35 983 Regels omtrent de instelling van de Nederlandse Sportraad (Wet op de Nederlandse Sportraad)

Nr. 2 VOORSTEL VAN WET

Wij Willem-Alexander, bij de gratie Gods, Koning der Nederlanden, Prins van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.

Allen, die deze zullen zien of horen lezen, saluut! doen te weten:

Alzo Wij in overweging genomen hebben, dat het wenselijk is een vast college van advies van het Rijk in te stellen die adviseert over beleid ten aanzien van sport en maatschappelijke vraagstukken in relatie tot sport en dat het in verband met artikel 79 van de Grondwet en in samenhang met de Kaderwet adviescolleges noodzakelijk is daartoe wettelijke bepalingen vast te stellen;

Zo is het, dat Wij, de Afdeling advisering van de Raad van State gehoord, en met gemeen overleg der Staten-Generaal, hebben goedgevonden en verstaan, gelijk Wij goedvinden en verstaan bij deze:

Artikel 1

  • 1. Er is een Nederlandse Sportraad.

  • 2. De Raad bestaat uit een voorzitter en ten hoogste negen andere leden.

Artikel 2

De Raad heeft tot taak de regering en beide kamers der Staten-Generaal te adviseren over beleid ten aanzien van sport en maatschappelijke vraagstukken in relatie tot sport.

Artikel 3

Deze wet treedt in werking op een bij koninklijk besluit te bepalen tijdstip.

Artikel 4

Deze wet wordt aangehaald als: Wet op de Nederlandse Sportraad.

Lasten en bevelen dat deze in het Staatsblad zal worden geplaatst en dat alle ministeries, autoriteiten, colleges en ambtenaren die zulks aangaat, aan de nauwkeurige uitvoering de hand zullen houden.

Gegeven

De Minister voor Volksgezondheid, Welzijn en Sport,

De Staatssecretaris voor Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties,

Naar boven