Kamerstuk

Datum publicatieOrganisatieVergaderjaarDossier- en ondernummer
Tweede Kamer der Staten-Generaal2020-202135555 nr. 14

35 555 Wijziging van de Pensioenwet, de Wet verplichte beroepspensioenregeling, de Wet op het financieel toezicht, de Wet inkomstenbelasting 2001 en de Wet op de loonbelasting 1964 in verband met de introductie van de mogelijkheid om een deel van de waarde van de aanspraken op ouderdomspensioen of op periodieke uitkeringen van oudedagsvoorzieningen in de derde pijler op de ingangsdatum daarvan te laten afkopen, de tijdelijke versoepeling van de pseudo-eindheffing bij regelingen voor vervroegde uittreding en de uitbreiding van de fiscale ruimte voor het sparen van bovenwettelijk verlof (Wet bedrag ineens, RVU en verlofsparen)

Nr. 14 MOTIE VAN DE LEDEN GIJS VAN DIJK EN SMEULDERS

Voorgesteld tijdens het Wetgevingsoverleg 5 november 2020

De Kamer,

gehoord de beraadslaging,

overwegende dat verlofsparen mensen de mogelijkheid geeft om met behoud van salaris eerder te stoppen met werken;

constaterende dat verlofsparen nog geen vlucht neemt in marktsectoren;

verzoekt de regering, de mogelijkheden te onderzoeken of werkgevers de door werknemers gespaarde verlofdagen kunnen onderbrengen bij een derde partij, zodat meer mensen eerder kunnen stoppen met werken met behoud van salaris,

en gaat over tot de orde van de dag.

Gijs van Dijk

Smeulders