Kamerstuk

Datum publicatieOrganisatieVergaderjaarDossier- en ondernummer
Tweede Kamer der Staten-Generaal2019-202035300-XII nr. 106

35 300 XII Vaststelling van de begrotingsstaten van het Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat (XII) voor het jaar 2020

Nr.106 MOTIE VAN HET LID VAN ESCH

Voorgesteld tijdens het Notaoverleg van 28 mei 2020

De Kamer,

gehoord de beraadslaging,

constaterende dat de NS aangeeft dat zij de komende vijf jaar een krimp verwacht in het aantal reizigers en dat een krimp van de organisatie onvermijdelijk is;

constaterende dat voor de coronacrisis juist nog verwacht werd dat het spoor in 2027 of zelfs al in 2025 zijn maximale capaciteit bereikt zou hebben;

van mening dat het spoor als duurzame vervoersmodaliteit een belangrijke rol speelt en moet blijven spelen in ons vervoerssysteem;

spreekt uit dat voorkomen moet worden dat deze crisis hetzelfde effect heeft in het openbaar vervoer als de vorige crisis had op de woningmarkt, namelijk het stilzetten van noodzakelijke investeringen, het vertrek van personeel en

een paar jaar later ernstige tekorten;

verzoekt de regering, te voorkomen dat de crisis en krimp in reizigersaantallen op de korte termijn een negatief effect hebben op de noodzakelijke capaciteitsgroei op de lange termijn,

en gaat over tot de orde van de dag.

Van Esch