Kamerstuk

Datum publicatieOrganisatieVergaderjaarDossier- en ondernummer
Tweede Kamer der Staten-Generaal2020-202135352 nr. 20

35 352 Wijziging van een aantal onderwijswetten in verband met verduidelijking van de burgerschapsopdracht aan scholen in het funderend onderwijs

Nr. 20 MOTIE VAN DE LEDEN ROG EN VAN MEENEN

Voorgesteld tijdens het Wetgevingsoverleg van 9 november 2020

De Kamer,

gehoord de beraadslaging,

constaterende dat de commissie-Remkes voorstelt om in het voortgezet onderwijs de vakken geschiedenis en staatsinrichting en maatschappijleer/maatschappijkunde te versterken om tot de gewenste verbetering te komen van kennis en vaardigheden over de democratische rechtsstaat;

overwegende dat Nederlandse jongeren in internationale vergelijkingen onderaan bungelen waar het gaat om kennis over democratie en rechtsstaat, terwijl uit onderzoek blijkt dat meer kennis over dit thema leidt tot meer actieve deelname aan bijvoorbeeld verkiezingen;

spreekt uit dat, naast de brede burgerschapsopdracht van het onderwijs, de kenniscomponent over democratie en rechtsstaat een sterkere positie moet krijgen in het voortgezet onderwijs, bijvoorbeeld door het vak geschiedenis en staatsinrichting en/of maatschappijleer/maatschappijkunde over meerdere schooljaren, meerdere uren per week te verplichten, waarbij deze lessen door gekwalificeerde leraren worden gegeven en in ieder geval het thema «democratie en rechtstaat» voor alle leerlingen een volwaardig onderdeel van het examen zal worden;

verzoekt de regering, hierover zo spoedig mogelijk met betrokken partijen in overleg te treden en de Kamer uiterlijk 1 april 2021 over de opbrengsten van dat overleg te informeren, zodat de opbrengst kan worden betrokken bij de onderhandelingen over een nieuw regeerakkoord,

en gaat over tot de orde van de dag.

Rog

Van Meenen