35 654 Wijziging van de Tijdelijke wet verkiezingen covid-19 ten behoeve van de verkiezing van de leden van de Tweede Kamer in 2021 (Tijdelijke wet Tweede Kamerverkiezing covid-19)

C BRIEF VAN DE MINISTER VAN BINNENLANDSE ZAKEN EN KONINKRIJKSRELATIES

Aan de Voorzitter van de Eerste Kamer der Staten-Generaal

Den Haag, 12 januari 2021

Hierbij zend ik u een afschrift van mijn brief aan de Tweede Kamer over toezeggingen die zijn gedaan bij de behandeling in de Tweede Kamer van de Tijdelijke wet verkiezingen covid-19.

De Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties, K.H. Ollongren

BRIEF VAN DE MINISTER VAN BINNENLANDSE ZAKEN EN KONINKRIJKSRELATIES

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

Den Haag, 12 januari 2021

Bij de plenaire behandeling op 17 december jl. van de wijziging van de Tijdelijke wet verkiezingen covid-19, heb ik de Tweede Kamer toegezegd om te overleggen met PostNL over een drietal punten die betrekking hebben op het stemmen per brief. In deze brief informeer ik de Kamer over de uitkomst van het overleg met PostNL.

Verder ga ik in op een tweetal vragen: over de mogelijkheden om de vergoeding aan stembureauleden niet fiscaal te belasten en over de wijze waarop bij de Tweede Kamerverkiezing kan worden nagegaan hoeveel kiezers per brief hebben gestemd.

Bijgevoegd zijn daarnaast twee rapporten, waar ik in deze brief ook nader op in zal gaan. In het eerste rapport staan de uitkomsten van een toets op de briefstembescheiden voor kiezers van 70 jaar en ouder. Het tweede rapport is gemaakt in het kader van de evaluatie van de herindelingsverkiezingen en geeft een beeld van de motieven van kiezers om niet te gaan stemmen bij die verkiezingen. Bij de plenaire behandeling heb ik toegezegd dit rapport aan uw Kamer te zullen sturen. Het rapport was nog niet gereed toen ik de evaluatie1 van deze verkiezingen aan de Kamer heb gezonden.

Overleg met PostNL

Bij de behandeling van de wijziging van de Tijdelijke wet verkiezingen covid-19 is gesproken over de bezorging van de briefstemmen die door kiezers in de brievenbussen van PostNL worden gedaan. Daarbij zijn door de Kamer vragen gesteld over onder meer het legen van de brievenbussen. Conform mijn toezegging aan de Kamer is over deze vragen overleg gevoerd met PostNL. De antwoorden die PostNL2 heeft gegeven treft u aan in bijlage 1 bij deze brief.

De vragen betroffen:

  • Is het legen van de oranje brievenbussen op zaterdag 13 en zondag 14 maart a.s. mogelijk?

    PostNL is in staat de brievenbussen op 13 en 14 maart a.s. te legen. Ik zal daarom het bedrijf opdracht geven om dit ook te gaan doen. De kosten daarvan bedragen, zoals blijkt uit het antwoord van het bedrijf, ruim € 220.000,-3

  • Is de zogenoemde rouwpostservice ook mogelijk voor de briefstemmen bij de Tweede Kamerverkiezing?

    De service die geldt voor de zogenoemde rouwpost is niet mogelijk voor PostNL. Voor de onderbouwing daarvan verwijs ik naar het antwoord van het bedrijf in bijlage 1 bij deze brief.

  • Is PostNL bereid de uitkomsten bekend te maken van de audit die het bedrijf uitvoert naar het zogenoemde «dedicated» proces voor het verwerken van de briefstemmen?

    PostNL ziet geen mogelijkheid om de uitkomsten van de operationele audit openbaar te maken. In bijgaand antwoord van PostNL (bijlage 1) worden de redenen daarvoor toegelicht. PostNL is bereid om de Tweede Kamer in een vertrouwelijke bijeenkomst een nadere toelichting te geven over het in te richten proces en de waarborgen die in dat proces zijn ingebouwd.

Vergoeding aan stembureauleden onder de belastingvrije vrijwilligersvergoeding

Op 30 november jl. is de landelijke campagne gestart om stembureauleden te werven voor de Tweede Kamerverkiezing. Inmiddels hebben zich ruim 32.000 personen via de landelijke website (elkestemtelt.nl) aangemeld. Daarnaast melden zich mensen rechtstreeks aan bij gemeenten. Dat is een zeer positieve uitkomst. De campagne loopt door tot eind februari. Ik heb, mede naar aanleiding van de ervaringen bij de herindelingsverkiezingen, gemeenten opgeroepen om een reservebestand van in ieder geval 10% aan te houden om uitval van stembureauleden kort voor de Tweede Kamerverkiezing op te kunnen vangen.

Er wordt een peiling onder gemeenten gehouden waarin onder meer wordt gevraagd om op te geven hoeveel stembureauleden er nodig zijn (op 15, 16 en 17 maart a.s.), hoeveel stembureauleden zich bij de gemeenten hebben gemeld en of er al voorzien is in 10% reserve. Naar aanleiding van de uitkomst van deze peiling wordt bezien of er nog aanvullende activiteiten nodig zijn. Uw Kamer wordt voor het begin van het verkiezingsreces geïnformeerd over de uitkomsten van de peiling.

