36 229 Wijziging van onder meer de Wet studiefinanciering 2000 in verband met de herinvoering van de basisbeurs in het hoger onderwijs, de verstrekking van een tegemoetkoming aan studenten die onder het studievoorschotstelsel hebben gestudeerd en de verruiming van de 1-februariregeling voor ho-studenten die zijn doorgestroomd vanuit het mbo (Wet herinvoering basisbeurs hoger onderwijs)

A BRIEF VAN DE MINISTER VAN ONDERWIJS, CULTUUR EN WETENSCHAP

Aan de Voorzitter van de Eerste Kamer der Staten-Generaal

Den Haag, 24 februari 2023

Op woensdag 22 februari heeft uw Kamer het wetsvoorstel herinvoering basisbeurs hoger onderwijs ontvangen. Zoals u weet, bestaat er maatschappelijk een grote wens om de basisbeurs zo snel mogelijk te laten terugkeren in het hoger onderwijs. Het streven daarbij is de start van het komende studiejaar: 2023/2024. Om dit invoerjaar te halen, verzoek ik uw Kamer om dit wetsvoorstel nog voor het zomerreces te behandelen.

Uiteraard is een zorgvuldige behandeling in uw Kamer noodzakelijk en daar is ook voldoende tijd voor nodig. Totdat het wetsvoorstel in de vaste commissie wordt besproken, ligt het proces echter feitelijk stil. Het zou zeer behulpzaam zijn als het wetsvoorstel reeds op 7 maart in de commissie kan worden besproken. Het is namelijk wenselijk om het wetsproces zo vroeg mogelijk af te ronden, zodat gestart kan worden met de persoonlijke communicatie naar studenten. Studenten weten dan op tijd waar ze aan toe zijn en hebben voldoende tijd om de nieuwe basisbeurs aan te vragen, als het wetsvoorstel door uw Kamer wordt aangenomen. Ook voor DUO is een tijdige afronding van belang, zodat de noodzakelijke aanpassingen in de systemen kunnen worden afgerond.

Met het oog op tijdige invoering zou het zeer behulpzaam zijn als uw vaste commissie voor onderwijs, cultuur en wetenschap bereid is om op 7 maart bijeen te komen om dit wetsvoorstel te bespreken. Ik dank uw Kamer bij voorbaat voor uw hulp.

De Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap, R.H. Dijkgraaf

Naar boven