisisopvang van asielzoekers met als doel om te garanderen dat er voldoende opvangplekken zijn voor asielzoekers. De betalingen van de crisisopvang zullen voor een groot deel plaatsvinden in 2023, waarvoor 30,5 miljoen euro wordt doorgeschoven naar 2023.

Waterschade Limburg (JenV)

Voor de regeling Tegemoetkoming waterschade Limburg was 256 miljoen euro op de JenV-begroting gereserveerd. Vanwege de vertraagde uitbetalingen van gerealiseerde schade zal nog 35 miljoen euro in 2023 voor uitkeringen nodig zijn. Het restant van het budget valt vrij.

Energiecompensatie (VWS)

De steun voor amateursport en zwembaden leidt naar verwachting pas in 2023 tot uitgaven. Ter dekking van deze compensatie wordt 111 miljoen euro doorgeschoven naar 2023.

Eerder besloten kasschuiven

Kasschuif energietoelage

In 2023 is net als in 2022 1,4 miljard euro beschikbaar om huishoudens met een laag inkomen ondersteuning te bieden voor de gestegen energiekosten. Gemeenten kunnen huishoudens die leven van maximaal 120% van het sociaal minimum een bedrag van 1.300 euro uitkeren in 2023. Om huishoudens in 2022 nog beter te ondersteunen, krijgen gemeenten de mogelijkheid om 500 euro per huishouden al in 2022 uit te keren. Om deze reden wordt 500 miljoen euro van de begroting 2023 naar 2022 geschoven. De middelen worden verdeeld via de algemene uitkering op grond van de reguliere verdeelsleutel voor de bijzondere bijstand.

Kasschuif uitvoeringskosten stikstof

In het kader van gebiedsgericht werken is voor 2022 26 miljoen euro overgeheveld van de Aanvullende Post (transitiefonds) naar de LNV-begroting. Deze middelen stonden begroot voor 202, maar worden middels een kasschuif naar 2022 geschoven. De middelen zijn bedoeld voor onder andere aanvullende personele capaciteit bij de departementen en voor provincies voor het realiseren van de opgave van het Nationaal Programma Landelijk Gebied.

Invullen taakstellende onderuitputting (2,1 miljard euro)

Ter dekking van het koopkrachtpakket is bij Miljoenennota 2023 besloten om een extra taakstellende onderuitputting in te boeken van 2,1 miljard euro in 2022 en 2023 en 0,5 miljard euro in 2024. Met de onderuitputting die optreedt bij Najaarsnota wordt de taakstellende onderuitputting voor 2022 volledig ingevuld.

Invullen in=uit taakstelling (1,4 miljard euro)

De in=uit-taakstelling is de tegenhanger van de eindejaarsmarge. De eindejaarsmarge is bedoeld om ondoelmatige besteding van middelen aan het einde van het jaar te voorkomen door onbestede middelen naar het volgende jaar door te schuiven. Hiervoor geldt een maximum van 1,0% van de totale begroting. Begrotingsfondsen zoals het Defensiematerieelbegrotingsfonds, het Deltafonds en het Mobiliteitsfonds kennen een 100% eindejaarsmarge. Om te voorkomen dat het uitgavenplafond wordt overschreden als gevolg van de uitkering van de eindejaarsmarge, wordt tegelijkertijd een even grote taakstelling ingeboekt, de zogenaamde in=uit-taakstelling. Hierdoor levert het doorschuiven via de eindejaarsmarge dus geen extra middelen op in het jaar waarnaar wordt doorgeschoven. De in=uit taakstelling kent geen concrete invulling, maar wordt gaandeweg het jaar ingevuld. De invulling kan bestaan uit onderuitputting of andere meevallers.

De reguliere in=uittaakstelling voor 2022 bedraagt 1,4 miljard euro. Deze wordt nu voor 186 miljoen euro ingevuld. Mocht er bij het Financieel Jaarverslag Rijk onvoldoende onderuitputting optreden dan zal dit leiden tot een plafondoverschrijding en een verslechtering van het EMU-saldo.

2.2 Maatregelen (semi-)collectieve sector

Tijdens de afgelopen Algemene Politieke Beschouwingen (APB) heeft uw Kamer verzocht om vanwege de sterk gestegen energieprijzen te kijken naar gerichte ondersteuning van scholen, cultuurinstellingen, maatschappelijke voorzieningen en verenigingen. Hierbij werd gevraagd te kijken of gemeenten een rol kunnen spelen en de Kamer hier voor 1 november over te informeren.12 In reactie hierop heeft het kabinet in de nota Budgettaire verwerking algemene politieke beschouwingen aangekondigd om aanpassingen in de begroting voor 2022 bij de Najaarsnota te verwerken. Ook is toegezegd in deze Najaarsnota inzichtelijk te maken wat mogelijke budgettaire gevolgen zijn voor 2023. De budgettaire verwerking voor 2023 vindt plaats bij de Voorjaarsnota 2023.3 

Werking reguliere prijsbijstelling voor inflatie

Ieder jaar worden alle uitgaven geïndexeerd om ze op het prijspeil van het lopende jaar te brengen. De prijsbijstelling voor het jaar 2022 is gebaseerd op de in de begroting vastgelegde grondslag en de raming voor de prijsontwikkeling op basis van cijfers van het Centraal Planbureau (CPB). Om zekerheid te bieden over de hoogte van de prijsbijstelling worden de prijscodes op basis van CEP 2022 vastgezet voor het lopende jaar en bij Voorjaarsnota 2022 door Financiën aan vakdepartementen uitgekeerd. Voor ontwikkelingen in de prijsbijstelling wordt het uitgavenplafond gecorrigeerd.

Een uitzonderlijk jaar

Sinds het uitkomen van het CEP in maart is de prijsontwikkeling aanzienlijk gestegen. De raming voor de inflatie (CPI) was bijvoorbeeld bij CEP 2022 5,2% terwijl afgelopen zomer het CPB in de Macro Economische Verkenning (MEV) de inflatie voor 2022 raamde op 9,9%. De relevante uitgaven zijn daarmee voor 2022 niet volledig geïndexeerd. Dit werkt structureel door op de begroting. Gegeven de uitzonderlijke stijging van de prijzen sinds het uitkeren van de prijsbijstelling voor 2022 afgelopen voorjaar is het gerechtvaardigd om eenmalig af te wijken van de reguliere systematiek.

Additionele prijsbijstelling over 2022 bij Voorjaarsnota 2023

Voorstel is om bij Voorjaarsnota 2023 een extra prijsbijstelling over 2022 uit te keren. De extra structurele prijsbijstelling zal worden gebaseerd op CEP 2023, waarbij gekeken gaat worden naar de inflatieontwikkeling over 2022 (t.o.v. CEP 2022 (T-1)). Bij de berekening zullen de nieuwe grondslagen op basis van Miljoenennota 2023 worden gehanteerd om aan te sluiten bij de reguliere uitkering van de prijsbijstelling 2023 komend voorjaar. Ook zal het plafond hiervoor worden gecorrigeerd net als bij reguliere aanpassingen van de prijsbijstelling.

De prijsbijstelling geldt ook voor het Gemeentefonds. Het Provinciefonds wordt tot 2026 geïndexeerd via de ‘trap op trap af’-systematiek. Het Provinciefonds beweegt daardoor mee met de ontwikkeling van het accresrelevante deel van de rijksuitgaven. De structurele prijsbijstelling loopt hierin mee.

Op basis van de MEV van afgelopen zomer is momenteel de inschatting dat een dergelijke extra prijsbijstelling circa 1,5 tot 1,6 miljard structureel bedraagt. Indien de prijzen verder oplopen, zal ook de extra prijsbijstelling verder stijgen. In tabel 2.2.1 is indicatief de verhoging van de prijsbijstelling over de begrotingen weergegeven.

De door het CBS aangekondigde statistische wijzigingen ten aanzien van de inflatiecijfers/ het CPI en mogelijke doorwerking hiervan op de voor de begroting gehanteerde prijscodes wordt in overleg met het CPB en CBS uitgewerkt. Waarschijnlijk zal medio volgend jaar hier meer duidelijkheid over zijn.

Tabel 2.2.1 Indicatieve prijsbijstelling

In miljarden euro

2023

2024

2025

2026

2027

Onderwijs, Cultuur en Wetenschap

0,4

0,4

0,4

0,4

0,4

Gemeentefonds en Provinciefonds (incl. BTW-compensatiefonds)

0,3

0,3

0,3

0,4

0,4

Justitie en Veiligheid

0,1

0,1

0,1

0,1

0,1

Infrastructuur en Waterstaat (incl. Mobiliteitsfonds)

0,1

0,1

0,1

0,1

0,1

Defensie

0,1

0,1

0,1

0,1

0,1

Overige begrotingen

0,4

0,5

0,5

0,5

0,5

Totaal indicatieve aanvullende prijsindexatie over 2022

1,5

1,6

1,6

1,6

1,6

Specifieke regelingen

Door een hogere vergoeding voor de gestegen prijzen wordt het mogelijk gemaakt de bekostiging aan maatschappelijke organisaties te verhogen. Deze vergoeding kan worden ingezet om de gestegen energieprijzen op te vangen. Daarnaast blijven organisaties zelf verantwoordelijk om ook energielasten beheersbaar te houden, bijvoorbeeld door minder gebruik van energie. Daarnaast bestaat de Tegemoetkoming Energiekosten energie-intensief mkb (TEK) waar een deel van de (semi-) collectieve sector ook aanspraak op kan maken. Ook is het mogelijk dat departementen of voor het jaar 2023 - binnen het bedrag van de prijsbijstelling - keuzes maken om dit bedrag zo goed mogelijk te richten op de organisaties waar in 2023 echt sprake is van grote uitschieters ten opzichte van andere organisaties binnen diezelfde sectoren. Bijvoorbeeld door het uitwerken van een (beperkte) noodregeling. Die ruimte hebben gemeenten en provincies ook, gegeven de beleids- en bestedingsvrijheid van het Gemeente- en Provinciefonds. Het ministerie van OCW verkent de mogelijkheden voor een dergelijke noodregeling voor uitschieters binnen de door haar bekostigde instellingen in het onderwijs, de culturele sector en de wetenschap.

Zwembaden en amateursport

Openbare zwembaden zijn een sector met een bijzonder hoge energie-intensiteit en een groot maatschappelijk belang vanwege de zwemlessen. Om de zwemlessen veilig te stellen is het noodzakelijk deze sector extra te steunen. Hiervoor wordt maximaal 207 miljoen euro in 2023 beschikbaar gesteld voor 2022 en 2023. Voor de amateursport geldt dat een deel van de sector (3600 van de 26.000 verenigingen) energie-intensief is en niet in aanmerking komt voor de TEK. Voor deze groep wordt een noodfonds opgericht voor het geval ze in de continuïteitsproblemen komen. Hiervoor wordt 6 miljoen euro beschikbaar gesteld in 2023. Deze regelingen op de VWS-begroting worden gedekt door middel van onderuitputting in het voorjaar.

Zorg

Zorginstellingen worden ook geconfronteerd met stijgende energieprijzen. Signalen van individuele zorginstellingen worden daarom gemonitord en is er ruimte nodig om individuele afspraken te maken tussen zorgverzekeraars c.q. zorgkantoren en zorgaanbieders. Daarmee beogen we continuïteitsproblemen te voorkomen. Daarom worden voor de Zvw binnen de systematiek voldoende randvoorwaarden geschapen: er kan gebruik worden gemaakt van de macronacalculatie over 2022 en het macrobeheersinstrument (mbi) wordt niet ingezet voor 2022 voor bovenmatige (energie)prijzen. Het mbi is een instrument waarmee zorgaanbieders in het geval van een macrobudgettaire overschrijding verplicht kunnen worden (een deel van) deze overschrijding in euro’s (terug) te storten in het Zorgverzekeringsfonds. Als aanbieders worden geconfronteerd met een bovenmatige stijging van energiekosten, die niet redelijkerwijs kan worden opgevangen door maatregelen van die zorgaanbieders zelf en/of binnen de exploitatie en reserves van die zorgaanbieders kunnen worden ingepast, kunnen zij zich melden bij de individuele zorgverzekeraars om samen passende (financiële) afspraken te maken. Zorgverzekeraars hebben hierbij de verantwoordelijkheid om, met het oog op de belangen van individuele patiënten en hun zorgplicht, het noodzakelijke te doen om zorgaanbieders te behoeden voor financieel onhoudbare situaties. 

De Wlz (Wet langdurige zorg) kent een andere systematiek. Er wordt voor de Wlz een specifieke beleidsregel 2022 gemaakt die het mogelijk maakt voor zorgkantoren en zorgaanbieders om maatwerkafspraken te maken in verband met bovenmatig gestegen (energie)prijzen 2022 die niet door maatregelen binnen de exploitatie kunnen worden opgevangen. Er wordt vanuit de onderuitputting op het uitgavenplafond zorg additioneel 30 miljoen euro beschikbaar gesteld, naast de ruimte van 70 miljoen euro vanwege de overdekking op de begroting van het wlz-kader. In de beleidsregel wordt boven een bepaalde drempelwaarde gedeeltelijke compensatie geboden voor bovenmatig gestegen energiekosten in 2022 voor zorgaanbieders.

2.3 Dekkingsopgave voorjaarsbesluitvorming 2023

In de Kamerbrief over de budgettaire verwerking van de APB-maatregelen van 4 oktober bent u geïnformeerd over de openstaande dekkingsopgave van de energiemaatregelen. Sindsdien zijn diverse maatregelen nader uitgewerkt of bijgesteld.

Zo is de steunregeling voor het energie-intensieve mkb uitgewerkt in de vorm van de TEK. De kosten voor de TEK worden inclusief uitvoeringskosten geraamd op 1,8 miljard euro en vindt ingang in 2023. Via BMKB-Groen geeft het kabinet in de tussentijd mkb'ers de kans te verduurzamen. Daarnaast is de raming voor de tussenvariant van het prijsplafond (de uitkering van 190 euro in november en december) verhoogd van 2,6 naar 3,2 miljard euro. Deze bijstelling was nodig omdat in de eerste raming is uitgegaan van regels voor heffingen die niet gelden voor subsidies, waardoor onterecht met een btw-korting van 21% is gerekend. Daarnaast is de raming van de solidariteitsheffing bijgesteld. Deze levert nu naar verwachting 3,2 miljard euro op, waar op 4 oktober nog werd uitgegaan van 1,5 miljard euro. Ten slotte wordt 1,5 miljard euro aan middelen voor het tijdelijk prijsplafond in 2023 alvast vooruitbetaald in 2022 aan energiemaatschappijen. De uitgaven in 2023 worden met hetzelfde bedrag in verlaagd.

Onderstaande tabel geeft het actuele overzicht van de geraamde uitgaven aan energiemaatregelen en de hieruit voortvloeiende dekkingsopgave. Deze uitgaven zijn gebaseerd op de prijzen zoals geraamd in de MEV. Bijlage 2 geeft een volledig overzicht.

Tabel 2.3.1 Indicatie dekkingsopgave energiemaatregelen

In miljloenen euro

2022

2023

Tussenvariant prijsplafond van 1 november tot 1 januari

3.154

 

Tijdelijk prijsplafond

 

9.748

Voorschot tijdelijk prijsplafond

1.452

 

Tijdelijk prijsplafond Caribisch Nederland*

 

15

TEK (inclusief uitvoeringskosten)*

 

1.760

BMKB-Groen

7,7

 

Energiebelasting

 

‒ 5.400

Solidariteitsheffing

‒ 3.234

 

Inframarginale heffing

 

PM

Totaal

1.380

6.123

*een deel van de kosten lopen door in 2024

  

Er resteert een dekkingsopgave voor het prijsplafond en de TEK. Voor de dekking is in elk geval het terugdraaien van de verlaging energiebelasting uit het Miljoenennotapakket ingezet. Daarnaast wordt er dekking gezocht middels de solidariteitsheffing en de inframarginale heffing. Voor de laatst genoemde maatregel liggen er nog fundamentele keuzes voor, waardoor de budgettaire opbrengst nog niet kan worden geraamd. Verder geldt voor beide maatregelen dat de exacte opbrengsten afhankelijk zijn van de ontwikkeling van de energieprijzen. De geschatte resterende dekkingsopgave na inzet van deze dekkingsbronnen ligt op 7,5 miljard euro, rekenend met de gasprijzen uit de MEV. Deze opgave valt hoger uit in het geval van een verdere stijging van de gasprijzen, zoals eerder geschetst in de nota budgettaire verwerking APB maatregelen van 4 oktober.

Gezien de lopende uitwerking van de maatregelen en de onzekerheden in de ontwikkeling van de energieprijzen is besloten om de resterende dekkingsopgave in het voorjaar van 2023 in te vullen. Dan is ook de CEP-raming van het CPB beschikbaar voor een actuele doorrekening voor zowel de kosten als de dekking.

Daarnaast zullen in het voorjaar de stijgende rente-uitgaven gedekt worden. Conform de begrotingsregels maken de rente-uitgaven onderdeel uit van het uitgavenplafond. In de Miljoenennota zijn de hogere rentestanden voor 2022 en 2023 op basis van de MEV verwerkt. De hogere kosten voor de jaren 2022 tot en met 2027 zijn reeds gedekt bij Miljoenennota. Structureel staat er echter nog een dekkingsopgave open van 0,7 miljard euro per jaar.

Daarnaast stelt het CPB in het CEP van komend voorjaar de rentestanden bij voor de periode vanaf 2024. Afhankelijk van het langerentetarief op dat moment kunnen de structurele uitgaven oplopen naar tussen de 5,8 en 9,2 miljard euro. Onderstaande tabel geeft een indicatie van de te dekken uitgaven bij verschillende rentestanden. Voor dekkingsopties zal gekeken worden naar mogelijkheden aan zowel de uitgavenkant als inkomstenkant.

Tabel 2.3.2 Indicatie dekkingsopgave bij hogere rentestanden

In miljarden euro

2023

2024

2025

2026

2027

struc

Bij rente elk jaar 2,6%

0,5

1,6

2,8

3,9

5,1

5,8

Bij rente elk jaar 4%

1,1

3,0

4,8

6,6

8,5

9,2

2.4 Corona- en Oekraïnegerelateerde uitgaven

Corona

In deze Najaarsnota worden de coronagerelateerde uitgaven in totaal met 2,1 miljard euro naar beneden bijgesteld. De totaal geraamde coronauitgaven in 2022 komen daarmee uit op 13,3 miljard euro. De coronagerelateerde uitgaven zijn niet gedekt ten koste van reguliere uitgaven, maar hebben geleid tot een stijging van het begrotingstekort en de overheidsschuld. Het plaatsen van de coronagerelateerde uitgaven buiten de begrotingskaders is een uitzonderlijke keuze, die het vorige kabinet bewust heeft gemaakt vanwege het unieke karakter van deze crisis. Lagere uitgaven aan de steunmaatregelen leveren hierdoor ook geen ruimte op voor reguliere uitgaven.

In bijlage 3 is een actueel budgettair overzicht van de nood- en steunpakketten opgenomen. Ook is een gedetailleerd overzicht van de overheidsfinanciën in coronatijd terug te vinden op www.rijksfinancien.nl/overheidsfinancien-coronatijd.

Oekraïne

In onderstaande tabel is een overzicht opgenomen van de uitgavenmutaties die zijn opgetreden sinds de Miljoenennota. De totale geraamde uitgaven gerelateerd aan de oorlog in Oekraïne komen uit op 4,5 miljard euro. Budgettair worden de geraamde uitgaven en ontvangsten buiten het uitgavenplafond verwerkt. Uitzondering hierop zijn de kosten die vanuit bestaande budgetten specifiek zijn gedekt. Zie voor een volledig overzicht bijlage 4 van deze Najaarsnota.

Tabel 2.4.1 Overzicht Oekraïne

In miljoenen euro

2022

Stand Miljoenennota 2023

3.947

Winterization Oekraïne (BHOS)

162

Gemeentelijke en particuliere opvang (JenV)

350

International Fund for Ukraine (IFU) (DEF)

100

Kindregelingen (SZW)

‒ 39

Werktijdverkorting (SZW)

‒ 64

Zorg aan onverzekerden (SOV) (VWS)

‒ 22

Overig

26

Stand Najaarsnota

4.460

Winterization Oekraïne

Het kabinet heeft besloten om 162 miljoen euro in 2022 bij te dragen aan het voorbereiden van Oekraïne op de aankomende winter (winterization) door de borging van elektriciteit en warmte voor bedrijven en huishoudens.

Gemeentelijke en particuliere opvang

Gemeenten hebben in 2022 fors meer voorschotten aangevraagd dan verwacht voor de realisatie van gemeentelijke en particuliere opvang. Dit leidt tot hogere uitgaven van 350 miljoen euro. De definitieve bijdrage aan de gemeenten wordt middels nacalculatie bepaald op basis van de daadwerkelijke kosten.

Defensiefonds Verenigd Koninkrijk (IFU)

Het kabinet wil bijdragen aan de oprichting van het International Fund for Ukraine (IFU) onder leiding van het Verenigd Koninkrijk door middel van een initiële inleg van 100 miljoen euro ten laste van het generale beeld. Het IFU is bedoeld voor het gezamenlijk aanschaffen van (zwaar) Defensiematerieel ter ondersteuning van Oekraïne. Met gezamenlijke inkoop kan een voorrangspositie worden afgedwongen bij wapenleveranciers, waardoor snelle levering kan plaatsvinden aan de Oekraïense krijgsmacht.

Kindregelingen

De uitgaven aan de kindregelingen op het terrein van SZW voor Oekraïense ontheemden vallen 39 miljoen euro lager uit dan verwacht. Het gebruik door Oekraïense ontheemden van de kinderopvangtoeslag, het kindgebonden budget en de kinderbijslag is aanzienlijk lager dan eerder werd ingeschat.

Werktijdverkorting

Door de oorlog in Oekraïne werd verwacht dat meer bedrijven aanspraak zouden maken op de regeling werktijdverkorting. Daarom was bij de eerste suppletoire begroting 2022 budget hiervoor toegevoegd aan de begroting van SZW. Het blijkt echter dat het gebruik van de regeling werktijdverkorting niet is toegenomen. Het budget wordt daarom weer afgeboekt.

Zorg aan onverzekerden (SOV)

Op basis van nieuwe prognoses van het CAK verwacht het kabinet dat de zorgkosten voor Oekraïense ontheemden via de SOV-regeling uitkomen op 25 miljoen euro. Dit is aanzienlijk lager dan de eerdere verwachting van 47 miljoen euro. Redenen hiervoor zijn o.a. de invoering van de RMO en het lagere aantal medische evacuaties.

Overig

Dit is een post met diverse mutaties. Defensie verleent o.a. steun aan Oekraïne door het leveren van militaire goederen. Hiervoor is 11 miljoen euro toegevoegd aan de begroting van Defensie.

2.5 Plafondtoetsen

In de Startnota is de budgettaire verwerking van de afspraken uit het coalitieakkoord gepresenteerd. Hierin heeft het kabinet afgesproken hoeveel er elk jaar maximaal mag worden uitgegeven. Met behulp van plafondtoetsen toetst het kabinet of het verwachte uitgavenniveau binnen het vastgestelde uitgavenplafond blijft.

Tabel 2.5.1 bevat de opbouw van het totale uitgavenplafond. Het uitgavenplafond is opgebouwd uit de vier deelplafonds Rijksbegroting, Sociale Zekerheid, Zorg en Investeringen. Bij Miljoenennota 2023 was de verwachting dat het uitgavenplafond in 2022 met 5,4 miljard euro zou worden onderschreden. Hier stonden plafondoverschrijdingen in latere jaren tegenover. In totaliteit bezien met het beeld aan de lastenkant leverde het koopkrachtpakket van de Miljoenennota structureel een verbetering van het EMU-saldo op, maar op korte termijn leidt het tot een saldoverslechtering. Bij deze Najaarsnota is de onderschrijding sinds de Miljoenennota 2023 met 4,6 miljard euro afgenomen. Het uitgavenplafond vertoont nu een onderschrijding van 0,8 miljard euro. De stijging van de uitgaven sinds Miljoenennota 2023 komt door de tussenvariant prijsplafond van 1 november 2022 tot 1 januari 2023 van 3,2 miljard euro en de vooruitbetaling aan energiemaatschappijen van 1,5 miljard euro voor het tijdelijke prijsplafond in 2023. Deze maatregelen worden voor 3,2 miljard euro gedekt aan de inkomstenkant via de solidariteitsheffing. De resterende dekking van deze maatregelen maakt onderdeel uit van de te dekken opgave in het voorjaar (zie paragraaf 2.3).

De uitgavenbijstellingen worden toegelicht onder de plafondtoetsen in de volgende subparagrafen. In de bijlage bij deze nota geeft het kabinet ook een toelichting op de laatste ontwikkelingen op het dossier van de Kinderopvangtoeslag en het dossier Groningen schade en versterken. Hieruit volgen voor 2022 geen substantiële budgettaire wijzigingen.

Tabel 2.5.1 Totaal plafondtoets

(in miljarden euro; - is onderschrijding)

2022

Totaal uitgavenplafond

 

Uitgavenplafond reguliere uitgaven

345,3

Uitgavenniveau reguliere uitgaven

344,5

Over-/onderschrijding

‒ 0,8

  

Rijksbegroting

 

Uitgavenplafond reguliere uitgaven

160,3

Uitgavenniveau reguliere uitgaven

161,6

Over-/onderschrijding

1,2

  

Sociale zekerheid

 

Uitgavenplafond reguliere uitgaven

89,1

Uitgavenniveau reguliere uitgaven

88,7

Over-/onderschrijding

‒ 0,4

  

Zorg

 

Uitgavenplafond reguliere uitgaven

82,1

Uitgavenniveau reguliere uitgaven

81,1

Over-/onderschrijding

‒ 1,0

  

Investeringen

 

Uitgavenplafond reguliere uitgaven

13,7

Uitgavenniveau reguliere uitgaven

13,1

Over-/onderschrijding

‒ 0,6

Plafondtoets deelplafond Rijksbegroting
Tabel 2.5.2 Ontwikkeling uitgavenplafond Rijksbegroting
 

(in miljoenen euro; - is onderschrijding)

2022

1

Uitgavenplafond bij Miljoenennota 2023

159.566

 

Aanpassingen van het uitgavenplafond naar aanleiding van:

 

2

Overboekingen met plafonds Sociale Zekerheid, Zorg en Investeringen

‒ 36

3

Loon- en prijsbijstelling

‒ 5

4

Oekraïne

131

5

Norg Akkoord

669

6

Uitgavenplafond bij Najaarsnota 2022 (= 1 t/m 5)

160.325

   

7

Reguliere uitgaven bij Miljoenennota 2023

155.098

 

Uitgavenmutaties met aanpassing van het uitgavenplafond

 

8

Overboekingen met plafonds Sociale Zekerheid, Zorg en Investeringen

‒ 36

9

Loon- en prijsbijstelling

‒ 5

10

Oekraïne

131

11

Norg Akkoord

669

   
 

Uitgavenmutaties met beslag budgettaire ruimte

 

12

Tussenvariant prijsplafond van 1 november tot 1 januari

3.154

13

Voorschot tijdelijk prijsplafond

1.452

14

Kasschuif energietoelage

500

15

Asiel

200

16

Waterschade Limburg

‒ 176

17

Afpakken en boetes

376

18

EU-afdrachten

‒ 88

19

Dividenden staatsdeelnemingen

‒ 80

20

Rente-uitgaven

‒ 18

21

Onderuitputting

‒ 1.908

22

Invullen taakstellende onderuitputting

2.100

23

Invullen in = uit taakstelling

186

24

Studiefinanciering rente-ontvangsten

5

25

Reguliere uitgaven bij Najaarsnota 2022 (= 7 t/m 24)

161.559

   

26

Over/onderschrijding uitgavenplafond bij Miljoenennota 2023 (= 7-1)

‒ 4.469

27

Over/onderschrijding uitgavenplafond bij Najaarsnota 2022 (= 25-6)

1.234

28

Uitgavenniveau corona bij Najaarsnota 2022

21.559

29

Totale uitgaven bij Najaarsnota 2022 (= 25+28)

183.118

De toets op het deelplafond Rijksbegroting laat een overschrijding bij Najaarsnota zien van 1.264 miljoen euro in 2022. Bij Miljoenennota 2023 was voor 2022 sprake van een onderschrijding van 4.469 miljoen euro.

Uitgavenmutaties met aanpassing van het uitgavenplafond

8. Overboekingen met plafonds Sociale Zekerheid en Zorg

Het uitgavenplafond Rijksbegroting wordt bij de Najaarsnota met 36 miljoen euro neerwaarts bijgesteld voor overboekingen naar de deelplafonds Sociale Zekerheid, Zorg en Investeringen.

9. Loon- en prijsbijstellingen

Het uitgavenplafond wordt neerwaarts bijgesteld vanwege een correctie voor te veel ontvangen prijsbijstelling op het budget voor kwijtschelding van publieke schulden op de begroting van BZK.

10. Oekraïne

Dit betreft de uitgaven voor Oekraïne waarvoor het uitgavenplafond wordt aangepast. Deze uitgaven zijn met 131 miljoen euro omhoog bijgesteld. Dit wordt hoofdzakelijk veroorzaakt door uitgaven aan winterization (162 miljoen euro), waarmee wordt bijgedragen aan het voorbereiden van Oekraïne op de aankomende winter (winterization) door de borging van elektriciteit en warmte voor bedrijven en huishoudens. Voor een uitgebreidere toelichting zie bijlage 4.

11. Norg Akkoord

Aan de hand van de in arbitrage vastgestelde berekeningswijze wordt na afloop van elk gasjaar berekend wat de vergoeding is die de Staat voor dat jaar moet betalen voor de gewijzigde inzet van de gasberging te Norg. Bij Miljoenennota 2023 was de vergoeding voor 2022 nog niet definitief, maar inmiddels is de hoogte van het bedrag vastgesteld door GasTerra. De uitgaven en ontvangsten die met de vergoeding samenhangen zijn op basis van de definitieve berekening naar boven bijgesteld, omdat de vastgestelde zomerprijs hoger uitviel dan verwacht bij Miljoenennota. Deze bijstelling wordt wederom via een plafondcorrectie verwerkt. Het betreft de posten 1) bijstelling ontvangsten Mijnbouwwet i.v.m. Norg Akkoord, 2) bijstelling Norg Akkoord vanwege gasprijs excl. btw en 3) bijstelling Norg Akkoord vanwege gasprijs (btw). De bijstelling in het dividend van EBN wordt bij Voorjaarsnota 2023 verwerkt, aangezien dit een bijstelling voor 2023 betreft. De bijstelling voor de dividendontvangsten in 2023 alsmede toekomstige bijstellingen in de Norg-vergoeding worden via plafondcorrecties verwerkt.

Uitgavenmutaties binnen plafond Rijksbegroting

12. en 13.

Zie bijlage 2 voor een toelichting.

21. Onderuitputting

De totale onderuitputting over alle deelplafonds bedraagt 2,7 miljard euro. De oorzaken van de onderuitputting worden toegelicht in paragraaf 2.1. Van dit bedrag betreft 1,9 miljard euro onderuitputting op het deelplafond Rijksbegroting.

14. t/m 20. en 22. t/m 24.

Deze posten worden toegelicht in paragraaf 2.1.

Plafondtoets deelplafond Sociale Zekerheid
Tabel 2.5.3 Ontwikkeling uitgaven plafond Sociale Zekerheid
 

(in miljoenen euro's, - is onderschrijding)

2022

1

Uitgavenplafond bij Miljoenennota 2023

89.235

 

Aanpassingen van het uitgavenplafond naar aanleiding van:

 

3

Overboekingen met andere uitgavenplafonds

‒ 24

4

Niet-beleidsmatige mutatie WW en Bijstand

‒ 70

5

Oekraïne

‒ 39

6

Uitgavenplafond bij Najaarsnota 2022 (= 1 t/m 5)

89.102

   

7

Reguliere uitgaven bij Miljoenennota 2023

89.108

 

Uitgavenmutaties met aanpassing van het uitgavenplafond

 

8

Overboekingen met andere uitgavenplafonds

‒ 24

9

Niet-beleidsmatige mutatie WW en Bijstand

‒ 70

10

Oekraïne

‒ 39

   
 

Uitgavenmutaties met beslag budgettaire ruimte

 

11

Arbeidsongeschiktheidsregelingen

‒ 93

12

Ziektewet

‒ 53

13

AOW

‒ 77

14

Kinderopvangtoeslag

15

15

Toeslagenwet

‒ 20

16

Wet kindgebonden budget

42

17

Wet Arbeid en Zorg

‒ 63

18

Taakstelling

36

19

Diversen

‒ 66

20

Uitgaven bij Najaarsnota 2022 (= 7 t/m 19)

88.696

   

21

Over/onderschrijding uitgavenplafond bij Miljoenennota 2023 (= 7-1)

‒ 127

22

Over/onderschrijding uitgavenplafond bij Najaarsnota 2022 (= 20-6)

‒ 406

23

Uitgavenniveau corona bij Najaarsnota 2022

‒ 2.509

24

Totale uitgaven bij Najaarsnota 2022 (= 20+23)

86.187

3 en 8. Overboekingen met andere uitgavenplafonds

Hieronder vallen diverse overboekingen met andere uitgavenplafonds. Per saldo wordt 24 miljoen euro overgeheveld van het plafond Sociale Zekerheid naar andere uitgavenplafonds. Dit komt voor een groot deel door overboekingen naar het Gemeentefonds voor de energietoeslag voor studenten (10 miljoen euro) en de uitvoering en implementatie van maatregelen uit het wetsvoorstel Breed Offensief (9,1 miljoen euro).

