35 300 A Vaststelling van de begrotingsstaat van het Infrastructuurfonds voor het jaar 2020

25 295 Infectieziektenbestrijding

Nr. 86 BRIEF VAN DE MINISTER VAN INFRASTRUCTUUR EN WATERSTAAT

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

Den Haag, 22 april 2020

Het aanleggen en onderhouden van de infrastructuur in Nederland is essentieel voor een veilig, bereikbaar en leefbaar Nederland, nu en in de toekomst. Daarbij komt dat een goed functionerende Grond-, weg- en waterbouw (GWW) sector zorgt voor veel werkgelegenheid en belangrijk is voor de economie. Het is in het belang van Nederland deze bedrijven economisch vitaal te houden, tijdens maar ook na de Coronacrisis. Daarom doe ik er, binnen mijn verantwoordelijkheid, alles aan om de sector aan het werk te houden.

Natuurlijk hebben de Coronacrisis en de aanpak ervan ook effect op Rijkswaterstaat, de Grond-, weg- en waterbouw en de installatiebranche. Tegelijk biedt de verminderde mobiliteit ook de mogelijkheid om projecten met minder hinder uit te voeren. Daarom heb ik in overleg met de sector besproken hoe, de maatregelen tegen Corona in acht nemend, aanleg, vervanging en renovatie en beheer en onderhoud van onze infrastructuur zoveel mogelijk kan doorgaan en indien mogelijk projecten kunnen worden versneld. De inzet is gericht op nu doen wat direct kan.

Veiligheid

Er is samen met de markt een protocol «Samen veilig doorwerken» ontwikkeld. Hiermee kunnen de werkzaamheden zoveel mogelijk doorgaan terwijl de adviezen van het RIVM gevolgd worden en de veiligheid en kwaliteit geborgd blijven.

Orderportefeuille

Alle lopende en geplande aanbestedingen zet ik zo veel mogelijk door, waar nodig in aangepaste vorm, om de orderportefeuille van de markt ook de komende perioden vanuit RWS gevuld te houden. Dit vraagt flexibiliteit en aanpassingen in de werkwijze. Denk aan het inzetten van digitale voorzieningen bij het aanbesteden voor het uitvoeren van inlichtingen, marktconsultaties en dialooggesprekken.

De eerste ervaringen hiermee zijn positief. Bij diverse projecten zijn de marktconsultaties online gehouden in de vorm van een webinar. Ook inspraak- en informatiebijeenkomsten kunnen online doorgang vinden. Voor het project A9 Holendrecht-Diemen is bijvoorbeeld in een online informatiebijeenkomst de laatste stand van zaken rond de Gaasperdammertunnel gedeeld met ruim 300 mensen, die vanuit huis participeerden.

Knelpunten in de uitvoering

Waar de coronamaatregelen leiden tot knelpunten binnen projecten, handelt RWS doortastend vanuit het perspectief «best for project». Daarbij stelt Rijkswaterstaat zich redelijk en billijk op richting de opdrachtnemer. Er wordt ook een redelijke en flexibele opstelling verwacht van de marktpartijen, richting opdrachtgever en naar andere bedrijven in de keten. Deze aanpak is met medeopdrachtgevers gedeeld en wordt door een groeiend aantal opdrachtgevers toegepast.

Concreet gaat het om, waar mogelijk, verlenen van uitstel van termijnen, het versoepelen van het boeteregime, het verlengen van de duur van werkbare uren en het aanpassen van hinderbeperkende maatregelen nu er veel minder verkeer is.

De sterk verminderde verkeersintensiteit biedt bij lopende werkzaamheden per direct mogelijkheden om te versnellen. Dit gebeurt in samenspraak met de aannemer, Rijkswaterstaat en andere wegbeheerders. Zo zijn de onderhoudswerkzaamheden aan de A1 richting Apeldoorn tussen knooppunt Hoevelaken en Barneveld naar voren gehaald. En kunnen de werkzaamheden op de A12 aan het viaduct Stadsbosch, dankzij een gehele afsluiting in twee weekenden worden afgerond. Waar onder normale omstandigheden drie weekenden nodig zouden zijn geweest.

Door marktpartijen zullen extra kosten gemaakt moeten worden, als gevolg van de RIVM richtlijnen in verband met het coronavirus. Rijkswaterstaat zal in redelijkheid deze extra kosten vergoeden, waarbij vanzelfsprekend door de marktpartijen een onderbouwing moet worden gegeven wat die extra kosten zijn geweest.

Liquiditeit

De sector heeft baat bij snelheid en continuïteit van betalingen om voldoende liquide middelen te houden om op korte termijn aan hun betalingsverplichtingen te kunnen voldoen. Daarom worden waar mogelijk betalingen versneld en het contractueel vastgelegde betalingsritme aangepast.

Vlotte betaling is in de hele keten van belang, van Opdrachtgever naar hoofdaannemer, maar ook naar onderaannemers en toeleveranciers. Rijkswaterstaat heeft hoofdaannemers opgeroepen de snelle betaling door Rijkswaterstaat1 ook door te vertalen in de eigen betaalprocessen.

Versnellingsplannen

Naast het doorzetten van de reeds geplande aanbestedingen onderzoekt Rijkswaterstaat samen met de brancheorganisaties de mogelijkheden om werkzaamheden die voor latere jaren gepland stonden, naar voren te halen. In een gezamenlijke «Taskforce Infra» van mijn ministerie en brancheorganisaties wordt gekeken naar maatregelen die direct uitvoerbaar zijn, naar maatregelen voor over een half jaar en voor 2021.

Een dergelijke versnelling komt bovenop het impulspakket en versnelling van B&O in 2020 en 2021 van respectievelijk ca 100 mln en ca 165 mln – waartoe vorig jaar besloten is en waarover ik u heb geïnformeerd2. Niet uit te sluiten valt dat op termijn verdergaande maatregelen nodig blijken te zijn. Uiteraard zal ik u daar ten zijner tijd over informeren.

De Minister van Infrastructuur en Waterstaat, C. van Nieuwenhuizen Wijbenga


X Noot
1

Zie Antwoord op vragen van de leden Palland en Amhaouch over het bericht «Snellere betaling kan spanning bij infraprojecten nu al verminderen», Aanhangsel Handelingen II 2019/20, nr. 2536

X Noot
2

Zie kamerstuk 35 000 A, nr. 98 en Kamerstuk 35 300 A, nr. 5

Naar boven