Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal
Den Haag, 9 februari 2026
De intensivering van de Russische luchtaanvallen op de Oekraïense energie-infrastructuur
hebben deze winter een humanitaire ramp gecreëerd. Middels ballistische- en kruisraketten
en lange afstandsdrones valt Rusland systematisch civiele doelen aan, met als oogmerk
het zaaien van terreur en het breken van de Oekraïense wilskracht. De Oekraïense luchtverdediging
probeert de bevolking en kritieke infrastructuur te beschermen, maar is daarbij – vooral
bij de afweer van raketaanvallen – sterk afhankelijk van buitenlands materieel, met
name munitie. Het formele verzoek van het Oekraïense Huis van Afgevaardigden tot levering
van AMRAAM (AIM-120), Patriot PAC3 en air-to-air AIM-9/M/L/X raketten maakt integraal deel uit van een bredere Oekraïense vraag naar
de versterking van de luchtverdedigings- en luchtgevechtscapaciteit van de Oekraïense
strijdkrachten.
Het kabinet onderkent het belang van het versterken van de Oekraïense luchtverdedigings-
en luchtgevechtscapaciteit volledig. Het leveren van luchtverdedigingsmiddelen is
sinds het begin van de oorlog een van de focus-gebieden van de Nederlandse militaire
steun. Eerder leverde Nederland in delen een volledig Patriot-systeem, MR-2 en Bofors
luchtverdedigingssystemen, MANPADs en counter-drone systemen. Eerder werden ook luchtverdedigingsraketten geleverd uit voorraad en gemeenschappelijk
ingekocht met partnerlanden. Ook de Oekraïense F-16 capaciteit, tot stand gekomen
op basis van onder andere Nederlandse steun van materieel, munitie, training en onderhoud,
levert een belangrijke bijdrage aan de luchtverdedigingscapaciteit van Oekraïne. Defensie
is, gelet op de effecten op de operationele gereedheid, helaas niet meer in staat
om aan het verzoek van het Oekraïense parlement te voldoen middels levering uit eigen
voorraad. Het verder afstaan van deze middelen zou een te groot risico betekenen voor
onze eigen operationele gereedheid en de continuïteit van het Nederlandse lucht- en
raketafweersysteem. Defensie blijft de afweging tussen de acute Oekraïense noden en
de effecten op de eigen gereedheid continu maken.
De opties tot commerciële aanschaf van luchtverdedigingsraketten zijn eveneens zeer
beperkt. Voor deze hoogtechnologische munitie geldt dat deze zeer schaars is, relatief
prijzig, het aantal aanbieders beperkt en de levertijden lang. Desalniettemin zet
Defensie zich in om tegemoet te komen aan de Oekraïense behoefte, waaronder via investeringen
in productiefaciliteiten, zoals de coproductie van Amerikaanse luchtverdedigingsmunitie
en bijdragen aan PURL (Priotitized Ukraine Requirements List)-pakketten. Deze pakketten bevatten luchtverdedigingsmunitie, die uit Amerikaanse
voorraden aan Oekraïne wordt geleverd. Daarnaast blijft Nederland nauw samenwerken
met NAVO-partners en met de Oekraïense autoriteiten om aanvullende, haalbare vormen
van steun op het gebied van luchtverdediging te identificeren en in te vullen.
Ook volgt en stimuleert Defensie de innovaties op het gebied van luchtverdediging
nauwlettend, waaronder op gebied van counter-drone drones, die een kosteneffectief alternatief bieden voor hoogtechnologische en schaarse luchtverdedigingsraketten.
Defensie zoekt continue naar mogelijkheden en spreekt in dat kader andere landen in
internationale fora, zoals tijdens aankomende NAVO en EU ministeriële en de UDCG,
aan om de Oekraïense luchtverdediging te versterken.
De Minister van Defensie, R.P. Brekelmans