35 526 Tijdelijke bepalingen in verband met maatregelen ter bestrijding van de epidemie van covid-19 voor de langere termijn (Tijdelijke wet maatregelen covid-19)

Nr. 58 BRIEF VAN DE MINISTER VAN VOLKSGEZONDHEID, WELZIJN EN SPORT

Ontvangen ter Griffie op 9 februari 2021.

De voordracht voor het vast te stellen koninklijk besluit is aan de Kamer overgelegd tot en met 16 februari 2021.

De voordracht voor het vast te stellen koninklijk besluit kan niet eerder worden gedaan dan op 17 februari 2021.

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

Den Haag, 9 februari 2021

Hierbij bied ik u aan het advies van de Afdeling advisering van de Raad van State van 3 februari 2021, inzake de krachtens hoofdstuk Va van de Wet publieke gezondheid geldende maatregelen, alsmede het nader rapport (Kamerstuk 35 526, nr. 59) en het ontwerp van een koninklijk besluit dat strekt tot verlenging van de werkingsduur van de Tijdelijke wet maatregelen covid-19 (Twm)1.

De overlegging aan uw Kamer van het ontwerp van het koninklijk besluit geschiedt in het kader van de wettelijk voorgeschreven voorhangprocedure (artikel VIII, vierde lid, van de Twm) en biedt uw Kamer de mogelijkheid zich uit te spreken over het ontwerpbesluit voordat het zal worden vastgesteld. Op grond van de aangehaalde bepaling geschiedt de voordracht aan de Koning niet eerder dan een week nadat het ontwerpbesluit aan beide Kamers der Staten-Generaal is overgelegd.

Een gelijkluidende brief heb ik gezonden aan de Voorzitter van de Eerste Kamer der Staten-Generaal.

De Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport, H.M. de Jonge


X Noot
1

Raadpleegbaar via www.tweedekamer.nl

Naar boven