4 en 9. Niet-beleidsmatige mutaties WW- en bijstand

De WW-raming voor 2022 is per saldo naar beneden bijgesteld. De afgelopen kwartalen is de uitstroom uit de WW hoger geweest dan eerder verwacht, en de instroom in de WW lager. De uitgaven zijn daarom met 110 miljoen euro neerwaarts bijgesteld. Tegelijkertijd worden er minder ontvangsten geraamd voor 2022 (41 miljoen euro), met name omdat er minder beroep wordt gedaan op de WW door overheidswerkgevers. Overheidswerkgevers zijn eigenrisicodragers, wat inhoudt dat WW-lasten op deze werkgevers worden verhaald. Dit gebeurt in 2022 naar verwachting minder dan eerder geraamd. Per saldo valt de WW-raming 70 miljoen euro lager uit. De uitgaven aan de bijstand zijn bij de Najaarsnota niet bijgesteld.

5 en 10. Kinderopvang Oekraïne

De aan Oekraïne gerelateerde uitgaven vallen op het terrein van SZW 39 miljoen euro lager uit dan verwacht. Het gebruik door Oekraïense ontheemden van de kinderopvangtoeslag, het kindgebonden budget en de kinderbijslag is aanzienlijk lager dan eerder werd ingeschat.

11. Arbeidsongeschiktheidsregelingen

Binnen de Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen (WIA) vallen de uitgaven aan zowel de Inkomensvoorziening Volledig Arbeidsongeschikten (IVA) als de Werkhervattingsregeling Gedeeltelijk Arbeidsgeschikten (WGA) lager uit (in totaal 69 miljoen euro). Dit komt met name door een lager dan verwachte instroom en een hoger dan verwachte uitstroom. De Wet op de Arbeidsongeschiktheidsverzekering (WAO) kent een meevaller van circa 24 miljoen euro, voornamelijk doordat de gemiddelde uitkering lager was dan verwacht. De uitgaven aan de Wet Arbeidsongeschiktheidsverzekering Zelfstandigen (WAZ) zijn vrijwel niet gewijzigd.

12. Ziektewet (ZW)

Naar aanleiding van de Oktobernota 2022 van het UWV is de raming van de Ziektewet met 53 miljoen euro naar beneden bijgesteld. Dit komt met name doordat minder eindedienstverbanders en zieke WW-gerechtigden een beroep hebben gedaan op de Ziektewet. Ook valt de gemiddelde uitkeringshoogte iets lager uit dan verwacht.

13. AOW

De uitgaven aan de AOW vallen 77 miljoen euro lager uit dan verwacht. De belangrijkste verklaring voor de lager dan geraamde uitgaven is de oversterfte dit jaar. De uitgaven aan de inkomensondersteuning AOW en de overbruggingsuitkering AOW zijn vrijwel niet gewijzigd.

14. Kinderopvangtoeslag

Per saldo vallen de netto-uitgaven aan de kinderopvangtoeslag 15 miljoen euro lager uit. Op basis van uitvoeringsinformatie van Toeslagen zijn de uitgaven aan de Kinderopvangtoeslag met 26,8 miljoen euro naar beneden bijgesteld. Deze neerwaartse bijstelling houdt onder meer verband met minder nabetalingen en een lager gemiddeld toeslagpercentage dan eerder verwacht. Op basis van dezelfde uitvoeringsinformatie worden de ontvangsten kinderopvangtoeslag met 36,5 miljoen euro naar beneden bijgesteld. De terugvorderingen komen lager uit dan eerder was verwacht, met name over toeslagjaar 2021. Tevens valt er een reservering in 2022 vrij van 3,8 miljoen euro voor implementatiekosten en transitiekosten in aanloop naar het nieuwe stelsel, omdat deze middelen niet tot besteding zijn gekomen. Verder zijn de ontvangsten met 9,4 miljoen euro naar beneden bijgesteld doordat Toeslagen in 2022 een behandelgrens van 300 euro heeft toegepast bij terugvorderingen (terwijl was beoogd om deze grens los te laten).

15. Toeslagenwet (TW)

Op basis van uitvoeringsinformatie van het UWV zijn de verwachte uitgaven aan de Toeslagenwet over 2022 neerwaarts bijgesteld met 20 miljoen euro. Dit is voornamelijk het gevolg van een lager dan verwacht aantal uitkeringen, bijvoorbeeld door minder TW-aanvullingen op de Wet werk en Inkomen naar Arbeidsvermogen (WIA).

16.Wet Kindgebonden budget (WKB)

Op basis van uitvoeringsinformatie van Toeslagen worden de uitgaven aan het kindgebonden budget met 12 miljoen euro naar boven bijgesteld en de ontvangsten met 29 miljoen euro naar beneden bijgesteld. Op basis van de realisaties vallen de verwachte uitgaven hoger uit en blijven terugvorderingen juist achter ten opzichte van wat eerder geraamd is. Hierdoor wordt per saldo 42 miljoen euro meer uitgegeven aan het kindgebonden budget.

17. Wet Arbeid en Zorg (WAZO)

Naar aanleiding van de Oktobernota 2022 van het UWV is de raming van de Wet Arbeid en Zorg (WAZO) met 63 miljoen euro naar beneden bijgesteld. De bijstelling hangt voor het overgrote deel samen met een lager aantal geboortes dan eerder op basis van de prognose van het CBS verwacht werd.

18. Taakstelling

De taakstelling op de SZW-begroting is bij Miljoenennota 2023 opgehoogd naar 35,5 miljoen euro. De taakstelling wordt bij Najaarsnota volledig ingevuld.

19. Diversen

Hieronder vallen diverse posten. Zo wordt er 16,9 miljoen euro minder uitgegeven aan transitievergoedingen na twee jaar ziekte en is een deel van de uitvoeringskosten van het UWV en de SVB vrijgevallen. De uitgaven aan de Algemene Kinderbijslagwet vallen 9 miljoen euro hoger uit dan verwacht.

23. Uitgavenniveau corona

Bij de Miljoenennota 2023 was de uitgavenstand aan corona bij SZW ‒ 2,5 miljard euro voor 2022. Dit werd met name verklaard door hoge terugontvangsten op de NOW. Vanaf Miljoenennota tot en met Najaarsnota is nog eens 14,7 miljoen euro minder uitgegeven dan verwacht. Dit komt onder meer doordat er minder is uitgegeven aan de Tijdelijke tegemoetkomingsregeling Kinderopvang zonder overheidsvergoeding (TTKZO) en Crisisdienstverlening dan verwacht.

Plafondtoets deelplafond Zorg
Tabel 2.5.4 Ontwikkeling uitgaven plafond Zorg
 

(in miljoenen euro, - is onderschrijding)

2022

1

Uitgavenplafond bij Miljoenennota 2023

82.135

 

Aanpassingen van het uitgavenplafond naar aanleiding van:

 

2

Overboekingen met Rijksbegroting

7

3

Uitgavenplafond bij Najaarsnota 2022 (= 1 t/m 2)

82.141

   

4

Reguliere uitgaven bij Miljoenennota 2023

81.120

 

Uitgavenmutaties met aanpassing van het uitgavenplafond

 

5

Overboekingen met Rijksbegroting

7

   
 

Uitgavenmutaties met beslag budgettaire ruimte

 

6

Actualisatie Zvw en deel Wlz o.b.v. Q3

‒ 36

7

Beleidsregel energiecompensatie Wlz

30

8

Diversen

21

9

Reguliere uitgaven bij Najaarsnota 2022 (= 4 t/m 8)

81.141

   

10

Over/onderschrijding uitgavenplafond bij Miljoenennota 2023 (= 4 -1)

‒ 1.015

11

Over/onderschrijding uitgavenplafond bij Najaarsnota 2022 (= 9-3)

‒ 1.000

12

Uitgavenniveau corona bij Najaarsnota 2022

277

13

Totale uitgaven bij Najaarsnota 2022 (= 8+11)

81.418

De toets voor het deelplafond Zorg laat een onderschrijding bij Najaarsnota zien van 1 miljard euro in 2022. Ten opzichte van de Miljoenennota 2023 is er sprake van een lichte toename van de onderschrijding bij plafond Zorg.

De totale netto-zorguitgaven bedragen 81,4 miljard euro, inclusief de corona-uitgaven. De corona-uitgaven op het deelplafond Zorg betreffen onder meer meerkosten in de Wlz (200 miljoen euro), opschaling IC-capaciteit (35 miljoen euro) en verlenging van de paramedische herstelzorg (38,7 miljoen euro).

Uitgavenmutaties met aanpassing van het uitgavenplafond

5. Overboekingen met Rijksbegroting

Dit betreft een aantal overboekingen met het deelplafond Rijksbegroting. De grootste is het gevolg van een bijdrage aan de sportprojecten in Caribisch Nederland (6,9 miljoen euro).

Uitgavenmutaties binnen plafond Zorg

6. Actualisatie Zvw en deel Wlz o.b.v. Q3

Op basis van actuele ramingen van zorgverzekeraars zijn de Zvw-uitgaven en de buitencontracteerruimte van de Wlz in 2022 geactualiseerd. De Zvw- en Wlz- uitgaven zijn neerwaarts bijgesteld met respectievelijk 36 miljoen euro en 7,5 miljoen euro. Ook is de ontvangstenraming voor het eigen risico in de Zvw neerwaarts bijgesteld (7,5 miljoen euro) Deze cijfers zijn gebaseerd op de daadwerkelijke declaraties van de eerste drie kwartalen van 2022, aangevuld met een raming voor de nog te verwachten lasten van 2022.

7. Beleidsregel energiecompensatie Wlz

Er wordt voor de Wlz een specifieke beleidsregel 2022 gemaakt die het mogelijk maakt voor zorgkantoren en zorgaanbieders om maatwerkafspraken te maken in verband met bovenmatig gestegen (energie)prijzen 2022 die niet door maatregelen binnen de exploitatie kunnen worden opgevangen. Er wordt vanuit de onderuitputting op het UPZ additioneel 30 miljoen euro beschikbaar gesteld, naast de ruimte van ad 70 miljoen euro die nog op de begroting beschikbaar was vanwege de overdekking op de begroting van het wlz-kader. In de beleidsregel wordt boven een bepaalde drempelwaarde gedeeltelijke compensatie geboden voor bovenmatig gestegen energiekosten in 2022 voor zorgaanbieders.

8. Diversen

Dit betreft onder meer een tegenvaller door een hogere deelname aan NIPT (3,3 miljoen euro), hogere zorgkosten voor inhaalzorg in Caribisch Nederland (5,8 miljoen euro) en wisselkoerseffecten van zorgcontracten in Caribisch Nederland (13,6 miljoen euro).

Plafondtoets deelplafond Investeringen
Tabel 2.5.5 Ontwikkeling uitgaven plafond Investeringen
 

(in miljoenen euro; - is onderschrijding)

2022

1

Uitgavenplafond bij Miljoenennota 2023

13.620

 

Aanpassingen van het uitgavenplafond naar aanleiding van:

 

2

Overboekingen met plafond Rijksbegroting

53

3

Valuta Defensie

48

4

Oekraïne

9

5

Uitgavenplafond bij Najaarsnota 2022 (=1 t/m 5)

13.730

   

6

Reguliere uitgaven bij Miljoenennota 2023

13.844

 

Uitgavenmutaties met aanpassing van het uitgavenplafond:

 

7

Overboekingen met plafond Rijksbegroting

53

8

Valuta Defensie

48

9

Oekraïne

9

   
 

Uitgavenmutaties met beslag op budgettaire ruimte:

 

10

Onderuitputting

‒ 857

11

Kasschuif uitvoeringskosten stikstof

26

12

Reguliere uitgaven bij Najaarsnota 2022 (=6 t/m 12)

13.124

   

13

Over/onderschrijding uitgavenplafond bij Miljoenennota 2023 (=6-1)

224

14

Over/onderschrijding uitgavenplafond bij Najaarsnota 2022 (=12-5)

‒ 607

15

Uitgavenniveau corona bij Najaarsnota 2022

0

16

Totale uitgaven bij Najaarsnota 2022 (=12+15)

13.124

Deze paragraaf bevat de plafondtoets van het deelplafond investeringen.

Bovenstaande tabel toont de ontwikkeling van het deelplafond Investeringen sinds Miljoenennota 2023. Bij Miljoenennota was sprake van een overschrijding van 224 miljoen euro op het plafond. Deze overschrijding is omgeslagen in een onderschrijding van ruim 600 miljoen euro. Dit is het gevolg van onderuitputting die is opgetreden op de begrotingen die onder het investeringsplafond vallen. Onder de tabel worden alle budgettaire mutaties die hebben plaatsgevonden sinds de Miljoenennota toegelicht.

7. Overboekingen met Plafond Rijksbegroting

Per saldo is sinds de Miljoenennota budget overgeheveld van het plafond Rijksbegroting naar het plafond Investeringen. De overboekingen zijn nodig omdat bepaalde uitgaven niet vanaf de departementale begrotingen worden gedaan, maar vanaf de begrotingsfondsen die onder het investeringsplafond vallen.

8. Valuta Defensie

Dit betreft hogere uitgaven als gevolg van verschillen in de dagkoersen ten opzichte van de raming van de euro/dollarkoers uit het CEP van het CPB. Het Agentschap verzorgt de inkoop van dollars voor Defensie. Conform kabinetsafspraak komen budgettaire mee- en tegenvallers als gevolg van valutaschommelingen direct ten gunste of ten laste van het EMU-saldo. De verwerking vindt plaats via een correctie van het uitgavenplafond.

9. OekraïneDit betreft de uitgaven voor Oekraïne waarvoor het uitgavenplafond wordt aangepast. Deze zijn bijgesteld met 9 miljoen euro. Defensie heralloceert de generale middelen vanuit het BIV naar de artikelen op het Defensiematerieelbegrotingsfonds.

10. Onderuitputting

De onderuitputting op het investeringsplafond wordt voor een groot deel verklaard door de onderuitputting op het defensiematerieelbegrotingsfonds (651 miljoen euro). Daarnaast is er onderuitputting op het mobiliteitsfonds (109 miljoen euro), het deltafonds (86 miljoen euro) en de aanvullende post (5 miljoen euro).

11. Kasschuif uitvoeringskosten stikstof

Deze post wordt toegelicht in paragraaf 2.1.

3 Het inkomstenbeeld

De raming van de totale belasting- en premieontvangsten voor 2022 is met 3,1 miljard euro opwaarts bijgesteld ten opzichte van de raming in de Miljoenennota 2023 (zie tabel 3.1). Deze bijstelling bestaat uit een positief beleidsmatig effect van 6,4 miljard euro door de introductie van de solidariteitsbijdrage en een negatief endogeen effect van 3,3 miljard euro.

Tabel 3.1 Belasting- en premieontvangsten 2022 op EMU-basis
 

Stand MN2023

Stand NJN2022

Verschil

Belastingen en premies volksverzekeringen op EMU-basis

272,2

275,3

3,1

- waarvan belastingen

232,4

235,0

2,6

- waarvan premies volksverzekeringen

39,8

40,3

0,5

Premies Werknemersverzekeringen

77,0

77,0

0,0

Totaal

349,2

352,3

3,1

De Najaarsnotaraming van de belasting- en premieontvangsten is gebaseerd op de gerealiseerde kasontvangsten tot en met de maand oktober. Bij het opstellen van de raming was geen geactualiseerd economisch beeld van het CPB beschikbaar ten opzichte van de MEV 2023. Tabel 3.2 toont de geraamde belasting- en premieontvangsten op EMU-basis per belastingsoort. Op EMU-basis valt de belasting- of premieontvangst toe aan het jaar waarin de onderliggende economische transactie zich heeft voorgedaan. De belastingontvangsten op kasbasis staan vermeld in bijlage 5.

Tabel 3.2 Belasting- en premieontvangsten 2022 op EMU-basis
 

MN2023

NJN2022

Verschil

Indirecte belastingen

105.932

104.572

‒ 1.359

Omzetbelasting

72.698

71.854

‒ 845

Accijnzen

11.156

10.870

‒ 286

Invoerrechten

4.636

4.988

352

Overdrachtsbelasting

4.985

4.558

‒ 426

Motorrijtuigenbelasting

4.325

4.366

40

Assurantiebelasting

3.420

3.450

30

Belasting op personenauto's en motorrijwielen

1.505

1.414

‒ 91

Belastingen op een milieugrondslag

1.470

1.180

‒ 291

Verbruiksbelasting van alcoholvrije dranken e.a.

261

275

14

Belasting op zware motorrijtuigen

221

221

0

Verhuurderheffing

784

925

141

Bankbelasting

470

472

2

    

Directe belastingen en premies volksverzekeringen

166.000

170.406

4.405

Loon- en inkomensheffing

118.734

117.119

‒ 1.615

Vennootschapsbelasting

38.274

38.452

178

Solidariteitsbijdrage

0

6.433

6.433

Dividendbelasting

5.609

5.209

‒ 400

Schenk- en erfbelasting

2.552

2.402

‒ 150

Kansspelbelasting

804

768

‒ 35

Bronbelasting op rente en royalty's

27

22

‒ 5

    

Overige belastingontvangsten

289

319

30

    

Totaal belastingen en premies volksverzekeringen

272.221

275.297

3.076

    

Premies werknemersverzekeringen

76.958

76.958

0

waarvan zorgpremies

47.652

47.652

0

    

Totaal belasting- en premieontvangsten

349.180

352.255

3.076

Het belangrijkste verschil tussen de raming in de Miljoenennota en de huidige raming is de voorgenomen invoering van de solidariteitsbijdrage. Deze heffing op de overwinsten van gas- en oliebedrijven leidt naar verwachting tot een eenmalige ontvangst van 6,4 miljard euro. De helft hiervan (3,2 miljard euro) is een lastenrelevante opbrengst, de andere helft betreft de afdracht van EBN die leidt tot een precies even grote derving van dividend aan de uitgavenkant. Het kabinet rekent de opbrengst op EMU-basis (voorlopig) toe aan 2022, ook al komen de daadwerkelijk kasontvangsten pas in 2024 binnen. Dit op basis van de voorlopige inzichten van het CBS in de toepassing van de richtlijnen van de Nationale Rekeningen voor deze belasting. De solidariteitsbijdrage is de enige beleidsmatige wijziging aan de inkomstenkant voor 2022 sinds de Miljoenennota. De overige aanpassingen in de raming hebben een economische of uitvoeringstechnische oorzaak. Dit wordt hieronder nader toegelicht.

De geraamde ontvangsten van de indirecte belastingen zijn neerwaarts bijgesteld (-1,4 miljard euro). Dit betreft een optelsom van bijstellingen van verschillende belastingsoorten op basis van de gerealiseerde ontvangsten tot en met oktober. De belangrijkste neerwaartse bijstelling (0,8 miljard euro) betreft de omzetbelasting (btw). Hoewel de btw-ontvangsten gestaag doorgroeien ten opzichte van 2021 – mede dankzij de hoge inflatie – is de groei iets lager dan werd verwacht in de Miljoenennota 2023. De neerwaartse bijstelling van de overdrachtsbelasting is met 0,4 miljard euro relatief fors. De eerste helft van dit jaar waren deze ontvangsten significant hoger dan voorgaande jaren, maar de afgelopen maanden ligt de opbrengst op het niveau van 2021 of zelfs iets daaronder. De neerwaartse bijstelling van de belastingen op milieugrondslag wordt bijna volledig verklaard door de energiebelasting. Als gevolg van beleid om de energierekening te verlagen en van besparende maatregelen door huishoudens en de industrie, zijn de maandelijkse ontvangsten van de energiebelasting sinds juli negatief. Dit betekent dat per saldo de korting op de energiebelasting groter is dan het te betalen bedrag op basis van de belastingtarieven op gas en elektriciteit. Naar verwachting blijven deze opbrengsten de rest van het jaar negatief. De lagere opbrengst bij de accijnzen wordt verklaard door lagere ontvangsten van benzine- en dieselaccijnzen.

De opbrengst van de invoerrechten is juist opwaarts bijgesteld (+0,35 miljard euro), als gevolg van een toename van de invoer van producten buiten de EU. De jaaropbrengst van de verhuurderheffing is inmiddels zo goed als gerealiseerd en pakt iets hoger uit dan verwacht (+0,14 miljard euro). Dit wordt voor het grootste deel veroorzaakt door lagere gerealiseerde heffingsverminderingen dan ten tijde van de Miljoenennota werd verwacht en voor het overige deel door hogere WOZ-waarden dan verwacht. Ook bij de bankbelasting is de jaaropbrengst gerealiseerd (doordat in één keer aangifte wordt gedaan over het hele belastingjaar) en deze sluit nauw aan bij de geraamde opbrengst.

Bij de directe belastingen en premies volksverzekeringen is per saldo sprake van een opwaartse bijstelling van 4,4 miljard euro. Echter, exclusief het beleidsmatige effect van de voorgenomen invoering van een solidariteitsbijdrage is juist sprake van een neerwaartse bijstelling van 2,0 miljard. De grootste neerwaartse bijstellingen zitten in de loonheffing en inkomensheffing (beide ‒ 0,8 miljard). Bij de loonheffing is deze bijstelling relatief klein ten opzichte van de totale omvang van deze belastingsoort. Voor de inkomensheffing geldt als belangrijkste oorzaak dat veel aanslagen dit jaar later zijn opgelegd dan gebruikelijk als gevolg van de uitspraak van de Hoge Raad over box 3 uit december 2021. Ten tijde van de Miljoenennota werd ervan uitgegaan dat alle aanslagen opgelegd zouden worden voor betaling in 2022, maar nu blijkt dat een deel van de ontvangsten pas begin 2023 zal binnenkomen. Dit verklaart mede de lagere opbrengsten bij de inkomensheffing in 2022.

De negatieve bijstelling bij de dividendbelasting (-0,4 miljard euro) heeft ermee te maken dat bedrijven meer dividend hebben uitgekeerd in de eerste helft van het jaar. De dividendbelasting is zeer gevoelig voor het uitdeelbeleid van een relatief beperkt aantal bedrijven. Hierdoor zijn de ontvangsten in de tweede helft van het jaar relatief klein ten opzichte van voorgaande jaren. De geraamde opbrengst van de schenk- en erfbelasting is met 0,15 miljard euro neerwaarts bijgesteld. Deze bijstelling is in overleg met de Belastingdienst tot stand gekomen op basis van uitvoeringsinformatie: het opleggen van aanslagen schenkbelasting is later gestart dan gebruikelijk. Hierdoor komt een deel van de ontvangsten niet dit jaar binnen, maar pas in 2023 (kasschuif).

4 Overheidssaldo en overheidsschuld

De raming van het EMU-saldo in 2022 bedraagt ‒1,0% bbp. Dit is een verslechtering van 0,1% bbp ten opzichte van het saldo gepresenteerd tijdens de Miljoenennota 2023. Deze verslechtering van het EMU-saldo komt voornamelijk door een daling van de reguliere belasting- en premie-inkomsten. De inkomsten uit de solidariteitsheffing hebben daarentegen een positieve impact op het EMU-saldo. Tegenover deze inkomsten staan hogere uitgaven aan energiemaatregelen die het EMU-saldo belasten. Verder dragen de kastransverschillen en enkele overige correcties bij aan de verslechtering van het EMU-saldo. Kastransverschillen ontstaan doordat het EMU-saldo wordt berekend op transactiebasis (het moment dat een verplichting tot betaling of ontvangst wordt aangegaan), terwijl de Rijksbegroting wordt opgesteld op kasbasis (het moment dat het geld daadwerkelijk wordt uitbetaald of ontvangen). In dit geval gaat het om lagere dividenden van EBN in latere jaren als gevolg van de solidariteitsheffing die moeten worden toegerekend aan het EMU-saldo van 2022. Daarnaast gaat het om het uitbetaalde voorschot aan energiemaatschappijen voor het tijdelijk prijsplafond dat wordt toegerekend aan het EMU-saldo van 2023. Tot slot vallen de uitgaven aan coronamaatregelen lager uit dan verwacht bij Miljoenennota 2023.

Bij het Financieel Jaarverslag Rijk in het voorjaar van 2023 wordt het EMU-saldo over 2022 definitief vastgesteld.

Tabel 4.1 Ontwikkeling feitelijk overheidssaldo sinds Miljoenennota 2023

(in procenten bbp; + is saldoverbetering)

 

2022

EMU-saldo Miljoenennota 2023

 

‒ 0,9%

Inkomsten (regulier)

 

‒ 0,4%

Inkomsten (solidariteitsheffing)

 

0,7%

Uitgaven energiemaatregelen

 

‒ 0,5%

Kastransverschillen en overige correcties relevant voor het EMU-saldo

 

‒ 0,2%

waarvan EBN-deel solidariteitsheffing

‒ 0,3%

 

waarvan Voorschot tijdelijk prijsplafond

0,2%

 

Nood- en steunmaatregelen corona

 

0,2%

EMU-saldo Najaarsnota 2022

 

‒ 1,0%

De huidige raming van de overheidsschuld bedraagt 50,4% bbp. De raming van de schuld is 0,6% bbp hoger dan bij de Miljoenennota 2023. Het verschil tussen de raming voor het EMU-saldo en de EMU-schuld komt door de technische verwerking van de solidariteitsheffing. Op transactiebasis worden de opbrengsten toegerekend aan het EMU-saldo in 2022, maar op kasbasis worden deze opbrengsten pas in latere jaren met vertraging ontvangen. Voor de schuld wordt gerekend met de opbrengsten op kasbasis.

Tabel 4.2 Ontwikkeling overheidsschuld sinds Miljoenennota 2023

(in procenten bbp; + is toename schuld)

2022

EMU-schuld Miljoenennota 2023

49,8%

EMU-saldo

0,1%

Mutatie schuld ultimo 2021

0,0%

Schatkistbankieren

0,1%

Kastransverschil solidariteitsheffing

0,3%

Overig

0,1%

EMU-schuld Najaarsnota 2022

50,4%

In het Financieel Jaarverslag Rijk 2021 werd de EMU-schuld eind 2021 vastgesteld op 448,1 miljard euro. Eind dit jaar komt de schuld naar verwachting 22,6 miljard euro hoger uit op 470,7 miljard euro. In termen van procenten bbp daalt de EMU-schuld echter van 52,1% naar 50,4% als gevolg van het noemereffect. Het bbp stijgt namelijk naar verwachting met 72 miljard euro van 861 miljard euro naar 933 miljard euro.

5 Budgettaire kerngegevens

Tabel 5.1 geeft een totaaloverzicht van de budgettaire kerngegevens bij Najaarsnota 2022. In tegenstelling tot de voorgaande paragrafen van deze Najaarsnota gaat het in onderstaande tabel niet om mutaties ten opzichte van de Miljoenennota 2023, maar om begrote standen voor het jaar 2022.

Tabel 5.1 Budgettaire kerngegevens

(in miljarden euro, tenzij anders aangegeven)

2022

Inkomsten (belastingen en sociale premies)

352,3

  

Reguliere netto-uitgaven onder het uitgavenplafond

344,5

Rijksbegroting

161,6

Sociale zekerheid

88,7

Zorg

81,1

Investeringen

13,1

  

Steunmaatregelen corona relevant voor het EMU-saldo (uitgaven)

13,2

Overige netto-uitgaven en correcties relevant voor het EMU-saldo

3,3

  

Totale netto-uitgaven relevant voor het EMU-saldo

361,0

  

EMU-saldo centrale overheid

‒ 8,7

EMU-saldo decentrale overheden

‒ 1,0

  

EMU-saldo collectieve sector

‒ 9,7

EMU-saldo collectieve sector (in procenten bbp)

‒ 1,0%

  

EMU-schuld collectieve sector

470,7

EMU-schuld collectieve sector (in procenten bbp)

50,4%

  

Bruto binnenlands product (bbp)

933

Hoe deze standen zijn gewijzigd sinds de Miljoenennota 2023 wordt toegelicht in de voorgaande paragrafen van deze Najaarsnota. De inkomsten worden besproken in paragraaf 3 en de uitgaven onder de uitgavenplafonds in paragraaf 2.

Naast de plafondrelevante uitgaven zijn er ook uitgaven die niet onder het uitgavenplafond vallen, maar wel relevant zijn voor het EMU-saldo. Deze posten zijn opgenomen in tabel 5.1 onder «steunmaatregelen corona relevant voor het EMU-saldo» en «overige netto-uitgaven en correcties relevant voor het EMU-saldo». Voor een uitgebreid overzicht van de corona gerelateerde uitgaven en de mutaties sinds de Miljoenennota 2023 wordt verwezen naar bijlage 3.

BIJLAGEN BIJ DE NAJAARSNOTA

Bijlage 1: Verticale toelichting

De verticale toelichting toont voor ieder begrotinghoofdstuk de budgettaire veranderingen (mutaties) die zich hebben voorgedaan vanaf Miljoenennota 2022 tot en met Najaarsnota 2022.

Ieder begrotingshoofdstuk bevat twee tabellen waarin de belangrijkste mutaties zijn uitgelicht: één voor uitgavenmutaties en één voor ontvangstenmutaties. De tabellen worden gevolgd door toelichtingen op de mutaties. Wanneer op een begrotingshoofdstuk geen uitgaven- of ontvangstenmutaties hebben plaatsgevonden is er geen tabel opgenomen voor de uitgaven respectievelijk ontvangsten.

De verticale toelichting is opgesteld per begrotingshoofdstuk en bevat de mutaties op alle plafonds exclusief mutaties die onder de Homogene Groep Internationale Samenwerking (HGIS) vallen. De HGIS-mutaties zijn separaat gepresenteerd en toegelicht in de verticale toelichting HGIS. De mutaties zijn onderverdeeld in besluitvorming mutaties en technische mutaties. In het geval er mutaties zijn geweest die niet relevant zijn voor het uitgavenplafond staan deze apart weergegeven. De belangrijkste mutaties zijn apart weergegeven en worden toegelicht. In sommige gevallen is er een reeks overigen opgenomen met daarin een verzameling van kleinere mutaties.

De categorie besluitvorming mutaties bevat alle mutaties die onderdeel zijn geweest van besluitvorming voorafgaand aan het opstellen van de Najaarsnota.

De categorie technische mutaties bevat alle overboekingen tussen begrotingshoofdstukken, desalderingen, statistische correcties, en mutaties waarvoor het uitgavenplafond wordt aangepast. Sommige overboekingen en desalderingen zijn wél onderdeel geweest van besluitvorming. Dit komt tot uitdrukking in de toelichtingen. Mutaties die in meerdere categorieën voorkomen en dezelfde omschrijving hebben, worden eenmaal toegelicht.

De bedragen in de tabellen zijn in miljoenen euro. Door afrondingen kan het totaal afwijken van de som der onderdelen.

Dit overzicht sluit aan op de mutaties zoals gepresenteerd in de ontwerpbegrotingen van de departementen. Voor een meer gedetailleerde toelichting op de mutaties wordt verwezen naar de afzonderlijke memories van toelichting van de ontwerpbegrotingen.

De Koning

I De Koning: UITGAVEN

In miljoenen euro (excl. HGIS)

2022

  

Stand Miljoenennota 2022

48,2

  

mutaties t/m Voorjaarsnota 2022

1,5

mutaties t/m Miljoenennota 2023

0,0

  

Stand Miljoenennota 2023

49,7

  

Stand Najaarsnota 2022

49,7

I DE KONING: NIET-BELASTINGONTVANGSTEN

In miljoenen euro (excl. HGIS)

2022

  

Stand Miljoenennota 2022

0,1

  

mutaties t/m Voorjaarsnota 2022

0,1

mutaties Miljoenennota 2023

1,7

  

Stand Miljoenennota 2023

1,9

  

Stand Najaarsnota 2022

1,9

Uitgaven

Mutaties t/m Voorjaarsnota 2022

Deze mutaties betreffen het toevoegen van de loon- en prijsbijstellingstranche 2022 aan de begroting van De Koning, doorbelasting van mutaties gerelateerd aan de informatiehuishouding van het Kabinet van de Koning, en uitbreiding van redactionele ondersteuning bij de Rijksvoorlichtingsdienst.

Mutaties t/m Miljoenennota 2023

Tot en met de Miljoennota 2023 hebben geen noemenswaardige mutaties plaatsgevonden op de uitgaven.

Niet-belastingontvangsten

Mutaties t/m Voorjaarsnota 2022

Deze post betreft één mutatie voor de afrekening van het voorschot voor het Militaire Huis (Defensie) van 2021.

Mutaties t/m Miljoenennota 2023

Deze post betreft één mutatie inzake de terugstorting van de uitkering van de Prinses van Oranje, Met ingang van 2022 wordt de uitkering teruggestort in hetzelfde begrotingsjaar.

Staten Generaal

IIA STATEN-GENERAAL: UITGAVEN

In miljoenen euro (excl. HGIS)

2022

  

Stand Miljoenennota 2022

184,2

  

Mutaties t/m Voorjaarsnota 2022

29,7

Mutaties Miljoenennota 2023

‒ 0,6

  

Stand Miljoenennota 2023

213,2

  

Besluitvorming mutaties Najaarsnota

0,0

  

Technische mutaties Najaarsnota

7,7

Desalderingen

7,7

  

Stand Najaarsnota 2022

220,9

IIA STATEN-GENERAAL: NIET-BELASTINGONTVANGSTEN

In miljoenen euro (excl. HGIS)

2022

  

Stand Miljoenennota 2022

3,9

  

Mutaties t/m Voorjaarsnota 2022

0,0

Mutaties Miljoenennota 2023

0,0

  

Stand Miljoenennota 2023

3,9

  

Besluitvorming mutaties Najaarsnota

0,0

  

Technische mutaties Najaarsnota

7,8

Meevaller Eerste Kamer

0,1

Desalderingen

7,7

  

Stand Najaarsnota 2022

11,7

Uitgaven

Mutaties t/m Voorjaarsnota 2022

Dit betreffen middelen voor professionalisering en verdere versterking van de ambtelijke organisatie van de Eerste Kamer. Voor de Tweede Kamer betreffen het middelen voor de fractiekostenregeling, bedrijfsvoeringstaken en de parlementaire enquête Fraudebeleid en dienstverlening. Daarnaast is de loon- en prijsbijstelling bij Voorjaarsnota overgeboekt.