Voor de komende Tweede Kamerverkiezing zie ik geen mogelijkheden om iets te veranderen aan de fiscale aspecten4 van de vergoeding van stembureauleden. Er zou dan een onderscheid gemaakt moeten worden tussen de werkzaamheden van stembureauleden als vrijwilliger en andere vormen van vrijwilligerswerk waarvoor een vergoeding wordt gegeven. Dit onderscheid staat op gespannen voet met het gelijkheidsbeginsel. Gegeven de huidige opgave van het aantal stembureauleden lijkt dit ook geen doorslaggevend element voor stembureauleden om beschikbaar te zijn. Ik wil dit onderwerp echter wel meenemen bij de evaluatie van de Tweede Kamerverkiezing zodat in het kader daarvan kan worden bezien of wijzigingen nodig en mogelijk zijn.

Bepalen hoeveel kiezers bij de Tweede Kamerverkiezing per brief hebben gestemd

Bij de behandeling van de wijziging van de Tijdelijke wet verkiezingen covid-19 is gevraagd hoe na afloop van de Tweede Kamerverkiezing kan worden nagegaan hoeveel kiezers er per brief hebben gestemd.

De briefstemmen worden alleen geteld door briefstembureaus. Deze briefstembureaus maken een ander proces-verbaal van de stemopneming dan de reguliere stembureaus waar de kiezers in persoon stemmen. In het proces-verbaal van de briefstembureaus staat hoeveel briefstemmen er zijn geteld. Door de uitkomsten van alle briefstembureaus in het land bij elkaar op te tellen is te berekenen hoeveel briefstemmen er zijn uitgebracht.

Gemeenten moeten briefstemmen die te laat worden ontvangen – dat wil zeggen op 17 maart na 21.00 uur, bewaren. Ik zal ten behoeve van de evaluatie van de Tweede Kamerverkiezing aan gemeenten vragen om opgave te doen van het aantal briefstemmen dat te laat is ontvangen. Verder zal ik voor de evaluatie ook in kaart laten brengen hoeveel briefstemmen er bij de gemeentelijke afgiftepunten zijn ingeleverd. Dat is mogelijk, omdat het afgiftepunt per dag het aantal ingeleverde briefstemmen moet bijhouden.

Toets op de briefstembescheiden voor kiezers van 70 jaar en ouder

Begin december jl. heeft een toets plaatsgevonden op de duidelijkheid van de concepten van de briefstembescheiden voor de kiezers van 70 jaar en ouder. Het rapport met de uitkomsten van deze toets5 treft u als bijlage 2 bij deze brief aan.

De uitkomsten zijn inmiddels verwerkt in de modellen die zullen worden gebruikt bij de verkiezing en die worden vastgelegd in de wijziging van de Tijdelijke regeling verkiezingen covid-19. De ministeriële regeling is eind december jl. voor consultatie voorgelegd aan de Kiesraad, de VNG en de NVVB.

Niet-stemmers bij de herindelingsverkiezingen van 18 november 2020

Na de herindelingsverkiezingen heeft onderzoeksbureau Ipsos in opdracht van het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (BZK) in kaart gebracht wat de redenen zijn geweest voor kiezers om niet te gaan stemmen. In het bijzonder is geprobeerd zicht te krijgen in de mate waarin het coronavirus een reden is geweest om niet te gaan stemmen. Het rapport met de uitkomsten treft u als bijlage 3 bij deze brief aan.

Voor circa 80% van de kiezers die niet zijn gaan stemmen (dat betrof in de betreffende gemeenten ongeveer 50–55% van de kiesgerechtigden) heeft het coronavirus geen rol gespeeld. Circa 20% van de niet-stemmers (dus circa 10% van de totale kiezerspopulatie) zegt vanwege corona niet te zijn gaan stemmen of dat corona een bijkomende rol heeft gespeeld bij de keuze om niet te gaan stemmen. De helft van deze 20% niet-stemmers zou niet zijn gaan stemmen ongeacht de maatregelen die worden getroffen om het stemmen veilig te maken in de stemlokalen. Een derde van deze 20% niet-stemmers zou wel overwegen te gaan stemmen als men overtuigd is van het feit dat dit op een veilige manier kan. De uitkomsten van deze peiling worden meegenomen bij de uitvoering van de voorlichtingscampagne voor de Tweede Kamerverkiezing.

Tot slot

Voor het begin van het verkiezingsreces zal ik uw Kamer een stand van zaken geven over de voorbereiding van de Tweede Kamerverkiezing. Die brief gaat het beeld bevatten ten aanzien van het aantal beschikbare stemlokalen en stembureauleden. Ook zal ik in die brief u informeren over het komende gesprek dat ik ga voeren met de peilbureaus over het houden van exitpolls. Dit naar aanleiding van de aangenomen motie-Öztürk6.

Het aantal politieke groeperingen dat hun aanduiding bij de Kiesraad heeft geregistreerd voor de Tweede Kamerverkiezing is 89. Indien het aantal partijen dat uiteindelijk op de dag van kandidaatstelling (1 februari a.s.) een geldige kandidatenlijst indient leidt tot meer dan 34 kolommen op het stembiljet dan zal moeten worden uitgeweken naar het onder elkaar vermelden van de lijsten. In 2017 heeft de Minister van BZK uw Kamer geïnformeerd7 over dit scenario. In mijn brief van begin februari zal ik uw Kamer informeren of van een van deze opties bij de Tweede Kamerverkiezing gebruik moet worden gemaakt.

De Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties, K.H. Ollongren


X Noot
1

TK 2020–2021, 35 165, nr. 79.

X Noot
2

Ter inzage gelegd bij de Directie Inhoud.

X Noot
3

Ex BTW.

X Noot
5

Ter inzage gelegd bij de Directie Inhoud.

X Noot
6

TK 2020–2021, 35 654, nr. 15.

X Noot
7

TK 2016–2017, 34 500 VII, nr. 41.

Naar boven