35 334 Onderwijs aan vreemdelingen

Nr. 449 BRIEF VAN DE MINISTER VAN LANDBOUW, VISSERIJ, VOEDSELZEKERHEID EN NATUUR

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

Den Haag, 26 juni 2026

Recent zijn een aantal onderzoeksrapporten opgeleverd in het stikstofdossier. Het betreft hoofdzakelijk ontwikkelingen bij reguliere beleidsonderwerpen en staat los van het werk dat de Taskforce LNS vandaag oplevert.

Met deze brief informeer ik u over de rapporten. Ook wordt met deze brief de motie van het lid Nijhof-Leeuw1 afgedaan.

Feitenbasis samenwerking buurlanden

Ongeveer een derde van de stikstofdepositie op Nederlandse natuur is afkomstig uit het buitenland. Een intensieve grensoverschrijdende samenwerking met Vlaanderen en Duitsland is daarom belangrijk. In dat kader heeft het RIVM twee nieuwe studies opgeleverd. Het betreft:

  • – De kennisnotitie «Effect van Vlaamse emissiedoelen op de stikstofdepositie in Nederlandse Natura 2000-gebieden» (RIVM)

    • • Het RIVM heeft hierin berekend wat het effect is van de Vlaamse PAS, in aanvulling op de bestaande prognoses. Het Vlaamse Omgevingsdepartement en Milieumaatschappij (VMM) hebben de benodigde data aangeleverd.

  • – De bilaterale studie «Atmospheric nitrogen deposition and exceedance of critical loads in the Netherlands and Germany - Legislation, monitoring and assessment» (RIVM en UBA)

    • • Het RIVM heeft samen met het Duitse Umweltbundesamt (UBA) een vergelijkingsstudie uitgevoerd. Hierin zijn verschillende aspecten van het stikstofdossier per land uitgewerkt, om zo tot een gedeelde feitenbasis te komen. Het rapport bevat geen conclusies/aanbevelingen voor beleid.

Beide rapporten vormen een goede feitenbasis om te benutten in het vervolg van de bilaterale samenwerking.

Analyse potentiële reductie stikstof en broeikasgas Lbv-regelingen (Motie Nijhof-Leeuw)

Uw Kamer heeft eerder de motie Nijhof-Leeuw2 aangenomen waarin de regering wordt verzocht om een quickscan uit te voeren met betrekking tot wat de Lbv en Lbv-plus mogelijk opleveren aan reductie van stikstof- en broeikasgasemissies van de varkens-, pluimvee- en melkveesector, en per stikstofgevoelig Natura 2000-gebied in beeld brengen wat de mogelijke reductie aan stikstofdepositie is. Mede naar aanleiding van deze aangenomen motie heb ik de opdracht gegeven aan WUR en Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO) om een analyse uit te voeren over de reductie van, respectievelijk, broeikasgasemissies en stikstof. Voor de uitkomsten van de analyses verwijs ik u naar de bijlagen bij deze brief. Hiermee beschouw ik de motie Nijhof-Leeuw als afgedaan.

De reductie van stikstof valt lager uit dan de vorige analyse waarover mijn ambtsvoorganger uw Kamer in maart 20253 geïnformeerd heb. Dit verschil valt volledig te verklaren door het aantal subsidieaanvragen dat nadien is ingetrokken. Ondanks deze intrekkingen is het evident dat met deze regelingen een forse stikstofreductie wordt gerealiseerd.

De Minister van Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur, J. van Essen


X Noot
1

Kamerstuk 33 037, nr. 590

X Noot
2

Kamerstuk 33 037, nr. 590

X Noot
3

Kamerstuk 35 334, nr. 358

Naar boven