Mutaties Miljoenennota 2023

Het budget van de Staten-Generaal wordt verhoogd met 2 miljoen euro voor de beveiliging, ICT en audiovisuele installatie van de Tweede kamer en voor diverse kosten van de Eerste Kamer omtrent de tijdelijke huisvesting. Daarnaast wordt er 2,6 miljoen euro geschoven om middelen van de Tweede Kamer voor de inrichting van de 8e etage van de tijdelijke huisvesting, voor de meldkamer en voor de verbetering van de informatiehuishouding in het juiste ritme te zetten.

Technische mutaties

Desalderingen

Zowel de uitgaven als ontvangsten van de Tweede Kamer worden met 7,7 miljoen euro opgehoogd. Dit is onder andere het gevolg van verhoogde ontvangsten uit dienstverleningsovereenkomsten met andere Hoge Colleges van Staat. Daarnaast heeft een aantal Tweede Kamer fracties in 2021 het maximum in hun egalisatiereserve bereikt en wordt het overschot terugbetaald.

Niet-belastingontvangsten

Technische mutaties

Desalderingen

Zie desalderingen uitgaven

Hoge Colleges van Staat en Kabinetten

IIB OVERIGE HOGE COLLEGES VAN STAAT, KABINETTEN EN DE KIESRAAD: UITGAVEN

In miljoenen euro (excl. HGIS)

2022

  

Stand Miljoenennota 2022

152,1

  

Mutaties t/m Voorjaarsnota 2022

17,0

Mutaties Miljoenennota 2023

5,7

  

Stand Miljoenennota 2023

174,8

  

Besluitvorming mutaties Najaarsnota

0,0

  

Technische mutaties Najaarsnota

3,2

Meevaller Hoger Beroep Vreemdelingen

‒ 1,3

Digitaal Hulpmiddel Verkiezingen

‒ 1,9

  

Overboekingen met andere begrotingen

6,0

Desalderingen

0,4

  

Stand Najaarsnota 2022

178,0

IIB OVERIGE HOGE COLLEGES VAN STAAT, KABINETTEN EN DE KIESRAAD: NIET-BELASTINGONTVANGSTEN

In miljoenen euro (excl. HGIS)

2022

  

Stand Miljoenennota 2022

6,0

  

Mutaties t/m Voorjaarsnota 2022

0,0

Mutaties Miljoenennota 2023

0,0

  

Stand Miljoenennota 2023

6,0

  

Besluitvorming mutaties Najaarsnota

0,0

  

Technische mutaties Najaarsnota

0,4

Desalderingen

0,4

  

Stand Najaarsnota 2022

6,4

Uitgaven

Mutaties t/m Voorjaarsnota 2022

Dit betreft 1,2 miljoen euro voor de Nationale ombudsman en 1,8 miljoen euro voor de Algemene Rekenkamer uit het coalitieakkoord ter versterking van de democratische instituties. Ook betreffen het middelen voor het digitaal hulpmiddel verkiezingen van de Kiesraad, voor wisselkoerseffecten van de Kabinetten van de Gouverneur van Aruba en Sint-Maarten en voor de doorontwikkeling van ICT van de Kanselarij der Nederlandse Orden. Daarnaast is de loon- en prijsbijstelling bij Voorjaarsnota overgeboekt.

Mutaties Miljoenennota 2023

Dit betreffen diverse overboekingen van andere begrotingen. Zo zijn er additionele budgetten voor informatiehuishouding overgeheveld vanuit de begroting van BZK en zijn er middelen overgeheveld naar de Raad van State voor het vergroten van de capaciteit van de Omgevingskamer. Ook betreft het kasschuiven om middelen voor de omgevingskamer van de Raad van State, voor het programma Open op Orde van de Kanselarij en voor het Digitaal Hulpmiddel Verkiezingen van de Kiesraad in het juiste ritme te zetten.

Technische mutaties

Meevaller Hoger Beroep Vreemdelingen

Er is minder gebruik gemaakt van het hoger beroep vreemdelingenzaken (HBV) dan wat eerder is geraamd. Hierdoor vallen de uitgaven aan HBV met 2,3 miljoen euro lager uit. Een deel van deze lagere uitgaven (1 miljoen euro) wordt ingezet voor de aanschaf van een nieuwe ambtswoning voor de Gouverneur van Sint-Maarten. Dit resulteert in een meevaller van 1,3 miljoen euro.

Digitaal Hulpmiddel Verkiezingen

In verband met de transitie naar verkiezingsautoriteit is de Kiesraad bezig met een organisatieontwikkeling en heeft zij het Digitaal Hulpmiddel Verkiezingen (DHV) aangeschaft. Door de krapte op de arbeidsmarkt, en vertraging bij de bouw van het DHV, lopen de kosten hiervoor door in 2023. Dit resulteert in een afboeking van 1,9 miljoen euro in 2022, dit bedrag wordt bij de Voorjaarsnota 2023 toegevoegd aan het budget van de Kiesraad, conform art. 4.4 CW.

Overboekingen met andere begrotingen

Voor de aanschaf van een nieuw kantoorpand door het Kabinet van de Gouverneur van Sint Maarten wordt 6 miljoen euro overgeheveld vanuit de begroting van BZK naar de begroting van het Kabinet van de Gouverneur van Sint Maarten. Dit kantoorpand dient als vervanging voor het huidige kantoorpand waarvan de huurovereenkomst in 2024 afloopt.

Desalderingen

Door jaarlijkse indexatie van de tarieven die gesteld voor de medeoverheden realiseert de Nationale ombudsman meer ontvangsten dan begroot. Deze meerontvangsten worden ingezet voor de taakuitoefening van de Nationale ombudsman voor de medeoverheden.

Niet-belastingontvangsten

Technische mutaties

Desalderingen

Zie desalderingen uitgaven

Algemene Zaken

III ALGEMENE ZAKEN: UITGAVEN

In miljoenen euro (excl. HGIS)

2022

  

Stand Miljoenennota 2022

84,5

  

mutaties t/m Voorjaarsnota 2022

4,6

mutaties t/m Miljoenennota 2023

0,5

  

Stand Miljoenennota 2023

89,6

  

Technische mutaties Najaarsnota

‒ 1,7

Diversen

‒ 1,5

Overboekingen met andere begrotingen

‒ 0,2

  

Stand Najaarsnota 2022

87,8

III ALGEMENE ZAKEN: NIET-BELASTINGONTVANGSTEN

In miljoenen euro (excl. HGIS)

2022

  

Stand Miljoenennota 2022

7,2

  

mutaties t/m Voorjaarsnota 2022

1,6

mutaties Miljoenennota 2023

0,0

  

Stand Miljoenennota 2023

8,9

  

Technische mutaties Najaarsnota

0,5

Diversen

0,5

  

Stand Najaarsnota 2022

9,4

Uitgaven

Mutaties t/m Voorjaarsnota 2022

Deze reeks mutaties betreft het verwerken van een aantal overboekingen met andere begrotingen, een kasschuif voor de tijdelijke verhuizing van het ministerie van AZ, het ontvangen van de loon- en prijsbijstellingstranche 2022 en toevoeging van de eindejaarsmarge aan de begroting van AZ.

Mutaties t/m Miljoenennota 2023

Deze reeks mutaties betreft vanuit andere departementen ontvangen middelen vanwege piekbelasting van Rijksoverheid.nl door de coronacrisis.

Technische mutaties Najaarsnota

Diversen

Deze post bevat een aantal mutaties. Het betreft onderuitputting op het programmabudget van AZ-Next, en onderuitputting op het budget van de Rijksvoorlichtingsdienst. Daarnaast doet zich onderuitputting op het personeelsbudget van de Commissie van Toezicht op de Inlichtingen- en Veiligheidsdiensten voor.

Overboekingen met andere begrotingen

Dit betreft een aantal overboekingen met het ministerie van BZK. Het gaat o.a. om een bijdrage voor de inzet van Rijkspersoneel voor de crisisnoodopvang van asielzoekers.

Niet-belastingontvangsten

Mutaties t/m Voorjaarsnota 2022

Deze mutaties betreffen een desaldering van het positieve eindresultaat over 2021 bij het agentschap Dienst Publiek en Communicatie (DPC) en doorbelasting van mutaties gerelateerd aan de informatiehuishouding van het Kabinet van de Koning, uitbreiding van redactionele ondersteuning bij de Rijksvoorlichtingsdienst en het toekennen van de loon- en prijsbijstelling.

Mutaties t/m Miljoenennota 2023

Tot en met de Miljoennota 2023 hebben geen noemenswaardige mutaties plaatsgevonden op de niet-belastingontvangsten.

Technische mutaties Najaarsnota

Diversen

Deze post bestaat uit één mutatie door hogere ontvangsten die samenhangen met de doorbelasting van de kosten voor de kabinetsformatie 2021 naar de Tweede Kamer.

Koninkrijksrelaties

IV KONINKRIJKSRELATIES: UITGAVEN

In miljoenen euro (excl. HGIS)

2022

  

Stand Miljoenennota 2022

376,3

  

Mutaties t/m Voorjaarsnota 2022

45,6

Mutaties Miljoenennota 2023

‒ 17,8

  

Stand Miljoenennota 2023

404,2

  

Besluitvorming mutaties Najaarsnota

0,0

Bijdrage financieringstekort ziekenhuis Sint-Maarten

7,0

Dekking ziekenhuis Sint-Maarten

‒ 7,0

  

Technische mutaties Najaarsnota

‒ 0,8

Overboekingen met andere begrotingen

‒ 4,0

Desalderingen

3,2

  

Stand Najaarsnota 2022

403,4

IV KONINKRIJKSRELATIES: NIET-BELASTINGONTVANGSTEN

In miljoenen euro (excl. HGIS)

2022

  

Stand Miljoenennota 2022

34,6

  

Mutaties t/m Voorjaarsnota 2022

4,7

Mutaties Miljoenennota 2023

19,0

  

Stand Miljoenennota 2023

58,2

  

Besluitvorming mutaties Najaarsnota

0,0

  

Technische mutaties Najaarsnota

3,2

Desalderingen

3,2

  

Stand Najaarsnota 2022

61,4

Uitgaven

Mutaties t/m Voorjaarsnota 2022

De uitgaven in 2022 betreffen een aantal incidentele posten uit het investeringspakket voor de landen (Curaçao, Aruba, Sint Maarten), herfinanciering van een lening van Aruba, de raming van liquiditeitsleningen en de wisselkoersreserve. Daarnaast betreft het middelen uit het Coalitieakkoord voor het verbeteren van de bestaanszekerheid en het verminderen van de armoede in Caribisch Nederland.

Mutaties Miljoenennota 2023

De Voedselbank Bonaire ziet een stijging in het aantal cliënten door stijgende kosten, om dit te kunnen dekken worden er een extra middelen vrijgemaakt voor Bonaire. Ook is er een structurele toevoeging van 1 miljoen euro aan het BES-fonds waarmee uitvoering wordt gegeven aan de motie Van Den Berg en Kuiken die oproept tot een verhoging van de vrije uitkering aan Saba (Kamerstuk, 2021-2022, 35925-IV, nr. 58). Tevens bevat het diverse desalderingen van 10,6 miljoen euro. De post bevat ook kasschuiven om middelen voor de wisselkoersreserve, een detentiecentrum op Sint Maarten, de aanschaf van stormwaterpompen en voor de Tijdelijke Werkorganisatie in het juiste ritme te zetten.

Besluitvorming mutaties Najaarnota

Bijdrage financieringstekort ziekenhuis Sint-Maarten

Het ziekenhuisproject op Sint Maarten heeft een tekort in haar budget als gevolg van de wereldwijde inflatie-en value chain crisis. Nederland neemt eenmalig deel aan een extra toevoeging van het trustfonds wederopbouw Sint Maarten bij de Wereldbank voor de financiering van de nieuwbouw van het ziekenhuis. Er is een akkoord bereikt tussen de grote financiers van het ziekenhuis ter dekking van het tekort en daartoe is vanuit de begroting van Koninkrijkrelaties 7 miljoen euro gerealloceerd ten gunste van het trustfonds.

Technische mutaties

Overboekingen met andere begrotingen

Dit betreft onder meer een teruggave van 1,3 miljoen euro van Defensie voor niet-gerealiseerde diensten van de Marechaussee voor het versterken van het grenstoezicht in het kader van de coronasteun. Ook wordt er 3,1 miljoen euro overgeboekt naar de begroting van BZK om de loonkosten van de Tijdelijke Werkorganisatie (TWO) op de juiste manier te verantwoorden.

Desalderingen

Dit betreft ontvangsten over 2022 van de Shared Service Organisatie Caribisch Nederland (SSO CN). Deze ontvangsten komen uit verrekeningen met andere departementen. Deze verrekening vindt plaats op basis de afname van departementen van dienstverlening bij SSO CN.

Niet-belastingontvangsten

Mutaties t/m Voorjaarsnota 2022

Dit betreft coronamiddelen van het Rode Kruis.

Mutaties Miljoenennota 2023

Deze post bevat twee betalingen uit 2021 die teruggekomen zijn. Via een desaldering kunnen deze in 2022 opnieuw worden uitgegeven. Tevens zijn geraamde ontvangsten voor de Rijksdienst Caribisch Nederland in deze post opgenomen.

Technische mutaties

Desalderingen

Zie desalderingen uitgaven

Buitenlandse Zaken

V BUITENLANDSE ZAKEN: UITGAVEN

In miljoenen euro (excl. HGIS)

2022

  

Stand Miljoenennota 2022

9.760,7

  

mutaties t/m Voorjaarsnota 2022

546,3

mutaties t/m Miljoenennota 2023

160,1

  

Stand Miljoenennota 2023

10.467,1

  

Besluitvorming mutaties Najaarsnota

0,0

  

Technische mutaties Najaarsnota

134,6

TEM-nabetaling

134,6

Dekking TEM-nabetaling vanuit de aanvullende post

‒ 103,9

Overboeking aanvullende post i.v.m. TEM-nabetaling

103,9

  

Niet plafondrelevant

352,0

Actualisatie invoerrechten

352,0

  

Stand Najaarsnota 2022

10.953,7

V BUITENLANDSE ZAKEN: NIET-BELASTINGONTVANGSTEN

In miljoenen euro (excl. HGIS)

2022

  

Stand Miljoenennota 2022

868,7

  

mutaties t/m Voorjaarsnota 2022

278,5

mutaties Miljoenennota 2023

40,7

  

Stand Miljoenennota 2023

1.187,9

  

Besluitvorming mutaties Najaarsnota

0,0

  

Technische mutaties Najaarsnota

118,6

Perceptiekostenvergoeding

118,6

  

Stand Najaarsnota 2022

1.306,5

Uitgaven

Mutaties t/m Voorjaarsnota 2022

Bij de Voorjaarsnota 2022 hebben zich alleen technische mutaties voorgedaan, in de vorm van bijstellingen van de bni- en btw-afdrachten, actualisaties van de invoerrechten en een bijstelling op de geraamde uitgaven van het Europese Herstelfonds (RRF). Zie de Voorjaarsnota 2022 voor verdere toelichting.

Mutaties t/m Miljoenennota 2023

Bij de Miljoenennota 2023 hebben zich alleen technische mutaties voorgedaan. Hierbij is de jaarlijkse technische aanpassing van de Europese Commissie verwerkt, zijn de speciale instrumenten en de boete-opbrengsten geactualiseerd, is de jaarlijkse Lenteraming van de Europese Commissie verwerkt in het Draft Amending Budget 4 (DAB 4), is een Traditionele Eigen Middelen (TEM)-nabetaling gedaan en zijn de invoerrechten geactualiseerd. Zie de Miljoenennota 2023 voor verdere toelichting.

Technische mutaties Najaarsnota

TEM-nabetaling

Er is een Traditionele Eigen Middelen (TEM)-nabetaling van bruto 135 miljoen euro in 2022 gedaan aan de Europese Unie naar aanleiding van een herbeoordeling van dossiers. Deze middelen zijn na aftrek van perceptiekostenvergoeding overgeheveld vanaf de reservering op de aanvullende post naar de BZ-begroting. Van deze bruto betalingen is 68 miljoen euro onder voorbehoud en 67 miljoen euro definitief.

Niet plafondrelevant

Actualisatie invoerrechten

Bij de invoerrechten treedt er gedurende het jaar onbedoeld een saldo-effect op, omdat aan de inkomsten- en uitgavenkant een andere raming wordt gebruikt, respectievelijk de raming van het ministerie van Financiën en de raming van de Europese Commissie. Er wordt drie keer per jaar een actualisatie geboekt op de invoerrechten en de perceptiekostenvergoeding om te corrigeren voor dit saldo-effect.

Ontvangsten

Mutaties t/m Voorjaarsnota 2022

Bij de Voorjaarsnota 2022 hebben zich alleen technische mutaties voorgedaan, in de vorm van perceptiekostenvergoeding en een actualisatie daarvan, en een bijstelling op de geraamde ontvangsten van het Europese Herstelfonds (RRF). Zie de Voorjaarsnota 2022 voor verdere toelichting.

Mutaties t/m Miljoenennota 2023

Bij de Miljoenennota 2023 hebben zich alleen technische mutaties voorgedaan in de vorm van perceptiekostenvergoeding.

Technische mutaties Najaarsnota

Perceptiekostenvergoeding

Nederland ontvangt 25 procent van de bruto af te dragen (na)betalingen aan traditionele eigen middelen (TEM) als perceptiekostenvergoeding.

Justitie en Veiligheid

VI JUSTITIE EN VEILIGHEID: UITGAVEN

In miljoenen euro (excl. HGIS)

2022

  

Stand Miljoenennota 2022

14.931,2

  

mutaties t/m Voorjaarsnota 2022

1.803,6

mutaties t/m Miljoenennota 2023

149,6

  

Stand Miljoenennota 2023

16.884,4

  

Besluitvorming mutaties Najaarsnota

18,7

Maatregelenpakket Werkdrukverlaging GI's

11

Rijksambtenaren voor opvang

7,5

Diversen

0,21

  

Technische mutaties Najaarsnota

‒ 25,6

Tegenvaller NJN: Asielopvang (431 miljoen euro totaal)

270,8

Wts Limburg

‒ 175,0

Tegenvaller NJN: EES op Schiphol

14,5

Meevaller NJN: Intra- extramurale sanctieuitvoering

‒ 44,0

Meevaller NJN: Slachtofferzorg

‒ 11,0

Diversen

‒ 63,9

Overboekingen met andere begrotingen

‒ 7,1

Corona

‒ 27,6

Desalderingen

17,7

  

Niet-plafondrelevant

357,0

Oekraïne

357,0

  

Stand Najaarsnota 2022

17.234,5

VI JUSTITIE EN VEILIGHEID: NIET-BELASTINGONTVANGSTEN

In miljoenen euro (excl. HGIS)

2022

  

Stand Miljoenennota 2022

1.570,5

  

mutaties t/m Voorjaarsnota 2022

96,2

mutaties Miljoenennota 2023

14,2

  

Stand Miljoenennota 2023

1.680,9

  

Technische mutaties Najaarsnota

‒ 372,6

Tegenvaller NJN: Griffierechten

‒ 15,0

Tegenvaller NJN: Afpakken

‒ 289,4

Tegenvaller NJN: Boeten en Transacties

‒ 86,0

Diversen

0,1

Desalderingen

17,7

  

Stand Najaarsnota 2022

1.308,4

Uitgaven

Mutaties t/m Voorjaarsnota 2022

De mutaties tot en met de Voorjaarsnota 2022 betreffen onder andere middelen voor Bewaken en Beveiligen, het overhevelen van coalitieakkoordmiddelen voor de Inlichtingdiensten vanaf de Aanvullende Post, het verwerken van uitvoeringsinformatie voor o.a. de Meerjarige Productie Prognose (MPP), Waterschade Limburg en het Prognosemodel Justitiële Ketens (PMJ). Ook betreft het middelen voor het organiseren van gemeentelijke en particuliere opvang van Oekraïense ontheemden.

Mutaties t/m Miljoenennota 2023

De mutaties vanaf de Voorjaarsnota 2022 tot en met de Miljoenennota 2023 betreffen voornamelijk de overheveling van Coalitieakkoordmiddelen waaronder reeksen voor preventie, tegengaan van ondermijning, en het versterken van de justitiële keten, het nationaal Programma Oekraïense ontheemden en enkele overboekingen met andere departementen.

Besluitvorming mutaties Najaarsnota

Maatregelenpakket Werkdrukverlaging GI's

Om de werkdruk in de jeugdbescherming te verlagen draagt het Rijk in de periode 2022 t/m 2025 in totaal 40 miljoen euro aan Gecertificeerde Instellingen (GI’s) bij. Daarnaast wordt in de periode 2022 t/m 2025 10 miljoen euro beschikbaar gesteld voor een zijinstroomregeling voor de opleiding tot jeugdbeschermer, waarvan 1 miljoen euro in 2022 valt. Deze mutaties betreffen het beschikbaar stellen van de middelen in 2022.

Rijksambtenaren voor opvang

Deze mutatie betreft de inzet van Rijkspersoneel voor de crisisnoodopvang van asielzoekers (7,5 miljoen euro).

Diversen

Deze mutatie betreft een terugbetaling aan het OM van eerder verbeurd verklaarde gelden.

Technische mutaties Najaarsnota

Tegenvaller NJN: Asielopvang (431 miljoen euro totaal)

Door de verhoogde instroom van reguliere asielzoekers doen zich tegenvallers voor bij het Centraal Orgaan Opvang Asielzoekers (380 miljoen euro), Nidos (27 miljoen euro), de Immigratie- en Naturalisatiedienst (IND) (20 miljoen euro) en VluchtelingenWerk Nederland (4 miljoen euro). De totale tegenvaller is 431 miljoen euro. Een deel van deze meerkosten wordt opgevangen vanuit ODA-budgetten ten behoeve van de opvang van eerstejaars asielzoekers (160 miljoen euro). Het resterende deel wordt gedekt uit de onderuitputting bij JenV (71 miljoen euro) en de rijksbrede onderuitputting (200 miljoen euro).

Meevaller NJN: Wts Limburg

Voor de regeling Tegemoetkoming waterschade Limburg was 256 miljoen euro op de JenV-begroting gereserveerd. Het beroep op deze regeling is minder groot dan aangenomen. Daarom valt een deel van het budget vrij. Op de JenV-begroting is dit 175 miljoen euro in 2022. Hiervan wordt echter 35 miljoen euro doorgeschoven naar 2023 voor het afhandelen van de in dat jaar geraamde vertraagde uitbetalingen.

Tegenvaller NJN: EES op Schiphol

Voor de implementatie van de Europese Inreis- en uitreissysteem (EES) verordening op Schiphol zijn aanvullende middelen nodig om de implementatie tijdig af te ronden.

Meevaller NJN: Intra- extramurale sanctieuitvoering

De tenuitvoerlegging van bestedingsplannen, waaronder enkele uit het coalitieakkoord, loopt vertraging op door onder andere moeilijkheden bij het werven van personeel door krapte op de arbeidsmarkt. Om deze reden is er sprake van onderuitputting op middelen in 2022.

Meevaller NJN: Slachtofferzorg

De tenuitvoerlegging van bestedingsplannen die verstand houden met slachtofferzorg, waaronder enkele uit het coalitieakkoord, loopt vertraging op door onder andere moeilijkheden bij het werven van personeel door krapte op de arbeidsmarkt. Om deze reden is er sprake van onderuitputting op middelen in 2022.

Diversen

Deze post betreft overige mee- en tegenvallers. Het betreft o.a. meevallers op preventiemiddelen (10 miljoen euro), middelen bestemd voor het tegengaan van ondermijnende criminaliteit (10 miljoen euro), en coalitieakkoordmiddelen bestemd voor het Openbaar Ministerie (10 miljoen euro) en de Raad voor de rechtspraak (8,6 miljoen euro). Daarnaast is er o.a. een tegenvaller op het gebied van schadeloosstellingen (8,9 miljoen euro).

Overboekingen met andere begrotingen

Deze post betreft een groot aantal overhevelingen met andere departementen, waaronder de kostenverrekening van onderwijsvestigingen in Justitiële Jeugdinstellingen met OCW, en de overheveling in het kader van het faciliteitenbesluit met het Gemeentefonds

Corona

Dit betreft o.a. een meevaller op de regeling voor gemeentes voor de controle op coronatoegangsbewijzen (CTB) bij horecaondernemingen ter hoogte van ca. 23,8 miljoen euro.

Desalderingen

Deze post betreft een aantal desalderingen die op de begroting van JenV plaatsvinden. Het betreft o.a. desalderingen t.b.v. de vrijval van EU-middelen, en het verwerken van bijzondere bijdragen aan de politie.

Niet plafondrelevant

Oekraïne

Deze post bevat twee mutaties. Ten eerste zijn er door gemeenten in 2022 fors meer voorschotten dan verwacht aangevraagd voor de realisatie van gemeentelijke en particuliere opvang. Dit leidt tot meeruitgaven in 2022 van 350 miljoen euro. Ten tweede heeft de Immigratie- en Naturalisatiedienst (IND) hogere uitvoeringslasten als gevolg van het verwerken van inkomende Oekraïense ontheemden.

Niet-belasting ontvangsten

Mutaties t/m Voorjaarsnota 2022

De reeks mutaties tot en met Voorjaarsnota 2022 bevat onder andere een aanpassing van de raming voor het Boeten en Transactie-dossier, een aanpassing aan de raming voor de PMJ waardoor de ontvangsten van griffierechten en de administratiekosten van het Centraal Justitieel Incassobureau (CJIB) lager uitvallen. Ook vindt er in 2022 een terugbetaling van DJI over het jaar 2021 aan het moederdepartement plaats op basis van de outputfinancieringsystematiek.

Mutaties Miljoenennota 2023

De mutaties vanaf de Voorjaarsnota 2022 tot en met de Miljoenennota 2023 betroffen enkele desalderingen die plaatsvonden op de JenV-begroting.

Technische mutaties Najaarsnota

Tegenvaller NJN: Griffierechten

Dit is een tegenvaller van 15 miljoen euro op de geraamde inkomsten uit griffierechten voor 2022 omdat de instroom van zaken waarover griffierecht geheven wordt achterblijft op de raming.

Tegenvaller NJN: Afpakken

Er doet zich een forse tegenvaller (ca. 289,4 miljoen euro) voor bij het afpakken van (crimineel) geld en goederen door het uitblijven van grote transacties.

Tegenvaller NJN: Boeten en Transacties

Op het dossier Boeten en Transacties doet zich een tegenvaller voor van 86 miljoen euro. Dit wordt veroorzaakt door mobiliteitsbeperkende coronamaatregelen aan het begin van het jaar, hogere brandstofprijzen, en het vervangen van flitspalen en trajectcontroles waardoor deze tijdelijk uitgezet moeten worden.

Diversen

De post diversen bevat een meevaller van 100.000 euro bij de Inspectie Justitie en Veiligheid.

Desalderingen

Zie hiervoor de gelijknamige post bij uitgaven.

Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties

VII BINNENLANDSE ZAKEN EN KONINKRIJKSRELATIES: UITGAVEN

In miljoenen euro (excl. HGIS)

2022

  

Stand Miljoenennota 2022

8.057,6

  

Mutaties t/m Voorjaarsnota 2022

‒ 111,9

Mutaties Miljoenennota 2023

216,0

  

Stand Miljoenennota 2023

8.161,8

  

Besluitvorming mutaties Najaarsnota

‒ 306,5

Kasschuif kwijtschelden publieke schulden

‒ 160,0

Kasschuif herplaatsingsgarantie

‒ 116,0

Kasschuif crisisnoodopvang

‒ 30,5

  

Technische mutaties Najaarsnota

61,2

Correctie LPO

‒ 4,6

Meevaller: diversen

‒ 17,0

Overboekingen met andere begrotingen

43,9

Corona

10,2

Desalderingen

28,7

  

Stand Najaarsnota 2022

7.916,5

VII BINNENLANDSE ZAKEN EN KONINKRIJKSRELATIES: NIET-BELASTINGONTVANGSTEN

In miljoenen euro (excl. HGIS)

2022

  

Stand Miljoenennota 2022

1.097,6

  

Mutaties t/m Voorjaarsnota 2022

‒ 458,7

Mutaties Miljoenennota 2023

67,3

  

Stand Miljoenennota 2023

706,2

  

Besluitvorming mutaties Najaarsnota

0,0

  

Technische mutaties Najaarsnota

37,0

Diversen

8,4

Desalderingen

28,7

  

Niet relevant voor het uitgavenplafond

 

Ontvangsten benzineveilingen en bodemmaterialen

50,5

  

Stand Najaarsnota 2022

793,7

Uitgaven

Mutaties t/m Voorjaarsnota 2022

Er zijn middelen voor woningbouwprojecten en het ondersteunen van grootschalige woningbouwgebieden op het gebied van infrastructuur en andere randvoorwaarden overgeboekt naar de begroting van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (BZK). Daarnaast heeft de herverkaveling van de versterkingsoperatie in Groningen (1,6 miljard euro in 2022) naar de begroting van Economische Zaken en Klimaat (EZK) plaatsgevonden.

Mutaties Miljoenennota 2022

Dit betreft diverse mutaties. Er is 15 miljoen euro in 2022 overgeboekt voor de Generieke Digitale Infrastructuur (GDI) en verschillende rijksbrede projecten in het kader van Werk aan Uitvoering (WaU). Als onderdeel van de koopkrachtmaatregelen is de huurtoeslag structureel verhoogd. Ook zorgt de WML-verhoging ervoor dat de huurtoeslaguitgaven stijgen. Tevens is er 193,5 miljoen euro overgeboekt om de asiel huisvestingsproblematiek op te lossen. Hierbij is ingezet op het inrichten van locaties voor flexwoningen. Verder is er aan het Rijksvastgoedbedrijf de opdracht gegeven om flexwoningen te kopen. Ook heeft Rijksvastgoedbedrijf enkele bestaande en te verwerven panden getransformeerd. Hierdoor kunnen deze panden als tussenvoorziening worden ingezet voor de huisvesting van statushouders.

Besluitvorming mutaties Najaarnota

Kasschuif kwijtschelden publieke schulden

In 2021 is in samenwerking met de publieke schuldeisers en de verantwoordelijke departementen het kwijtschelden van publieke schulden uitgewerkt. Met de medeoverheden is afgesproken dat compensatie van de uitgaven en de derving van inkomsten plaatsvindt op basis van nacalculatie (werkelijke kosten). Ook de uitvoeringskosten van de kwijtscheldingsregelingen en de uitvoeringskosten die samenhangen met het compenseren van gemeenten worden vergoed. Vanwege de verantwoordingssystematiek komen de middelen in 2022 niet tot besteding. De middelen worden doorschoven naar 2023.

Kasschuif herplaatsingsgarantie

Bij de fysieke herplaatsingsgarantie wordt in samenwerking met gemeenten een fysieke herplaatsingsgarantie ingericht voor het tijdelijk plaatsen en mogelijk exploiteren van flexwoningen, deze middelen komen in 2022 niet tot besteding omdat de concrete uitwerking langer vergt. Dit geldt ook voor de door BZK beschikbaar gestelde additionele middelen voor de financiële herplaatsingsgarantie ter hoogte 20 miljoen euro. De middelen worden doorgeschoven naar 2023.

Kasschuif crisisnoodopvang

In 2022 is besloten extra personele inzet voor crisisnoodopvang (CNO) in te zetten. BZK faciliteert dit namens het Rijk. Per tweede incidentele suppletoire begroting 2022 zijn middelen toegevoegd aan de begroting van BZK. Het kabinet heeft besloten dat de middelen hiervoor middels een verdeelsleutel worden opgehaald bij alle departementen. De bijdragen zijn middels overboekingen verwerkt bij de tweede suppletoire begroting 2022. De middelen komen in 2022 niet volledig tot besteding, waardoor het restant van de middelen wordt doorgeschoven naar 2023.

Technische mutaties

Correctie LPO

Bij de voorjaarsnota heeft BZK een loon- en prijsontwikkeling uitkering (LPO) ontvangen voor het kwijtschelden van de publieke schulden. Met deze boeking wordt de ontvangen LPO-uitkering gecorrigeerd.

Meevaller: diversen

Dit betreft diverse uitgaven meevallers. Onder andere lagere uitgaven aan het apparaat van 4,7 miljoen euro. Ook zijn er minder uitgaven door de afwikkeling van de laatste aanvragen van de STEP-regeling. Er zijn minder aanvragen gehonoreerd dan verwacht waardoor de prognose naar beneden is bijgesteld met 3,6 miljoen euro. De Subsidieregeling Verduurzaming en Onderhoud Huurwoningen (SVOH) die per 1 april 2022 is opengesteld kent minder aanvragen dan vooraf was ingeschat, daardoor vallen de uitgaven met 2,2 miljoen euro lager uit. Er zijn minder uitgaven gerealiseerd voor flexwoningen, in totaal 25 miljoen euro, waarvan 20 miljoen euro wordt gebruikt voor de financiële herplaatsingsgarantie. Deze 20 miljoen wordt doorgeschoven naar 2023 omdat de nadere uitwerking meer tijd vergt. De overige 5 miljoen euro is een meevaller.

Overboekingen met andere begrotingen

Dit betreft onder meer verschillende overboekingen van departementen voor de uitvoering van de crisisnoodopvang (totaal 33,1 miljoen euro) waarvoor BZK opdrachtgever is. Tevens bevat het een decentralisatie-uitkering aan de provincies van 6,7 miljoen euro voor het programma natuurinclusief na-isoleren. Ook bevat het 6 miljoen euro die wordt overgeboekt naar de begroting van het Kabinet van de Gouverneur van Sint-Maarten, voor de aanschaf van een nieuw kantoorpand.

Corona

Dit betreft een overheveling van middelen van de Aanvullende Post naar de waterschappen vanwege de inkomstenderving 2021.

