Kamerstuk
| Datum publicatie | Organisatie | Vergaderjaar | Dossier- en ondernummer |
|---|---|---|---|
| Eerste Kamer der Staten-Generaal | 2025-2026 | 35386 nr. L |
Zoals vergunningen, bouwplannen en lokale regelgeving.
Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties.
U bent hier:
| Datum publicatie | Organisatie | Vergaderjaar | Dossier- en ondernummer |
|---|---|---|---|
| Eerste Kamer der Staten-Generaal | 2025-2026 | 35386 nr. L |
Aan de Voorzitter van de Eerste Kamer der Staten-Generaal
Den Haag, 16 januari 2026
Vorig jaar is het initiatiefwetsvoorstel Veilige jaarwisseling van de leden Klaver (GroenLinks-PvdA) en Ouwehand (PvdD)1 aangenomen in de Eerste en Tweede Kamer. De wet regelt een algeheel vuurwerkverbod voor consumenten. Het afsteken van F1-vuurwerk blijft gedurende het hele jaar toegestaan. Ook professionele vuurwerkontbrandingen blijven mogelijk. Door het aannemen van het amendement Bikker c.s. is een ontheffingsbevoegdheid voor de burgemeester opgenomen in de Wet veilige jaarwisseling.2
Als gevolg van het door de Tweede Kamer aangenomen amendement Michon-Derkzen3 moeten, voordat beide Kamers een besluit kunnen nemen over de datum van inwerkingtreding van de wet, drie voorwaarden ingevuld zijn te weten:
1) een handhavingsplan;
2) een algemene maatregel van bestuur (AMvB) waarin de ontheffingsmogelijkheid van de burgemeester is uitgewerkt;
3) een eerlijke en nette compensatieregeling voor de vuurwerkbranche inclusief dekking.
Met deze brief informeer ik u over de uitwerking van de tweede voorwaarde namelijk de AMvB met de uitwerking van de ontheffingsbevoegdheid. Met deze ontheffingsbevoegdheid voor burgemeesters wordt geregeld dat groepen burgers zoals dorps- en buurtverenigingen een ontheffing kunnen aanvragen om tijdens de jaarwisseling op een verantwoorde en veilige manier vuurwerk af te steken. Op hoofdlijnen ga ik in op het gevoerde proces en de gemaakte keuzes. Het ontwerpbesluit zelf wordt in het kader van de voorhangprocedure separaat aan uw beide Kamers aangeboden.
In de Wet veilige jaarwisseling is, als gevolg van het aangenomen amendement Bikker c.s., een ontheffingsbevoegdheid opgenomen voor de burgemeester voor het afsteken van aangewezen F2-vuurwerk tijdens de jaarwisseling. De indieners hebben het hiermee onder voorwaarden mogelijk gemaakt voor georganiseerde groepen burgers, zoals dorps- en buurtverenigingen om tijdens de jaarwisseling op een verantwoorde en veilige manier vuurwerk af te steken. In de Wet veilige jaarwisseling is geregeld dat de voorwaarden waaronder door de burgemeester een ontheffing kan worden verleend, de voorschriften die aan de ontheffing kunnen worden verbonden, de regels over de verkoop van vuurwerk, en de aanwijzing van het vuurwerk dat in het kader van een ontheffing kan worden afgestoken, bij of krachtens algemene maatregel van bestuur worden uitgewerkt. Om tegemoet te komen aan de motie van de leden Bikker en Boswijk, is in april direct gestart met de voorbereidingen van de uitwerking.4
Proces
Ten behoeve van de uitwerking hebben meerdere brainstormsessies en individuele gesprekken plaatsgevonden met onder andere het Ministerie van Justitie en Veiligheid (JenV), het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (BZK), de Inspectie Leefomgeving en Transport (ILT), de politie, het Openbaar Ministerie (OM), de brandweer, de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG), het Genootschap van Burgemeesters, landelijke vuurwerkcoördinatoren van provincies, gemeenten en omgevingsdiensten, en het RIVM. Ook de vuurwerkbranche (importeurs, detailhandel en professionele toepassers) is betrokken geweest bij dit proces. Verder is gebruik gemaakt van (bestaande) initiatieven voor burgerparticipatie, en zijn gesprekken gevoerd met (koepels van) buurt- en sportverenigingen en de vuurwerkliefhebbers om te vernemen waar zij kansen en uitdagingen zien. Op deze manier zijn de wensen die in de maatschappij leven en best practices waar de Eerste Kamer om heeft verzocht, zo goed mogelijk meegenomen.
