1. Inleiding
De leden van de fractie van de PVV hebben kennisgenomen van de antwoorden van de regering en hebben nog een enkele vervolgvragen.
2. Uitstalling
In de memorie van antwoord stelt de regering het volgende: «De opzet van het ontwerp
is zo dat de vakjes in de uitstalling gesloten zijn en dat de gesloten vakjes zijn
gevuld met pakketjes met stembiljetten, waarbij de kiezer één stembiljet uit de opening
kan pakken. De wijze waarop de uitstalling precies wordt vormgegeven hangt af van
het ontwerp van de uitstalling.».3
Na het uitnemen van het stembiljet kan de kiezer in beginsel in het stemhokje nog
van gedachte veranderen over zijn uit te brengen stem. Dat zou betekenen dat de kiezer
de gelegenheid zou moeten hebben om opnieuw een stembiljet uit een vakje van de uitstalling
te nemen. Kan de regering aangeven of de kiezer daartoe de gelegenheid krijgt? En
zo niet, betekent dat dan niet praktisch dat het uit een vakje van de uitstalling
een stembiljet nemen een onomkeerbare stap is in het uitbrengen van de stem? Kan de
regering aangeven in hoeverre er mogelijkheden zijn om een abusievelijk uit een vakje
genomen stembiljet te herstellen?
3. Stemgeheim
Daar staat de vraag tegenover, als de kiezer de mogelijkheid krijgt om bij vergissing
of bedenking een ander stembiljet uit een vakje van de uitstalling te nemen, hoe voorkomen
kan worden dat dergelijke «extra» stembiljetten verder in omloop kunnen worden gebracht
met het risico op misbruik voor stemfraude? Kan de regering tevens aangeven hoe door
het stembureau wordt gecontroleerd of bepaalde vakjes van de uitstalling nog in voldoende
mate gevuld zijn, zonder dat dit risico’s oplevert voor het stemgeheim (onder andere
ten aanzien van de laatst uitgebrachte stem als een vakje leeg is)?
Is het stemgeheim van de kiezer op die manier ook in voldoende mate gewaarborgd ten
opzichte van de leden van het stembureau (die door bijvullen van vakjes inzicht kunnen
krijgen in de laatst uitgebrachte stemmen)? Kan worden uitgesloten dat een kiezer
zich bij het stembureau moet melden met het verzoek een bepaald vakje bij te vullen
en daarmee diens stemgeheim prijs te geven?
4. Representatieve karakter
Voorts wordt in de memorie van antwoord gesteld: «Omdat stemmen met het nieuwe stembiljet
een grote verandering is voor kiezers en vanwege het bijzondere karakter van het verkiezingsproces
hecht de regering eraan om eerst kleinschalig, dat wil zeggen in enkele kleinere gemeenten,
te experimenteren en een vernieuwing als een geheel nieuw stembiljet stap voor stap
door te voeren.».4
In deze beantwoording gaat de regering niet duidelijk in op het aspect van het representatieve
karakter van deze kleinere gemeenten. Kan de regering dat representatieve karakter
van deze gemeenten nader onderbouwen en daarbij ook alle objectieve criteria noemen
waar daarbij op getoetst zal worden bij de inzet van dit experiment?
5. Elektronisch tellen
Tevens stelt de regering in de memorie van antwoord: «Ook is een stembiljet met een
kleiner formaat dan het huidige stembiljet voorwaarde om op termijn de stembiljetten
elektronisch te tellen.».5
Kan de regering aangeven in hoeverre dit wetsvoorstel de deur openzet richting elektronisch
tellen en onder welke voorwaarden en waarborgen dit zou moeten gebeuren? Kan de regering
tevens aangeven of er gelet op de experimenten in het kader van deze wet ook al voornemens
zijn om te experimenteren met elektronisch tellen? Kan de regering tot slot aangeven
of zij voornemens is om naast eventueel elektronisch tellen het handmatig tellen als
vaste controle van kracht te laten blijven?
De vaste commissie voor Binnenlandse Zaken en de Hoge Colleges van Staat / Algemene
Zaken en Huis van de Koning ziet met belangstelling uit naar de nadere memorie van
antwoord van de regering en ontvangt deze graag binnen vier weken na vaststelling
van dit nader voorlopig verslag.
De voorzitter van de commissie voor Binnenlandse Zaken en de Hoge Colleges van Staat
/ Algemene Zaken en Huis van de Koning, Dittrich
De griffier van de commissie voor Binnenlandse Zaken en de Hoge Colleges van Staat
/ Algemene Zaken en Huis van de Koning, Bergman