Desalderingen

Dit betreft diverse desalderingen. Onder andere uitgaven- en ontvangstenbudgetten van 5,3 miljoen euro om het tariefgefinancierde deel van Doc-Direkt op het juiste niveau te brengen. Tevens betreft het een desaldering van de opdracht aan het Rijksvastgoedbedrijf van 3,8 miljoen euro voor de realisatie van 100 flexwoningen. Ook bevat de post diverse desalderingen van bijdrage aan het beheer van het Digitaal Stelsel Omgevingswet (DSO). Daarnaast bevat het een aanvulling van 2,4 miljoen euro op de raming van de kosten van de dienstverlening van de baten-lastenagentschappen die via het kerndepartement lopen voor de dienstverleningsovereenkomsten (DVA's). Het betreft ook een desaldering van de teruggestorte huurkosten van 1,7 miljoen euro als gevolg van de vloerenproblematiek ter compensatie van de vermindering van het effectief bruto vloeroppervlakte (BVO).

Niet-belastingontvangsten

Mutaties t/m Voorjaarsnota 2022

Dit betreft o.a. het surplus van agentschappen en ontvangsten bij het RVB die bij voorjaarsnota zijn verwerkt. Daarnaast betreft het de herverkaveling van de versterkingsoperatie in Groningen (560 miljoen euro in 2022) naar de begroting van EZK.

Mutaties Miljoenennota 2022

Dit betreffen diverse desalderingen, waaronder de achtervangvergoeding voor de Nationale Hypotheek Garantie (NHG) en de ontvangsten van de bijdragen aan de centrale financiering GDI. Daarnaast is het budget van de generale ontvangsten gecorrigeerd met het positieve saldo van 2021 naar aanleiding van de meerontvangsten uit de verkoop van bodemmaterialen.

Technische mutaties

Diversen

Dit betreft de meerontvangsten over de opdrachten van RVO van 6,8 miljoen euro en een meevaller van 1,6 miljoen euro doordat ProDemos de subsidie die ze voor het jaar 2021 hebben gekregen niet volledig hebben uitgeput. Door de coronamaatregelen kon een groot deel van de fysieke activiteiten van het Activiteitenplan 2021 van ProDemos geen doorgang vinden.

Desalderingen

Zie desalderingen uitgaven.

Niet relevant voor het uitgavenplafond

Ontvangsten benzineveilingen en bodemmaterialen

Dit betreft de meerontvangsten op de post benzineveilingen van 45,3 miljoen euro en bodemmaterialen van 5,2 miljoen euro, die op de begroting van BZK worden ontvangen.

Onderwijs, Cultuur en Wetenschap

VIII ONDERWIJS, CULTUUR EN WETENSCHAP: UITGAVEN

In miljoenen euro (excl. HGIS)

2022

  

Stand Miljoenennota 2022

48.135,4

  

mutaties t/m Voorjaarsnota 2022

5.301,5

mutaties t/m Miljoenennota 2023

1.052,9

  

Stand Miljoenennota 2023

54.489,8

  

Besluitvorming mutaties Najaarsnota

0,0

  

Technische mutaties Najaarsnota

‒ 243,7

Tegenvaller kwijtschelding publieke schulden KOT

40,0

Meevaller Maatschappelijke diensttijd

‒ 65,3

Meevaller studiefinanciering uitgaven R

‒ 55,0

Meevaller apparaatskosten

‒ 15,0

Mee- en tegenvallers: diversen (saldo)

‒ 86,5

Overboekingen met andere begrotingen

‒ 25,6

Corona

‒ 51,3

Desalderingen

15,1

  

Niet-plafondrelevant

‒ 101,9

Meevaller studiefinanciering uitgaven NR

‒ 100,0

Oekraïne

‒ 1,9

  

Stand Najaarsnota 2022

54.144,2

VIII ONDERWIJS, CULTUUR EN WETENSCHAP: NIET-BELASTINGONTVANGSTEN

In miljoenen euro (excl. HGIS)

2022

  

Stand Miljoenennota 2022

1.608,0

  

mutaties t/m Voorjaarsnota 2022

32,2

mutaties t/m Miljoenennota 2023

8,2

  

Stand Miljoenennota 2023

1.648,4

  

Besluitvorming mutaties Najaarsnota

0,0

  

Technische mutaties Najaarsnota

35,9

Meevaller vervroegde aflossing HZ

3,6

Tegenvaller studiefinanciering rente ontvangsten R

‒ 5,0

Corona

22,2

Desalderingen

15,1

  

Niet-plafondrelevant

‒ 60,0

Tegenvaller studiefinanciering ontvangsten NR

‒ 60,0

  

Stand Najaarsnota 2022

1.624,2

Uitgaven

Stand Miljoenennota 2022

Mutaties t/m Voorjaarsnota 2022

Tijdens de Algemene Politieke Beschouwingen is middels motie Hermans 500 miljoen euro vrijgemaakt om de salarissen van het personeel in het primair onderwijs te verhogen. Bij Voorjaarsnota is vervolgens een eerste deel van de middelen uit het coalitieakkoord ‘Omzien naar elkaar, vooruitkijken naar de toekomst’ overgeheveld. Het betrof middelen uit de enveloppen Versterken onderwijskwaliteit, Kansengelijkheid, Leraren en schoolleiders, Vervolgopleidingen en onderzoek, Fonds onderzoek en wetenschap. De middelen voor de uitvoeringskosten herinvoering basisbeurs en Cultuur en media werden opgevraagd voor 2022. Verder is de bij Regeerakkoord ingeboekte verlaging van het Nationaal Programma Onderwijs alternatief gedekt. Deels is deze verlaging gedekt door de inzet van een deel van de eindejaarsmarge en deels door verlaging in 2022 van enkele intensiveringen uit het coalitieakkoord. Daarnaast is de interne problematiek op de OCW-begroting opgelost met behulp van inzet van de Eindejaarsmarge en heeft er een statistische correctie plaatsgevonden om zo de onbedoelde effecten op het passend onderwijs van aangescherpte btw-regelgeving ongedaan te maken. Tenslotte zijn er middelen vrijgemaakt voor Oekraïense vluchtelingen, zijn er overboekingen gedaan met andere begrotingen en is de reguliere Loon- en Prijsbijstelling aan de OCW-begroting toegevoegd.

Mutaties t/m Miljoenennota 2023

In aanloop naar de Miljoenennota zijn er opnieuw middelen uit het coalitieakkoord overgeheveld. Het gaat om middelen uit de enveloppen Versterken onderwijskwaliteit, Kansengelijkheid, Vervolgopleidingen en onderzoek, Fonds onderzoek en wetenschap, Afschaffen leenstelsel en herinvoeren basisbeurs, Cultuur en Media en Werk aan Uitvoering. Daarnaast is er geld overgeheveld vanaf de Aanvullende post voor het rechtsherstel box 3. Er is Loon- en prijsbijstelling over coalitieakkoordmiddelen overgeheveld, er zijn kasschuiven gedaan met reguliere en coronamiddelen en er zijn middelen beschikbaar gesteld voor de verlenging van steunregelingen voor Oekraïense vluchtelingen.

Stand Miljoenennota 2023

Besluitvorming mutaties Najaarsnota

Technische mutaties Najaarsnota

Tegenvaller kwijtschelding publieke schulden KOT

Er worden in 2022 meer publieke schulden kwijtgescholden van toeslagengedupeerden van de Kinderopvangtoeslag (KOT) dan verwacht. Voor OCW betreft dit schulden bij DUO. De verwachting is dat dit zal leiden tot een tegenvaller van 40 miljoen euro.

Meevaller Maatschappelijke diensttijd

Binnen het budget van de Maatschappelijke diensttijd is er in 2022 65,3 miljoen euro niet besteed. Dit wordt veroorzaakt doordat de subsidieregeling Maatschappelijke diensttijd niet volledig is uitgeput in 2022.

Meevaller studiefinanciering uitgaven R

Er is een meevaller van 55 miljoen euro op de relevante (R) uitgaven studiefinanciering. Dit wordt veroorzaakt door een bijstelling van de ramingen op basis van de verstrekte gegevens van DUO.

Meevaller apparaatskosten

Er is een meevaller op de apparaatskosten. Deze wordt veroorzaakt door meerdere kleine meevallers, onder andere op de middelen die voor apparaats- en uitvoeringskosten zijn gereserveerd uit de coalitieakkoordmiddelen.

Mee- en tegenvallers: diversen (saldo)

Er zijn een groot aantal kleinere mee- en tegenvallers op de OCW-begroting, die per saldo leiden tot een meevaller van 86,5 miljoen euro.

Overboekingen met andere begrotingen

Er worden diverse overboekingen gedaan met begrotingen van andere departementen.

Corona

Verschillende coronaregelingen zijn in 2022 niet volledig tot besteding gekomen. Er is onderuitputting afgeboekt op onder andere op de middelen voor het NP Onderwijs om studenten met vertraging door corona tegemoet te komen en op middelen beschikbaar gesteld voor de culturele sector, waaronder de suppletieregeling. Deze middelen zijn teruggevloeid naar de Rijksbegroting, zoals alle onbestede coronamiddelen.

Desalderingen

Er worden diverse desalderingen gedaan.

Niet-plafondrelevant

Meevaller sf uitgaven NR

De niet-relevante (NR) uitgaven van studiefinanciering zijn lager dan geraamd. Dit betreffen voornamelijk de rentedragende leningen en het collegegeldkrediet die naar beneden zijn bijgesteld op basis van de actuele realisatiecijfers van dit jaar.

Oekraïne

In het kader van noodhulp aan studenten uit Oekraïne, Wit-Rusland en Rusland zijn er bij Voorjaarsnota 2022 middelen beschikbaar gesteld. De middelen voor het middelbaar beroepsonderwijs bleken uiteindelijk niet nodig en in het hoger beroepsonderwijs en wetenschappelijk onderwijs bleken minder middelen nodig dan begroot. Deze middelen vloeien volgens afspraak terug naar de Rijksbegroting.

Niet-belastingontvangsten

Stand Miljoenennota 2022

Mutaties t/m Voorjaarsnota 2022

Bij Voorjaarsnota 2022 is een tegenvaller op de referentieraming, de studiefinancieringsraming en de renteraming verwerkt voor het jaar 2022. Daarnaast deed zich een meevaller voor op de ontvangstenraming SIVON en vonden er verschillende desalderingen plaats.

Mutaties t/m Miljoenennota 2023

Het Fonds voor de Letteren heeft vanuit het corona steunpakket geld ontvangen voor het Garantiefonds fysieke boekhandel. Hiervan is een deel onbesteed gebleven en teruggestort op de OCW-begroting. Deze middelen zijn teruggevloeid naar de Rijksbegroting, zoals alle onbestede coronamiddelen.

Stand Miljoenennota 2023

Besluitvorming mutaties Najaarsnota

Technische mutaties

Meevaller vervroegde aflossing HZ

De ten onrechte door Hogeschool Zeeland (HZ) ontvangen uitgekeerde Rijksbijdragen zijn in een periode van twintig jaar teruggevorderd. De Hogeschool Zeeland heeft verzocht de laatste termijnen 2023 tot en met 2025 versneld in één keer af te lossen in 2022. Hierop is door OCW positief besloten, hetgeen tot gevolg heeft dat de ontvangsten op artikel 6 voor het jaar 2022 3,6 miljoen euro hoger zullen zijn.

Tegenvaller studiefinanciering rente ontvangsten R

De relevante (R) ontvangsten van rente over studiefinanciering zijn lager dan geraamd.

Corona

Een aantal coronaregelingen zijn niet volledig tot besteding gekomen. Het gaat om niet uitgeputte Inhaal- en ondersteuningsprogramma’s, de regelingen coronabanen en hulp voor de klas en steun aan cultuurfondsen. Deze middelen zijn teruggevorderd en komen binnen op de OCW-begroting als ontvangsten. Deze middelen vloeien naar de Rijksbegroting, zoals alle onbestede coronamiddelen.

Desalderingen

Er worden diverse desalderingen gedaan.

Niet relevant voor het uitgavenplafond

Meevaller studiefinanciering ontvangsten NR

De niet-relevante (NR) ontvangsten van studiefinanciering zijn lager dan geraamd. Uit de realisatiegegevens van DUO blijkt dat er een lager bedrag is terugbetaald aan leningen.

Nationale Schuld (Transactiebasis)

IXA NATIONALE SCHULD (TRANSACTIEBASIS): UITGAVEN

In miljoenen euro (excl. HGIS)

2022

  

Stand Miljoenennota 2022

36.145,8

  

mutaties t/m Voorjaarsnota 2022

500,7

mutaties t/m Miljoenennota 2023

549,2

  

Stand Miljoenennota 2023

37.195,6

  

Technische mutaties Najaarsnota

‒ 12,6

Rente vaste schuld

‒ 16,0

Rentelasten kasbeheer

3,4

  

Niet-plafondrelevant

804,3

Aflossing vaste schuld

0,4

Uitgaven bij voortijdige beëindiging

2,2

Verstrekte leningen

800,0

Rentelasten kasbeheer

1,6

  

Stand Najaarsnota 2022

37.987,3

IXA NATIONALE SCHULD (TRANSACTIEBASIS): NIET-BELASTINGONTVANGSTEN

In miljoenen euro (excl. HGIS)

2022

  

Stand Miljoenennota 2022

62.666,4

  

mutaties t/m Voorjaarsnota 2022

16.078,9

mutaties t/m Miljoenennota 2023

‒ 17.700,1

  

Stand Miljoenennota 2023

61.045,1

  

Technische mutaties Najaarsnota

5,6

Rente vlottende schuld

4,0

Rentebaten kasbeheer

1,6

  

Niet-plafondrelevant

6.800,5

Rente derivaten

‒ 18,0

Aflossingen op leningen

37,4

Mutatie vlottende schuld

5.904,0

Mutatie rekening-courant en desposito

877,1

  

Stand Najaarsnota 2022

67.851,1

Uitgaven

Technische Mutaties Najaarsnota

Rente vaste schuld

De rentelasten vaste schuldvallen in 2022 naar verwachting lager uit. Bij de uitgifte van nieuwe schuld worden de rentetarieven vastgelegd tegen het dan geldende rentetarief. De gerealiseerde rentelasten van de uitgegeven schuld in september zijn lager dan waarmee rekening is gehouden in de Miljoenennota 2023 op basis van de renteraming van het CPB.

Rentelasten kasbeheer

De raming van de rentelasten kasbeheer is hoger dan geraamd bij de Miljoenennota 2023. Dit als gevolg van een toename van de rentelasten op afgesloten deposito’s door met name decentrale overheden.

Aflossing vaste schuld (niet-plafond relevant)

De aflossingen op de vaste schuld zijn naar verwachting hoger als gevolg van het vervroegd aflossen van obligaties. Vervroegd aflossen wordt gedaan uit hoofde van cashmanagement.

Uitgaven bij voortijdige beëindiging (niet-plafond relevant)

De uitgaven bij voortijdige beëindiging van leningen binnen het kasbeheer zijn hoger dan geraamd ten opzichte van de Miljoenennota 2023. Instellingen die leningen ten laste van de schatkist hebben opgenomen kunnen deze onder bepaalde voorwaarden vervroegd aflossen. De hoogte van het door hen te betalen bedrag is afhankelijk van de marktrente van dat moment. Het verschil tussen de actuele marktwaarde en de nominale waarde kan zowel positief als negatief zijn en wordt verrekend met de instelling.

Verstrekte leningen (niet-plafond relevant)

Naar verwachting worden er meer leningenverstrekt aan de deelnemers van het schatkistbankieren dan eerder geraamd. De raming wordt daardoor met 800 miljoen euro naar boven bijgesteld.

Rentelasten kasbeheer (niet relevant voor het uitgavenplafond)

De raming van de rentelasten kasbeheer is hoger dan geraamd bij de Miljoenennota 2023. Dit als gevolg van een toename het saldo van de rekeningen-courant van de sociale fondsen.

Niet-belastingontvangsten

Technische Mutaties Najaarsnota 

Rente vlottende schuld

De rentebaten op de vlottende schuld zijn naar boven bijgesteld als gevolg van de actuele realisaties op de geldmarkt.

Rente kasbeheer

De raming van de rentebaten kasbeheer is hoger dan geraamd bij de Miljoenennota 2023.Dit als gevolg van een toename van het aantal afgesloten leningen aan deelnemers van schatkistbankieren.

Rentederivaten (niet-plafond relevant)

Er worden minder rentebaten op derivaten verwacht dan eerder geraamd. Dit komt door de gerealiseerde rentepercentages op de variabele delen van de derivaten.

Aflossing op leningen (niet-plafond relevant)

Op basis van de actuele inzichten wordt verwacht dat de aflossingen op de leningen die door agentschappen, rechtspersonen met een wettelijke taak (RWT's) en derden in het kader van schatkistbankieren zijn afgesloten, in het lopende jaar hoger zullen uitvallen dan geraamd bij de Miljoenennota 2023.

Mutatie in rekening-courant en deposito (niet relevant voor het uitgavenplafond)

De wijziging in de geraamde mutatie van het saldo op de rekeningen-courant en deposito’s van de deelnemers van schatkistbankieren is het gevolg van het actualiseren van de geraamde uitgaven en ontvangsten van de sociale fondsen. De mutaties in rekening-courant en deposito’s worden veroorzaakt door de uitgaven en ontvangsten van de deelnemers van het schatkistbankieren. Als een deelnemer een uitgave doet zal het aangehouden saldo op de rekening-courant dalen en dit betekent een uitgave op artikel 12. Een ontvangst van een deelnemer wordt gestort op de rekening-courant en dit zorgt voor een ontvangst op artikel 12. Het Agentschap is uitsluitend beheerder van de rekeningen-courant van het schatkistbankieren.

Mutatie vlottende schuld (niet relevant voor het uitgavenplafond)

De raming van de mutatie vlottende schuld wijzigt als gevolg van het bijgestelde kassaldo. Schommelingen in de financieringsbehoefte in een lopend begrotingsjaar worden zo veel mogelijk opgevangen op de geldmarkt.

 

Financiën

IXB FINANCIEN: UITGAVEN

In miljoenen euro (excl. HGIS)

2022

  

Stand Miljoenennota 2022

10.294,8

  

mutaties t/m Voorjaarsnota 2022

1.500,3

mutaties t/m Miljoenennota 2023

833,4

  

Stand Miljoenennota 2023

12.628,5

  

Technische mutaties Najaarsnota

‒ 24,2

Vertraging uitvoering MSNP

‒ 28,1

Mutatie storting Begrotingsreserve EKV

69,0

Overboekingen met andere begrotingen

19,4

Desalderingen

‒ 1,3

Nog onverdeeld

‒ 33,2

Apparaatsuitgaven toeslagen

‒ 18,0

Lagere uitgaven artikel Belastingen

‒ 16,2

Vrijval beschikbaar budget (diversen)

‒ 15,9

  

Niet-plafondrelevant

‒ 134,0

Mutatie niet-definitieve schade EKV

33,0

Kapitaalinjectie Invest International

‒ 37,0

Kapitaalinjectie Invest NL

‒ 130,0

  

Stand Najaarsnota 2022

12.470,3

IXB FINANCIEN: NIET-BELASTINGONTVANGSTEN

In miljoenen euro (excl. HGIS)

2022

  

Stand Miljoenennota 2022

2.965,7

  

mutaties t/m Voorjaarsnota 2022

88,1

mutaties t/m Miljoenennota 2023

310,0

  

Stand Miljoenennota 2023

3.363,7

  

Technische mutaties Najaarsnota

184,6

Dividenden staatsdeelnemingen

80,3

Mutatie premies EKV

69,0

Desalderingen

‒ 1,3

Actualisering budget boetes en schikkingen

25,0

Vrijval beschikbar budget (diversen)

11,6

  

Niet-plafondrelevant

‒ 10,2

Dividenden staatsdeelnemingen

‒ 10,2

  

Stand Najaarsnota 2022

3.538,1

Uitgaven

Mutaties t/m Voorjaarsnota 2022

Deze post betreft alle mutaties die tussen Miljoennota 2022 en Voorjaarsnota 2022 hebben plaatsgevonden op de Financiënbegroting. Dit betreft onder andere budgetneutrale aanpassing van de BIR-verdeelsystematiek, middelen voor de tegemoetkomingsregeling MSNP en een overheveling van de Aanvullende Post voor Toeslagenherstel. Daarnaast zijn er ook Coalitieakkoordmiddelen vanaf de Aanvullende Post voor Uitvoeringskosten Belastingdienst en laagdrempelige fiscale rechtshulp overgeheveld naar de Financiënbegroting. De Verticale Toelichting van de Financiënbegroting in de Voorjaarsnota 2022 biedt additionele toelichting op deze mutaties.

Mutaties t/m Miljoenennota 2023

Deze post betreft alle mutaties die tussen Voorjaarsnota 2022 en Miljoenennota 2023 hebben plaatsgevonden op de Financiënbegroting. Dit zijn onder andere de uitgaven voor de uitvoering van werkzaamheden voor het rechtsherstel box 3, de reservering van Rijksbrede middelen voor de verbetering van de dienstverlening (Werk aan Uitvoering) en het besluit van het kabinet om deel te nemen aan de aandelenemissie van Air France-KLM om het huidige belang in stand te houden. Daarnaast is er een regeling opgezet die ontheemden uit Oekraïne de mogelijkheid geeft om contante Oekraïense valuta (hryvnia's) om te kunnen wisselen voor euro’s in 2022 en is de kapitaalsleutel van het ESM geactualiseerd. De Verticale Toelichting van de Financiënbegroting in de Miljoenennota 2023 biedt additionele toelichting op deze mutaties.

Mee-en tegenvallers

Vertraging uitvoering MSNP

Er dient een zorgvuldig proces gevolgd te worden bij het compenseren van de gedupeerden, die als gevolg van registratie in de Fraude Signalering Voorziening (FSV) ten onrechte zijn afgewezen voor de regeling Minnelijke Schuldsanering Natuurlijke Personen (MSNP). Daarnaast duurt het onderzoeken van impact en aantallen van gedupeerden langer dan eerder gedacht. Hierdoor worden er in 2022 nog geen schadevergoedingen uitgekeerd en valt het grootste gedeelte van het beschikbare budget in 2022 vrij.

Mutatie storting Begrotingsreserve EKV

De raming van de begrotingsreserve wordt met 69 miljoen euro naar boven bijgesteld. Dit komt door de ontvangst van een relatief groot bedrag aan premie door een transactie op de Filippijnen. De begrotingsreserve wordt gevoed door de premies. Definitieve schades, de kostenvergoeding Atradius en de overige kosten leiden daarentegen tot een onttrekking uit de begrotingsreserve.

Mutatie niet-definitieve schade EKV (niet relevant voor het uitgavenplafond)

In 2022 valt de schade-uitkering naar verwachting 33 miljoen euro hoger uit dan begroot. Dit heeft onder meer te maken met onverwachte schade-uitkeringen op Sri Lanka waar er sprake is van een onstabiele politieke situatie.

Vrijval beschikbaar budget artikel ‘Nog onverdeeld’

Niet alle middelen op artikel 10 (Nog onverdeeld) zijn in 2022 benodigd of kunnen niet worden ingezet. Er valt daarom 33 miljoen euro aan nog onverdeelde middelen vrij.

Apparaatsuitgaven toeslagen

Door personeelsverloop en krapte op de arbeidsmarkt duurt het langer om vacatures te vervullen. 18 miljoen euro onderuitputting als een gevolg hiervan komt ten goede aan het generale beeld.

Lagere uitgaven artikel ‘Belastingen’

De uitgaven van de Belastingdienst vallen lager uit als gevolg van een krappe arbeidsmarkt. Werkzaamheden worden opgevangen binnen de bestaande formatie van de Belastingdienst en er wordt minder ingehuurd op projecten. De hiermee samenhangende facilitaire uitgaven vallen daarom ook lager uit.

Vrijval beschikbaar budget (diversen)

Op verschillende artikelen is sprake van budget dat vrijvalt doordat de realisatie lager uitvalt dan initieel was geraamd. Aan de uitgavenkant valt in totaal circa 16 miljoen euro vrij.

Technische mutaties

Kapitaalinjectie Invest International (niet relevant voor het uitgavenplafond)

In 2022 wordt 37 miljoen euro minder kapitaal gestort dan geraamd. Het totaal van de beoogde kapitaalinjectie wijzigt niet, alleen in de kasreeks vindt een verschuiving plaats naar latere jaren.

Kapitaalinjectie Invest NL (niet relevant voor het uitgavenplafond)

In 2022 zal 130 miljoen euro minder kapitaal worden gestort voor Invest NL. Het totaal van de beoogde kapitaalinjectie wijzigt niet, alleen in de kasreeks vindt een verschuiving plaats naar latere jaren.

Niet-belastingontvangsten

Mutaties t/m Voorjaarsnota 2022

Deze post betreft alle niet-belastingontvangstenmutaties die tussen Miljoenennota 2022 en Voorjaarsnota 2022 hebben plaatsgevonden op de Financiënbegroting. Dit betreft onder andere budgetneutrale aanpassing van de BIR-verdeelsystematiek (aangekondigd bij Startnota) en middelen voor de tegemoetkomingsregeling MSNP. De Verticale Toelichting van de Financiënbegroting in de Voorjaarsnota 2022 biedt additionele toelichting op deze mutaties.

Mutaties t/m Miljoenennota 2023

Deze post betreft alle niet-belastingontvangstenmutaties die tussen Voorjaarsnota 2022 en Miljoenennota 2023 hebben plaatsgevonden op de Financiënbegroting. Deze mutaties betroffen de garantie aan Gasunie (ISB), de invorderingsrente over de coronaschuld en de premie- en renteontvangsten over de garantie en lening aan KLM. Daarnaast zijn er renteontvangsten over de lening die Nederland via het IMF verstrakt aan Oekraïne. De Verticale Toelichting van de Financiënbegroting in de Miljoenennota 2023 biedt additionele toelichting op deze mutaties.

Mee-en tegenvallers

Actualisering budget boetes en schikkingen

Op basis van de realisaties worden meer boeteontvangsten verwacht dan eerder geraamd.

Dividenden staatsdeelnemingen

Een actualisatie van de dividendramingen van de staatsdeelnemingen geeft voor het jaar 2022 een positieve bijstelling (80 miljoen euro) als gevolg van de definitieve vaststellingen van de dividenden.

Dividenden staatsdeelnemingen (niet plafond relevant)

Een actualisatie van de dividendramingen van de staatsdeelnemingen geeft voor het jaar 2022 een negatieve bijstelling (10 miljoen euro) als gevolg van de definitieve vaststellingen van de dividenden.

Mutatie premies EKV

De premies voor de EKV worden met 69 miljoen euro naar boven bijgesteld. Dit komt door de ontvangst van een relatief groot bedrag aan premie door een transactie op de Filippijnen.

Vrijval beschikbaar budget

De extra ontvangsten van de Douane en de onderuitputting op artikel 8 komen ten gunste van het generale beeld. Aan de ontvangsten kant valt circa 12 miljoen vrij.

Defensie

X DEFENSIE: UITGAVEN

In miljoenen euro (excl. HGIS)

2022

  

Stand Miljoenennota 2022

12.167,2

  

mutaties t/m Voorjaarsnota 2022

1.463,0

mutaties t/m Miljoenennota 2023

‒ 1.033,6

  

Stand Miljoenennota 2023

12.596,6

  

Technische mutaties Najaarsnota

‒ 56,8

Onderrealisatie 2022

‒ 96,1

Tegenvaller: compensatie valuta US Dollars & Zweedse Kronen

47,5

Overboekingen met andere begrotingen

‒ 14,7

Desalderingen

‒ 2,1

Oekraïne

‒ 0,8

Verwerken compensatie Oekraïne van BIV naar DMO

9,4

  

Stand Najaarsnota 2022

12.539,8

X DEFENSIE: NIET-BELASTINGONTVANGSTEN

In miljoenen euro (excl. HGIS)

2022

  

Stand Miljoenennota 2022

140,5

  

mutaties t/m Voorjaarsnota 2022

7,4

mutaties Miljoenennota 2023

1,9

  

Stand Miljoenennota 2023

149,8

  

Technische mutaties Najaarsnota

‒ 2,1

Desalderingen

‒ 2,1

  

Stand Najaarsnota 2022

147,7

Uitgaven

Mutaties t/m Voorjaarsnota 2022

In de eerste suppletoire begroting van Defensie voor 2022 zijn onder andere de budgetten voor de arbeidsvoorwaarden uit het coalitieakkoord toegevoegd aan de Defensiebegroting. Ook de eindejaarsmarge en de loon- en prijsbijstelling zijn toegevoegd aan de Defensiebegroting. Als laatste vond valutacompensatie plaats en zijn militaire goederen aan Oekraïne geleverd.

Mutaties t/m Miljoenennota 2023

Sinds de eerste suppletoire begroting zijn enkele kasschuiven verwerkt op de Defensiebegroting. Het betreft allereerst een kasschuif om de budgetten voor de arbeidsvoorwaarden in het juiste kasritme te plaatsen. Voorts zijn kasschuiven verwerkt op de instandhoudings- en de investeringsbudgetten. Deze kasschuiven vinden grotendeels plaats op het Defensiematerieelbegrotingsfonds, maar hebben ook gevolgen voor de omvang van de bijdrage aan dit fonds op de Defensiebegroting.

Technische mutaties

Onderuitputting 2022

Door onder andere krapte op de arbeidsmarkt stelt Defensie de uitgaven in 2022 neerwaarts bij met 96,1 miljoen euro.

Tegenvaller: compensatie valuta US Dollars & Zweedse Kronen

De effecten van de aanpassingen in wisselkoers worden verwerkt op de begroting van Defensie. De tegenvaller die hierdoor optreedt op de begroting van Defensie wordt generaal gecompenseerd.

Overboekingen met andere begrotingen

Er zijn diverse overboekingen gedaan van en naar de Defensiebegroting. Zo is onder andere 5 miljoen euro overgeheveld naar het ministerie van Binnenlandse Zaken (BZK) voor diverse bedrijfsuitvoeringsuitgaven van de AIVD. Daarnaast heeft Defensie 5,1 miljoen euro overgeheveld naar het ministerie van Justitie en Veiligheid (J&V) naar aanleiding van een reallocatie van middelen voor het Breed Offensief Tegen Ondermijnende Criminaliteit.

Desalderingen

Op de Defensiebegroting is een aantal desalderingen verwerkt. De cumulatieve omvang zorgt voor een verlaging van 2,1 miljoen euro van de Defensie-uitgaven. Deze bijstelling komt ook terug aan de niet-belastingontvangstenzijde van de Defensiebegroting.

Oekraïne

Dit betreft de bijstelling van de uitgaven voor steun aan Oekraïne. Het gaat o.a. om de schenking van militaire goederen, waarover de Tweede Kamer regelmatig op passende wijze wordt geïnformeerd.

Verwerken compensatie Oekraïne van BIV naar DMO

Defensie heralloceert de generale middelen vanuit het BIV naar de artikelen op het Defensiematerieelbegrotingsfonds van waaruit de bijdrage van goederen aan Oekraïne zijn verstrekt uit eigen (operationele) voorraad.

Niet-belastingontvangsten

Mutaties t/m Voorjaarsnota 2022

Dit betrof diverse desalderingen om de niet-belastingontvangsten aan te sluiten met de uitgaven.

Mutaties t/m Miljoenennota 2023

Dit betrof diverse desalderingen om de niet-belastingontvangsten aan te sluiten met de uitgaven.

Technische mutaties

Desalderingen

Op de Defensiebegroting is een aantal desalderingen verwerkt. De cumulatieve omvang zorgt voor een verlaging van 2,1 miljoen euro van de niet-belastingontvangsten. Deze bijstelling komt ook terug aan de uitgavenzijde van de Defensiebegroting.

Infrastructuur en Waterstaat

XII INFRASTRUCTUUR EN WATERSTAAT: UITGAVEN

In miljoen euro (excl. HGIS)

2022

  

Stand Miljoenennota 2022

10.913,2

  

mutaties t/m Voorjaarsnota 2022

918,8

mutaties Miljoenennota 2023

356,7

  

Stand Miljoenennota 2023

12.188,7

  

Besluitvorming mutaties Najaarsnota

0,0

  

Technische mutaties Najaarsnota

‒ 36,6

Mee-en tegenvallers

‒ 4,7

Overboekingen met andere begrotingen

14,8

Corona

‒ 48,0

Desalderingen

1,4

  

Stand Najaarsnota 2022

12.152,2

XII INFRASTRUCTUUR EN WATERSTAAT: NIET-BELASTINGONTVANGSTEN

In miljoen euro (excl. HGIS)

2022

  

Stand Miljoenennota 2022

45,0

  

mutaties t/m Voorjaarsnota 2022

7,1

mutaties Miljoenennota 2023

0,9

  

Stand Miljoenennota 2023

53,1

  

Besluitvorming mutaties Najaarsnota

0,0

  

Technische mutaties Najaarsnota

4,8

Coronaregelingen

3,4

Desalderingen

1,4

  

Stand Najaarsnota 2022

57,9

Uitgaven

Mutaties t/m Voorjaarsnota

De grootste mutaties worden verklaard door de overheveling van de coalitieakkoordmiddelen. Voor het Mobiliteitsfonds gaat dit globaal om de volgende bedragen in 2022: 75 miljoen euro voor instandhouding infrastructuur en 300 miljoen euro voor de overheveling van infraprojecten uit het Nationaal Groeifonds. De middelen voor ontsluiting nieuwe woningen worden vanaf 2023 toegevoegd. Voor het Deltafonds gaat dit om 20 miljoen euro voor instandhouding infrastructuur in 2022.

Mutaties t/m Miljoenennota 2023

De grootste mutaties worden verklaard door de overheveling van de coalitieakkoordmiddelen fietsparkeren, veiligheid Rijks N-wegen en Werken aan Uitvoering. Daarnaast is de raming van de beschikbaarheidsvergoeding openbaar vervoer (BVOV) aangepast op basis van de laatste reizigersaantallen van het Kennisinstituut voor Mobiliteitsbeleid.