Met de input uit alle gesprekken is zorgvuldig gewerkt aan een conceptuitwerking, waarover eerst op bestuurlijk niveau gesprekken zijn gevoerd met politie, ILT, burgemeesters, OM, VNG en de vuurwerkbranche. Vervolgens is het Ontwerpbesluit veilige jaarwisseling nader uitgewerkt. Dit Ontwerpbesluit is in de periode 7 november tot en met 5 december 2025 opengesteld voor openbare internetconsultatie.5 Daar zijn 1.353 reacties op ontvangen, waarvan 1.164 openbaar. In de afgelopen periode hebben de ILT, de politie, en het OM een toets uitgevoerd op handhaafbaarheid, uitvoerbaarheid en fraudebestendigheid (HUF-toetsen). Daarnaast heeft de VNG een uitvoeringstoets verricht. Verder heeft het Adviescollege toetsing regeldruk (ATR) advies uitgebracht. Alle reacties, adviezen en toetsen zijn verwerkt in het Ontwerpbesluit veilige jaarwisseling zoals dit in een separate brief ter voorhang aan beide Kamers is aangeboden.
Inhoud Ontwerpbesluit
Een belangrijk uitgangspunt bij het opstellen van het Ontwerpbesluit is ruimte geven aan de lokale situatie. Daarom is er gekozen om zo veel mogelijk op lokaal niveau ruimte te laten om afwegingen te maken over hoe een ontheffing het beste kan worden vormgegeven. Burgemeesters hebben immers bij uitstek kennis over hun gemeente en inwoners en kunnen daarom, samen met onder andere de lokale driehoek en de veiligheidsregio, bezien wat wenselijk en mogelijk is binnen hun gemeente. Daarnaast is ervoor gekozen om als uitgangspunt het vertrouwen in verenigingen en stichtingen te hebben. Concreet betekent dit dat er is gekozen om terughoudend te zijn als het gaat om het stellen van regels en vereisten op landelijk niveau. Dit ook om onnodige belemmeringen en regeldruk voor stichtingen en verenigingen te voorkomen.
Daar waar wel nationale vereisten noodzakelijk zijn, is er gekozen om zo veel als mogelijk aan te sluiten bij de huidige wet- en regelgeving. Om de veiligheid van de opslag, het vervoer, de verkoop en het afsteken van vuurwerk te waarborgen voor ontbranders, supervisors, omstanders en omwonenden is het van belang dat daarover in het Ontwerpbesluit nationale vereisten worden gesteld. Hiermee wordt tegemoetgekomen aan de brede wens vanuit gemeenten om waar dat kan veiligheidsvereisten nationaal vast te leggen.
In diverse regio’s in Nederland heeft men veel ervaring met het binnen verenigingsverband organiseren van kleine evenementen, om zo het gemeenschapsgevoel en de saamhorigheid te versterken. Dergelijke initiatieven komen vanuit de gemeenschap zelf, en worden veelal gefaciliteerd door de gemeente.
In het Ontwerpbesluit veilige jaarwisseling is geprobeerd een balans te vinden tussen het waarborgen van de veiligheid, de handhaafbaarheid en uitvoerbaarheid, en de politieke en maatschappelijke wensen. Binnen deze nationale kaders is het voor de burgemeester mogelijk om, met zijn kennis en in overleg met de lokale driehoek te beslissen of, op welke locatie en hoeveel ontheffingen worden verleend. Hiermee wordt beoogd het voor de samenleving en op lokaal niveau niet geheel dicht te regelen, maar juist ook ruimte te bieden aan lokale initiatieven.
De bevoegdheid voor het verlenen van een ontheffing ligt op grond van de wet bij de burgemeester. Het is aan de gemeente om toezicht te houden op de naleving van de voorwaarden waaronder de ontheffing is verleend. De gemeenteraad heeft daarnaast, ook met de inwerkingtreding van de Wet veilige jaarwisseling, de bevoegdheid om, zoals dat nu ook kan, een lokaal vuurwerkverbod of vuurwerkvrije zones in te stellen.
Tot slot
Er is in beide Kamers een brede politieke wens om de inwerkingtreding van het verbod zo snel als mogelijk in te laten gaan. Dit wil zeggen voor de jaarwisseling 2026–2027. Tevens is het belangrijk dat onder andere burgemeesters, handhavingsinstanties, lokale verenigingen en stichtingen die gebruik willen maken van deze ontheffing, voldoende tijd hebben om zich voor te bereiden op de nieuwe situatie. Daarom zou ik u willen verzoeken uw proces inzake de voorhangprocedure zo in te richten dat het Ontwerpbesluit veilige jaarwisseling op korte termijn de volgende stappen in het wetgevingsproces kan doorlopen en spoedig ter advisering aan de Raad van State kan worden aangeboden.
De Staatssecretaris van Infrastructuur en Waterstaat – Openbaar Vervoer en Milieu, A.A. Aartsen
Kopieer de link naar uw clipboard
https://zoek.officielebekendmakingen.nl/kst-35386-L.html
De hier aangeboden pdf-bestanden van het Staatsblad, Staatscourant, Tractatenblad, provinciaal blad, gemeenteblad, waterschapsblad en blad gemeenschappelijke regeling vormen de formele bekendmakingen in de zin van de Bekendmakingswet en de Rijkswet goedkeuring en bekendmaking verdragen voor zover ze na 1 juli 2009 zijn uitgegeven. Voor pdf-publicaties van vóór deze datum geldt dat alleen de in papieren vorm uitgegeven bladen formele status hebben; de hier aangeboden elektronische versies daarvan worden bij wijze van service aangeboden.