Technische mutaties Najaarsnota

Mee- en tegenvallers

Diverse kleine mee- en tegenvallers zorgen voor een positief saldo van circa 5 miljoen euro.

Overboekingen met andere begrotingen

Deze post bestaat uit diverse overboekingen met andere begrotingen.

Corona

Voor diverse corona-regelingen is de raming naar beneden bijgesteld: de beschikbaarheidsvergoeding openbaar vervoer (BVOV; 29 miljoen euro), Testen voor reizigers (15 miljoen euro) en vuurwerk (4,4 miljoen euro).

Desalderingen

Deze post bestaat uit diverse kleine desalderingen.

Niet-belastingontvangsten

Technische mutaties Najaarsnota

Mee-en tegenvallers

Een kleine meevaller zorgt voor een positief saldo van 0,3 miljoen euro.

Corona

Op de BVOV is sprake van terugstortingen van te hoog vastgestelde bijdragen van circa 3 miljoen euro.

Desalderingen

Deze post bestaat uit diverse kleine desalderingen.

Economische Zaken en Klimaat

XIII ECONOMISCHE ZAKEN EN KLIMAAT: UITGAVEN

In miljoenen euro (excl. HGIS)

2022

  

Stand Miljoenennota 2022

8.084,8

  

mutaties t/m Voorjaarsnota 2022

14.720,3

mutaties t/m Miljoenennota 2023

2.353,6

  

Stand Miljoenennota 2023

25.158,7

  

Besluitvorming mutaties Najaarsnota

5.405,3

Tussenvariant prijsplafond 1 november tot 1 januari (ISB)

3.154,0

Bijstelling Norg akkoord

798,9

Voorschot prijsplafond

1.451,5

Uitvoeringskosten prijsplafond

0,3

Uitvoeringskosten TEK

0,7

  

Technische mutaties Najaarsnota

‒ 505,1

Mee-/tegenvaller: Klimaatuitgaven

‒ 12,7

Mee-/tegenvaller: BAR

‒ 149,0

Mee-/tegenvaller: diversen

‒ 167,2

Overboekingen met andere begrotingen

‒ 9,2

Corona

‒ 164,5

Desalderingen

‒ 2,5

  

Niet-plafondrelevant

‒ 0,9

Afboeken NRG lening

‒ 0,9

Stand Najaarsnota 2022

30.058,0

XIII ECONOMISCHE ZAKEN EN KLIMAAT: NIET-BELASTINGONTVANGSTEN

In miljoenen euro (excl. HGIS)

2022

  

Stand Miljoenennota 2022

5.154,2

  

mutaties t/m Voorjaarsnota 2022

9.790,5

mutaties Miljoenennota 2023

980,0

  

Stand Miljoenennota 2023

15.924,7

  

Besluitvorming mutaties Najaarsnota

130,0

Mijnbouwwet

130,0

  

Technische mutaties Najaarsnota

305,5

Mee-/tegenvaller: ACM

53,5

Mee-/tegenvaller: diversen

8,9

Corona

245,7

Desalderingen

‒ 2,5

  

Niet-plafondrelevant

‒ 12,5

COVA- heffing

‒ 12,5

  

Stand Najaarsnota 2022

16.347,8

Uitgaven

Mutaties t/m Voorjaar Tijdens het Voorjaar heeft het ministerie van Economische Zaken en Klimaat (EZK) middelen voor Groningen overgeheveld van de begroting van het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties naar EZK. Het ging daarbij om een bedrag van 6 miljard euro. Daarnaast heeft er een overheveling plaatsgevonden van de Aanvullende Post voor het Klimaatfonds van in totaal 577 miljoen euro naar EZK. Tot slot zijn mutaties verwerkt, van in totaal 18 miljoen euro, om interne problematiek op te lossen.

Mutaties t/m MiljoenennotaIn de Miljoenennota zijn diverse interne mutaties à 15,9 miljoen euro verwerkt. Daarnaast is een lening aan EBN voor de Gasopslag Bergermeer aan de EZK-begroting toegevoegd en is de vergoeding voor het Norgakkoord bijgesteld.

Tussenvariant prijsplafond 1 november tot 1 januari (ISB)Het kabinet stelt in 2022 middelen beschikbaar voor een eenmalige tegemoetkoming in de energierekening van huishoudens. Hiervoor ontvangt elke kleinverbruiker een bedrag van 190 euro in de maanden november en december. Op 7 oktober is een ISB naar de Kamer gegaan waarin is uitgegaan van totale kosten van 2,6 miljard euro. In verband met een onjuiste raming is dit bedrag bijgesteld naar 3,2 miljard euro. Dit is gecorrigeerd via een NvW op de 9e ISB.

Bijstelling Norg

Aan de hand van de in arbitrage vastgestelde berekeningswijze wordt na afloopvan elk betreffend gasjaar berekend wat de kosten van de gewijzigde inzet van de berging zijn voor dat jaar. Bij de Miljoennota was dit bedrag nog niet definitief,maar inmiddels is de hoogte van het bedrag vastgesteld door GasTerra. De uitgaven en ontvangsten die hiermee samenhangen zijn op basis van de definitieveberekening naar boven bijgesteld aangezien de vastgestelde zomerprijs hoger uitviel dan verwacht bij Miljoenennota. Deze bijstelling wordt wederom via een plafondcorrectie verwerkt. Het betreft de posten 1) bijstelling ontvangsten Mijnbouwwet i.v.m. Norg akkoord, 2) bijstelling Norg- Akkoord vanwege gasprijs excl. btw en 3) bijstelling Norg- akkoord vanwege gasprijs (btw). De bijstelling in het dividend van EBN wordt bij Voorjaarsnota 2023 verwerkt aangezien dit een bijstelling voor 2023 betreft. De bijstelling voor de dividend ontvangsten in 2023 alsmede toekomstige bijstellingen in de Norg vergoeding worden via plafondcorrecties verwerkt.

Voorschot prijsplafond

De subsidies aan de energieleveranciers in het kader van het prijsplafond 2023 dienen al in 2022 verstrekt te worden. Ook zal op deze subsidies een eerste voorschot verstrekt worden om de uitgaven die de energieleveranciers in januari gaan maken te dekken. Deze voorschotten worden betaald uit de voor het prijsplafond geraamde kosten van 11,2 miljard euro. Dit betekent dat in 2023 nog 9,7 miljard euro aan het prijsplafond kan worden uitgegeven.

Uitvoeringskosten prijsplafond

Dit betreft de uitvoeringskosten voor het prijsplafond bij RVO (0,3 miljoen euro).

Uitvoeringskosten TEK

Vooruitlopend op de implementatie en uitwerking van de TEK maakt RVO als uitvoerder van de regeling al kosten voor de TEK. Middels de 10e ISB worden de benodigde uitvoeringkosten voor 2022 (0,7 miljoen euro) aan de begroting van EZK toegevoegd.

Mee-/ tegenvaller: Klimaatuitgaven Bij Najaarsnota 2022 vindt een aantal mutaties plaats op de specifieke Klimaat&Energie-instrumenten. Bij de verplichtingenbudgetten gaat het vooral om onderuitputting met een totaalbedrag van 165,9 miljoen euro. Voor kas is er een totaal aan 28,4 miljoen euro aan onderuitputting afgeboekt. Tot slot wordt deze onderuitputting ingezet voor PES-projecten met een totaal van 1,4 miljoen euro, MOOI/TSE van 5,8 miljoen euro en Caribisch Nederland met een totaal van 10 miljoen euro.

Mee-/ tegenvaller: DiversenDeze reeks bestaat uit het afboeken van onderuitputting, vandaar dat deze reeks negatief is. Daarnaast wordt er in deze reeks geschoven tussen verschillende regelingen, denk hierbij aan het overhevelen van middelen naar de RVO om opdrachten uit te voeren.

CoronaDe meevaller op de coronauitgaven komt door de bijstelling van de ramingen van de TVL, de startersregeling en de regeling voor de Bruine Vloot. Het restant wordt ingezet voor de juridische afwikkeling en terugbetalingen van de regelingen.

DesalderingenDe desalderingen bestaan uit een terugontvangst van OCW die wordt ingezet voor Wetsus. Daarnaast is de opdracht voor NEa verrekend met overgebleven middelen van de opdracht 2021 en met boeteontvangsten. Deze boeteontvangsten worden daarom niet meer als zodanig gerealiseerd op de EZK-begroting.

Niet- belastingontvangsten

Mutaties t/m Voorjaar Tijdens het Voorjaar heeft het ministerie van Economische Zaken en Klimaat (EZK) middelen voor Groningen overgeheveld van de begroting van het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties naar EZK. Het ging daarbij om een bedrag 490 miljoen euro. Daarnaast heeft EZK een bedrag van 2,8 miljard euro ontvangen aan dividenduitkering EBN, 2,2 miljard euro voor de Mijnbouwwet en 400 miljoen euro aan ETS- ontvangsten.

Mutaties t/m MiljoenennotaIn de Miljoenennota heeft EZK de ODE afgeboekt omdat dit wordt opgenomen in de Energiebelasting, dit bedraagt 15 miljoen euro. Ook heeft er een bijstelling plaatsgevonden op dividend GasTerra. Door een afronding in het verleden is dit bijgesteld met 0,4 miljoen euro. Daarnaast is de Tegemoetkoming vaste lasten (TVL) geactualiseerd met een bedrag van 150 miljoen euro.

Mijnbouwwet

Aan de hand van de in arbitrage vastgestelde berekeningswijze wordt na afloopvan elk betreffend gasjaar berekend wat de kosten van de gewijzigde inzet van de berging zijn voor dat jaar. Bij de Miljoennota was dit bedrag nog niet definitief,maar inmiddels is de hoogte van het bedrag vastgesteld door GasTerra. De uitgaven en ontvangsten die hiermee samenhangen zijn op basis van de definitieveberekening naar boven bijgesteld aangezien de vastgestelde zomerprijs hoger uitviel dan verwacht bij Miljoenennota. Deze bijstelling wordt wederom via een plafondcorrectie verwerkt. Het betreft de posten 1) bijstelling ontvangsten Mijnbouwwet i.v.m. Norg akkoord, 2) bijstelling Norg- Akkoord vanwege gasprijs excl. btw en 3) bijstelling Norg- akkoord vanwege gasprijs (btw). De bijstelling in het dividend van EBN wordt bij Voorjaarsnota 2023 verwerkt aangezien dit een bijstelling voor 2023 betreft. De bijstelling voor de dividend ontvangsten in 2023 alsmede toekomstige bijstellingen in de Norg vergoeding worden via plafondcorrecties verwerkt.

Mee-/ tegenvaller: ACM Er is een meevaller gerealiseerd op de ACM High Trust boetes.

Mee-/tegenvaller: COVADe verwachting is dat er flink minder ontvangsten aan COVA-heffing zullen zijn dan oorspronkelijk begroot. Omdat dit een generaal (niet-relevant voor het uitgavenplafond) ontvangstenbudget is, wordt de ontvangstentaakstelling naar beneden bijgesteld.

Mee-/ tegenvaller: DiversenDeze reeks bestaat uit verschillende overhevelingen naar andere regelingen. Denk hierbij aan dekking voor de BMKB- groen. Daarnaast is er een terugontvangst van de RVO die vrijvalt.

CoronaDit betreft onder meer de terugontvangsten van de TVL (185 miljoen euro) en middelen die terugvloeien vanuit de begrotingsreserves voor garantiemaatregelen (50 miljoen euro).

DesalderingenDe desalderingen bestaan uit een terugontvangst van OCW die wordt ingezet voor Wetsus. Daarnaast is de opdracht voor NEa verrekend met overgebleven middelen van de opdracht 2021 en met boeteontvangsten. Deze boeteontvangsten worden daarom niet meer als zodanig gerealiseerd op de EZK-begroting.

Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit

XIV LANDBOUW, NATUUR EN VOEDSELKWALITEIT: UITGAVEN

In miljoenen euro (excl. HGIS)

2022

  

Stand Miljoenennota 2022

1.811,7

  

mutaties t/m Voorjaarsnota 2022

419,4

mutaties t/m Miljoenennota 2023

34,7

  

Stand Miljoenennota 2023

2.265,9

  

Besluitvorming mutaties Najaarsnota

26,3

Uitvoeringskosten transitiefonds (ISB)

26,3

  

Technische mutaties Najaarsnota

‒ 153,2

Onderuitputting stikstofmiddelen

‒ 91,7

Brexit Adjustment Reserve

‒ 45,0

Tegenvaller: Vogelgriep

33,6

Mee-/tegenvaller: diversen

‒ 30,5

Overboekingen met andere begrotingen

‒ 12,1

Corona

‒ 9,2

Overig

1,7

  

Stand Najaarsnota 2022

2.139,0

XIV LANDBOUW, NATUUR EN VOEDSELKWALITEIT: NIET-BELASTINGONTVANGSTEN

In miljoenen euro (excl. HGIS)

2022

  

Stand Miljoenennota 2022

92,3

  

mutaties t/m Voorjaarsnota 2022

4,8

mutaties t/m Miljoenennota 2023

46,7

  

Stand Miljoenennota 2023

143,9

  

Technische mutaties Najaarsnota

8,0

Mee-/tegenvaller: diversen

4,3

Corona

1,5

Desalderingen

2,2

  

Stand Najaarsnota 2022

151,8

Uitgaven

Mutaties t/m Voorjaarsnota 2022

Bij de Startnota is onderuitputting op de stikstofmiddelen in 2022 (160,4 miljoen euro) weer toegevoegd aan de LNV-begroting in 2022. Daarnaast bevat deze post mutaties met betrekking tot de Voorjaarsnota 2022.4 Dit betreft onder andere overhevelingen van de Aanvullende Post ten behoeve van de NVWA, overboekingen tussen departementen en kasschuiven ten behoeve van de structurele aanpak stikstof.

Mutaties t/m Miljoenennota 2023

Bij de Miljoenennota is onder andere 229,2 miljoen euro overgeheveld van de Aanvullende Post (transitiefonds) naar de LNV-begroting ten behoeve van de integrale aanpak voor stikstof, klimaat en water in 2022.5 Daarnaast bevat deze post onder andere kasschuiven, bijvoorbeeld de kasschuif ten behoeve van de stikstofmaatregel Gerichte Aankoop.

Besluitvorming mutaties Najaarsnota

Uitvoeringskosten transitiefonds (ISB)

In het kader van gebiedsgericht werken is 26,3 miljoen euro overgeheveld van de Aanvullende Post (transitiefonds) naar de LNV-begroting in 2022. Deze middelen zijn bedoeld voor onder andere aanvullende personele capaciteit bij de departementen en voor provincies voor het realiseren van de opgave van het Nationaal Programma Landelijk Gebied.

Technische mutaties Najaarsnota

Onderuitputting stikstofmiddelen

Dit betreft een verzamelmutatie van onderuitputting op verschillende stikstofmaatregelen (91,7 miljoen euro). Met betrekking tot middelen van de structurele aanpak stikstof van het vorig kabinet is 91,2 miljoen euro niet tot besteding gekomen in 2022. Zo zijn onder andere middelen voor waterbassins mest (33,1 miljoen euro) niet tot besteding gekomen. Daarnaast is 0,5 miljoen euro van middelen uit het transitiefonds niet tot besteding gekomen in 2022. Dit betreft uitvoeringkosten voor het Nationaal Programma Landelijk Gebied.

Brexit Adjustment Reserve

De visserijsector verliest quotum als gevolg van het vertrek van het Verenigd Koninkrijk uit de Europese Unie. Daarom ontvangt Nederland middelen uit de Brexit Adjustment Reserve. Voor 2022 gaat het om de stilligregeling en liquiditeitsregeling (in totaal 45 miljoen euro). De goedkeuring van de Europese Commissie voor deze regelingen duurt langer dan gepland, waardoor deze middelen niet tot besteding komen in 2022.

Tegenvaller: Vogelgriep

De bestrijdingskosten van de vogelgriep overschrijden het plafondbedrag (30 miljoen euro) dat voor de pluimveesector is opgenomen in het convenant bestrijding besmettelijke ziekten 2020-2024. De kosten boven dit plafond worden betaald uit de rijksbijdrage aan het Diergezondheidsfonds (DGF). De tegenvaller voor 2022 wordt geraamd op 33,6 miljoen euro.

Mee- en tegenvallers: Diversen

Deze post betreft het saldo van diverse mee- en tegenvallers (per saldo 30,5 miljoen euro). Dit bevat onder andere een tegenvaller op innovatieagenda energie (4,3 miljoen euro) en een meevaller op energie-efficiëntie glastuinbouw (7,0 miljoen euro).

Overboekingen met andere begrotingen

LNV heeft per saldo 12,1 miljoen euro overgeboekt naar andere begrotingen in 2022. Dit betreft onder andere een overboeking naar het BES-fonds voor de uitvoering van het Natuur en milieubeleidsplan Caribisch Nederland 2020-2030 in Saba en Bonaire (8,3 miljoen euro).

Corona

Dit betreft een verzamelmutatie met betrekking tot corona (per saldo 9,2 miljoen euro). Dit bevat onder andere een meevaller op nadeelcompensatie nertsen (2,2 miljoen euro) en een tegenvaller op de regeling ongedekte vaste kosten land- en tuinbouwbedrijven COVID-19 (5,8 miljoen euro). Daarnaast komen middelen voor de dierentuinregeling niet meer tot betaling in 2022 (12,9 miljoen euro).

Overig

Dit betreft een verzamelmutatie en bevat onder andere desalderingen (2,2 miljoen euro) en een meevaller op de regeling tegemoetkoming waterschade (1,4 miljoen euro).

Niet-belastingontvangsten

Mutaties t/m Voorjaarsnota 2022

Dit betreft onder andere een desaldering van 4,8 miljoen euro. Dit gaat onder andere over een onttrekking uit de begrotingsreserve visserij ten behoeve van uitvoeringskosten RVO voor het Europees visserijfonds (2,3 miljoen euro). 

Mutaties t/m Miljoenennota 2023

Deze post bevat onder andere een storting van het budget van de risicovoorziening vermogensversterkende kredieten in de borgstellingsfaciliteit (46 miljoen euro).

Technische mutaties Najaarsnota

Mee- en tegenvallers: Diversen

Deze post betreft het saldo van diverse mee- en tegenvallers (per saldo 4,3 miljoen euro). Dit bevat onder andere een tegenvaller derogatieontvangsten vanwege vertraging (5 miljoen euro) en een meevaller ontvangsten RVO (4,0 miljoen euro).

Corona

Dit betreft een verzamelmutatie. Deze post bevat een meevaller op de dierentuinregeling (1,0 miljoen euro) en terugbetaling van subsidievoorschotten inzake de regeling tegemoetkoming land- en tuinbouwondernemers COVID-19 (0,5 miljoen euro).

Desalderingen

Dit betreft een tegenboeking van de desalderingen (zie technische mutaties najaarsnota overig).

Sociale Zaken en Werkgelegenheid

XV SOCIALE ZAKEN EN WERKGELEGENHEID: UITGAVEN

In miljoenen euro (excl. HGIS)

2022

  

Stand Miljoenennota 2022

50.637,4

  

mutaties t/m Voorjaarsnota 2022

‒ 892,6

mutaties t/m Miljoenennota 2023

‒ 3.399,1

  

Stand Miljoenennota 2023

46.345,7

  

Besluitvorming mutaties Najaarsnota

‒ 37,0

Bijstellingen tweede voortgangsrapportage

‒ 72,5

Taakstelling

35,5

  

Technische mutaties Najaarsnota

‒ 150,1

  

Toeslagenwet

‒ 20,1

Kinderopvangtoeslag

‒ 30,6

Mee-/tegenvaller: diversen

1,7

Overboekingen met andere begrotingen

‒ 3,8

Corona

‒ 56,1

Oekraïne

‒ 39,2

Desalderingen

‒ 2,0

  

Niet-plafondrelevant

‒ 0,9

Rijksbijdragen

‒ 0,9

  

Stand Najaarsnota 2022

46.157,9

XV SOCIALE ZAKEN EN WERKGELEGENHEID: NIET-BELASTINGONTVANGSTEN

In miljoenen euro (excl. HGIS)

2022

  

Stand Miljoenennota 2022

2.860,9

  

mutaties t/m Voorjaarsnota 2022

928,0

mutaties Miljoenennota 2023

2.501,2

  

Stand Miljoenennota 2023

6.290,0

  

Besluitvorming mutaties Najaarsnota

3,7

Diversen

3,7

  

Technische mutaties Najaarsnota

‒ 73,5

Kinderopvangtoeslag

‒ 45,9

Kindgebonden budget

‒ 29,2

Mee-/tegenvaller: diversen

3,5

Desalderingen

‒ 2,0

  
  

Stand Najaarsnota 2022

6.220,2

Uitgaven

Stand Miljoenennota 2022

Mutaties t/m Voorjaarsnota 2022

Deze post bevat alle uitgavenmutaties op begrotingshoofdstuk 15 tussen de Miljoenennota 2022 en de Voorjaarsnota 2022. Onder deze post valt bijvoorbeeld de neerwaartse ramingsbijstelling van de bijstand bij Voorjaarsnota (-294 miljoen euro in 2022) als gevolg van de lagere werkloosheidsraming van het CPB (CEP, maart 2022). Deze mutaties zijn afzonderlijk toegelicht in de Startnota en de Voorjaarsnota (VJN).

Mutaties t/m Miljoenennota 2023

Deze post bevat alle uitgavenmutaties op begrotingshoofdstuk 15 tussen de Voorjaarsnota en de Miljoenennota 2023. In totaal werd er 3,4 miljard euro minder uitgegeven. Deze mutaties zijn afzonderlijk toegelicht in de Miljoenennota van 2023. De grootste beleidsmatige mutatie is de 136,3 miljoen euro extra uitgaven aan de kinderopvangtoeslag. Bij de technische mutaties werd er 3,8 miljard euro minder uitgegeven aan de Noodmaatregel Overbrugging Werkgelegenheid (NOW).

Stand Miljoenennota 2023

Besluitvorming mutaties Najaarsnota

Bijstellingen tweede voortgangsrapportage

Uit de tweede voortgangsrapportage blijkt dat er op verschillende budgetten minder wordt uitgegeven dan werd verwacht. In totaal is dit 72,5 miljoen euro. De uitgaven aan opdrachten en bijdragen aan Zelfstandige Bestuursorganen worden neerwaarts bijgesteld met respectievelijke 15 miljoen euro en 13 miljoen euro. Ook zijn enkele niet benodigde reserveringen vrijgevallen met name op het gebied van apparaatsuitgaven.

Taakstelling

De taakstelling op de SZW-begroting is bij Miljoenennota 2023 opgehoogd naar 35,5 miljoen euro. De taakstelling wordt ingevuld met de gemelde lagere uitgaven op verschillende budgetten (zie ook Bijstellingen tweede voortgangsrapportage).

Technische mutaties Najaarsnota

Toeslagenwet

Op basis van uitvoeringsinformatie van het UWV zijn de verwachte uitgaven aan de Toeslagenwet over 2022 neerwaarts bijgesteld met 20 miljoen euro. Dit is voornamelijk het gevolg van een lager dan verwacht aantal uitkeringen, vooral door minder TW-aanvullingen op de WIA.

Kinderopvangtoeslag

Op basis van de uitvoeringsinformatie van Toeslagen zijn de uitgaven aan de Kinderopvangtoeslag naar beneden bijgesteld. Deze neerwaartse bijstelling houdt onder meer verband met minder nabetalingen en een lager gemiddeld toeslagpercentage dan eerder verwacht. Daarnaast was er in 2022 3,8 miljoen euro gereserveerd voor implementatiekosten en transitiekosten in aanloop naar het nieuwe stelsel. Deze middelen zijn niet tot besteding gekomen en vallen vrij. In totaal vallen daarmee de uitgaven gerelateerd aan de kinderopvangtoeslag 30,6 miljoen euro lager uit dan eerder verwacht.

Mee- en tegenvallers: Diversen

Deze post bevat diverse mee- en tegenvallers op het plafond Sociale Zekerheid, bijvoorbeeld 12 miljoen euro extra uitgaven aan de WKB en 14 miljoen euro minder uitgaven aan de IOW.

Overboekingen met andere begrotingen

Hieronder vallen diverse overboekingen met andere begrotingshoofdstukken. SZW hevelt per saldo 3,8 miljoen euro over aan andere begrotingshoofdstukken. De grootste overboeking is 18 miljoen euro van de middelen voor de parlementaire ondervragingscommissie voor de Kinderopvangtoeslag (POC-KOT), dit is een overboeking tussen verschillende begrotingshoofdstukken van SZW.

Corona

In totaal wordt 56,1 miljoen euro minder aan corona middelen uitgegeven op hoofdstuk 15. De grootste meevaller bedraagt 11,5 miljoen euro bij de middelen voor de werkgeverssubsidie praktijkleren. Deze middelen worden niet ingezet omdat het beroep op de regeling sterk achterloopt. Op de Tijdelijke Tegemoetkoming Kinderopvang TTKO wordt 11 miljoen euro minder uitgegeven aan programmakosten.

Oekraïne

De aan Oekraïne gerelateerde uitgaven vallen op het terrein van SZW 39 miljoen euro lager uit dan verwacht. Het gebruik door Oekraïense ontheemden van de kinderopvangtoeslag, het kindgebonden budget en de kinderbijslag is aanzienlijk lager dan eerder werd ingeschat.

Desalderingen

Bij desalderingen worden zowel de uitgaven als ontvangsten gelijktijdig bijgesteld, voor in totaal 2 miljoen euro.

Niet-plafondrelevant

Rijksbijdragen

De Rijksbijdragen aan de fondsen vallen 900 duizend euro lager uit.

Ontvangsten

Stand Miljoenennota 2022

Mutaties t/m Voorjaarsnota 2022

Deze post bevat alle ontvangstenmutaties op begrotingshoofdstuk 15 tussen de Miljoenennota 2022 en de Voorjaarsnota 2022. Deze mutaties zijn afzonderlijk toegelicht in de Startnota en de Voorjaarsnota. Het gaat vooral om lagere terugontvangsten bij de kinderopvangtoeslag (18,5 miljoen euro in 2022 VJN) en lagere ontvangsten bij de Wet Kindgebonden Budget (WKB) (18,3 miljoen euro in 2022). Daarnaast zijn bij Voorjaarsnota de terugontvangsten op de Noodmaatregel Overbrugging Werkgelegenheid (NOW) met 1,7 miljard euro opwaarts bijgesteld in 2022 (VJN).

Mutaties t/m Miljoenennota 2023

Deze post bevat alle ontvangstmutaties op begrotingshoofdstuk 15 tussen de Voorjaarsnota en de Miljoenennota 2023, in totaal 2,5 miljard euro. Deze mutaties zijn afzonderlijk toegelicht in de Miljoenennota van 2023. Dit ging vooral om 87,7 miljoen euro terugontvangsten van uitvoeringskosten voor het UWV en de SVB. Daarnaast werden de terugontvangsten voor de NOW 2,26 miljard euro opwaarts bijgesteld.

Stand Miljoenennota 2023

Besluitvorming mutaties Najaarsnota

Diversen

De Nederlandse Arbeidsinspectie zet meer in op de inning van achterstallige ontvangsten, daardoor is de raming voor de boete-ontvangsten met 3,7 miljoen euro verhoogd.

Technische mutaties Najaarsnota

Kinderopvangtoeslag

Op basis van de uitvoeringsinformatie van Toeslagen worden de ontvangsten kinderopvangtoeslag naar beneden bijgesteld. De terugvorderingen komen lager uit dan eerder was verwacht, met name over toeslagjaar 2021. Als gevolg daarvan zijn er ook minder ontvangsten.

Daarnaast zijn de ontvangsten met 9,4 miljoen euro naar beneden bijgesteld doordat Toeslagen in 2022 een behandelgrens van 300 euro heeft toegepast bij terugvorderingen (terwijl was beoogd om deze grens los te laten). In totaal wordt daardoor 45,9 miljoen euro minder ontvangen voor de kinderopvangtoeslag.

Kindgebonden budget

Op basis van de uitvoeringsinformatie van Toeslagen worden de ontvangsten kindgebonden budget met 29 miljoen euro naar beneden bijgesteld. De verwachte terugvorderingen blijven achter ten opzichte van wat eerder geraamd is.

Mee-/tegenvaller: diversen

Hieronder vallen meerdere meevallers op het hoofdstuk sociale verzekeringen. Zo werd bijvoorbeeld minder terugontvangen van de kinderopvangtoeslag.

Desalderingen

Bij desalderingen worden ontvangsten en uitgaven tegelijk opgehoogd (of verlaagd), daarom zijn deze desalderingen het spiegelbeeld van de stand bij uitgaven.

Volksgezondheid, Welzijn en Sport

XVI VOLKSGEZONDHEID, WELZIJN EN SPORT: UITGAVEN

In miljoenen euro (excl. HGIS)

2022

  

Stand Miljoenennota 2022

28.479,0

  

mutaties t/m Voorjaarsnota 2022

6.984,1

mutaties t/m Miljoenennota 2023

‒ 2.288,6

  

Stand Miljoenennota 2023

33.174,5

  

Besluitvorming mutaties Najaarsnota

‒ 113,6

Energiecompensatie

‒ 104,7

Kasschuif regeling continuïteit cruciale jeugdzorg

‒ 8,9

  
  

Technische mutaties Najaarsnota

‒ 1.173,2

Wisselkoerseffect zorgcontracten zorg

13,6

Ruimte subsidie SOV-regeling

‒ 13,5

Vrijval middelen NVWA

‒ 7,3

Diversen

41,6

Overboekingen met andere begrotingen

‒ 90,2

  

Corona

‒ 1.088,1

Oekraïne

‒ 31,2

Desalderingen

1,9

  
  

Stand Najaarsnota 2022

31.887,7

XVI VOLKSGEZONDHEID, WELZIJN EN SPORT: ONTVANGSTEN

In miljoenen euro (excl. HGIS)

2022

  

Stand Miljoenennota 2022

210,3

  

mutaties t/m Voorjaarsnota 2022

107,3

mutaties Miljoenennota 2023

‒ 19,7

  

Stand Miljoenennota 2023

297,9

  

Besluitvorming mutaties Najaarsnota

0,0

  

Technische mutaties Najaarsnota

321,1

Hogere ontvangsten Artikel 1

23,4

Lagere kosten implementatie nieuwe Donorwet

8,3

Diversen

2,7

  

Corona

284,9

Desalderingen

1,9

  

Stand Najaarsnota 2022

619,0

  

Uitgaven

Stand Miljoenennota 2022

Mutaties t/m Voorjaarsnota 2022

Dit zijn alle mutaties tot en met de Voorjaarsnota 2022. Het gaat hierbij onder andere om de verhoging van de zorgsalarissen conform motie-Hermans (structureel 98 miljoen euro op de VWS-begroting), overboekingen van de coalitieakkoordmiddelen van de Aanvullende post van het ministerie van Financiën naar de VWS-begroting (188 miljoen euro structureel) en mutaties voor COVID-19 (5,0 miljard euro in 2022 en 2,4 miljard euro in 2023) en Oekraïne (82,3 miljoen euro in 2022 en 29,8 miljoen euro in 2023). Ook zijn bij Voorjaarnota diverse bijstellingen verwerkt. De toelichtingen hiervan zijn te vinden in de Verticale Toelichting van de Voorjaarsnota.

Mutaties t/m Miljoenennota 2023

Dit zijn alle mutaties tussen de Voorjaarsnota 2022 en de Miljoenennota 2023. Het gaat hierbij onder andere om overhevelingen van coalitieakkoord middelen van de Aanvullende Post naar de VWS begroting (29,2 miljoen in 2022) en ramingsbijstellingen voor Covid-19 (-1 miljard euro in 2022). Daarnaast is onder meer een bijstelling voor subsidieregeling medisch noodzakelijke zorg aan onverzekerden (SOV) (8 miljoen euro) en een bijdrage aan Pallas voor incidentele projectkosten (27 miljoen euro in 2022).

Besluitvorming mutaties

Energiecompensatie

De steun voor amateursport en zwembaden leidt naar verwachting pas in 2023 tot uitgaven. Ter dekking van deze compensatie wordt de onderuitputting op de VWS-begroting verschoven naar 2023.

Kasschuif regeling continuïteit cruciale jeugdzorg

Met de VNG is afgesproken om dit jaar 10 miljoen euro vanuit het Gemeentefonds beschikbaar te stellen voor tijdelijke liquiditeitssteun aan jeugdzorgaanbieders als de zorgcontinuïteit in geding komt. Hiervan is 1,1 miljoen euro reeds aangevraagd en verleend aan een instelling. Het resterende bedrag wordt naar 2023 verschoven zodat deze regeling beschikbaar blijft.

Technische mutaties

Wisselkoerseffect zorgcontracten zorg

Door de dalende koers van de euro ten opzichte van de dollar zijn de kosten voor Zorg en Jeugd Caribisch Nederland hoger dan geraamd (13,6 miljoen euro).

Ruimte Subsidieregeling medisch noodzakelijke zorg aan onverzekerden (SOV-regeling)

Ten opzichte van de eerder dit jaar gemelde tegenvallers blijkt nu sprake van een meevaller in de uitgaven voor de SOV (-13,5 miljoen euro). Deze zijn het gevolg van foutieve ramingen, waarbij ten onrechte ook de declaraties van zorg voor Oekraïense ontheemden zijn meegenomen. Daarnaast is sprake van meevallende uitgaven omdat vertraging is opgetreden bij het declareren van zorg door aanbieders van GGZ-zorg.

Vrijval middelen NVWA

Dit betreft onderuitputting (-7,3 miljoen euro) van de middelen die in het regeerakkoord beschikbaar waren gesteld voor de personele versterking van de NVWA.

Diversen

Er zijn diverse bijstellingen geweest, zoals van de apparaatsuitgaven (-13,6 miljoen euro), van de uitgaven aan sport (-11 miljoen euro) en van de kosten voor inhaalzorg als gevolg van de coronacrisis in Caribisch Nederland (-5,7 miljoen euro). Daarnaast was er ook een verhoging van de kosten voor zorgverlening aan vreemdelingen via de regeling onverzekerbare vreemdelingen (OVV) (5,1 miljoen euro).

Overboekingen met andere begrotingen

Er hebben verschillende overboekingen met andere begrotingshoofdstukken plaatsgevonden. Onder andere een overboeking naar het ministerie van Economische Zaken en Klimaat voor een thematische tender op het onderwerp pandemische paraatheid van de Thematische Technology Transfer-regeling (-9,5 miljoen euro) en het ministerie van Binnenlandse zaken en Koninkrijksrelaties voor de uitbreiding van de regeling ontmoetingsruimtes in ouderenhuisvesting (8 miljoen euro).

Corona

De coronagerelateerde uitgaven vallen lager uit dan initieel geraamd. Dit komt bijvoorbeeld doordat het budget voor garanties naar beneden is bijgesteld en er minder PCR-testen en zelftesten nodig waren (-491 miljoen euro). Daarnaast waren er minder middelen nodig voor de aanschaf van nieuwe vaccins omdat er leveringen vooruitgeschoven zijn (-125 miljoen euro). Ook is het opdrachtenbudget bijgesteld om aan te sluiten bij de huidige ontwikkelingen van de pandemie (-195,7 miljoen euro).

Oekraïne

Conform de nieuwe prognose van het CAK is de raming van de zorgkosten voor Oekraïense Ontheemden (via de SOV-regeling) bijgesteld naar ca. 25 miljoen euro. Dit is aanzienlijk lager dan de eerdere verwachting (47 miljoen euro). Redenen hiervoor zijn onder andere de invoering van de Regeling Medische zorg Oekraïne en het lagere aantal medische evacuaties. Daarnaast vallen de kosten voor medische evacuatie van Oekraïners veel lager uit dan eerder geraamd (-9,1 miljoen euro). Dit is het gevolg van het feit dat veel minder medische evacuees naar Nederland zijn gehaald dan waar in de raming rekening mee was gehouden.

Desalderingen

Bij een desaldering worden de uitgaven en ontvangsten met eenzelfde bedrag verhoogd. Dit heeft plaatsgevonden voor Intravacc en voor de gerealiseerde APK-ontvangsten.

Ontvangsten

Stand Miljoenennota 2022

Mutaties t/m Voorjaarsnota 2022

Dit betreft een aantal bijstellingen op ontvangstenramingen, waaronder een neerwaartse bijstelling van de ontvangstenraming voor wanbetalers van incidenteel 10 miljoen euro en opwaartse bijstellingen van de ontvangstenramingen voor artikel 1 Volksgezondheid van structureel 10 miljoen euro en de ontvangstenraming voor de specifieke uitkering voor de stimulering van sport (37 miljoen euro in 2022, 23 miljoen euro in 2023 en 12 miljoen euro in 2024).

Mutaties t/m Miljoenennota 2023

Bij Miljoenennota is onder meer een ramingsbijstelling voor de wanbetalers verwerkt (-15 miljoen euro in 2022).

Technische mutaties

Hogere ontvangsten Artikel 1

De raming van ontvangsten op artikel 1 Volksgezondheid valt hoger uit (23,4 miljoen euro) vanwege een hoge terugvordering van de overlooppost bij ZonMW. Dit komt omdat ZonMW dit jaar minder heeft uitgegeven dan zij als voorschot had ontvangen.

Lagere kosten implementatie nieuwe Donorwet

De kosten voor de implementatie van de Nieuwe Donorwet zijn lager uitgevallen dan geraamd. Dit resulteert in 8,3 miljoen euro aan hogere ontvangsten van het CIBG.

Corona

Bij de afrekening van verschillende opdrachten zijn de gerealiseerde uitgaven achteraf lager vastgesteld dan bij de opdrachtverlening was geraamd. Dit leidt tot een terugvordering van de uitgaven die niet gerealiseerd zijn (273.6 miljoen euro). Ook had het Landelijk Consortium Hulpmiddelen (LCH) lagere kosten dan geraamd in 2021(10,2 miljoen euro) en stegen de ontvangsten in verband met EU-subsidies voor het rescEU-programma (1,1 miljoen euro).

Desalderingen

Bij een desaldering worden de uitgaven en ontvangsten met eenzelfde bedrag verhoogd. Dit heeft plaatsgevonden voor Intravacc en voor de gerealiseerde APK-ontvangsten.

Nationaal Groeifonds

XIX NATIONAAL GROEIFONDS: UITGAVEN
 

2021

Stand Miljoenennota 2022 (excl. IS)

55,3

Technische mutaties

 

Niet relevant voor het uitgavenplafond

 

Diversen

‒ 0,8

 

‒ 0,8

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2022

‒ 0,8

  

Stand Najaarsnota 2021 (subtotaal)

54,5

Totaal Internationale samenwerking

 

Stand Najaarsnota 2021

54,5

Uitgaven

Technische mutaties

Diversen

De apparaatsuitgaven van het Nationaal Groeifonds (NGF) worden gerealiseerd op de begroting van Economische Zaken en Klimaat (EZK). In totaal is daartoe 0,8 miljoen euro aanvullend overgeboekt naar EZK. Dit betreft 0,3 miljoen euro ten behoeve van extra inzet van het Cultureel Planbureau (CPB) ter ondersteuning van de onafhankelijk adviescommissie van het NGF en 0,5 miljoen euro ten behoeve van de inzet van Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO) voor onder andere de toegangspoort, vooraanvraag en klantfaciliteit.

Sociale Verzekeringen

SOCIALE VERZEKERINGEN: UITGAVEN

In miljoenen euro (excl. HGIS)

2022

  

Stand Miljoenennota 2022

66.249,5

  

mutaties t/m Voorjaarsnota 2022

‒ 885,5

mutaties t/m Miljoenennota 2023

‒ 542,3

  

Stand Miljoenennota 2023

64.821,7

  

Besluitvorming mutaties Najaarsnota

0,0

  

Technische mutaties Najaarsnota

‒ 445,1

WW

‒ 110,3

ZW

‒ 52,6

WAZO

‒ 63,1

AOW

‒ 76,9

Arbeidsongeschiktheid

‒ 93,2

Mee-/tegenvaller: diversen

‒ 27,8

Overboekingen met andere begrotingen

‒ 21,2

  

Stand Najaarsnota 2022

64.376,6

SOCIALE VERZEKERINGEN: NIET-BELASTINGONTVANGSTEN

In miljoenen euro (excl. HGIS)

2022

  

Stand Miljoenennota 2022

240,2

  

mutaties t/m Voorjaarsnota 2022

‒ 15,5

mutaties Miljoenennota 2023

‒ 19,1

  

Stand Miljoenennota 2023

205,5

  

Besluitvorming mutaties Najaarsnota

0,0

  

Technische mutaties Najaarsnota

‒ 40,5

WW

‒ 40,5

  

Stand Najaarsnota 2022

165,0

Uitgaven

Stand Miljoenennota 2022

Mutaties t/m Voorjaarsnota 2022

Deze post bevat alle uitgavenmutaties op begrotingshoofdstuk 40 tussen de Miljoenennota 2022 en de Voorjaarsnota 2022. De onderliggende mutaties zijn afzonderlijk toegelicht in de Startnota en de Voorjaarsnota. De grootste mutatie onderliggend aan deze stand betrof de bijstelling van de Werkeloosheidswet (-1,1 miljard euro in 2022).

Mutaties t/m Miljoenennota 2023

Deze post bevat alle uitgavenmutaties op begrotingshoofdstuk 40 tussen de Voorjaarsnota 2022 en de Miljoenennota 2023. Deze mutaties zijn afzonderlijk toegelicht in de Startnota en de Voorjaarsnota (VJN). Onder deze post vallen onder meer 66,7 miljoen euro lagere uitgaven ter dekking van Sociaal Medisch Beoordelen. Daarnaast werd er door de economische ontwikkelingen 483 miljoen euro minder uitgegeven aan de WW.

Stand Miljoenennota 2023

Besluitvorming mutaties Najaarsnota

N.v.t.

Technische mutaties Najaarsnota

WW

Op basis van uitvoeringsinformatie van UWV zijn de WW-lasten voor 2022 naar beneden bijgesteld. Vooral de WW-uitstroom is hoger uitgevallen dan eerder verwacht (tweede en derde kwartaal) en geraamd (vierde kwartaal). Ook is de instroom in het derde kwartaal lager uitgevallen dan eerder verwacht. Daarnaast is de raming voor faillissementsuitkeringen neerwaarts bijgesteld.

ZW

Naar aanleiding van de Oktobernota 2022 van het UWV is de raming van de Ziektewet met 53 miljoen euro naar beneden bijgesteld. Dit komt met name doordat minder eindedienstverbanders en zieke WW-gerechtigden een beroep hebben gedaan op de Ziektewet. Ook valt de gemiddelde uitkeringshoogte iets lager uit dan verwacht.

WAZO

Naar aanleiding van de Oktobernota 2022 van het UWV is de raming van de Wet Arbeid en Zorg (WAZO) met 63 miljoen euro naar beneden bijgesteld. De bijstelling hangt voor het overgrote deel samen met een lager aantal geboortes dan eerder op basis van de prognose van het CBS verwacht werd.

AOW

De uitgaven aan de AOW vallen 77 miljoen euro lager uit dan verwacht. De belangrijkste verklaring voor de lager dan geraamde uitgaven is de oversterfte dit jaar.

Arbeidsongeschiktheid

Binnen de WIA kennen zowel de IVA als de WGA een meevaller (69 miljoen euro). Dit komt met name door een lager dan verwachte instroom, de coronagerelateerde instroom was lager dan verwacht, en een hoger dan verwachte uitstroom. De WAO kent een meevaller omdat de gemiddelde uitkering lager was dan verwacht. De uitgaven aan de WAZ zijn vrijwel niet gewijzigd.

Diverse mee- en tegenvallers

Hieronder vallen diverse posten. Zo wordt er 16,9 miljoen euro minder uitgegeven aan transitievergoedingen na twee jaar ziekte en was er een vrijval op de uitvoeringskosten van het UWV en de SVB. De uitgaven aan de Algemene Nabestaanden Wet vallen 7 miljoen hoger uit dan verwacht.

Overboekingen

Er wordt 21,1 miljoen euro overgeboekt naar hoofdstuk 15 van de SZW-begroting. De grootste overboeking bedraagt 18 miljoen euro voor de parlementaire ondervragingscommissie voor de Kinderopvangtoeslag (POC-KOT).

Ontvangsten

Stand Miljoenennota 2022

Mutaties t/m Voorjaarsnota 2022

Deze post bevat alle ontvangstenmutaties op hoofdstuk 40 tussen de Miljoenennota 2022 en de Voorjaarsnota 2022. Deze mutaties zijn afzonderlijk toegelicht in de Startnota en de Voorjaarsnota. In deze stand zit onder andere de bijstelling van de Werkloosheidswet die naar aanleiding van nieuwe uitvoeringsinformatie van het UWV (de januarinota) neerwaarts is bijgesteld.

Mutaties t/m Miljoenennota 2023

Deze post bevat alle ontvangstenmutaties op begrotingshoofdstuk 40 tussen de Voorjaarsnota 2022 en de Miljoenennota 2023. Deze mutaties zijn afzonderlijk toegelicht in de Startnota en de Voorjaarsnota (VJN). Onder deze post valt alleen 19 miljoen euro lagere uitgaven op basis van de uitvoeringsinformatie voor de Werkloosheidswet.

Stand Miljoenennota 2023

Besluitvorming mutaties Najaarsnota

N.v.t.

Technische mutaties Najaarsnota

WW

De WW-ontvangsten hebben met name betrekking op het verhaal van WW-lasten bij overheidswerkgevers, aangezien zij eigenrisicodrager zijn. Op basis van uitvoeringsinformatie van UWV zijn de verwachte ontvangsten voor 2022 naar beneden bijgesteld. Dit betekent dat er naar verwachting minder beroep op de WW zal zijn van werknemers bij de overheid. Per saldo worden de ontvangsten met 40,5 miljoen euro neerwaarts bijgesteld.

Zorg

ZORG: UITGAVEN

In miljoenen euro (excl. HGIS)

2022

  

Stand Miljoenennota 2022

84.649,9

  

mutaties t/m Voorjaarsnota 2022

813,8

mutaties Miljoenennota 2023

‒ 843,2

  

Stand Miljoenennota 2023

84.620,4

  

Besluitvorming mutaties Najaarsnota

30,0

Beleidsregel energiecompensatie Wlz

30,0

  

Technische mutaties Najaarsnota

‒ 43,4

Actualisatie Q3 Zvw en deel Wlz

‒ 43,4

  

Stand Najaarsnota 2022

84.607,0

ZORG: NIET-BELASTINGONTVANGSTEN

In miljoenen euro (excl. HGIS)

2022

  

Stand Miljoenennota 2022

5.310,1

  

mutaties t/m Voorjaarsnota 2022

2,6

mutaties t/m Miljoenennota 2023

‒ 24,2

  

Stand Miljoenennota 2023

5.288,5

  

Technische mutaties Najaarsnota

‒ 7,5

Actualisatie eigen risico

‒ 7,5

  

Stand Najaarsnota 2022

5.281,0

Uitgaven

Stand Miljoenennota 2022

Mutaties t/m Voorjaarsnota 2022

Na de ontwerpbegroting van 2022 zijn door de motie Hermans de zorgsalarissen verhoogd (714 miljoen euro structureel). Verder zijn sinds de Startnota onder meer mutaties verwerkt voor COVID-19 (245 miljoen euro in 2022) en overhevelingen van de Aanvullende post van het ministerie van Financiën (199,7 miljoen euro cumulatief in 2022 t/m 2026). Ook zijn bij Voorjaarnota diverse bijstellingen verwerkt. De toelichtingen hiervan zijn te vinden in de Verticale Toelichting van de Voorjaarsnota.

Mutaties t/m Miljoenennota 2023

Bij de Miljoenennota 2023 is onder meer een bijstelling gedaan voor de Zvw-uitgaven naar aanleiding van nieuwe uitvoeringsinformatie (-722,5 miljoen euro) en voor de Wlz-uitgaven (-125 miljoen euro).

Besluitvorming mutaties Najaarsnota

Beleidsregel energiecompensatie Wlz

Er wordt voor de Wlz een specifieke beleidsregel 2022 gemaakt die het mogelijk maakt voor zorgkantoren en zorgaanbieders om maatwerkafspraken te maken in verband met bovenmatig gestegen (energie)prijzen 2022 die niet door maatregelen binnen de exploitatie kunnen worden opgevangen. Er wordt vanuit de onderuitputting op het UPZ additioneel 30 miljoen euro beschikbaar gesteld, naast de ruimte van 70 miljoen euro die nog op de begroting beschikbaar wa vanwege de overdekking op de begroting van het wlz-kaders. In de beleidsregel wordt boven een bepaalde drempelwaarde gedeeltelijke compensatie geboden voor bovenmatig gestegen energiekosten in 2022 voor zorgaanbieders.

Technische mutaties

Actualisatie q3 Zvw en deel Wlz

Op basis van actuele ramingen van zorgverzekeraars zijn de Zvw-uitgaven en de buitencontracteerruimte van de Wlz in 2022 geactualiseerd. De Zvw en Wlz uitgaven zijn neerwaarts bijgesteld met respectievelijk 36 miljoen euro en 7,5 miljoen euro. Deze cijfers zijn gebaseerd op de daadwerkelijke declaraties van de eerste drie kwartalen van 2022, aangevuld met een raming voor de nog te verwachten lasten van 2022.

Ontvangsten

Stand Miljoenennota 2022

Mutaties t/m Voorjaarsnota 2022

Na de ontwerpbegroting van 2022 zijn door de motie Hermans de zorgsalarissen verhoogd, wat doorwerkt in de geraamde opbrengst van het eigen risico (14,5 miljoen euro cumulatief). Bij de Startnota zijn de effecten van het coalitieakkoord verwerkt, zoals de vormgeving eigen risico (385 miljoen euro structureel), scheiden wonen en zorg in de ouderenzorg (cumulatief 199,7 miljoen euro in de periode 2022-2027) en voor het Integraal Zorgakkoord (80 miljoen euro structureel). Verder is bij de Voorjaarsnota hogere opbrengst van het eigen risico opgenomen (26 miljoen euro structureel) en de verwerking van de MLT (200 miljoen euro structureel). De toelichtingen zijn te vinden in de Verticale Toelichting van de Voorjaarsnota.

Mutaties t/m Miljoenennota 2023

Bij de Miljoenennota 2023 zijn omder meer de ramingen bijgesteld van het eigenrisico in de Zvw en de eigen bijdragen in de Wlz.

Technische mutaties

Actualisatie eigen risico

De raming van het eigen risico is naar beneden bijgesteld (7,5 miljoen euro).

Gemeentefonds

GEMEENTEFONDS: UITGAVEN

In miljoenen euro (excl. HGIS)

2022

  

Stand Miljoenennota 2022

35.597,1

  

mutaties t/m Voorjaarsnota 2022

3.039,0

mutaties t/m Miljoenennota 2023

1.171,4

  

Stand Miljoenennota 2023

39.807,5

  

Besluitvorming mutaties Najaarsnota

0,0

  

Technische mutaties Najaarsnota

830,8

Overboekingen met andere begrotingen

79,6

Corona

212,9

Oekraïne

38,3

Kasschuif Energietoelage

500,0

  
  

Stand Najaarsnota 2022

40.638,4

  

Uitgaven

Toelichting mutaties t/m Voorjaarsnota 2022

Het Kabinet heeft 854 miljoen beschikbaar gesteld aan gemeenten in 2022 om via de bijzondere bijstand een eenmalige tegemoetkoming voor de gestegen energieprijzen toe te kennen aan huishoudens met een laag inkomen. Tevens ontvangen gemeenten voor de uitvoering van het bestaande klimaatbeleid in 2022 een aanvullende 74,3 miljoen euro, bovenop een eerder reeds verstrekt bedrag van 38,3 miljoen. Het Kabinet heeft bij voorjaarsnota tevens 61,9 miljoen euro beschikbaar gesteld aan gemeenten ter voorkoming van dak- en thuisloosheid.

Toelichting mutaties t/m Miljoenennota 2023

Het Kabinet heeft in juli 2022 aanvullend 550 miljoen beschikbaar gesteld aan gemeenten om via de bijzondere bijstand een eenmalige tegemoetkoming voor de gestegen energieprijzen toe te kennen aan huishoudens met een laag inkomen. Tevens heeft het Kabinet in 2022 50 miljoen euro extra beschikbaar gesteld voor de individuele bijzondere bijstand. Er hebben ook diverse overboekingen plaatsgevonden vanuit andere begrotingshoofdstukken naar de begroting van het Gemeentefonds, waaronder een overboeking van het ministerie van Binnenlandse Zaken van 150 miljoen in 2022 voor de invoeringskosten van de omgevingswet.

Technische mutaties

Overboekingen met andere begrotingen

Dit betreft het totaal van diverse overboekingen tussen andere begrotingshoofdstukken en de begroting van het Gemeentefonds, waaronder van het ministerie van Volksgezondheid Welzijn en Sport van 11 miljoen voor het programma Versterken sociale basis.

Corona

Dit betreft diverse mutaties, waaronder een bijdrage van het ministerie van Volksgezondheid Welzijn en Sport om gemeenten te compenseren voor de meerkosten op het terrein van jeugd en wmo als gevolg van de coronacrisis. Tevens valt de overheveling van middelen van de Algemene Post naar het Gemeentefonds in verband met de inkomstenderving 2021 van lokale belastingen en heffingen als gevolg van de coronacrisis hieronder.

Oekraïne

Dit betreft een overboeking van het ministerie van Volksgezondheid Welzijn en Sport voor de meerkosten binnen het Sociaal Domein die in verband houden met de opvang van vluchtelingen uit de Oekraïne. Tevens betreft het een overboeking vanuit het ministerie van Onderwijs Cultuur en Wetenschap voor het leerlingenvervoer Oekraïne.

Provinciefonds

PROVINCIEFONDS: UITGAVEN

In miljoenen euro (excl. HGIS)

2022

  

Stand Miljoenennota 2022

2.540,7

  

mutaties t/m Voorjaarsnota 2022

256,3

mutaties t/m Miljoenennota 2023

49,6

  

Stand Miljoenennota 2023

2.846,6

  

Besluitvorming mutaties Najaarsnota

0,0

  

Technische mutaties Najaarsnota

‒ 3,2

Overboekingen met andere begrotingen

‒ 3,9

Corona

0,7

  
  

Stand Najaarsnota 2022

2.843,4

  

Uitgaven

Toelichting mutaties t/m Voorjaarsnota 2022

Bij Voorjaarsnota zijn enkele wijzigingen doorgevoerd, zoals de toevoeging van Coalitieakkoordmiddelen voor de compensatie van gederfde opcenten van 124 miljoen euro per jaar voor 2022 tot en met 2024 en een bijstelling van de accrestranche 2022 van 86 miljoen euro.

Toelichting mutaties t/m Miljoenennota 2023

Er hebben diverse overboekingen plaatsgevonden vanuit andere begrotingshoofdstukken naar de begroting van het provinciefonds, waaronder een overboeking van het ministerie van Landbouw Natuur en Voedselkwaliteit van 18,2 miljoen in 2022.

Technische mutaties

Overboekingen met andere begrotingen

Dit betreft het totaal van diverse overboekingen vanuit andere begrotingshoofdstukken naar de begroting van het Provinciefonds, waaronder van het ministerie van Binnenlandse Zaken van 6,7 miljoen voor het programma Natuur inclusief na-isoleren. Tevens valt de onttrekking van 12,3 miljoen aan het Provinciefonds naar de begroting van het ministerie Infrastructuur en Waterstaat hieronder. Deze overboeking is vanwege de indexering van de middelen voor projecten verkeer en vervoer.

Corona

Dit betreft een overheveling van middelen van de Aanvullende Post naar het Provinciefonds vanwege de inkomstenderving 2021 van twee toltunnels in de Provincies Zeeland en Zuid-Holland

Mobiliteitsfonds

MOBILITEITSFONDS: UITGAVEN

In miljoen euro (excl. HGIS)

2022

  

Stand Miljoenennota 2022

7.201,3

  

mutaties t/m Voorjaarsnota 2022

699,1

mutaties Miljoenennota 2023

387,1

  

Stand Miljoenennota 2023

8.287,6

  

Besluitvorming mutaties Najaarsnota

0,0

  

Technische mutaties Najaarsnota

‒ 281,2

Saldo 2022

‒ 289,2

Desalderingen

8,0

  

Stand Najaarsnota 2022

8.006,4

MOBILITEITSFONDS: NIET-BELASTINGONTVANGSTEN

In miljoen euro (excl. HGIS)

2022

  

Stand Miljoenennota 2022

7.201,3

  

mutaties t/m Voorjaarsnota 2022

699,1

mutaties Miljoenennota 2023

387,1

  

Stand Miljoenennota 2023

8.287,6

  

Besluitvorming mutaties Najaarsnota

0,0

  

Technische mutaties Najaarsnota

‒ 172,1

Saldo 2022

‒ 180,1

Desalderingen

8,0

  

Stand Najaarsnota 2022

8.115,5

Uitgaven

Mutaties t/m Voorjaarsnota

De grootste mutaties worden verklaard door de overheveling van de coalitieakkoordmiddelen. Voor het Mobiliteitsfonds gaat dit globaal om de volgende bedragen in 2022: 75 miljoen euro voor instandhouding infrastructuur en 300 miljoen euro voor de overheveling van infraprojecten uit het Nationaal Groeifonds.

Mutaties Miljoenennota 2023

De grootste mutaties worden verklaar door de overheveling van de coalitieakkoordmiddelen voor fietsparkeren en veiligheid Rijks N-Wegen.

Technische mutaties Najaarsnota

Saldo 2022

De voorlopige realisatiecijfers laten een voordelig saldo zien van circa 290 miljoen euro. Dit komt voornamelijk door kasvertraging op diverse projecten op het hoofdwegennet van ruim 130 miljoen euro en op spoorwegen van ruim 155 miljoen euro.

Desalderingen

Deze post bestaat uit diverse kleine desalderingen.

Niet-belastingontvangsten

Technische mutaties Najaarsnota

Saldo 2022

De voorlopige realisatiecijfers laten een nadelig saldo zien van circa 180 miljoen euro. Dit wordt met name veroorzaakt doordat een ontvangst van de provincie Groningen van circa 110 miljoen euro naar verwachting in 2023 binnenkomt en niet in 2022.

Desalderingen

Deze post bestaat uit diverse kleine desalderingen.

Diergezondheidsfonds

DIERGEZONDHEIDSFONDS: UITGAVEN

In miljoenen euro (excl. HGIS)

2022

  

Stand Miljoenennota 2022

35,0

  

mutaties t/m Voorjaarsnota 2022

11,7

  

Stand Miljoenennota 2023

46,7

  

Niet-plafondrelevant

43,2

Bijstelling prognose bestrijding

43,2

  

Stand Najaarsnota 2022

89,9

DIERGEZONDHEIDSFONDS: NIET-BELASTINGONTVANGSTEN

In miljoenen euro (excl. HGIS)

2022

  

Stand Miljoenennota 2022

27,2

  

mutaties t/m Voorjaarsnota 2022

41,2

mutaties t/m Miljoenennota 2023

0,6

  

Stand Miljoenennota 2023

68,9

  

Niet-plafondrelevant

30,3

Overschrijding DGF-plafond (vogelgriep)

33,6

Overig

‒ 3,3

  

Stand Najaarsnota 2022

99,2

Uitgaven

Mutaties t/m Voorjaarsnota 2022

Deze verzamelpost bevat onder andere een bijstelling naar boven van de prognose bestrijding van dierziekten (13 miljoen euro). Dit wordt hoofdzakelijk veroorzaakt door de vogelgriep. Daarnaast is er een bijstelling naar beneden van de prognose overige uitgaven (1,6 miljoen euro). Dit betreft een verlaging van de uitvoeringskosten RVO door minder bezwaren en beroepschriften vanuit de rundersector.

Niet-plafondrelevant

Bijstelling prognose bestrijding

Dit betreft een verhoging van de uitgaven voor bestrijding van dierziekten (43,2 miljoen euro). Dit wordt voornamelijk veroorzaakt door de vogelgriep.

Niet-belastingontvangsten

Mutaties t/m Voorjaarsnota 2022

Conform de begrotingssystematiek van het Diergezondheidsfonds wordt het eindsaldo DGF 2021 aan de begroting 2022 toegevoegd (41,2 miljoen euro).

Mutaties t/m Miljoenennota 2023

Dit betreft een verzamelmutatie het toevoegen van de prijsbijstelling (0,6 miljoen euro).

Niet-plafondrelevant

Overschrijding DGF-plafond (vogelgriep)

De bestrijdingskosten van de vogelgriep overschrijden het plafondbedrag (30 miljoen euro) dat voor de pluimveesector is opgenomen in het convenant bestrijding besmettelijke ziekten 2020-2024. De kosten boven dit plafond worden betaald uit de rijksbijdrage aan het Diergezondheidsfonds (DGF). Daarom neemt de LNV-bijdrage aan het DGF toe.

Overig

Dit betreft een verzamelmutatie van onder andere de ruimingskosten van nertsenhouderijen. In 2020 is voor de ruimingskosten van nertsenhouderijen als gevolg van COVID-19 bij nertsen een bijdrage ontvangen vanuit generale middelen. De uiteindelijke ruimingskosten vallen 3,3 miljoen lager uit dan geraamd. Deze meevaller wordt ingezet ten behoeve van de problematiek in het DGF naar aanleiding van de vogelgriep. 

Accres Gemeentefonds

ACCRES GEMEENTEFONDS: UITGAVEN
 

2022

Stand Miljoenennota 2022

295,8

  

Mutaties t/m Voorjaarsnota 2022

110,3

Mutaties Miljoenennota 2023

‒ 406,2

  

Stand Miljoenennota 2023

0

  

Stand Najaarsnota 2022

0

ACCRES GEMEENTEFONDS: NIET-BELASTINGONTVANGSTEN
 

2022

Stand Miljoenennota 2022

0

  

Mutaties t/m Voorjaarsnota 2022

0

Mutaties Miljoenennota 2023

0

  

Stand Miljoenennota 2023

0

  

Stand Najaarsnota 2022

0

Ten opzichte van Miljoenennota 2023 zijn er geen mutaties geweest.

Accres Provinciefonds

ACCRES PROVINCIEFONDS: UITGAVEN
 

2022

Stand Miljoenennota 2022

42,40

  

Mutaties t/m Voorjaarsnota 2022

14,24

Mutaties Miljoenennota 2023

‒ 56,65

  

Stand Miljoenennota 2023

0

  

Stand Najaarsnota 2022

0

ACCRES PROVINCIEFONDS: NIET-BELASTINGONTVANGSTEN
 

2022

Stand Miljoenennota 2022

0

  

Mutaties t/m Voorjaarsnota 2022

0

Mutaties Miljoenennota 2023

0

  

Stand Miljoenennota 2023

0

  

Stand Najaarsnota 2022

0

Ten opzichte van Miljoenennota 2023 zijn er geen mutaties geweest.

BES-fonds

BES-FONDS: UITGAVEN

In miljoenen euro (excl. HGIS)

2022

  

Stand Miljoenennota 2022

42,4

  

Mutaties t/m Voorjaarsnota 2022

4,9

Mutaties Miljoenennota 2023

6,7

  

Stand Miljoenennota 2023

54,0

  

Besluitvorming mutaties Najaarsnota

0,0

  

Technische mutaties Najaarsnota

8,3

Overboekingen met andere begrotingen

8,3

  

Stand Najaarsnota 2022

62,3

Uitgaven

Mutaties t/m Voorjaarsnota 2022

Dit betreffen de coalitieakkoordmiddelen voor het verbeteren van de bestaanszekerheid en het verminderen van de armoede in Caribisch Nederland. Daarnaast is de loon- en prijsbijstelling bij voorjaarsnota overgeboekt.

Mutaties miljoenennota 2023

Deze post bevat voornamelijk overboekingen vanaf de begroting Koninkrijksrelaties naar het BES-fonds waaronder een structurele toevoeging van 1 miljoen aan het BES-fonds waarmee uitvoering wordt gegeven aan de motie Van Den Berg en Kuiken (Kamerstukken II 2021/22, 35925-IV, nr. 58) die oproept tot een verhoging van de vrije uitkering aan Saba.

Technische mutaties

Overboekingen naar andere begrotingen

Dit betreft BES fonds bijdrage aan openbaar lichaam Bonaire voor de uitvoering van het Natuur en milieubeleidsplan Caribisch Nederland 2020-2030 (eerste fase) en (concept) uitvoeringsagenda Bonaire en Saba.

Deltafonds

DELTAFONDS: UITGAVEN

In miljoen euro (excl. HGIS)

2022

  

Stand Miljoenennota 2022

1.328,4

  

mutaties t/m Voorjaarsnota 2022

198,9

mutaties Miljoenennota 2023

64,1

  

Stand Miljoenennota 2023

1.591,5

  

Besluitvorming mutaties Najaarsnota

0,0

  

Technische mutaties Najaarsnota

‒ 61,2

Saldo 2022

‒ 72,7

Desalderingen

11,5

  

Stand Najaarsnota 2022

1.530,3

DELTAFONDS: NIET-BELASTINGONTVANGSTEN

In miljoen euro (excl. HGIS)

2022

  

Stand Miljoenennota 2022

1.328,4

  

mutaties t/m Voorjaarsnota 2022

198,9

mutaties Miljoenennota 2023

64,1

  

Stand Miljoenennota 2023

1.591,5

  

Besluitvorming mutaties Najaarsnota

0,0

  

Technische mutaties Najaarsnota

24,6

Saldo 2022

13,2

Desalderingen

11,5

  

Stand Najaarsnota 2022

1.616,1

Uitgaven

Mutaties t/m Voorjaarsnota

De grootste mutaties worden verklaard door de overheveling van de coalitieakkoordmiddelen (20 miljoen euro voor instandhouding infrastructuur) en het toevoegen van het positieve saldo uit 2021.

Mutaties Miljoenennota 2023

De grootste mutaties worden verklaard door het toevoegen van de loon-en prijsbijstelling (circa 60 miljoen euro).

Technische mutaties

Saldo 2022

De voorlopige realisatiecijfers laten een voordelig saldo zien van circa 72 miljoen euro. Dit komt voornamelijk door vertraging in de betalingen bij het project Afsluitdijk.

Desalderingen

Deze post bestaat uit diverse kleine desalderingen.

Niet-belastingontvangsten

Technische mutaties Najaarsnota

Saldo 2022

De voorlopige realisatiecijfers laten een voordelig saldo zien van circa 13 miljoen euro. Dit komt voornamelijk door terugbetaling van te veel betaalde subsidies voor het hoogwaterbeschermingsprogramma.

Desalderingen

Deze post bestaat uit diverse kleine desalderingen.

Defensiematerieelbegrotingsfonds

DEFENSIEMATERIEELBEGROTINGSFONDS: UITGAVEN

In miljoenen euro (excl. HGIS)

2022

  

Stand Miljoenennota 2022

5.065,4

  

mutaties t/m Voorjaarsnota 2022

923,8

mutaties t/m Miljoenennota 2023

‒ 544,2

  

Stand Miljoenennota 2023

5.444,9

  

Technische mutaties Najaarsnota

‒ 566,6

Onderrealisatie 2022

‒ 651,4

Tegenvaller: compensatie valuta US Dollars & Zweedse Kronen

47,5

Desalderingen

37,3

  

Stand Najaarsnota 2022

4.878,3

DEFENSIEMATERIEELBEGROTINGSFONDS: NIET-BELASTINGONTVANGSTEN

In miljoenen euro (excl. HGIS)

2022

  

Stand Miljoenennota 2022

5.065,4

  

mutaties t/m Voorjaarsnota 2022

1.234,2

mutaties Miljoenennota 2023

‒ 854,6

  

Stand Miljoenennota 2023

5.444,9

  

Technische mutaties Najaarsnota

84,8

Tegenvaller: compensatie valuta US Dollars & Zweedse Kronen

47,5

Desalderingen

37,3

  

Stand Najaarsnota 2022

5.529,7

Uitgaven

Mutaties t/m Voorjaarsnota 2022

Met de eerste suppletoire begroting voor het Defensiematerieelbegrotingsfonds is de eindejaarsmarge toegevoegd en is de prijsbijstelling uitgekeerd. Beide bijstellingen leiden tot een opwaartse bijstelling van de uitgavenzijde van het fonds. Vervolgens is een aantal kasschuiven verwerkt, bijvoorbeeld voor vastgoed en voor IT, dat leidt tot lagere uitgaven.

Mutaties t/m Miljoenennota 2023

Sinds de eerste suppletoire begroting is een aantal kasschuiven verwerkt aan de uitgavenzijde van het fonds. Met deze kasschuiven worden de uitgaven voor de investeringen en voor de instandhouding aangepast aan de nieuwe ramingen. Deze kasschuiven zijn met name het gevolg van de krapte op de Defensiemarkten.

Technische mutaties Najaarsnota

Onderuitputting 2022

Defensie verlaagt over vrijwel alle artikelen de uitgaven in 2022. Deze verlagingen zijn voornamelijk het gevolg van gewijzigde externe omstandigheden. Zo leidt de oorlog in Oekraïne tot krapte op de Defensiemarkten – dit leidt tot vertragingen in geplande investeringen. Voorts leiden ook de gevolgen van COVID-19 nog tot vertragingen – bijvoorbeeld als gevolg van verstoorde toeleveringsketen en tekorten aan microchips – en zorgt de krapte op de arbeidsmarkt voor vertragingen in de planning en uitvoering van investeringsprojecten. Als gevolg hiervan worden investeringsprojecten doorgeschoven naar latere jaren.

Tegenvaller compensatie valuatie US Dollars & Zweedse Kronen

De effecten van de aanpassingen in wisselkoersen worden verwerkt op de begroting van Defensie. De tegenvaller die hierdoor optreedt op de begroting van Defensie wordt generaal gecompenseerd.

Desalderingen

Op het Defensiematerieelbegrotingsfonds is een aantal desalderingen verwerkt. De cumulatieve omvang zorgt voor een verhoging van 37,3 miljoen euro van de Defensie-uitgaven. Deze bijstelling komt ook terug aan de niet-belastingontvangstenzijde van het fonds.

Ontvangsten

Mutaties t/m Voorjaarsnota 2022

Dit betrof diverse desalderingen om de niet-belastingontvangsten aan te sluiten met de uitgaven.

Mutaties t/m Miljoenennota 2023

Dit betrof diverse desalderingen om de niet-belastingontvangsten aan te sluiten met de uitgaven.

Technische mutaties

Desalderingen

Op de Defensiebegroting is een aantal desalderingen verwerkt. De cumulatieve omvang zorgt voor een verlaging van 2,1 miljoen euro van de niet-belastingontvangsten. Deze bijstelling komt ook terug aan de uitgavenzijde van de Defensiebegroting.

Prijsbijstelling

PRIJSBIJSTELLING: UITGAVEN
 

2022

Stand Miljoenennota 2022

865

  

Mutaties t/m Voorjaarsnota 2022

‒ 865

Mutaties Miljoenennota 2023

0

  

Stand Miljoenennota 2023

0

  

Stand Najaarsnota 2022

0

  

Stand Najaarsnota 2022

0

PRIJSBIJSTELLING: NIET-BELASTINGONTVANGSTEN
 

2022

Stand Miljoenennota 2022

0

  

Mutaties t/m Voorjaarsnota 2022

0

Mutaties Miljoenennota 2023

0

  

Stand Miljoenennota 2023

0

  

Stand Najaarsnota 2022

0

Uitgaven

Mutaties t/m Voorjaarsnota 2022

Deze mutaties betreffen aanpassingen voor het verwerken van de nieuwe begrotingsgrondslagen, het bijstellen van de raming op basis van de ontwikkelingen in prijzen en het overboeken van de prijsbijstellingstranche 2022 naar de departementen.

Mutaties t/m Miljoenennota 2023

Ten opzichte van Miljoenennota 2023 zijn er geen mutaties geweest.

Arbeidsvoorwaarden

ARBEIDSVOORWAARDEN: UITGAVEN

In miljoenen euro (excl. HGIS)

2022

  

Stand Miljoenennota 2022

1.513,1

  

mutaties t/m Voorjaarsnota 2022

‒ 1.513,1

mutaties t/m Miljoenennota 2023

0,0

  

Stand Miljoenennota 2023

0,0

  

Stand Najaarsnota 2022

0,0

Uitgaven

Mutaties t/m Voorjaarsnota 2022

Deze mutaties betreffen aanpassingen voor het verwerken van de nieuwe begrotingsgrondslagen, het bijstellen van de loonramingen op basis van de ontwikkelingen in lonen en sociale werkgeverslasten, en het overboeken van de loonbijstellingstranche 2022 naar de departementen.

Mutaties t/m Miljoenennota 2023

Deze post betreft twee mutaties. Ten eerste betreft het een mutatie om de doorwerking van een tussentijdse ABP pensioenindexatie op de begrotingsgefinancierde pensioenen voor post-actieve militairen te laten plaatsvinden. Ten tweede betreft het een overheveling van deze middelen naar de defensiebegroting.

Koppeling Uitkeringen

KOPPELING UITKERINGEN: UITGAVEN

In miljoenen euro (excl. HGIS)

2022

  

Stand Miljoenennota 2022

0,0

  

mutaties t/m Voorjaarsnota 2022

0,0

mutaties t/m Miljoenennota 2023

0,0

  

Stand Miljoenennota 2023

0,0

  

Besluitvorming mutaties Najaarsnota

0,0

Technische mutaties Najaarsnota

0,0

  

Stand Najaarsnota 2022

0,0

KOPPELING UITKERINGEN: NIET-BELASTINGONTVANGSTEN

In miljoenen euro (excl. HGIS)

2022

  

Stand Miljoenennota 2022

0,0

  

mutaties t/m Voorjaarsnota 2022

0,0

mutaties t/m Miljoenennota 2023

0,0

  

Stand Miljoenennota 2023

0,0

  

Besluitvorming mutaties Najaarsnota

0,0

Technische mutaties Najaarsnota

0,0

  

Stand Najaarsnota 2022

0,0

Ten opzichte van Miljoenennota 2023 zijn er geen mutaties geweest.

Algemeen

ALGEMEEN: UITGAVEN

In miljoenen euro (excl. HGIS)

2022

  

Stand Miljoenennota 2022

5.329,6

  

mutaties t/m Voorjaarsnota 2022

‒ 4.287,7

mutaties Miljoenennota 2023

‒ 3.318,0

  

Stand Miljoenennota 2023

‒ 2.276,1

  

Besluitvorming mutaties Najaarsnota

2.285,9

Invulling in=uittaakstelling

185,9

Invulling taakstellende onderuitputting

2.100,0

  

Technische mutaties Najaarsnota

‒ 848,8

Mee-/tegenvaller: reservering digitale veiligheid

‒ 170,0

Mee-/tegenvaller: reservering BAR

‒ 63,1

Mee-/tegenvaller: reservering TEM

‒ 60,0

Mee-/tegenvaller: reservering Klimaatakkoord

‒ 18,7

Mee-/tegenvaller: reservering extra woningbouw

‒ 21,2

Mee-/tegenvaller: coalitieakkoordmiddelen

‒ 9,3

Mee-/tegenvaller: diversen

‒ 17,0

Overboekingen met andere begrotingen

‒ 118,9

Corona

‒ 370,4

  

Stand Najaarsnota 2022

‒ 839,0

Uitgaven

Mutaties t/m Voorjaarsnota

Dit zijn alle mutaties tot en met Voorjaarsnota 2022. Bijvoorbeeld de overboeking van in het coalitieakkoord gereserveerde middelen (8,9 miljard euro in 2023), de inzet de loon- en bijstelling op coalitieakkoordmiddelen voor koopkracht, de Algemene Kinderbijslagwet (AKW) en Defensie (451 miljoen euro in 2023) en de reservering voor Defensie van structureel 2 miljard euro per jaar. De toelichtingen hiervan zijn te vinden in de Verticale Toelichting van de Voorjaarsnota.

Mutaties Miljoenennota

Ook bij Miljoenennota zijn middelen uit het coalitieakkoord overgeheveld naar de departementale begrotingen. Dit ging in totaal om 525,2 miljoen euro in 2022. Aanvullend is bij Miljoenennota 516,6 miljoen euro uit 2022 doorgeschoven naar latere jaren. Ook is een taakstellende onderuitputting van 2,1 miljard euro ingeboekt. De toelichtingen hiervan zijn te vinden in de Verticale Toelichting van de Miljoenennota.

Mutaties besluitvorming Miljoenennota

Invullen in=uit taakstelling (1,4 miljard euro)

De in=uit-taakstelling is de tegenhanger van de eindejaarsmarge. De eindejaarsmarge is bedoeld om ondoelmatige besteding van middelen aan het einde van het jaar te voorkomen door de onbestede middelen naar het volgende jaar door te schuiven. Hiervoor geldt een maximum van 1,0% van de totale begroting, uitgezonderd het Defensiematerieelbegrotingsfonds, het Deltafonds en het Mobiliteitsfonds, die een 100% eindejaarsmarge hebben. Om te voorkomen dat het uitgavenplafond wordt overschreden als gevolg van de eindejaarsmarge, wordt tegelijkertijd een even grote taakstelling ingeboekt, de zogenaamde in=uit-taakstelling. Hierdoor levert het doorschuiven via de eindejaarsmarge dus geen extra middelen op in het jaar waarnaar wordt doorgeschoven. De in=uit taakstelling kent geen concrete invulling, maar wordt gaandeweg ingevuld. De invulling kan bestaan uit onderuitputting of andere meevallers.

De reguliere in=uittaakstelling voor 2022 bedraagt 1,4 miljard euro. Deze wordt nu voor 186 miljoen euro ingevuld. Mocht er bij het Financieel Jaarverslag Rijk onvoldoende onderuitputting optreden dan zal dit leiden tot een plafondoverschrijding en een verslechtering van het EMU-saldo.

Invullen taakstellende onderuitputting (2,1 miljard euro)

Ter dekking van extra middelen waartoe is besloten tijdens de augustusbesluitvorming is een extra taakstellende onderuitputting geboekt van 2,1 miljard euro in 2022 en 2023 en 0,5 miljard euro in 2024. Met de geboekte onderuitputting bij Najaarsnota wordt de taakstellende onderuitputting 2022 volledig ingevuld.

Technische mutaties

Mee-/tegenvaller: reservering digitale veiligheid

Op de aanvullende post is 170 miljoen euro gereserveerd voor Digitale Veiligheid. Deze middelen komen dit jaar niet meer tot besteding. Gelet op de juridische onzekerheden wordt deze reservering, net zoals vorig jaar, doorgeschoven naar 2023.

Mee-/tegenvaller: reservering BAR (Brexit Adjustment Reserve)

Op de aanvullende post staat in 2022 22 miljoen euro geraamd voor uitvoeringskosten. In 2022 wordt er 8,9 miljoen opgevraagd aan uitvoeringskosten. De rest van de middelen worden doorgeschoven naar latere jaren. Daarnaast staat er nog 50 miljoen euro als reservering op de aanvullende post. De middelen zijn benodigd in 2023 en worden daarom doorgeschoven.

Mee-/tegenvaller: reservering TEM

In de Startnota van het kabinet Rutte IV is een voorziening op de Aanvullende Post gecreëerd ter dekking van de verschuldigde TEM-bedragen en de hiermee samenhangende vertragingsrente (VR). Voor het jaar 2022 resteert nog 21,3 miljoen euro (na een vrijval van 60 miljoen euro ten behoeve van generale beeld) op de Aanvullende Post, met het oog op eventuele VR-rekeningen vanuit de EC die nog in het jaar 2022 worden betaald.

Mee-/tegenvaller: reservering Klimaatakkoord

De middelen die als onderdeel van het klimaatakkoord gereserveerd stonden in 2022 voor bedrijven die negatieve effecten ondervinden van het klimaatbeleid zijn niet opgevraagd en vallen vrij. Het gaat om 18,7 miljoen euro.

Mee-/tegenvaller: reservering extra woningbouw

In de augustusbesluitvorming van 2021 is 25 miljoen euro voor grondfaciliteit gereserveerd. Hiervan is in het bestedingsplan maar 5 miljoen euro opgevraagd. Het resterende bedrag komt in 2022 niet tot besteding.

Mee-/tegenvaller: coalitieakkoordmiddelen

In totaal stond ruim 4,5 miljard euro aan coalitieakkoordmiddelen gereserveerd in 2022, exclusief de toegekende loon- en prijsbijstelling (LPO) tranche 2022. Hiervan is 8,4 miljoen euro niet opgevraagd, waarvan 5,5 miljoen euro voor de Lelylijn en 2,9 miljoen euro voor Werk aan Uitvoering (WaU). Aanvullend is 0,9 miljoen euro aan LPO op de WaU-middelen niet opgevraagd.

Mee-/tegenvaller: diversen

Voor diverse reserveringen resten nog beperkte middelen op de Aanvullende Post. Dit gaat bijvoorbeeld om de reservering stikstof (5,4 miljoen euro), de reservering Box 3 (2,9 miljoen euro) en de reservering Zeeland (2,3 miljoen). De middelen worden in 2022 niet meer ingezet en daarom als onderuitputting afgeboekt.

Overboekingen met andere begrotingen

In totaal is 118,9 miljoen euro overgeboekt naar departementale begrotingen. De grootste post betreft de overboeking van de Traditioneel Eigen Middelen naar de begroting van Buitenlandse Zaken van in totaal 103,9 miljoen euro, waarvan ook 3,4 miljoen euro naar Financiën is overgeheveld voor de verschuldigde vertragingsrente. Ook is in totaal 8,9 miljoen euro overgeheveld naar begrotingen van LNV en EZK voor de uitvoering van de BAR.

Corona

Voor diverse coronaregelingen stond nog 370,4 miljoen euro gereserveerd op de Aanvullende Post. In totaal is 163,4 miljoen euro hiervan beschikbaar gesteld voor de inkomstenderving van decentrale overheden. De resterende 207 miljoen euro is als onderuitputting afgeboekt.

Consolidatie

CONSOLIDATIE: UITGAVEN

In miljoenen euro (excl. HGIS)

2022

  

Stand Miljoenennota 2022

‒ 20.247,9

  

mutaties t/m Voorjaarsnota 2022

0,0

mutaties t/m Miljoenennota 2023

6.928,9

  

Stand Miljoenennota 2023

‒ 13.319,0

  

Besluitvorming mutaties Najaarsnota

0,0

  

Technische mutaties Najaarsnota

0,0

  

Stand Najaarsnota 2022

‒ 13.319,0

CONSOLIDATIE: NIET-BELASTINGONTVANGSTEN

In miljoenen euro (excl. HGIS)

2022

  

Stand Miljoenennota 2022

‒ 20.247,9

  

mutaties t/m Voorjaarsnota 2022

0,0

mutaties t/m Miljoenennota 2023

6.928,9

  

Stand Miljoenennota 2023

‒ 13.319,0

  

Besluitvorming mutaties Najaarsnota

0,0

  

Technische mutaties Najaarsnota

0,0

  

Stand Najaarsnota 2022

‒ 13.319,0

De post Consolidatie wordt gebruikt voor het corrigeren van de Rijksbegroting voor dubbeltellingen die ontstaan door het brutoboeken van bijdragen. Het brutoboeken houdt in dat zowel het departement dat bijdraagt, als het departement dat ontvangt de uitgaven op zijn begroting opneemt. Het ontvangende departement raamt daarnaast de te ontvangen bijdragen ook aan de ontvangstenkant van de begroting. Hierdoor wordt het rekenkundig niveau van de totale rijksuitgaven en de rijksontvangsten hoger dan het feitelijk niveau. Op de post Consolidatie wordt hiervoor gecorrigeerd. De hoogte van de post wordt in belangrijke mate bepaald door de bijdragen van de begroting van Infrastructuur & Waterstaat aan het Mobiliteitsfonds.

Homogene Groep Internationale Samenwerking

HOMOGENE GROEP INTERNATIONALE SAMENWERKING: UITGAVEN

In miljoenen euro (excl. HGIS)

2022

  

Stand Miljoenennota 2022

6.286,8

  

mutaties t/m Voorjaarsnota 2022

1.278,0

mutaties t/m Miljoenennota 2023

197,2

  

Stand Miljoenennota 2023

7.762,0

  

Besluitvorming mutaties Najaarsnota

 
  

Technische mutaties Najaarsnota

115,7

Toevoeging middelenafspraak huisvesting

‒ 33,9

Bijdrage ODA-Asielopvang

160,0

Overboeking asiel naar J&V

‒ 160,0

Overhevelingen tussen HGIS & niet HGIS

‒ 6,0

Verwachte eindejaarsmarge

‒ 39,5

Overboekingen met andere begrotingen

0,0

Oekraïne

171,4

Desalderingen

23,7

  

Niet-plafondrelevant

101,1

Oekraïne - defensie

101,1

  

Stand Najaarsnota 2022

7.978,8

HOMOGENE GROEP INTERNATIONALE SAMENWERKING: NIET-BELASTINGONTVANGSTEN

In miljoenen euro (excl. HGIS)

2022

  

Stand Miljoenennota 2022

152,1

  

mutaties t/m Voorjaarsnota 2022

2,3

mutaties Miljoenennota 2023

0,0

  

Stand Miljoenennota 2023

154,4

  

Technische mutaties Najaarsnota

23,7

Desalderingen

23,7

  

Niet-plafondrelevant

‒ 0,9

Diversen

‒ 0,9

  

Stand Najaarsnota 2022

177,2

Verticale Toelichting HGIS

Uitgaven

Technische mutaties

Toevoeging middelenafspraak huisvesting

Het huisvestingsbeleid van het ministerie van Buitenlandse Zaken is gericht op het moderniseren, verduurzamen en rationaliseren van de vastgoedportefeuille. Om dit te bewerkstelligen is een middelenafspraak huisvesting gemaakt waarbij de opbrengst van de verkopen opnieuw kan worden ingezet in latere jaren. In dit kader wordt 33,9 mln. doorgeschoven naar volgend jaar. Uitvoering van de huisvestingsprojecten loopt vertraging op vanwege de effecten van COVID-19 en de onzekerheid omtrent de huidige oorlog in Oekraïne.

Bijdrage ODA-Asielopvang

Door de verhoogde instroom en de daaruit volgende hogere bezetting in de reguliere asielketen doen zich tegenvallers voor bij de asielopvang. Een deel van deze meerkosten wordt opgevangen vanuit ODA-budgetten t.b.v. de opvang van eerstejaars asielzoekers (160 mln. euro).

Overboeking asiel naar J&V

Door de verhoogde instroom en de daaruit volgende hogere bezetting in de reguliere asielketen doen zich tegenvallers voor bij de asielopvang. Een deel van deze meerkosten wordt opgevangen vanuit ODA-budgetten t.b.v. de opvang van eerstejaars asielzoekers (160 mln. euro).

Overhevelingen tussen HGIS & niet HGIS

Er vindt een aantal overboekingen van en naar de HGIS plaats, waardoor het niet-ODA deel van het HGIS-budget per saldo met 6 mln. afneemt. Het betreft voornamelijk toevoeging vanuit niet-HGIS middelen van VWS ten behoeve van een bijdrage aan het Financial Intermediary Fund for Pandemic Prevention, Preparedness and Response (FIF/PPR).

Verwachte eindejaarsmarge

Binnen de HGIS verwacht een aantal departementen lagere uitgaven dan geraamd. De belangrijkste mutaties doen zich voor op de begrotingen van Buitenlandse Zaken en BHOS. Dit wordt via de HGIS-eindejaarsmarge opgevraagd in de volgende jaren.

Oekraïne

Het kabinet heeft besloten 162 mln. bij te dragen aan het voorbereiden van Oekraïne op de aankomende winter (winterization) voor de borging van elektriciteit en warmte voor bedrijven en huishoudens. Verder bevat deze post een herschikking van de generale middelen die Defensie vanuit het BIV heralloceert naar de artikelen op het Defensiematerieelbegrotingsfonds van waaruit de bijdrage van militaire goederen aan Oekraïne zijn verstrekt.

Desalderingen

De ontvangsten nemen per saldo toe met 23,7 mln. Dit is met name het gevolg van extra ontvangsten op de begroting van BHOS op het gebied van Dutch Trade and Investment Fund en programma's op het gebied van internationaal ondernemen.

Niet-plafondrelevant

Oekraïne – defensie

Defensie heeft steun verleend aan Oekraïne door het leveren van militaire goederen. Voor zover de leveringen uit eigen (operationele) voorraad hebben plaatsgevonden, is de vervangingswaarde geraamd en is er een inschatting gemaakt van het moment waarop vervanging plaats kan vinden. Verder draagt Defensie 100 miljoen euro bij aan het initiatief van het Verenigd Koninkrijk tot de oprichting van het ‘International Fund for Ukraine’ (IFU) Het IFU is bedoeld voor het gezamenlijk aanschaffen van (zwaar) Defensiematerieel ter ondersteuning van Oekraïne. Met gezamenlijke inkoop kan een voorrangspositie worden afgedwongen bij wapenleveranciers, waardoor snelle levering kan plaatsvinden aan de Oekraïense krijgsmacht.

Ontvangsten

Technische mutaties

Desalderingen

De ontvangsten nemen per saldo toe met 23,7 mln. Dit is met name het gevolg van extra ontvangsten op de begroting van BHOS op het gebied van Dutch Trade and Investment Fund en programma's op het gebied van internationaal ondernemen.

Niet-plafondrelevant

Diversen

Dit bevat een mutatie die voortkomt uit wijzigingen in de aflossingsschema’s van de NIO-leningen. Hierdoor is de ontvangstenraming bijgewerkt. Het effect op de gehele looptijd is nihil.

Bijlage 2: Overzicht energiemaatregelen

Tabel 1 Energiesteun

In miljoenen euro (excl. HGIS)

2022

2023

Tussenvariant prijsplafond van 1 november tot 1 januari

3.154

0

Tijdelijk Prijsplafond

0

9.748

Voorschot Prijsplafond

1.452

0

Prijsplafond Caribisch Nederland*

0

15

TEK*

0

1.700

Uitvoeringskosten TEK en Prijsplafond*

1

60

BMKB- Groen

7,7

0

Dekking Energiebelasting

0

‒ 5.400

Solidariteitsheffing

‒ 3.234

0

Inframarginale heffing

0

PM

* Een deel van de kosten lopen door in 2024

  

Tussenvariant prijsplafond van 1 november tot 1 januari

Voor de periode tot 1 januari 2023 (november en december van dit jaar) is een tussenvariant uitgewerkt waarbij een prijsplafond wordt gesimuleerd. Zo zien huishoudens al begin deze winter direct effect van het prijsplafond. Kleinverbruikers ontvangen in deze maanden via de energieleveranciers een tegemoetkoming van 190 euro als korting op de energierekening. Voor deze tegemoetkoming ontvangen de energieleveranciers een eenmalige subsidie met een budgettair beslag van in totaal 3,2 miljard euro.

Tijdelijk prijsplafond

Met het prijsplafond beoogt het kabinet kleinverbruikers van energie meer zekerheid te bieden over de ontwikkeling van hun energierekening. Zoals aangegeven in de Kamerbrief van 4 oktober stelt het kabinet een plafondtarief in voor elektriciteit (0,40 euro/kWh) en gas (1,45 euro/m3 ). De volumegrenzen voor gas en elektriciteit komen op respectievelijk 1.200 m3 gas en 2.900 kWh elektriciteit. Voor het totaal van de uitgaven voor het prijsplafond worden vooralsnog dezelfde uitgangspunten gehanteerd als in de Miljoenennota. Op basis van deze energieprijzen is het budgettaire beslag van het prijsplafond circa 11,2 miljard euro.

Voorschot prijsplafondDe subsidies aan de energieleveranciers in het kader van het prijsplafond 2023 dienen al in 2022 verstrekt te worden. Ook zal op deze subsidies een eerste voorschot verstrekt worden om de uitgaven die de energieleveranciers in januari gaan maken te dekken. Deze voorschotten worden betaald uit de 11,2 miljard euro. Dit betekent dat in 2023 nog 9,7 miljard euro aan het prijsplafond kan worden uitgegeven. Deze raming is nadrukkelijk een voorlopige, waarbij de feitelijke uitgaven hoger of lager zullen uitvallen afhankelijk van de prijsontwikkeling van de energieprijzen. Het kabinet zal uiterlijk bij Voorjaarsnota 2023 deze raming herijken op basis van de op dat moment bekende inzichten over de feitelijke kosten.

Prijsplafond Caribisch NederlandNet zoals in Europees Nederland is de energierekening in Caribisch Nederland hard gestegen. Vanwege de andere marktsituatie in Caribisch Nederland is een maatwerkregeling opgesteld zoals voor het prijsplafond voor energie in Europees Nederland. De regeling kent twee delen. Ten eerst worden de vaste kosten van het netbeheer naar een nultarief teruggebracht. Hiermee worden de huishoudens met een laag verbruik (waaronder huishoudens in energiearmoede) effectief bereikt. Ten tweede wordt voor het variabele tarief een maatregel getroffen. Vanwege de monopoliepositie van de elektriciteitsbedrijven is het van belang hierbij een prikkel te behouden om kosten en verbruik te beperken. Daarom wordt bij de eindgebruikers 50% van het variabele tarief gedekt, voor zover dit tarief boven USD 0,38 per kWh uitkomt. Met dit pakket is een investering van in totaal 15 miljoen euro gemoeid.

TEK

Met de TEK neemt de overheid een deel van de gestegen energiekosten van het energie-intensieve mkb over. De TEK-regeling dient nadrukkelijk als een tijdelijke tegemoetkoming tot eind 2023 en biedt gerichte steun aan het mkb én zorgt dat het blijft lonen om te verduurzamen. Met behulp van deze tegemoetkoming krijgt het energie-intensieve mkb meer lucht om haar bedrijfsmodel toekomstbestendig te maken.

De tegemoetkoming die een energie-intensieve mkb’er kan aanvragen zal bestaan uit 50% van de kostenstijging boven de zogenoemde drempelprijs. De tegemoetkoming wordt berekend over de kostenstijging van het gehele energieverbruik tot een maximum van 160.000 euro per onderneming.

In de Kamerbrief van 14 oktober werd het benodigde budget voor de TEK initieel geraamd op 1,6 tot 3,1 miljard euro. In de Nota van Wijziging van EZK voor 2023 wordt de TEK geraamd op 1,7 mld. vanwege de aanpassing van de energie-intensiteit van 12,5% naar 7% en het vervallen van de verbruiksdrempels van 5.000 m³ of 50.000 kWh. 

Uitvoeringskosten TEK en PrijsplafondDe regeling Tegemoetkoming Energiekosten (TEK) voor energie-intensief mkb, zoals aangekondigd in de Kamerbrief van 14 oktober 2022 (Kamerstuk 32 637, nr. 507), wordt ontwikkeld in nauwe samenwerking met de uitvoerder van de regeling, de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO). De globale raming van de kosten van de RVO.nl als bijdrage bij de ontwikkeling en vervolgens uitvoering van de regeling is 38,7 miljoen euro in 2023 en 19,0 miljoen euro in 2024. Het gaat hierbij met name om kosten van ICT, financieel beheer, juridische ondersteuning, communicatie en de afhandeling van aanvragen.

De uitvoering van zowel de Tegemoetkoming energieprijzen 2022 als de subsidieregeling Tijdelijk prijsplafond energie voor kleinverbruikers brengt kosten met zich mee voor RVO.nl.

BMKB-Groen

De TEK kan in Q2 2023 van start gaan. In de tussentijd wil het kabinet mkb’ers de kans geven om onder gunstige voorwaarden te verduurzamen. Daarvoor is de provisiestructuur van de BMKB-groen verlaagd. Voor de BMKB-Groen wordt er een begrotingsreserve gevormd te worden van 15,2 miljoen euro. EZK dekt dit specifiek. Er was al een reserve van 7,5 miljoen euro en voor de provisieverlaging is 7,7 miljoen euro aanvullend in deze reservering gestort. Als de uitgaven hoger uitvallen dan de raming, zullen deze worden gecompenseerd uit de risicovoorziening. De storting in de reserve wordt gedekt binnen de EZK begroting.

Dekking uit energiebelasting

In de Miljoenennota 2023 is een voorstel opgenomen voor verlaging van de energiebelasting met 5,4 miljard euro om huishoudens tegemoet te komen voor de hoge energieprijzen. Het kabinet heeft nadien besloten een prijsplafond voor elektriciteit en gas voor kleinverbruikers in te voeren. Als dekking hiervoor wordt de voorgestelde verlaging van de energiebelasting teruggedraaid.

Dekking uit solidariteitsheffing (netto)

De solidariteitsbijdrage zal worden geheven over overwinsten in de fossiele sector in 2022. Vrijwel alle opbrengsten zullen uit de gassector komen. In deze sector is EBN (beleidsdeelneming EZK) actief als minderheidsaandeelhouder in vrijwel alle gaswinningsprojecten.

In het APB-pakket is de maatregel opgenomen met een netto-opbrengst van 1,5 miljard euro. Volgens de huidige inzichten levert deze regeling 3,2 miljard euro op vanuit de bijdrage van private bedrijven en 3,2 miljard euro vanuit EBN. De raming is hoger doordat de heffing ook ziet op de Norg-vergoeding en een herwaardering van het werkgas in Norg. Deze raming ligt nu ter certificering voor bij het CPB. Bij het inkomstenkader wordt de bijdrage van EBN als vestzak-broekzak gezien en wordt alleen de bijdrage uit de private sector ingeboekt. In de inkomstenraming worden de volledige ontvangsten meegenomen. Voor de uitgavenkant is de 3,2 miljard euro die EBN bijdraagt relevant omdat het naar verwachting direct door vertaalt naar 3,2 miljard minder dividend. Hiervoor zal het plafond eenmalig gecorrigeerd worden in het voorjaar. De verwachting is dat de heffing in de kas binnenkomt in 2024, of EBN hier eerder al een voorziening voor opneemt en dividend inhoudt is nog niet duidelijk.

Tabel 2 Opbrengst Solidariteitsheffing

+ is saldoverbeterend, in miljarden euro's

2022

Bruto opbrengst

6,4

Lager dividend EBN

3,2

Netto opbrengst

3,2

Dekking uit inframarginale heffing

Op de elektriciteitsmarkt wordt de prijs die een producent ontvangt bepaald door de elektriciteitsproducent met de hoogste marginale kosten die op dat moment bij een gegeven vraag naar elektriciteit aan de beurt komt in de merit order. De merit order is de rangschikking van elektriciteitsproducenten met lage marginale kosten (zon, wind en nucleair) naar hoge marginale kosten (oude gascentrales). Doordat op veel momenten van de dag gascentrales de prijszetter zijn in de elektriciteitsmarkt en deze door de hoge gasprijzen hoge kosten hebben worden er door producenten met lagere kosten grote winsten gemaakt. Door opbrengsten van elektriciteitsproducenten boven een bepaald bedrag per Megawattuur (de cap) af te romen kan een deel van de overwinsten door de overheid worden afgeroomd.

Er liggen nog fundamentele keuzes voor waardoor de budgettaire opbrengst nog niet kan worden geraamd. Deze keuzes betreffen onder meer de hoogte van de cap, de ingangsdatum, of de cap per uur, dag of maand geldt en welke types elektriciteitsproducenten onder de heffing moeten gaan vallen.

Bijlage 3: Coronagerelateerde uitgavenmaatregelen

Het kabinet heeft besloten dat het reguliere uitgavenplafond niet geldt voor de uitgaven aan noodmaatregelen. Dit betekent dat de extra uitgaven niet ten koste gaan van andere uitgaven, maar dat ze zorgen voor een verslechtering van het EMU-saldo en een verhoging van de EMU-schuld.

De raming van het budgettair beslag van veel noodmaatregelen is met onzekerheid omgeven en hangt sterk af van het uiteindelijke beroep op bepaalde regelingen. Omdat de noodmaatregelen in de praktijk buiten het uitgavenplafond vallen, leiden lagere uitgaven niet tot ruimte voor nieuwe maatregelen. Omgekeerd leidt een hoger dan verwacht gebruik van deze regelingen niet tot problematiek onder de uitgavenplafonds.

In deze Najaarsnota zijn er een aantal bijstellingen verwerkt op de steunmaatregelen. Tabel 3.1 geeft een overzicht van de grootste bijstellingen die zijn verwerkt sinds Miljoenennota 2023. Het gaat om ramingsbijstellingen op basis van realisaties en uitvoeringsinformatie.

De uitgaven aan corona in 2022 zijn per saldo met 2,1 miljard euro neerwaarts bijgesteld.

Tabel 3.1 Bijstellingen EMU-relevante uitgaven

(in miljoenen euro)

2022

Stand Miljoenennota 2023

15.329

Testcapaciteit RIVM en GGD

‒ 784

Diversen Zorg

‒ 396

TVL

‒ 300

Vaccin ontwikkeling en medicatie

‒ 138

GGD'en en veiligheidsregio's

‒ 55

Nationaal Programma Onderwijs

‒ 51

Beschikbaarheidsvergoeding OV

‒ 32

Diversen

‒ 388

Stand Najaarsnota 2022

13.186

Tabellen 3.2 en 3.3 geven een actueel overzicht van de coronagerelateerde uitgavenmaatregelen waarvoor het reguliere uitgavenplafond niet geldt. Een uitgebreider overzicht van de overheidsfinanciën in coronatijd is ook terug te vinden op www.rijksfinancien.nl/overheidsfinancien-coronatijd.

In tabel 3.2 zijn alle EMU-relevante uitgaven opgenomen. Voor 2022 zijn de uitgaven geraamd op 13,2 miljard euro.

Tabel 3.2 EMU-relevante uitgaven

(in miljoenen euro)

2022

Koninkrijksrelaties en BES fonds

‒ 4

Justitie en Veiligheid

72

Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties

92

Onderwijs, Cultuur en Wetenschap

4.206

Nationaal Programma Onderwijs

3.752

Diversen

454

Financiën en Nationale Schuld

434

Defensie

22

Infrastructuur en Waterstaat

1.033

Beschikbaarheidsvergoeding OV

990

Diversen

43

Economische Zaken en Klimaat

4.086

TVL

3.229

Diversen

857

Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit

155

Sociale Zaken en Werkgelegenheid

‒ 2.483

NOW

‒ 2.718

Diversen

235

Volksgezondheid, Welzijn en Sport

4.983

GGD'en en veiligheidsregio's

1.879

Vaccin ontwikkeling en medicatie

1.485

Testcapaciteit RIVM en GGD

761

Diversen Zorg

760

Aanschaf en distributie medische beschermingsmiddelen

79

Zorgbonus

19

Gemeentefonds

549

Provinciefonds

1

Reserveringen Aanvullende post

40

Totale EMU-relevante uitgaven

13.186

Naast de EMU-relevante corona uitgaven zijn er ook uitgaven die niet EMU-relevant zijn. Dit zijn leningen waarvan de verwachting is dat deze (vrijwel volledig) op een later moment worden terugbetaald. In tabel 3.3 is een overzicht opgenomen van de niet EMU-relevante uitgaven.

Tabel 3.3 Niet EMU-relevante uitgaven

(in miljoenen euro)

2022

Koninkrijksrelaties en BES fonds

41

Liquiditeitssteun Aruba, Curaçao, Sint Maarten

41

Onderwijs, Cultuur en Wetenschap

5

Nationaal Programma Onderwijs

5

Financiën en Nationale Schuld

446

Lening KLM

446

Economische Zaken en Klimaat

‒ 46

Leningen

4

Voucherkredietfaciliteit reissector

‒ 50

Volksgezondheid, Welzijn en Sport

1

Verlaging invorderingsrente Zorgtoeslag

1

Totale niet EMU-relevante uitgaven

447

Bijlage 4: Uitgavenoverzicht Oekraïne

Tabel 4.1 Oekraïne middelen

in miljoenen euro

2022

N

G

S

     

Buitenlandse Zaken (incl. ontwikkelingssamenwerking)

271,4

   

Humanitaire uitgaven Oekraïne

49,5

  

x

Mensenrechtenorganisaties

3,5

 

x

x

Oekraïne veiligheidsdiensten

0,5

 

x

 

Ukraine Accountability Conference

5,7

  

x

Humanitaire ontmijning

10,0

  

x

Steun bedrijfsleven Oekraïne

15,0

  

x

UNFPA Gezondheidszorg vrouwen

2,0

  

x

Stedenbanden VNG

1,0

  

x

EBRD Technische steun

2,5

  

x

MATRA-programma

2,0

  

x

NAVO Trust Fund

17,7

  

x

Trustfund Wereldbank

162,0

 

x

 
     

Justitie en Veiligheid

755,5

   

Gemeentelijke en particuliere opvang

500,0

x

  

Gereedmaken Rijksvastgoed voor opvang

6,4

x

  

Subsidies NGO's

34,0

x

  

Directoraat Generaal Oekraïne en Nationale Opvangorganisatie (NOO)

9,1

x

  

Regeling Medische zorg Ontheemden

102,2

x

  

Tolken

1,6

x

  

Veiligheidsregio's en GGD'en

95,2

x

  

Uitvoeringskosten IND

7,0

x

  
     

Financiën

199,5

   

Convertibiliteit Oekraïense hryvnia

0,5

x

  

Financiële steun Oekraïne via Wereldbank

0,0

 

x

 

Lening aan Oekraïne via IMF

200,0

x

  

Premieontvangsten garantie Gasunie

‒ 1,0

 

x

 
     

Binnenlandse Zaken

107,7

   

Verkenning tijdelijke uitvoeringsorganisatie

2,0

  

x

Taskforce versnelling tijdelijke huisvesting

4,0

x

  

Realisatie van extra woningen

100,0

  

x

Uitvoeringskosten Rijksvastgoedbedrijf opvang

1,2

 

x

 

Basisregistratie Personen (BRP)

0,5

x

  
     

Onderwijs, Cultuur en Wetenschap

611,0

   

Ambulante begeleiding

3,0

 

x

 

Faciliteren toelatingsexamens

0,3

x

  

Leerlingenvervoer

22,0

 

x

 

Nieuwkomersonderwijs

198,3

 

x

 

Ondersteuning en uitvoering LOWAN

0,6

 

x

 

Tijdelijke compensatie Oekraïense studenten

0,6

x

  

Tijdelijke onderwijshuisvesting

386,2

x

  
     

Defensie

160,9

   

Levering militaire goederen

60,9

 

x

 

International Fund for Ukraine (IFU)

100,0

x

  
     

Economische Zaken en Klimaat

2.300,0

   

Gasopslag Bergermeer ¹

2.300,0

x

  
     

Sociale Zaken en Werkgelegenheid

3,1

   

Werktijdverkorting

0,0

 

x

 

Kindregelingen

3,1

 

x

 
     

Volksgezondheid, Welzijn en Sport

51,1

   

Meerkostenregeling gemeentelijke zorg

25,5

 

x

 

Transport medische evacuees

0,6

 

x

 

Zorg aan onverzekerden (SOV)

25,0

 

x

 
     

Totaal

4.460,2

   

¹ Dit betreft een lening aan beleidsdeelneming EBN die volgend jaar met rente terugbetaald zal worden.

    

Buitenlandse Zaken (incl. ontwikkelingssamenwerking)

Het Ministerie van Buitenlandse Zaken levert op verschillende manieren humanitaire hulp aan Oekraïne, onder andere via de Verenigde Naties. Daarnaast zijn er bijdragen geleverd aan hulporganisaties, zoals het Nederlandse Rode Kruis. Ook is ondersteuning geleverd aan mensenrechtenorganisaties en veiligheidsdiensten in Oekraïne. Hiervoor is in totaal 4 miljoen euro beschikbaar gesteld. Het Ministerie van Buitenlandse Zaken heeft op 14 juli 2022 de Ukraine Accountability Conference in Den Haag georganiseerd, in samenwerking met het Internationaal Strafhof en de Europese Commissie.

Vanuit de begroting van Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking is 10 miljoen euro vrijgemaakt voor humanitaire ontmijning. Ter ondersteuning van de economie van Oekraïne is in totaal 65 miljoen euro vrijgemaakt voor het herstel en wederopbouw van infrastructuur en het bedrijfsleven. Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking heeft verschillende bijdragen gedaan. Het gaat om 2 miljoen euro voor gezondheidszorg, 2,5 miljoen euro voor de European Bank for Reconstruction and Development (EBRD) en 1 miljoen euro voor technische steun en wederopbouw van de gemeenten Kherson, Odessa en Mykolaiv.

Daarnaast heeft BHOS 17,7 miljoen euro bijgedragen aan het NAVO Ukraine Comprehensive Assistance Package Trust Fund voor steun aan Oekraïne. Ook wordt 2 miljoen euro ingezet voor ondersteuning van projecten in Oekraïne via het MATRA-programma om de rechtstaat van Oekraïne te versterken. Tot slot heeft het kabinet besloten om 162 miljoen euro bij te dragen aan het speciaal opgerichte trustfund voor Oekraïne van de Wereldbank. Hiermee draagt het kabinet bij aan het voorbereiden van Oekraïne op de aankomende winter (winterization) door de borging van elektriciteit en warmte voor bedrijven en huishoudens.

Justitie en Veiligheid

Gemeenten worden gecompenseerd voor de realisatie van noodopvangplekken en verstrekkingen aan ontheemden. In 2022 zijn hiervoor fors meer voorschotten dan verwacht aangevraagd. Dit leidt tot meer uitgaven in 2022 van 350 miljoen euro. De definitieve bijdrage aan de gemeenten wordt middels nacalculatie op basis van de daadwerkelijke kosten bepaald.

Het Rijksvastgoedbedrijf (RVB) stelt in overleg met gemeenten bestaand Rijksvastgoed beschikbaar voor de tijdelijke noodopvang van ontheemden uit Oekraïne. Voor de ondersteuning van de opvang van Oekraïense ontheemden is de hulp ingeroepen van verschillende NGO’s. Zo is Vluchtelingenwerk Nederland door JenV gevraagd om het particuliere hulpaanbod te coördineren en te faciliteren.

Er is besloten tot oprichting van het Directoraat Generaal Oekraïne (DG OEK) en de Nationale Opvang Organisatie (NOO). DG OEK is belast met beleidscoördinatie, ondersteuning en planvorming ten behoeve van de opvang van Oekraïense ontheemden. De NOO heeft als taak om bij te dragen aan het realiseren van voldoende opvanglocaties en het beschikbaar stellen van de benodigde basisvoorzieningen. De Europese Richtlijn Tijdelijke Bescherming geeft Oekraïense ontheemden recht op medische zorg. Daartoe is de Regeling Medische zorg Ontheemden (RMO) ontworpen, analoog aan de Regeling Medische zorg Asielzoekers van het COA. Hiervoor is in 2022 en in 2023 respectievelijk 102 en 99 miljoen euro geraamd.

De wet verplicht zorgverleners om begrijpelijk te communiceren met patiënten. Dat betekent dat bij een taalbarrière een professionele talentolk moet worden ingezet. Voor de bedrijfsvoering en kosten voor GGD en veiligheidsregio’s en gemeenten met een coördinerende taak is een regeling gemaakt. Het gaat om kosten die bij reguliere asielzoekers via COA worden gefinancierd. De Immigratie- en Naturalisatiedienst (IND) heeft hogere uitvoeringslasten als gevolg van inkomende Oekraïense ontheemden. In navolging van de Richtlijn Tijdelijke Bescherming Oekraïne worden o.a. de identiteitsdocumenten van Oekraïense ontheemden door de IND voorzien van een sticker die de beschermde status weergeeft.

Financiën

Voor Oekraïense ontheemden is het mogelijk gemaakt contante hryvnia’s (Oekraïnse valuta) in te wisselen voor euro’s. De kosten hiervoor worden geraamd op 0,45 miljoen euro. Aan Oekraïne wordt begrotingssteun verleend via een garantie voor de Wereldbank zodat de Oekraïense overheid de publieke sector kan blijven financieren. De reeks is 0 omdat er voor de steun geen kasuitgaven worden verwacht. Nederland heeft een bilaterale lening van 200 miljoen euro aan Oekraïne verstrekt via een speciale kredietlijn van het Internationaal Monetair Fonds (IMF). Deze begrotingssteun zal een bijdrage leveren aan Oekraïense inspanningen om de dagelijkse uitgaven te financieren en daarmee de economie draaiende te houden.

Binnenlandse Zaken

Voor de doorstroming van Oekraïense ontheemden van noodopvang naar reguliere huisvesting zijn op korte termijn extra woningen nodig. Na een verkenning is besloten om voor deze opgave tot eind 2023 een taskforce versnelling tijdelijke huisvesting op te richten, waarvoor in totaal 12 miljoen euro beschikbaar is gesteld, waarvan 4 miljoen euro in 2022.

Om woningen te realiseren is in lijn met het programma «Een thuis voor iedereen» en het Woningbouwprogramma vanuit de middelen voor de Woningbouwimpuls 100 miljoen euro versneld ingezet voor de transformatie van bestaande gebouwen en de bouw van nieuwe flexwoningen. Op basis van het aantal ontheemden dat langer in Nederland verblijft (peildatum 1 januari 2024), worden deze kosten op een later moment (deels) generaal gecompenseerd. Een deel van deze woningen zal beschikbaar komen voor andere doelgroepen zodat verdringing zoveel mogelijk wordt voorkomen.

Aan het Rijksvastgoedbedrijf zijn middelen beschikbaar gesteld ten behoeve van projectleiding en juridische/contractuele werkzaamheden. De Rijkdienst voor Identiteitsgegevens heeft een bijdrage ontvangen voor haar werkzaamheden in verband met het registreren van ontheemden uit Oekraïne in de Basisregistratie Personen (BRP).

Onderwijs, Cultuur en Wetenschap

Om Oekraïense vluchtelingen onderwijs te kunnen bieden, is de reguliere nieuwkomersbekostiging uitgebreid zodat ook Oekraïense leerlingen onder de definitie vallen. Via LOWAN (de door OCW gesubsidieerde ondersteuningsorganisatie voor het nieuwkomersonderwijs) worden scholen ondersteund om kinderen uit Oekraïne zo snel mogelijk les te kunnen geven. Tevens wordt budget beschikbaar gesteld aan gemeenten voor leerlingenvervoer en tijdelijke onderwijshuisvesting.

Defensie

Defensie verleent steun aan Oekraïne door het leveren van militaire goederen. Hier is bij Najaarsnota 11 miljoen euro aan toegevoegd. Voor zover de leveringen uit eigen (operationele) voorraad hebben plaatsgevonden, is de vervangingswaarde geraamd en is er een inschatting gemaakt van het moment waarop vervanging plaats kan vinden.

Defensie draagt 100 miljoen euro bij aan het Initiatief van het VK tot oprichting van het ‘International Fund for Ukraine’ (IFU). Het IFU is bedoeld voor het gezamenlijk aanschaffen van (zwaar) Defensiematerieel ter ondersteuning van Oekraïne. Met gezamenlijke inkoop kan een voorrangspositie worden afgedwongen bij wapenleveranciers, waardoor snelle levering kan plaatsvinden aan de Oekraïense krijgsmacht.

Economische Zaken en Klimaat

Voor de leveringszekerheid is het van belang dat de gasopslagen goed gevuld zijn. Het kabinet heeft een subsidieregeling voor marktpartijen opengesteld voor het vullen van de gasopslag in Bergermeer. Daarnaast heeft het kabinet voor de resterende vulbehoefte, die niet wordt gevuld door marktpartijen, Energie Beheer Nederland (EBN) aangewezen als partij om gas op te slaan in Bergermeer. De uiteindelijke kosten worden in de loop van volgend jaar vastgesteld. De vastgestelde kosten zullen via een opslag op de heffing voor gebruikers van het Nederlandse gastransportnet van Gasunie worden teruggevraagd.

Sociale Zaken en Werkgelegenheid

Door de oorlog in Oekraïne konden mogelijk meer bedrijven aanspraak maken op de regeling werktijdverkorting. Hiervoor is bij de eerste suppletoire begroting 2022 budget toegevoegd aan de begroting van het Ministerie van SZW. Het blijkt echter dat het gebruik van de regeling werktijdverkorting niet is toegenomen. Het budget is daarom weer volledig afgeboekt. De uitgaven aan de kindregelingen voor Oekraïense ontheemden worden in 2022 op 3 miljoen euro ingeschat. Het gebruik door Oekraïense ontheemden van de kinderopvangtoeslag, het kindgebonden budget en de kinderbijslag is aanzienlijk lager dan eerder werd ingeschat.

Volksgezondheid, Welzijn en Sport

Het kabinet compenseert gemeenten voor extra kosten die zij maken in het sociaal domein voor Oekraïense ontheemden. Er wordt hiervoor 25,5 miljoen euro uitgekeerd aan gemeenten voor 2022. Verder is er 15 miljoen euro aan middelen gereserveerd voor 2023 op basis van een raming van 75.000 ontheemden in Q1 en Q2 van 2023.

Er is besloten tot het medisch evacueren van Oekraïense ontheemden uit ziekenhuizen in buurlanden van Oekraïne. De kosten hiervan vallen in 2022 lager uit als gevolg van het feit dat minder medische evacuaties hebben plaatsgevonden dan oorspronkelijk was geraamd. De coördinatie en organisatie rondom de zorg voor Oekraïense ontheemden wordt aan Nederlandse zijde uitgevoerd door het Landelijk Coördinatiecentrum Patiënten Spreiding (LCPS), onderdeel van het Landelijk Netwerk Acute Zorg (LNAZ).

Ontheemden uit Oekraïne die naar Nederland kwamen waren eerst onverzekerd voor medisch noodzakelijke zorg en maakten daarom gebruik van de subsidieregeling medisch noodzakelijke zorg voor onverzekerden (SOV). Het kabinet heeft besloten de uitgaven voor deze ontheemden generaal te compenseren tot en met het tweede kwartaal van 2023 en raamt het budgettaire beslag hiervan op 25 miljoen euro in 2022. Ook voor 2023 is 5 miljoen euro voor de SOV (ten behoeve van Oekraïense ontheemden) geraamd. De zorgkosten lopen inmiddels via de Regeling Medische zorg voor Ontheemden uit Oekraïne (RMO), maar dit kan pas nadat ontheemden geregistreerd zijn in de Basisregistratie Personen.

Bijlage 5: Volledige belasting- en premieontvangsten

Tabellen 5.1 en 5.2 laten de volledig uitgesplitste raming van de belasting- en premieontvangsten van de Miljoenennota 2023 en de Najaarsnota 2022 zien, respectievelijk op EMU-basis en op kasbasis. Tabel 5.2 bevat op de laatste regels de aansluiting naar de totaalraming op EMU-basis.

Tabel 5.1 Belasting- en premieontvangsten 2022 op EMU-basis
 

MN2023

NJN2022

Verschil

Indirecte belastingen

105.932

104.572

‒ 1.359

Invoerrechten

4.636

4.988

352

Omzetbelasting

72.698

71.854

‒ 845

Belasting op personenauto's en motorrijwielen

1.505

1.414

‒ 91

Accijnzen

11.156

10.870

‒ 286

- Accijns van lichte olie

3.697

3.516

‒ 181

- Accijns van minerale oliën, anders dan lichte olie

3.291

3.171

‒ 121

- Tabaksaccijns

2.975

2.975

0

- Alcoholaccijns

384

384

0

- Bieraccijns

453

468

15

- Wijnaccijns

356

356

0

Overdrachtsbelasting

4.985

4.558

‒ 426

Assurantiebelasting

3.420

3.450

30

Motorrijtuigenbelasting

4.325

4.366

40

Belastingen op een milieugrondslag

1.470

1.180

‒ 291

- co2-heffing

0

0

0

- Afvalstoffenbelasting

249

239

‒ 10

- Energiebelasting

721

450

‒ 271

- Waterbelasting

331

321

‒ 10

- Brandstoffenheffingen

1

1

0

- Vliegbelasting

169

169

0

Verbruiksbelasting van alcoholvrije dranken e.a.

261

275

14

Belasting op zware motorrijtuigen

221

221

0

Verhuurderheffing

784

925

141

Bankbelasting

470

472

2

    

Directe belastingen

126.195

130.117

3.922

Inkomstenbelasting

10.295

8.687

‒ 1.609

Loonbelasting

68.634

68.144

‒ 490

Dividendbelasting

5.609

5.209

‒ 400

Kansspelbelasting

804

768

‒ 35

Vennootschapsbelasting

38.274

38.452

178

Bronbelasting op rente en royalty's

27

22

‒ 5

Schenk- en erfbelasting

2.552

2.402

‒ 150

Solidariteitsbijdrage

0

6.433

6.433

    

Overige belastingontvangsten

289

319

30

    

Totaal belastingen

232.416

235.009

2.593

    

Premies volksverzekeringen

39.805

40.288

483

Premies werknemersverzekeringen

76.958

76.958

0

waarvan zorgpremies

47.652

47.652

0

    

Totaal belasting- en premieontvangsten

349.180

352.255

3.076

Tabel 5.2 Belasting- en premieontvangsten 2022 op kasbasis
 

MN2023

NJN2022

Verschil

Indirecte belastingen

104.708

103.409

‒ 1.299

Invoerrechten

4.562

4.912

350

Omzetbelasting

71.680

70.678

‒ 1.002

Belasting op personenauto's en motorrijwielen

1.508

1.288

‒ 220

Accijnzen

11.180

10.955

‒ 225

- Accijns van lichte olie

3.719

3.599

‒ 120

- Accijns van minerale oliën, anders dan lichte olie

3.325

3.205

‒ 120

- Tabaksaccijns

2.947

2.947

0

- Alcoholaccijns

386

386

0

- Bieraccijns

451

466

15

- Wijnaccijns

352

352

0

Overdrachtsbelasting

4.675

4.425

‒ 250

Assurantiebelasting

3.391

3.421

30

Motorrijtuigenbelasting

4.277

4.357

80

Belastingen op een milieugrondslag

1.712

1.492

‒ 220

- co2-heffing

0

0

0

- Afvalstoffenbelasting

255

245

‒ 10

- Energiebelasting

975

775

‒ 200

- Waterbelasting

328

318

‒ 10

- Brandstoffenheffingen

1

1

0

- Vliegbelasting

153

153

0

Verbruiksbelasting van alcoholvrije dranken e.a.

254

269

15

Belasting op zware motorrijtuigen

216

216

0

Verhuurderheffing

783

924

141

Bankbelasting

470

472

2

    

Directe belastingen en premies volksverzekeringen

126.044

123.549

‒ 2.495

Inkomstenbelasting

10.371

8.762

‒ 1.609

Loonbelasting

68.334

67.839

‒ 494

Dividendbelasting

5.609

5.209

‒ 400

Kansspelbelasting

775

760

‒ 15

Vennootschapsbelasting

38.352

38.530

178

Bronbelasting op rente en royalty's

51

46

‒ 5

Schenk- en erfbelasting

2.552

2.402

‒ 150

Solidariteitsbijdrage

0

0

0

    

Overige belastingontvangsten

294

324

30

    

Totaal belastingen op kasbasis

231.046

227.282

‒ 3.764

    

Premies volksverzekeringen

39.668

40.148

480

Premies werknemersverzekeringen

77.183

77.183

0

    

Aansluiting naar EMU (KTV)

1.282

7.643

6.360

    

Totaal belasting- en premieontvangsten op EMU-basis

349.180

352.255

3.076

Bijlage 6: Coalitieakkoordmiddelen op de Aanvullende Post

Tabel 6.1 toont alle budgettaire mutaties die hebben plaatsgevonden op coalitieakkoordmiddelen op de Aanvullende Post sinds de Miljoenennota 2023. Het gaat uitsluitend om het afboeken van 5,5 miljoen euro op de middelen voor de Lelylijn en 2,9 miljoen euro op de middelen voor Werk aan Uitvoering.

Tabel 6.1 Onderuitputting coalitieakkoordmiddelen op de Aanvullende Post

in miljoenen euro

2022

2023

2024

2025

2026

2027

       

Totaal

4.551

13.909

15.060

18.190

15.006

14.022

       

Opgevraagd bij Voorjaarsnota

4.125

9.633

10.266

10.401

7.944

7.391

       

Opgevraagd bij Miljoenennota

418

4.276

4.794

7.789

7.062

6.631

       

Onderuitputting bij Najaarsnota

8

0

0

0

0

0

       

Sociale Zekerheid

0

0

0

0

0

0

       

Zorg

0

0

0

0

0

0

       

Gemeentefonds en Provinciefonds

0

0

0

0

0

0

       

Onderwijs, Cultuur en Wetenschap

0

0

0

0

0

0

       

Justitie en Veiligheid

0

0

0

0

0

0

       

Infrastructuur en Waterstaat (incl. MF en DF)

6

0

0

0

0

0

Lelylijn

6

     
       

Economische Zaken en Klimaat

0

0

0

0

0

0

       

Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties

0

0

0

0

0

0

       

Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit

0

0

0

0

0

0

       

Diversen

3

0

0

0

0

0

Dienstverlening/WaU/ICT

3

     

Tabel 6.2 toont de huidige stand van de coalitieakkoordmiddelen op de Aanvullende Post. Wanneer een reeks op 0 staat zijn alle middelen overgeheveld vanaf de Aanvullende Post naar departementale begrotingen

Tabel 6.2 Resterende coalitieakkoordmiddelen op de Aanvullende Post

in miljoenen euro

2022

2023

2024

2025

2026

2027

       

Totaal Resterend

0

1.534

8.528

9.408

12.748

13.189

       

Sociale Zekerheid

0

22

369

687

703

729

Kinderopvang werkenden (uitvoeringskosten)

 

10

21

58

36

32

Envelop arbeidsmarkt, armoede en schulden

 

10

340

346

382

382

Bescherming arbeidsmigranten (cie. Roemer)

  

5

5

5

5

Loondoorbetaling bij ziekte

 

2

3

278

280

310

       

Zorg

0

475

1.415

1.277

1.353

1.089

Envelop pandemische paraatheid (o.a. ic-opschaling, leveringszekerheid)

 

44

164

200

242

238

Opleidingsakkoord: gerichte waardering zorgmedewerkers

 

20

50

50

30

 

Volksziektes: Onderzoek en aanpak Alzheimer, obesitas en kanker

  

3

4

  

Valpreventie bij 65-plussers (Wmo)

    

0

 

Valpreventie bij 65-plussers (Zvw)

 

5

    

Passende zorg als norm (enkel bewezen effectieve zorg) in Zvw

 

32

53

75

96

91

Standaardisatie gegevensuitwisseling

 

159

399

199

200

200

Juiste zorg op de juiste plek

 

216

408

408

408

408

Integraal Zorgakkoord

  

264

262

262

 

Meer tijd voor huisartsen

    

36

72

Eigen bijdrage huishoudelijke hulp

  

10

15

15

15

Dak- en thuislozen

  

65

65

65

65

       

Onderwijs, Cultuur en Wetenschap

0

97

399

506

474

472

Versterken onderwijskwaliteit (incl. verhogen maatschappelijke diensttijd)

  

7

7

7

24

Kansengelijkheid

 

32

341

431

437

438

Vervolgopleidingen/onderzoek

 

6

1

11

11

11

Invoering studiebeurs (afschaffen leenstelsel)

 

60

49

57

19

0

       

Gemeentefonds en Provinciefonds

0

102

1.341

838

367

300

Jeugd conform advies CvW met aanvullende maatregelen

  

1.265

758

367

300

Schrappen oploop opschalingskorting

  

5

   

Overige dossiers medeoverheden

 

102

71

80

  
       

Buitenlandse Zaken en Buitenlandse Handel & Ontwikkelingssamenwerking

0

0

0

0

0

0

       

Defensie (incl. DMF)

0

275

1.290

1.395

165

165

Defensie intensivering

 

210

1.075

1.080

100

100

Defensie onderhoud

 

65

215

315

65

65

       

Justitie en Veiligheid

0

0

0

0

0

0

       

Infrastructuur en Waterstaat (incl. MF en DF)

0

116

150

200

1.425

1.425

Infra onderhoud mobiliteitfonds

    

965

965

Infra onderhoud deltafonds

    

210

210

Lelylijn

 

16

50

100

250

250

Waterveiligheid (aanpak beekdalen Maas)

 

100

100

100

  
       

Economische Zaken en Klimaat

0

152

1.415

2.241

4.480

5.389

Uitvoeringskosten klimaat en planbureaus

 

2

3

3

28

28

Klimaat- en transitiefonds

 

150

1.348

2.159

4.328

5.223

Klimaatuitgaven

  

64

79

124

138

       

Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties

0

1

824

824

524

301

Woningbouwimpuls

 

0

223

223

223

1

Volkshuisvestingsfonds

 

1

1

1

1

 

Regiodeals

  

301

301

  

Vereenvoudigen huurtoeslag

  

300

300

300

300

       

Financiën

0

48

49

53

51

51

Voorziening laagdrempelige fiscale rechtshulp

 

9

10

14

14

14

Uitvoeringskosten Belastingdienst

 

39

39

39

37

37

       

Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit

0

182

1.192

1.306

3.120

3.175

NVWA

   

14

28

43

Transitiefonds

 

182

1.192

1.292

3.092

3.132

       

Diversen

0

63

84

81

86

92

Dienstverlening/Wau/ICT

 

63

84

81

86

92

Bijlage 7: Herstel toeslagen

Het kabinet zet zich in voor mensen die gedupeerd zijn door de problemen met toeslagen en voor de mensen bij wie onterecht geen «Minnelijke schuldregeling natuurlijke personen» (MSNP) is aangeboden. Om gedupeerden recht te doen is ruimhartige compensatie en (emotioneel) herstel cruciaal. Om een totaal overzicht te geven van alle kosten van het Toeslagenherstel laat het overzicht zowel de geraamde uitgaven als de geraamde gederfde inkomsten zien. Het totale bedrag dat beschikbaar is voor Toeslagenherstel is niet substantieel veranderd ten opzichte van het overzicht in de Miljoenennota 2023. Er hebben vanuit OCW en BZK twee wijzigingen in het budget voor de kwijtschelding van publieke schulden plaatsgevonden. Om de budgetten aan te laten sluiten bij het verwachte ritme van uitvoering wordt het budget nu netto met 120 miljoen euro naar beneden bijgesteld en om begrotingstechnische redenen zal het budget naar verwachting komend voorjaar weer worden opgehoogd. In tabel 7.1 is een uitsplitsing opgenomen van de beschikbare middelen per regeling.

Tabel 7.1 Uitgaven Herstel toeslagen 2022

(bedragen in miljoenen euro's)

2022

Totaal Toeslagenherstel 2022

1.121

  

Verwerkt in departementale begrotingen

1.121

Programma

881

w.v. compensatie

321

w.v. kindregeling

75

w.v. kwijtschelden publieke schulden (rijksbreed)

198

w.v. kwijtschelden private schulden (incl. uitvoering)

192

w.v. andere toeslagen

0

w.v. ex-partners

0

w.v. ondersteuning door gemeenten en VNG

36

w.v. ondersteuning rechtsbijstand

1

w.v. dwangsommen

42

w.v. ouders in het buitenland (incl. uitvoering)

7

w.v. uithuisplaatsingen kinderen (incl. uitvoering)

10

  

Apparaat

240

w.v. algemeen

230

w.v. overige regelingen

10

  

Reserveringen op AP

0

w.v. kwijtschelden publieke schulden (rijksbreed)

0

w.v. Ex-partnerregeling

0

w.v. AP reservering toeslagen/MSNP herstel

0

Bijlage 8: Groningen: schade en versterken

In de Voorjaarsnota 2021 is de raming voor de uitgaven aan schade en versterken in Groningen voor het eerst toegelicht. De raming is vervolgens bijgesteld in de Miljoenennota van 2022 en de Miljoenennota van 2023. Volgens deze laatste nota wordt tussen 2021 en 2028 in totaal circa 9,6 miljard euro uitgegeven aan de wettelijke taken voor de schadeafhandeling en versterkingsoperatie.

De totale raming van 9,6 miljard euro blijft vooralsnog ongewijzigd. Bij het opstellen van de ramingen zijn verschillende aannames gehanteerd, onder andere over het gemiddelde schadebedrag, de scope van de opgave, het gebruik en effect van de typologiebenadering en het verwachte aantal bewoners dat gebruik wil maken van een herbeoordeling. Het blijft een raming met onzekerheden, zo zijn bijvoorbeeld effecten van eventuele nieuwe zware aardbevingen niet in deze raming meegenomen. Bij Voorjaarsnota 2023 zal een meerjarige raming van de uitgaven voor de schadeafhandeling en de versterkingsoperatie opnieuw worden geactualiseerd.

In tabel 8.1 wordt op basis van de laatste uitvoeringscijfers een overzicht gegeven van de uitgaven in 2022. Daarbij wordt een uitsplitsing gemaakt in directe kosten en btw. Deze kosten worden grotendeels doorbelast aan de Nederlandse Aardolie Maatschappij (NAM). De raming van 9,6 miljard euro is exclusief 1,5 miljard euro voor de Bestuurlijke Afspraken uit 2020 en 1,15 miljard euro voor het Nationaal Programma Groningen (NPG). De meest actuele stand van zaken van de schadeherstel- en versterkingsoperatie zijn te vinden op de dashboards van het Instituut Mijnbouwschade Groningen (IMG)6 en de Nationaal Coördinator Groningen (NCG)7.

Tabel 8.1 Raming totale kosten schade en versterking in 2022
 

(in miljoenen euro; - = onderschrijding)

2022

1

Raming schade (2+3)

929

2

Waarvan excl. btw

907

3

Waarvan btw

22

   

4

Raming versterken (5+6)

831

5

Waarvan excl. btw

726

6

Waarvan btw

105

   

7

Totale raming schade en versterken (1+4)

1.760

8

Totale raming excl. btw (2+5)

1.633

9

Totale btw schade en versterken (3+6)

127

In de Najaarsnota 2022 zijn bijstellingen gedaan voor de schadeafhandeling en de versterkingsoperatie op basis van de verwachte realisatiecijfers tot einde jaar: de uitgaven voor de versterkingsoperatie zijn verhoogd met 145 miljoen euro, de uitgaven voor de schadeafhandeling zijn verlaagd met ca. 170 miljoen euro. Ook de ramingen voor de waardvermeerderingsregeling (-20 miljoen euro), herbeoordeling waardedaling (-10 miljoen euro), Nationaal Programma Groningen (-50 miljoen euro), en de budgetten voor de Bestuurlijke Afspraken (-65 miljoen euro) zijn neerwaarts bijgesteld omdat deze naar verwachting pas in 2023 tot besteding zullen komen. Tot slot is de vergoeding voor het Norg akkoord met ca. 800 miljoen opwaarts bijgesteld, waarvan ca. 140 miljoen btw-uitgaven betreffen. Door deze hogere uitgaven zijn er ook hogere ontvangsten op grond van de Mijnbouwwet, 130 miljoen euro.

Alle mutaties uit deze Najaarsnota worden toegelicht in de Verticale Toelichting van de begroting van Economische Zaken en Klimaat en de tweede suppletoire begroting van Economische Zaken en Klimaat.

Naar boven